In onze tuin staat al tientallen jaren een Pieris Japonica ‘Purity’. In het voorjaar heeft de plant prachtige hangende trossen met sneeuwwitte urnachtige bloemen, zoetgeurend naar honing.
In het voorjaar worden de bloemen goed bezocht door hommels. Vandaag in de namiddag maakte ik deze fotoserie.
Het was bladstil en het was heiig. De bladstilte zorgde voor een prachtige weerspiegeling, maar de heiige lucht werkte helaas niet mee aan de fotoโs.
In het eerste vierluik laat ik een paar kluten zien, die met hun snavels heen en weer zwaaiend, foerageerden in ondiep water. Deze fotoโs maakte ik vanuit de kijkhut.
Even later wandelde ik over het pad door het vogelrijke plasdrasgebied. Langs de waterlijn scharrelde een tureluur.
Terwijl ik fotoโs maakte van de tureluur, zag ik in mijn ooghoek meerdere keren iets bewegen. Het bleek een veldmuisje te zijn, dat telkens uit zijn holletje kwam, snel iets opat en weer verdween. Het was een grappig en aandoenlijk schouwspel.
Ik zoomde in op het hek in de verte en zag op dat moment een haas voorbij huppen. Even later verscheen er een wandelaar, die bleef staan voor een praatje. Hij wees mij op de boerderij waar hij was opgegroeid โ te zien op de tweede foto โ en vertelde over zijn jeugd in dit gebied. Zijn ouders moesten stoppen met boeren vanwege het weidevogelgebied en verhuisden naar een boerderij in Flevoland. Zelf was hij weer teruggekeerd naar Fryslรขn en maakte nog steeds graag wandelingen in dit gebied, om te genieten van de weidevogels.
Op zaterdag 14 maart hadden we, in tegenstelling tot de voorspellingen, nauwelijks neerslag. Het was wel fris, maar daardoor juist een prima dag om in en rond het huis aan de poets te gaan. Aan het einde van de middag brak de bewolking open. Tegelijkertijd ontstond er in het noorden een dreigende lucht. Dat was voor mij reden om toch nog even met de camera op pad te gaan.
Ik reed naar een natuurgebied tussen De Blesse en Wolvega. Aan de Domeinenweg (zie Google Maps) maakte ik een stop, omdat ik daar een fuut tussen het riet zag zwemmen.
Ik vreesde dat de fuut uit beeld zou verdwijnen op het moment dat ik het raampje zou laten zakken, maar hij bleef gelukkig in de buurt. De wind zorgde voor een zachte rimpeling op het water, waardoor de fuut een bijzondere weerspiegeling kreeg.
Nadat de fuut achter de rietkraag was weggezommen, hoorde ik een trein aankomen. Ik had net genoeg tijd om mijn camera op de trein te richten. Het geel van de trein vormde een mooi contrast met de dreigende lucht.
Vervolgens reed ik door naar het haventje aan De Linde. Daar parkeerde ik mijn auto en wandelde naar de molen, De Gooijer. Richting het zuidwesten zag de lucht er vriendelijk uit, maar achter mij, richting het noordoosten, werd de lucht steeds dreigender. Als dat maar goed zou gaan. In de buurt van de molen stond een grote groep bandwilgen, waar ik inzoomde op de bloeiende katjes.
Ik maakte een rondje om de molen. Intussen werd de lucht steeds dreigender, en niet alleen in het noordoosten. De donkere wolken leken zich langzaam rondom samen te trekken.
De dreigende lucht bleef uiteindelijk op afstand. Ik was inmiddels weer veilig en wel bij de auto. Daar maakte ik, door de spijlen van het hek, nog een foto van het haventje. Eenmaal thuis las ik een bericht over de felle hagelbui in het noorden van het land, die voor meerdere ongelukken had gezorgd. Zie dit bericht.
Op een prachtige lentedag ging ik naar Skrok, een weidevogelgebied in de Friese Greidhoeke. Het landschap stond vol leven en overal waren vogels te horen. Ik liep eerst naar de kijkhut, waar ik rustig het gebied kon overzien en de eerste vogels kon spotten.
In de plas voor de kijkhut stonden honderden gruttoโs, die vooral aan het rusten waren. Een klein groepje had zich van de grote groep losgemaakt en foerageerde wat dichter bij de kijkhut, waardoor ze mooi te observeren waren.
Nadat ik een tijdje had genoten in de kijkhut, wandelde ik naar het oude, kruidenrijke greppeltjesland. Deze natte graslanden vormen in het voorjaar een perfecte broedplaats voor talloze weidevogels. In dit gebied fotografeerde ik o.a. een kievit, die ik in dit bericht liet zien. Jammer genoeg was het die middag niet helemaal helder.
De gruttoโs zijn nog maar net terug uit warmere oorden en zijn voorlopig vooral bezig met rusten en foerageren. Het echte vliegwerk moet nog beginnen. Toch kozen sommige gruttoโs al even voor het luchtruim. In onderstaande serie is een mooi staaltje synchroon vliegen te zien.
Het is bijna alsof de grutto op de tweede foto wil laten zien waarom hij niet voor niets De Kening fan โe Greide (De Koning van de Weide) wordt genoemd. Zie ook deze website voor meer informatie.
We komen tot de afronding van een prachtige dag in het rietland in De Wieden.
Jan laat de rietbossen eerst in het land liggen om te drogen. Op een later moment in het voorjaar haalt hij het riet naar huis, waar hij het opbindt tot kleinere bossen. Deze kleinere bossen riet worden uiteindelijk gebruikt voor het dekken van rieten daken.
Bert en zijn neef nemen de oogst van die dag, de dikke bossen riet, meteen mee naar de loswal aan de overkant.
Klaas Jan schuift het rietafval naar de oever, waar het later wordt opgehaald door een medewerker van Natuurmonumenten. En laat hij nu zelf een medewerker zijn die straks door Natuurmonumenten wordt ingehuurd om deze klus te klaren.
De middag vordert gestaag en tijdens een laatste pauze praten de mannen nog even gezellig bij.
Dan is het tijd om weer aan boord te stappen. We varen terug naar de loswal, waar de auto geparkeerd staat. Voor de terugweg heeft Klaas Jan een andere, mooie route voor ons uitgekozen. Vaar maar met ons mee en geniet van de mooie omgevingโฆ
Gisteren schreef ik over mijn heimwee naar weidevogels en mijn bezoek aan het weidevogelgebied Skrok. Onderweg daarheen kwam ik langs Jongemastate. Ik was er al vaker langs gereden, maar had nooit de tijd genomen om even te stoppen. Die middag besloot ik daar verandering in te brengen en er een kijkje te nemen.
Jongemastate in Raerd is een voormalig landgoed waarvan alleen het poortgebouw uit 1603 nog overeind staat. De oorspronkelijke stins, die al in de vijftiende eeuw bestond, werd in 1912 gesloopt. Tegenwoordig is het terrein ingericht als een openbaar park in Engelse landschapsstijl. Het wordt beheerd door It Fryske Gea.
Het park staat vooral bekend om zijn rijke stinzenflora. In het vroege voorjaar komen sneeuwklokjes, lenteklokjes, winterakoniet, holwortel, gevlekt longkruid en bostulpen massaal tot bloei en kleuren ze het terrein.
In het park staan bankjes waarop de namen van de stinzenplanten staan vermeld die hier groeien. Ze nodigen niet echt uit om erop plaats te nemen; boven de bankjes bouwen namelijk honderden roeken hun nesten die er voor zorgen dat de bankjes onder de uitwerpselen zitten.
Met mijn telefoon maakte ik een kort filmpje van het overheersende gekras van de roeken. Persoonlijk ben ik geen groot liefhebber van hun geluid, maar het hoort onmiskenbaar bij deze plek met vele hoge bomen.
Het weekend brachten we door in Haarlem. We hebben veel gezien, heerlijk gewandeld en even helemaal losgekomen van het alledaagse. Mijn spiegelreflexcamera had ik meegenomen, maar bleef op de hotelkamer.
Toch waren we blij toen we de drukte achter ons konden laten en terugreden naar het rustige noordoosten van het land. We waren mooi op tijd thuis, want in het westen zou de mist nog lang blijven hangen. Tijdens de terugreis zei ik tegen mijn man dat ik heimwee had naar de weidevogels. Op Waarneming zag ik dat de eerste gruttoโs alweer bij Skrok waren gearriveerd, en dus reed ik in de voormiddag richting het weidevogelgebied.
Vandaag begin ik met de kievit. Dit jaar werd het eerste kievitsei al op 5 maart gevonden, in Ravenstein in de provincie NoordโBrabant. Het voorjaar is nu echt begonnen.
Ik heb daar zรณ genoten van de roep van de verschillende weidevogels. Het geluid alleen al voelt als thuiskomen na een lange winter. Twee kieviten waren druk bezig met hun baltsvlucht, sierlijk en speels boven het weiland. Het blijft een prachtig gezicht, elk voorjaar weer.
Deze kievit had waarschijnlijk al een nest met eieren. Dat vertelde althans een vogelaar die naast mij stond. Het gedrag sprak boekdelen: de vogel alarmeerde luid en maakte duidelijk dat hij niet van onze aanwezigheid was gediend. We stonden gewoon op het pad en het nest lag wellicht helemaal niet in onze buurt. Het was duidelijk bedoeld als afleidingsmanoeuvre.
Na de lunch in het rietland in De Wieden liep Klaas Jan naar achteren om verder te gaan met het machinaal uitkammen van het riet. Jan was nog niet verder gekomen dan het stuk rond de schaftkeet en besloot ook die kant op te lopen. Hij moest tenslotte wel aan zijn dagelijkse portie beweging komen.
Die ochtend was rietsnijder Jan nog niet in het rietland. Hij had andere verplichtingen en zou pas na de lunch komen. Op een gegeven moment hoorde ik, naast het geluid van de rietmachines om ons heen, in de verte een motorgeluid aanzwellen. Dat moest bijna wel de motorboot van Jan zijn. Ik stond al klaar om hem te fotograferen terwijl hij kwam aangevaren.
Met behulp van een smeerpistool bracht Jan zijn rietmaaier in gereedheid. Voordat hij begon met maaien liep hij eerst naar Klaas Jan om even werkoverleg te voeren.
Fotomaatje Jan had zich inmiddels geรฏnstalleerd bij het perceel dat die middag gemaaid zou worden. Rhena, een lief gezelschapsdier, liep met ons mee en zocht een plekje bij ons in de buurt.
Voordat Jan begon te maaien vroeg ik hem hoe hij dat deed met de eerste rondgang, waarbij de bosjes riet in het nog te maaien riet zouden vallen. Na zijn woorden: โJij bent er tochโ, liet ik mij niet kennen en ging hem helpen om de bosjes tot schoven te zetten. Ik ben tenslotte een dochter van een rietsnijder en ging vroeger vaak met mijn vader mee naar het rietland.
Het eerste kwartier lag mijn tempo hoog, zoals ik gewend ben om te werken. Ik probeerde de machine bij te houden, maar besefte al snel dat ik mijn tempo moest aanpassen om het langer vol te houden. Jan heeft er een mooie fotoserie van gemaakt, wat je kunt vinden in dit bericht op zijn weblog.
Ook heeft Jan een prachtig filmpje met de drone gemaakt die te zien is in dit bericht. Het filmpje heb ik hieronder geplaatst.
Tijdens een pauze, terwijl ik op een hoop afvalriet zat uit te blazen, maakten de beide Jannen een praatje. Rhena had intussen een ander mooi plekje gevonden en keek toe hoe Klaas Jan kwam aanlopen met een bos uitgekamd riet.
Vandaag neem ik jullie weer mee naar het rietland in De Wieden. Terwijl Jan zijn drone vanaf de motorkap van de Ferrari liet opstijgen, liep ik alvast het rietveld in. Ik wilde de โdadersโ van de rook wel eens van dichtbij zien. Niet dat ik ze zou aanspreken hoor, maar ik ken deze rietsnijder al van jongs af aan. ๐
Ook hier wordt de grens gemarkeerd met een paal. Rechts ligt het land van Natuurmonumenten, waar niet gebrand mag worden. Links begint het gebied van het Waterschap, waar branden wรฉl is toegestaan. Bijzonder hoe zoโn eenvoudige paal het verschil maakt.
Ik liep naar de rietsnijder, die het riet stond uit te kammen en het afval ter plekke verbrandde. Deze rietsnijder ken ik al bijna mijn hele leven, dus het was leuk om even bij te praten met Bert. Door de dwarrelende wind stond hij af en toe midden in de rook. Of het hem echt iets deed, betwijfel ik, hij leek er in ieder geval niet van onder de indruk.
Wat me opviel, was dat de opbrengst op dit stuk niet best was. Er stond weinig riet, het was kort, en er zat veel ander maaisel tussen dat er eerst uitgekamd moet worden. Kortom: veel werk voor de rietsnijder en weinig opbrengst.
Bert maait dit riet samen met zijn neef. Zijn neef snijdt het riet en legt de bosjes bij elkaar op liggende schoven. Dat valt op, want Klaas Jan en Jan zetten de bosjes juist altijd rechtop, zodat eventueel regenwater er sneller uit kan lopen. De keuze van zijn neef heeft waarschijnlijk te maken met de gunstige weersvoorspellingen, als er geen regen op komst is, hoeft het riet tenslotte niet per se overeind te staan.
Na een mooie wandeling kwam ik weer terug bij Jan, die met geconcentreerde blik naar zijn schermpje staarde. Op dat moment liet hij de drone rondvliegen om Klaas Jan, die bezig was het riet uit te kammen. Op de foto zie je de drone in de lucht hangen.
In dit bericht op zijn weblog laat Jan een prachtig filmpje zien die gemaakt is met de drone. Ik ben zo vrij geweest om het filmpje hieronder te plaatsen.
Afgelopen week trok ik opnieuw naar het rietland in De Wieden. Deze keer kon fotomaatje Jan gelukkig mee. Het was een prachtige dag met temperaturen die alvast een voorproefje gaven van de lente.
Over mijn vorige bezoek schreef ik dat men van Natuurmonumenten het afval in het rietland niet mag verbranden. Dat klopt, maar op het naastgelegen perceel van het Waterschap is dat wel toegestaan. Het verschil zit hem in de subsidie: de percelen van het Waterschap vallen hier niet onder. We voeren met de boot dwars door een rookgordijn, op weg naar onze bestemming.
We waren blij dat we een paar minuten later de rook achter ons konden laten. We voeren de sloot in waar ik op het perceel aan de rechterkant de vorige fotoserie maakte. Nu legden we aan aan de linkeroever.
Rhena was mee in de boot om Jan en mij op te halen. Varen is niet haar favoriete bezigheid, zo snel als ze kon, sprong ze er dan ook uit toen we aanlegden. Klaas Jan haalde meteen een stukje touw van haar hals. Want Rhena heeft een bijzondere gewoonte: ze springt alleen uit zichzelf in de boot als ze een โhalsbandโ draagt. Een simpel stukje touw volstaat al, ook al hoeft het niet eens als halsband te dienen. Honden en hun eigenaardigheden, soms lijken ze net mensen! ๐