Bij de vakantiewoning op Texel

Ik begin dit bericht met een bord dat vrijwel iedereen kent die Texel ooit heeft bezocht. Het staat in een weiland langs de Pontweg, tussen de veerhaven en Den Burg. Een collega wenste mij onlangs een fijne vakantie op ‘Ons Eiland voor de Heiland’. Die opmerking bracht mij ertoe om deze keer eens een paar foto’s van het bord te maken en mij te verdiepen in de geschiedenis ervan.

De kleuren groen en zwart verwijzen naar de Texelse vlag. Het bord werd geplaatst door het Texelse evangelistenpaar Jan en Paula Brouwer, dat sinds de jaren zestig actief is op het eiland. Zij verkondigen hun christelijke boodschap op campings, stranden en markten, en het bord vormt een onderdeel van hun evangelisatiewerk. Op de website van NH Nieuws is meer te lezen over dit bijzondere echtpaar. Volgens dit artikel in de Texelse Courant uit 2025 zijn zij, inmiddels ruim in de tachtig, nog altijd actief met hun evangelisatiewerk.

Het bord heeft in de loop der jaren zelf ook een geschiedenis opgebouwd. In 1995 werd het bij wijze van grap ‘ontvoerd’ en later teruggevonden op de zandplaat Razende Bol. Het werd onbeschadigd teruggebracht en opnieuw geplaatst. In 2019 werden de borden beklad en witgekalkt, wat leidde tot veel verontwaardiging onder Texelaars. Gelukkig bood een lokale schilder spontaan aan om het bord kosteloos te restaureren. Daarover is meer te lezen op de website van de Texelse Courant.

We verbleven met ons gezin in een vakantiehuis op een kleinschalig park midden in de natuur, op loopafstand van De Koog en het strand. Het kruidenrijke grasland dat bij het park hoort, stond volop in bloei met klaver, boterbloemen, ratelaar en gevlekte orchis. Een Icarusblauwtje liet zich daar regelmatig zien, maar wilde nauwelijks stilzitten. De Jacobsvlinder werkte gelukkig iets beter mee. Een mannetjesfazant was een vaste gast rond ons vakantiehuis. Het vrouwtje hield zich schuil in de bosschage, mogelijk samen met haar jongen.

Op de tweede vakantiedag zat ik aan het einde van de ochtend alleen buiten. De gezinsleden waren eropuit voor verschillende uitstapjes. Terwijl ik genoot van het uitzicht op het terras gebeurde er plotseling iets bijzonders. Een enorme zwerm bijen kwam naar ons terras. De zwerm leek belangstelling te hebben voor de boom op de derde foto. Binnen een uur werd de zwerm geleidelijk aan kleiner en uiteindelijk waren alle bijen verdwenen. Gelukkig dat ze niet bleven ‘plakken’.

Zwermen ontstaan wanneer een honingbijenvolk zich splitst. Een deel van de bijen verlaat dan samen met de oude koningin de kast om elders een nieuwe kolonie te stichten. Deze natuurlijke vorm van voortplanting vindt vooral plaats in mei en juni. Een zwerm bestaat uit duizenden bijen en ziet er indrukwekkend uit, maar is doorgaans niet gevaarlijk. Omdat de bijen op dat moment nog geen nest hebben, hoeven ze niets te verdedigen en gedragen ze zich rustig. Lees er meer over op deze interessante website van de Bijenstichting

Op de avond van 23 mei vertelde onze zoon dat er in deze periode kans is op het verschijnen van lichtende nachtwolken. Hij kwam daarop door het bijzondere verschijnsel dat we op dat moment buiten zagen.

Ik zette de camera op de tuintafel en maakte met een lange sluitertijd enkele foto’s. Het resultaat is te zien op de tweede foto. Ik twijfel nog of dit lichtende nachtwolken waren. Misschien dat mijn fotomaatje of iemand anders uitsluitsel kan geven.

Distelvlinders en meer op de klimhortensia

We zijn weer terug van een heerlijke week vakantie op Texel. Ook het echtpaar dat tijdens onze afwezigheid in ons huis verbleef, heeft hier volop genoten.

Toen we bij terugkomst uit de auto stapten, viel ons direct de uitbundige bloei van de klimhortensia op. De zwoele, zoete geur hing in de lucht en het wemelde van de insecten, waarvan vele zoemend tussen de bloemen vlogen.

Op de bloemen foerageerden een aantal distelvlinders. Veel distelvlinders die je in het voorjaar in Nederland ziet zijn flets en versleten. Dat is niet zo vreemd, want deze trekvlinders hebben een indrukwekkende reis achter de rug vanuit Zuid-Europa of zelfs Afrika.

In de zomer plant de distelvlinder zich hier voort en verschijnt een nieuwe generatie met frisse, kleurrijke vleugels. Een deel van deze vlinders trekt in het najaar weer naar het zuiden. De exemplaren die hier achterblijven overleven de winter niet.

De klimhortensia is overigens geplant door de vorige eigenaar van het huis. Inmiddels wonen wij hier al 33 jaar en het is mooi om te zien hoe goed deze struik het na al die jaren nog doet. De dichtbegroeide klimhortensia vormt bovendien een geliefde plek voor tuinvogels om een nest te bouwen. Voordat het broedseizoen begint, snoeien we de plant een beetje terug. Zo voorkomen we dat de takken zich vasthechten aan de kozijnen en het houtwerk van de dakgoot.

Ook andere insecten deden zich tegoed aan de nectar van de bloemen. Tussen de bloeiende schermen waren verschillende hommel- en zweefvliegsoorten te zien, waaronder de aardhommel, de akkerhommel, de doodskopzweefvlieg en de citroenpendelvlieg.

Alpaca’s worden geschoren

Op een ochtend werd ik getipt over het scheren van alpaca’s bij een kennis in de buurt. Van zowel de eigenaar als de scheerders kreeg ik toestemming om dit proces te fotograferen, zij het met enkele restricties.

Zoals bij veel ‘onnatuurlijke’ ingrepen bij dieren brengt ook het scheren enige stress met zich mee. Om het proces zo veilig en verantwoord mogelijk te laten verlopen, zowel voor de alpaca’s als voor de scheerders, worden daarom enkele maatregelen genomen.

Wanneer foto’s van die maatregelen zonder context op social media zouden verschijnen, is de kans groot dat daar snel een oordeel over wordt gevormd. Daarom wil ik met dit bericht niet alleen inzoomen op het proces, maar ook uitleg geven over de werkwijze en de redenen achter bepaalde handelingen.

Het scheren van alpaca’s verloopt anders dan het scheren van schapen. Een schaap wordt doorgaans in een zittende houding geschoren, maar bij alpaca’s is dat vanwege hun stijve ruggengraat niet mogelijk. Daarom kunnen alpaca’s alleen staand of liggend worden geschoren. Staand scheren heeft de voorkeur, omdat dit voor het dier het minst stressvol is. In de praktijk blijken veel alpaca’s echter te onrustig om langere tijd stil te blijven staan. Daardoor neemt de kans op verwondingen tijdens het scheren toe, zowel voor het dier als voor de scheerder.

Om het scheren zo veilig mogelijk te laten verlopen, wordt een alpaca daarom meestal in zijligging op een mat op de grond of op een speciale tafel gelegd. De poten worden voorzichtig vastgezet, zodat de scheerder veilig kan werken en de huid strak blijft tijdens het scheren. Hierdoor kan de vacht vlot en gecontroleerd worden verwijderd, met een zo klein mogelijke kans op verwondingen. Op de website van AlpacaKust kun je meer lezen over de procedure.

Nadat de vacht is geschoren worden de kop en de poten bijgeknipt. Tijdens en na het scheren wordt het dier meteen gecontroleerd op de algemene gezondheidstoestand. De scheerder geeft de eigenaar daarbij advies, bijvoorbeeld wanneer er sprake is van schurft.

Ook de hoeven worden geknipt en het gebit wordt gecontroleerd. Indien nodig worden de tanden licht afgeslepen. Het scheren is daarmee meer dan alleen vachtverzorging: het is een jaarlijks terugkerende en noodzakelijke handeling voor het welzijn van de alpaca’s. Wanneer de dieren hun dikke wol zouden behouden, kunnen zij in de zomer namelijk moeilijk hun warmte kwijt, met oververhitting als mogelijk gevolg.

De moeder was als eerste klaar. Na het scheren bleek dat er nog maar ongeveer een derde van haar over was. Haar jongen moesten duidelijk wennen aan de nieuwe coupe van hun moeder. Er werd nieuwsgierig gekeken, gesnuffeld, er klonken zachte hummende geluidjes en er werd zelfs een beetje gespuugd.

Alpaca’s spugen vooral naar elkaar en veel minder snel naar mensen. Dat laatste gedrag wordt vaker met lama’s geassocieerd.

Toen moeder en haar drie jongen waren geschoren, mochten ze weer naar buiten. Het was duidelijk te zien dat ze dat prettig vonden: ze sprongen vrolijk de wei in, rolden door het gras, krabden hun rug en snuffelden uitgebreid aan elkaar. Het was een mooi om te zien.

Ik vond het bijzonder om dit mee te maken. Dat kwam niet alleen door de vakkundige en de snelle werkwijze van de scheerders, maar ook door de gemoedelijke sfeer waarop alles verliep.

Er zijn niet veel alpacascheerders, waardoor sommige alpaca’s langer moeten wachten voordat ze aan de beurt zijn. Met de klimaatverandering en de ene na de andere warmterecord is dat allesbehalve prettig voor de dieren. Een eigenaresse uit Franeker vond daar gelukkig iets op, zie de website van Omrop Fryslan.

Blauwborst bij de Twitterhut

We blijven nog even bij de Twitterhut, waar ik tot mijn verrassing een grote gele kwikstaart wist te fotograferen.

Onder dreigende wolken golfde het riet heen en weer. Op Waarneming had ik gezien dat hier ook een blauwborst was gesignaleerd, daarom keek ik speciaal uit naar dit opvallende vogeltje.

Na een tijdje wachten had ik geluk: een blauwborst landde in het riet. Weliswaar op flinke afstand, maar toch wist ik hem acceptabel in beeld te krijgen. Aan het verenkleed is goed te zien dat er een stevige wind stond.

Even later dook de blauwborst de bosschage in, maar kwam al snel weer tevoorschijn en landde op een uitgebloeide lisdodde. Dat was een stuk dichterbij. De blauwborst zong het hoogste lied, prachtig om te horen.

Vervolgens vloog hij in een boog om mij heen en landde links van me, half verscholen tussen het riet. Geen ideale plek, dus scherpstellen werd een uitdaging, mikkend tussen de wuivende stengels. Ook daar liet de blauwborst zich niet kennen: hij zette opnieuw het hoogste lied in.

Op de onderstaande foto heb ik aangegeven waar het vogeltje zat toen ik het laatste vierluik maakte.

Einde series, gemaakt onder dreigende wolkenluchten.

Grote gele kwikstaart bij de Twitterhut

Vanaf de Rietweg reed ik naar de Twitterhut aan de Ingenieur Lutijnweg. De naam van deze vogelkijkhut werd bedacht door schoolkinderen uit die buurt. Tijdens de aanleg van het nieuwe natuurgebied Wetering Oost, rond 2014, maakten zij werkstukken over de toekomst van het gebied. Een deel daarvan werd symbolisch als een “schat” begraven. Meer hierover is te lezen op de website van Kanoweb.nl

Ik bleef een tijdje kijken naar de bedrijvigheid rond de oeverzwaluwwand. Daar was ik echter niet speciaal voor gekomen, want naar mijn idee had ik de oeverzwaluwen eerder al mooier gefotografeerd in De Slufter op Texel. Mijn bezoek had eigenlijk een andere reden, maar daarover later meer.

Bovenin de hut waaide het hard, daarom besloot ik weer naar beneden te gaan. Intussen hoorde ik de roerdomp en speurde ik of ik hem ook kon zien, net als de waterral die ik hier ooit fotografeerde. Helaas kreeg ik geen van beide in beeld.

Terwijl ik daar stond uit te kijken, landde tot mijn verbazing aan de overkant een gele kwikstaart in het riet. Het vogeltje draaide mij eerst de rug toe en even was ik bang dat het tussen de begroeiing zou verdwijnen. Gelukkig klom het langs een rietstengel omhoog, waardoor het voor mij een stuk makkelijker werd om te fotograferen.

Naschrift: het blijkt de grote gele kwikstaart te zijn met dank aan Hendrika! De grote gele kwikstaart is aan de waterkant te vinden in tegenstelling tot de gele kwikstaart die zich voornamelijk op akkers ophoudt.

Wordt vervolgd.

Wolkenluchten en nog meer aan de Rietweg

Na de fotosessie aan de Wetering was de volgende stop de Rietweg, de weg tussen mijn geboorteplaats Wetering en het gehucht Nederland. Ook daar genoot ik van kleurrijke bermen, met daarboven indrukwekkende wolkenluchten.

Terwijl ik daar stond te fotograferen, passeerden fietsers en wandelaars. Ook reden er enkele landbouwvoertuigen van het verderop gelegen bedrijf Weerribben Zuivel voorbij. De bestuurders zwaaiden hartelijk naar mij.

Aan de hoeveelheid bloemen lag het niet, maar insecten waren er slechts mondjesmaat. Het weer werkte natuurlijk ook niet echt mee. Uiteindelijk zag ik één hommel en één klein geaderd witje.

Vanuit de auto speurde ik naar vogels. Door de harde wind bleven ze grotendeels verscholen in het riet. Thuis ontdekte ik dat ik een rietzanger en een grasmus op de foto had weten vast te leggen.

Wordt vervolgd.

Dreigende wolken aan de Hoogeweg en een tafeleend

Vanaf de Meenteweg sloeg ik linksaf de Hoogeweg op. Daar maakte ik het onderstaande vierluik.

De volgende stop was op mijn geboortegrond: de Wetering. Daar werd mijn blik getrokken door het fluitenkruid. Net op dat moment liep er een groepje wandelaars voorbij. Ze vermoedden waarschijnlijk dat ze op de foto kwamen, want zwaaiend en lachend liepen aan me voorbij.

In de vaart zwom een mannetje van de tafeleend. Deze soort had ik daar in de buurt nog niet eerder gezien.

Wordt vervolgd.

Wolkenluchten, koeien, koolzaad, rupsen en en kleurrijke berm

Een rondje in onze omgeving. Een wolkenlucht boven een weiland met koeien met op de voorgrond koolzaad

Toen ik bovenstaande foto ging maken liep ik langs de kardinaalsmuts die volledig was ingepakt in een dicht wit spinsel. Toen ik het van dichtbij bekeek zag ik dat het wemelde van de kleine rupsen. Het bleek te gaan om de rupsen van de Kardinaalsmutsstippelmot die in heel Nederland algemeen voorkomt. De volwassen motten zijn van juni tot oktober te zien.

In mei en juni kunnen deze rupsen complete kardinaalsmutsstruiken omhullen met hun spinsels en het blad vrijwel volledig kaalvreten. Dat ziet er wat sneu uit, maar voor de struik is het meestal geen probleem. Later in het seizoen loopt de kardinaalsmuts gewoon weer uit.

De onderstaande foto’s maakte ik aan de Meenteweg, dezelfde weg waar ik in januari deze fotoserie van schaatsers maakte. In de berm bloeien nu koolzaad, koekoeksbloemen, zuring en andere soorten, die samen een uitbundig geheel vormen. Met de dreigende wolken erboven krijgt het landschap een extra dimensie.

Wordt vervolgd.

Dreigende wolkenluchten, frisgroen en kruidenrijk grasland

Voordat we werden getrakteerd op een periode met prachtig lenteweer, hadden we wekenlang te maken met wisselvallig weer en regelmatig buien. Voor de natuur was deze regen meer dan welkom. Op een van die dagen met dreigende luchten maakte ik een rondje bij ons in de buurt.

Het voorjaar vind ik de mooiste tijd van het jaar, met al het frisse groen dat weer tot leven komt. De varens zijn zó groen en ongeschonden dat het bijna lijkt alsof ze kunst zijn.

Aan de Hooiweg zag ik een reebok lopen. Jammer genoeg verdween hij meteen in de bosschage toen ik de auto in de berm parkeerde.

Op Westenwold fotografeerde ik een dreigende lucht boven het kruidenrijke grasland, terwijl de buien om mij heen trokken. Langs de weg staan drie abelen, ook wel ‘de bomen met de ogen’ genoemd. In de verte zat een graspieper op een paaltje.

Wordt vervolgd.

Fochteloërveen

Een paar weken geleden ging ik samen met mijn fotomaatje Jan naar het Fochteloërveen. Jan was de gids en bracht ons naar een aantal mooie plekjes.

De eerste stop was bij de Weperbult. Op de website van Beleef het Lage Noorden is meer informatie over dit gebied te vinden. Vol goede moed begonnen we aan de wandeling, maar al na zo’n vijftig meter kwamen we tot de conclusie dat de afstand voor Jan toch te groot was. Daarom gaan we binnenkort nog eens terug, maar dan met de elektrische rolstoel.

Tijdens de wandeling genoten we onder andere van het uitbundig bloeiende fluitenkruid. Op de witte schermen foerageerde een vlinder met de prachtige naam Landkaartje.

Iets verderop wist ik een vuurjuffer en een smaragdlibel te fotograferen.

Tijdens onze rit door het Fochteloërveen hielden we goed in de gaten of we ook kraanvogels zouden zien. Dat is deze keer helaas niet gelukt. Wel maakten we enkele foto’s van het prachtige hoogveengebied.

Ook brachten we een bezoek aan de restanten van Kamp Ybenheer. Voor meer informatie verwijs ik naar dit bericht op het weblog van Jan. Van dit Kamp zijn alleen wat betonnen elementen overgebleven.

Het Kamp was deze keer ‘bezet’ door mensen van een buurtvereniging uit een naburig dorp. Zij hadden een fietstocht gemaakt en sloten die af met een lunch op deze plek. Al snel raakten we met elkaar aan de praat en het werd een gezellige ontmoeting. We werden zelfs getrakteerd op een pannenkoek. Juist zulke spontane ontmoetingen maken een dag extra waardevol.