Riet maaien op trilveen

Het eerste wat me opviel toen ik bij het rietland kwam, was de kleine maar verrassend praktische schaftkeet. Je kunt er niet rechtop in staan, maar met twee personen zit je er prima beschut. Verder stond er een indrukwekkende verzameling machines en hulpmiddelen klaar. Alles wat hier gebruikt wordt, moet per boot worden aangevoerd.

Jan bediende de rietmaaier. Het lijkt misschien eenvoudig werk, maar dat is het allerminst. Hij moet constant scherp blijven om niet vast te lopen in het drassige terrein of per ongeluk te ver door te rijden en in het water te belanden.

De machine waarmee hij werkt is een zogenaamde zelfbinder: elk klein bosje riet wordt automatisch samengebonden met een touw en vervolgens opzij getransporteerd, waar het op de grond terechtkomt. Klaas Jan verzamelt de gebonden bosjes en zet ze tegen een schoof om te drogen.

Het rietland bestaat hier uit trilveen. Dat ontstaat in ondiepe, voedselarme meren waar planten zoals veenmos en zeggen langzaam een drijvende mat vormen. Omdat afgestorven planten nauwelijks verteren, groeit er een dikke, sponsachtige laag die los op het water ligt. De veenmat is niet verbonden met de bodem, waardoor hij meeveert en trilt zodra je erop stapt. Vandaar de naam ‘trilveen’.

Die drijvende ondergrond is niet overal even sterk. Op sommige modderige plekken kun je simpelweg niet lopen. Klaas Jan waarschuwt de kinderen en laat met een vork zien hoe diep je daar kunt wegzakken. De rietmachine kan er wél overheen dankzij de brede dubbelluchtbanden en de gelijkmatige verdeling van het gewicht.

Onderstaand filmpje maakte ik met mijn telefoon. Je ziet daarin hoe de machine over de veenmat veert.

Even later parkeert Jan zijn rietmaaier en spoelt zoonlief de vork weer schoon. Het werk werd even stilgelegd vanwege de lunch.

Wordt vervolgd.