De gladde slang en de jongen

Onlangs ben ik ‘s ochtends weer op stap gegaan om te kijken of ik de gladde slang weer kon spotten. Daarnaast wilde ik kijken of er al jongen waren. Het was goed weer om de gladde slang te zien te krijgen, ze zijn namelijk actief op bewolkte dagen met een iets lagere temperatuur. Ik had alleen mijn Nikon bridgecamera meegenomen.

Terwijl ik daar liep te speuren kwam toevallig net de gids aanfietsen. Geholpen door de gids lukte het mij om een gladde slang, een ouder te vinden en vast te leggen.

Vervolgens zijn we nog lang aan het speuren geweest naar jongen, maar we konden niets vinden. Volgens de gids was het nog net een paar graden te koud. De gids leerde mij wel hoe ik de jongen zou kunnen vinden.

‘s Middags klaarde het weer iets op en werd het een paar graden warmer. Ik besloot nogmaals op zoek te gaan naar de jongen. Met de leesbril op en bijna met de neus op de grond speurde ik naar jongen. Net toen ik dacht dat het niets meer zou worden stuitte ik op een opgerold jong.

De jongen zijn iets forser dan een dikke regenworm. Opgerold zijn ze net zo groot als een 2 euro muntstuk. Ze zitten goed verstopt tussen het gras. Een eindje verder stuitte ik op nog een jong.

Als je eenmaal weet hoe je moet zoeken dan werkt het verslavend. Ik had al twee jongen gespot en vastgelegd. Toch kreeg ik nog een mooie toegift op een plaats waar ik het niet had verwacht. Een jong met mooie blauwe ogen. Aanvankelijk was ik verbaasd dat dit jong zo lang was, althans zo leek het. Echter toen het jong in beweging kwam bleek het om twee jongen te gaan die bovenop elkaar lagen.

Ik heb meerdere filmpje gemaakt van de gladde slangen en samengevoegd tot één film. De eerste filmpjes zijn van de ouder en de latere filmpjes zijn van diverse jongen.

Wolkenluchten boven de Belterwijde

Deze week hebben we te maken met instabiel zomerweer. Zon en buien wisselen elkaar af. Geen echt vakantieweer. Dergelijk weer levert echter wel mooie wolkenluchten op. Om die wolkenluchten vast te leggen reed ik dinsdag naar de Belterwijde (spreek uit als Belterwiede). Op de N334 koos ik een plekje aan de oostelijke oever. Zie Google Maps

Allereerst richtte ik de camera naar rechts. Daar zag het met een overwegend blauwe lucht er nog vriendelijk uit.

Naar links zag de lucht er veel dreigender uit.

De watersporters laten zich er niet van weerhouden, ze varen hun eigen koers.

Een spring in ‘t veld

Vorige week legde ik in de vroege ochtend in het Dwingelderveld deze insect vast. Deze insect is een ‘Spring in ‘t veld’. Ik dacht dat ik vanwege de specifieke kenmerken de insect wel snel zou kunnen determineren, maar dat is me niet gelukt. Ik weet dat er binnen de groep volgers experts in het determineren zijn, ik hoop dat zij mij kunnen helpen.

Vlinder, het dambordje in Normandië

Tijdens ons verblijf in Normandië maakten we een wandeling in Baye des Veys.

In het struweel lag een bootje te vergaan.

Toen ik door het hoge gras naar het bootje toe stapte, zag ik iets fladderen. Het was een zwart/witte vlinder. Een voor mij onbekende vlinder. Eenmaal thuis leerde ik op internet dat het om een dambordje gaat en wel om een mannetje. Het viel niet mee om de vlinder vast te leggen. Hij dook steeds weer diep weg tussen het hoge gras.

Deze soort komt voor in Centraal en Oost-Europa. In Nederland werd de soort van 1981 tot 1986 plaatselijk zeer schaars waargenomen en werd daarmee als dwaalgast beschouwd. Heel soms wordt de vlinder waargenomen in het zuidoosten van Limburg.

Een gladde slang

Onlangs trof ik in Drenthe een expert op het gebied van slangen. Nadat we een tijdje hadden staan praten over de voorkomende slangen in het gebied wees hij mij op een gladde slang. Met de Nikon kon ik van een afstandje enkele foto’s maken. Zoals beloofd houd ik de locatie geheim.

In ons land komen drie slangen voor en wel de adder, de ringslang en de gladde slang. De gladde slang is de zeldzaamste slang in Nederland. De gladde slang komt verspreid voor in een aantal gebieden in het oosten en zuiden van Nederland. In Europa is de gladde slang algemener en wijdverspreid. De gladde slang heeft een voorkeur voor relatief droge gebieden met lage spaarzame vegetatie en enigszins reliëf.

De gladde slang is een dunne middelgrote slang die een lengte kan bereiken van 80 cm. Ze hebben hun naam te danken aan hun gladde schubben. De gladde slang is bruinig van kleur met een onderbroken zigzag patroon op zijn rug. Ze hebben een ronde pupil (belangrijk kenmerk t.o.v. adder). Op de flanken hebben gladde slangen vaak bruine soms zelfs roodachtige vlekken. De gladde slang is niet giftig maar kan bij verstoring wel luid sissen en bijten. Gladde slangen eten voornamelijk andere reptielen, met name hagedissen. In Nederland is de belangrijkste prooi de levendbarende hagedis maar ook hazelwormen en zelfs jonge adders worden gegeten. De gladde slang kan in het wild ongeveer 18 jaar oud worden.

Gladde slangen leven een zeer verborgen bestaan. Ze zijn niet actief bij warmte maar juist op bewolkte dagen met een iets lagere temperatuur en soms zelfs bij lichte regen. Hierdoor komt het voor dat er in een gebied een populatie gladde slangen bestaat die jarenlang onopgemerkt blijft. De gladde slang is dan ook met afstand de moeilijkst waarneembare slang in Nederland. Gladde slangen paren in het voorjaar. Bij het vrouwtje worden de eieren in het lichaam bevrucht en uitgebroed. Na ongeveer 4 a 5 maanden schenkt het vrouwtje leven aan 3 tot 9 volledig ontwikkelde jongen. Deze vorm van voortplanting wordt eierlevendbarendheid oftewel ovoviviparie genoemd. De jongen zijn bij hun geboorte ongeveer 12 cm groot die na 3 jaar (mannetjes) of langer (vrouwtjes) geslachtsrijp worden. Gladde slangen overwinteren in verlaten holen van zoogdieren en in andere goed geïsoleerde schuilplaatsen. Als bron heb ik de site van Vroege Vogels gebruikt: https://vroegevogels.bnnvara.nl/nieuws/de-gladde-slang

Ik wilde nog wel meer foto’s maken van deze zeldzame slang, maar de slang d8 daar anders over en verdween in het struikgewas.

Oranje zandoogje

Ik blijf nog even in de vroege ochtend op de heide. Naarmate de tijd vorderde en het warmer werd kwamen ook de zandoogjes tot leven. De oranje zandoogjes springen gelijk in het oog door hun opvallende kleur. Maar zien vliegen is één, vastleggen is een tweede. Ze hebben nogal eens de neiging om tussen het gras en/of laag bij de grond te landen. Dat is geen handige plek om ze mooi vast te leggen.

Het oranje zandoogje staat op de rode lijst als ‘gevoelig’. Deze vlinder komt in het noorden en in het zuiden van ons land voor. Ik legde deze vlinder vast in Dwingelderveld in Drenthe. Klik op de foto voor een groter exemplaar.

Op onderstaande foto had de vlinder voor de fotograaf een beter plekje uitgekozen. Het is wel een enigszins afgevlogen exemplaar.

Gevangen in een web

Tijdens mijn fotokuier in de vroege ochtend sprong er regelmatig een krasser voor mij langs. Vaak landde de krasser tussen de struiken. Het was wel lastig om de groene krasser dan terug te vinden. Een bruine krasser had voor mijn camera een beter plekje uitgezocht.

Toen ik met mijn macrolens voorover gebogen stond om iets vast te leggen landde er een krasser in een spinnenweb. Ik maakte snel een foto van deze onfortuinlijke krasser. Net toen ik aan het bedenken was of ik de krasser zou gaan bevrijden kwam er uit het niets een spin aansnellen. Het was de wespspin. Ik heb twijfel over een eventuele redding maar laten varen en heb de natuur zijn gang laten gaan. Verbazend hoe snel de krasser door de spin werd ingepakt.

En daar hang je dan, lijdzaam afwachten totdat je wordt leeggezogen.