Vorst op het pad en in ganzenpas

Nadat ik de fotoserie had gemaakt van de ijsvogels op de oever van de Linde wandelde ik verder. Het pad was nog wit en daardoor glad door de nachtvorst. Het was dan ook veiliger om naast het pad te gaan lopen.

In het weiland rechts van het pad liepen verschrikkelijk veel ganzen. Het waren voornamelijk kolganzen en een enkele brandgans. De boer is zeker niet blij met zoveel ganzen in het weiland.

Even later kwam ik bij een hek met een veerooster. Links achter het hek bevond zich een klein strandje. Volgens het blauwe bordje op het hek is dat “Wiegers straantien”, oftewel het strandje van Wieger.

In de zomer zal het er vast gezellig druk zijn, nu viel er niets te beleven.

De lucht begon er dreigend uit te zien, daarom leek het me wijs om weer terug naar de auto te wandelen.

Toen ik die ochtend vroeg de eerste foto maakte was het -1 graad en voelde het als vrieskou. Toen ik aan het eind van de ochtend in de auto stapte was +1 en voelde het als waterkoud. De kou van de vroege ochtend voelde veel prettiger aan dan de kou aan het eind van de ochtend.

 

IJsvogels en de verdwenen broedplaats

Na mijn fotosessie in de Weerribben reed ik door naar riviertje de Linde in Zuid-Friesland. Ik was benieuwd of de ijsvogel zich zou laten zien. Daar aangekomen sloeg de schrik mij om het hart. Op de zuidelijke oever waren alle boompjes en struiken verdwenen. Naast de oever lag een grote hoop palen, wellicht voor een nieuwe beschoeiing.

Ook het boompje waar de ijsvogel vorig jaar zat te broeden is verdwenen.

Toen ik in september vorig jaar deze serie maakte zat de ijsvogel in een van die boompjes die nu zijn weggehaald.

Hoe het er uitzag voor de kaalslag dat is de zien op de eerste foto in deze serie.

Terwijl ik met een mistroostig gevoel uitkeek over de Linde hoorde ik plotseling het hoge piepje van de ijsvogel. Na enig speuren zag ik twee ijsvogels in een boompje op de noordelijke oever. Het was geen fotogeniek plekje en daarnaast moest ik flink inzoomen om ze in beeld te krijgen, toch ben ik blij met deze foto’s. Ik vermoed dat het een paartje is. Gezien de oranjerode snavelbasis zat het vrouwtje onderop. Het mannetje zat bovenop. Bij het mannetje is de snavelbasis zwart. Op onderstaande foto’s is dat wat lastig te zien, maar in mijn archief heb ik een foto waarop dat beter is te zien.

Deze noordelijke oever grenst aan een tuin van een particulier. Ik hoop dat de bewoners deze oever ongerept laten zodat de ijsvogels daar een mooi plekje kunnen vinden om te broeden.

Rijp en ijs op zondagochtend

Op zondagochtend deed ik het gordijn open en zag een wit berijpt landschap en een mooie zonsopkomst. Binnen een kwartier zat ik in de auto. Direct wegrijden zat er niet in, want de autoramen zaten vol met ijsbloemen. (Foto is met telefoon gemaakt.)

Tegenwoordig haal ik het ijs van de autoramen door er koud water overheen te laten lopen. Als je daarna direct de auto start dan gaat dat meestal goed. Mijn eerste stop was aan de Hooiweg. De zon piepte door de wolken.

Aan de andere kant van de weg zaten in een weiland wel honderd koperwieken. Vanuit de auto maakte ik deze foto. Daarvoor moest ik wel maximaal inzoomen.

Even later parkeerde ik mijn auto bij De Meenthebrug. Op het Kanaal Steenwijk – Ossenzijl lag een mooi laagje ijs. Onderstaande foto’s maakte ik vanaf een reeëntrap.

Ik wandelde verder naar de vogelkijkhut.  Ook op dit petgat lag een laagje ijs. Na een half uurtje staren over het petgat hield ik het voor gezien. Er was geen leven te bekennen.

Ik wandelde terug naar de auto en vervolgde mijn weg over de Hogeweg. Daar maakte ik onderstaande foto’s. Een ijsvloer omzoomd door goudgeel riet dat is wat het schaatsen in de Weerribben zo fantastisch maakt. Ik hoop dat het er dit winter nog van komt.

Wordt vervolgd. 

Dwarsgracht en Jonen

Op een mooie middag in december maakte ik een wandeling in buurtschap Dwarsgracht. De meeste inwoners van Dwarsgracht kunnen niet met de auto bij hun huis komen. Ze moeten gebruik maken van een boot, de fiets of de benenwagen.

Vanaf het bruggetje, te zien op bovenstaande foto, richtte ik mijn blik naar het oosten.  Een kleine rimpeling trok door de Cornelisgracht.

Nadat ik ook een foto had gemaakt richting het westen vervolgde ik het pad wat leidt naar buurtschap, Jonen.

Terwijl ik daar wandelde voer er een bekende voorbij. Een eindje verderop legde hij de boot aan de wal en maakte aanstalten om aan de slag te gaan met een bosmaaier. Maar voordat het zover was praatten we eerst bij.

Ik wandelde verder en kwam langs een paartje zwanen, langs goudgeel riet en langs een tjasker.

Ik had bewust gekozen voor een wandeling in deze omgeving omdat ik over bijzondere werkzaamheden had gelezen op de site van RTV Oost. In de verte waren meerdere machines druk bezig. Er was geen mogelijkheid om er dichterbij te komen, daarvoor zou ik een aantal sloten moeten oversteken. Door flink in te zoomen kon ik de werkzaamheden enigszins dichterbij halen.

Iets later kwam ik aan in Jonen. Het avondlicht viel over Jonen. Jonen ligt daar idyllisch, maar ook geïsoleerd. Vanuit Dwarsgracht is het ongeveer 1,5 km fietsen of wandelen naar Jonen. Vanuit het westen is het dorp alleen te bereiken per fietsveerpont. Aan die kant van het water is er wel gelegenheid om de auto te parkeren.

Vanaf Jonen wandelde ik weer terug naar Dwarsgracht. Deze keer verliet ik het verharde pad en koos voor een onverhard wandelpad. Al snel bleek dat dit niet zo’n goede keuze was. Met wandelschoenen was de diepe plas geen optie. Er zat niets anders op dan over de takken en tussen de takken door te klimmen.

Terug in Dwarsgracht maakte ik nog een foto van het beeld van de baggeraar.

De fijne en zonnige middag eindigde met een mooie zonsondergang.

Weerspiegelingen

In het jaar 2020 stond de wereld op op z’n kop. COVID-19 regeerde de wereld. Ik hoop toch van harte dat de vooruitzichten voor het jaar 2021 beter zijn. Ik wens jullie dan ook allen een gezegend, gezond en vooral een coronavrij jaar toe! 💖

Nadat ik een fotoserie had gemaakt van het karakteristieke gebouw in verval  in het centrum van Steenwijk wandelde ik naar de passantenhaven. Er lagen geen boten en het was bladstil. Dat gaf mij mooi de gelegenheid om weerspiegelingen te fotograferen.

Twee jonge mannen waren aan het vissen op snoek. Ik heb een tijdje met hen staan praten over de visstand, over de klimaatverandering en over hun hobby. Voor het vissen op snoek heb je regenachtig weer nodig en daarom vingen ze niets. Even leek het erop dat de visser wat aan de haak had geslagen, maar al snel bleek dat het vissnoer vastzat.