Ochtendmist in Terhorsterzand

Nadat ik enkele foto’s had gemaakt van de opkomende zon boven Dwingelderstroom reed ik door naar Terhorsterzand. Toen ik het natuurgebied betrad trof ik daar een enthousiaste fotograaf die zei dat ik net te laat was voor een spectaculaire zonsopkomst. Ook al stond de zon al ruim boven de horizon, ik heb ook van dat moment volop genoten.

Na de fotosessie bij het eerste ven volgde ik het zandpad langs dit ven in oostelijke richting.

Toen ik op dit punt was aangekomen heb ik meerdere insecten vastgelegd die waren behangen met dauwdruppels. Wat een adembenemende mooie wereld. In een volgend logje kom ik daar op terug.

Na de sessie met de macrolens volgde ik het pad verder naar het oosten. Ik passeerde het bankje waar mijn vriendin en ik de vorige keer hebben gezeten toen ze mij de koffie bracht. Op het bankje zat nu een man. Ik groette de man en liep verder.

Ongeveer vijftig meter verder verliet ik het zandpad om aan de oever van het ven een foto te maken. Toen ik terug wilde keren naar het pad zag ik dat de man ter hoogte van mij op het pad stond. Hij bleef daar langere tijd staan. Zo nu en dan keek hij in mijn richting. Vanaf dat moment veranderde mijn geluksgevoel in een unheimisch gevoel. ‘Waarom blijft de man daar staan. Wat is zijn bedoeling?’ Ik heb mijn mobiel gepakt, een foto gemaakt van de man en deze samen met mijn verhaal naar mijn vrienden gestuurd. Zij wonen niet ver van Terhorsterzand vandaan. Het kon niet anders of de man heeft gezien dat ik bezig was met mijn telefoon. Na een tijdje, wat voor mij een eeuwigheid leek, verdween hij uit het zicht.

Mijn vriendin was zo lief om zo snel mogelijk naar mij toe te komen. Samen hebben we nog een korte wandeling gemaakt en ons samen gestort op de macro-fotografie. Mijn onbevangenheid ten aanzien van uitstapjes in de vroege ochtend in alle eenzaamheid is nu wel even verdwenen. Als vrouw alleen ben je dan toch kwetsbaar.

De laatste juffers

Terwijl ik de koeien in Terhorsterzand fotografeerde (zie dit logje) en daar ter plekke enkele foto’s en berichtjes op Twitter plaatste kreeg ik een appje van mijn fotograferende vriendin of ze nog even koffie moest brengen. Door mijn berichtjes op Twitter was ze er namelijk achter gekomen dat ik aan het fotograferen was in Terhorsterzand. En zo gebeurde het dat ik even later aan de warme koffie zat op een bankje op de heide. Mooier kun je het niet krijgen.

Vlak voordat ze kwam had ik aan de rand van het ven een juffer ontdekt.

Even later zagen we nog een paar juffers, waaronder een paringswiel. Of er van paren veel terecht kwam weet ik niet want het paartje zag er versleten uit.

Na het fotograferen van de juffers lieten we het ven achter ons en vervolgden we het pad in oostelijke richting. De heide was bijna uitgebloeid, maar was nog steeds mooi om te zien. Op dit gedeelte van Terhorsterzand was ik nog niet eerder geweest en was dan ook aangenaam verrast door de schoonheid van dit gedeelte.

Als je even stopt voor een foto met de macrolens is er meestal wel een krasser die voor je voeten wegspringt. Deze wilde wel even voor me poseren.

Na een mooie wandeling kwamen we aan het gedeelte waar de klokjesgentiaan staat. Helaas hebben we op de vele klokjes geen eitjes van het gentiaanblauwtje kunnen ontdekken. We waren enigszins verbaasd dat er nog steeds klokjes in de knop stonden. De theorie over de schaarse aanwezigheid van de eitjes op de klokjes is dat de vlinders vroeg waren dit jaar en de klokjesgentiaan wat later is gaan bloeien. Ze zijn elkaar als het ware ‘misgelopen’.

Gewone koeien als natuurbeheerders

Afgelopen weekend koos ik voor mijn fotokuier het natuurgebied, Terhorsterzand. Dit gebied ligt ten oosten van de A28 tussen Beilen en Spier. Ik parkeerde mijn auto langs de weg die parallel loopt met de A28. Toen ik het natuurgebied betrad kruiste een grote groep dames mijn pad. Enkele koeien stonden midden op het pad en andere hielden de picknickbank bezet.

Weer andere koeien stonden met de poten in de modder. Het is triest te zien hoe laag de waterstand is in de vennen in Drenthe en zo ook in Terhorsterzand.

Ik besloot mijn weg te vervolgen over het zandpad rond de eerste ven. op het zandpad scharrelde al grazend een koe. In de bocht werd een mountainbiker verrast door de koe. De biker kon nog net om de koe heen zwiepen. Hij schreeuwde naar de achterop komende bikers dat er een koe op het pad stond. Al met al ging het wel wat onbesuisd. Helaas zie ik dit onbesuisde gedrag wel vaker bij mountainbikers. De koe werd er in ieder geval niet anders van, ze ging rustig door met grazen.

De koeien zijn van boer, Jan de Groote. Zijn koeien staan 180 dagen per jaar buiten. Een deel van zijn koeien en jongvee begraast gronden van Staatsbosbeheer op het Terhorsterzand. Door weidegang te combineren met natuurbeheer zorgen ze voor een prachtig Nederlands landschap. Op deze site kun je er meer over lezen.

Ik vond het wel grappig te zien zoals de koeien ongestoord hun pad vervolgden en zich niets aantrokken van de bikers, de wandelaars en de joggers.

De koeien leken op deze manier wel een onderdeel van een trailrun.

Ik vond het een mooi gezicht zoals de koeien zich daar in het landschap begaven en zich er blijkbaar prima thuis voelen. Ze hadden dan ook veel bekijks.

Afrikaantjes

Vorige week zondag ging ik wederom vroeg op stap. Mijn doel was om een zonsopkomst vast te leggen boven de bloeiende heide in Leggelderveld. Er was echter teveel bewolking om dat doel te bereiken. Daarnaast was de boeiende heide over zijn hoogtepunt heen. Ik besloot daarom om me met mijn macro-objectief te storten op een akker vol met afrikaantjes.

In Drenthe zijn relatief veel akkers met afrikaantjes. Ik vroeg me al langer tijd af wat daar het doel van is. Op internet vond ik het antwoord en wel op deze site van RTV Drenthe.

De afrikaantjes zijn een uitkomst voor de lelieteelt in Drenthe. Het bloemetje blijkt voor de bollenteelt een goed alternatief voor chemische grondontsmetting. De sector ligt al een paar jaar zwaar onder vuur door het gebruik van chemische bestrijdingsmiddelen om schadelijke aaltjes in de grond te doden.

Proeven op acht kleine proefveldjes in Drenthe hebben al uitgewezen dat het afrikaantje een goede bodemontsmetter is en de meeste aaltjes doodt. Maar deze natuurlijke methode is wel duurder dan chemische ontsmetting. De afrikaantjes moeten het hele jaar op het veld staan en dus zijn telers de grond een jaar kwijt.

Daarom wordt er nu vooral gekeken naar het vergroten van het economisch rendement, zodat het telen van afrikaantjes aantrekkelijker wordt voor bollenboeren. De winst blijkt te zitten in het bloempje. Daarin zit de stof luteïne dat ouderdomsblindheid kan tegengaan. Op deze site van de macula vereniging kun je daar meer over lezen.

Ik stond uiteraard aan de rand van de akker. Regelmatig streek ik met mijn hand door de afrikaantjes. De geur van de afrikaantjes deed me aan vroeger denken. Mijn ouders hadden vroeger o.a. afrikaantjes in de tuin. Toen het zonnetje door de bewolking brak gonsde het in een paar seconden van de insecten. Dat klonk als muziek in de oren. Het was echter nog niet eenvoudig om de druk vliegende insecten vast te leggen. Uiteindelijk heb ik er een aantal kunnen ‘vangen’.

Het laatste kleine slangetje

Afgelopen zaterdag ging ik in alle vroegte naar de heide. Ik geniet dan enorm van het zachte licht en de serene rust.

Deze keer had ik mijn Canon macro-objectief meegenomen. Bij het fotograferen van bijvoorbeeld dauwdruppels wring ik mij in allerlei bochten. De houding die ik het vaakst aanneem is die op de knieën. Al snel was mijn fotografiebroek tot aan de knieën nat door de dauw. Dat deerde mij niet, want ik kreeg er zoveel voor terug.

Een kwartiertje nadat ik deze foto’s had gemaakt trof ik de schaapskudde met herderin. Ik kom daar in een volgend blog op terug. Het is echter wel leuk om te vertellen dat ze mij vanuit de verte had aangezien voor een verdwaald schaap. Daarom besloot ze met haar kudde dichterbij te komen en op zoek te gaan naar het ‘schaap’. Toen ze mij het verhaal vertelde hebben we er samen hartelijk om gelachen.

Toen ik bezig was met het vastleggen van de spin met prooi in het web zag ik ineens vanuit mijn ooghoeken een jong van de gladde slang tussen het gras. Het jong stond min of meer rechtop tussen de grasstengels. Door snel te reageren kon ik net één scherpe foto maken voordat het slangetje zich verstopte. Ik denk dat dit voor mij het laatste slangetje is van dit seizoen.

Zwanen in de ochtendmist

Op de vroege ochtend ging ik met de camera op stap. Als eerste stopte ik bij een grote visvijver in de buurt van Eemster. De ochtendmist gaf een feeëriek schouwspel. Er kwamen twee zwanen aangevlogen.

Na de landing dobberden ze samen met andere watervogels in alle rust in de grote vijver.

Plotseling kwam vanaf de rechterkant een zwaan aangesneld. Als een torpedobootjager scheerde de zwaan door het water.

Er vlak achteraan kwam torpedobootjager nummer twee.

Al snel werd mij duidelijk wat hun bedoeling was, de twee nieuwkomers werden niet geduld. Er zat voor de zwanen niet anders op dan weer het luchtruim te kiezen. Ze moesten het veld ruimen.

En zo hadden de beide ouders voor hun vijf jongen hun territorium weer veiliggesteld.

Heideblauwtje

Op deze tropische dag, waarbij de thermometer in mijn auto 32 graden aangaf neem ik jullie mee naar het heideblauwtje. Het heideblauwtje staat op de rode lijst als kwetsbaar. Dit vlindertje legde ik vast in Dwingelderveld in Drenthe.

De foto’s zijn gemaakt met de bridgecamera in de macro-stand. Toch vind ik de scherpte/diepte minder mooi dan de foto’s die gemaakt zijn met een macro-objectief.



De gladde slang en de jongen

Onlangs ben ik ‘s ochtends weer op stap gegaan om te kijken of ik de gladde slang weer kon spotten. Daarnaast wilde ik kijken of er al jongen waren. Het was goed weer om de gladde slang te zien te krijgen, ze zijn namelijk actief op bewolkte dagen met een iets lagere temperatuur. Ik had alleen mijn Nikon bridgecamera meegenomen.

Terwijl ik daar liep te speuren kwam toevallig net de gids aanfietsen. Geholpen door de gids lukte het mij om een gladde slang, een ouder te vinden en vast te leggen.

Vervolgens zijn we nog lang aan het speuren geweest naar jongen, maar we konden niets vinden. Volgens de gids was het nog net een paar graden te koud. De gids leerde mij wel hoe ik de jongen zou kunnen vinden.

‘s Middags klaarde het weer iets op en werd het een paar graden warmer. Ik besloot nogmaals op zoek te gaan naar de jongen. Met de leesbril op en bijna met de neus op de grond speurde ik naar jongen. Net toen ik dacht dat het niets meer zou worden stuitte ik op een opgerold jong.

De jongen zijn iets forser dan een dikke regenworm. Opgerold zijn ze net zo groot als een 2 euro muntstuk. Ze zitten goed verstopt tussen het gras. Een eindje verder stuitte ik op nog een jong.

Als je eenmaal weet hoe je moet zoeken dan werkt het verslavend. Ik had al twee jongen gespot en vastgelegd. Toch kreeg ik nog een mooie toegift op een plaats waar ik het niet had verwacht. Een jong met mooie blauwe ogen. Aanvankelijk was ik verbaasd dat dit jong zo lang was, althans zo leek het. Echter toen het jong in beweging kwam bleek het om twee jongen te gaan die bovenop elkaar lagen.

Ik heb meerdere filmpje gemaakt van de gladde slangen en samengevoegd tot één film. De eerste filmpjes zijn van de ouder en de latere filmpjes zijn van diverse jongen.