Drieteenstrandlopers

Vandaag is het vervolg op deze serie op het Noordzeestrand van Jan Ayeslag op Texel. Ik kwam dus voor de strandlopers. Ik moest wel geduld hebben voordat ik ze trof.

Het ging om de drieteenstrandlopers. Hij is uniek onder de strandlopers omdat hij de achterteen mist.

Drieteenstrandlopers vallen op doordat ze voortdurend heen en weer rennen op het strand. Ze eten namelijk diertjes die na een golf achterblijven. Vervolgens wijken ze snel uit voor de volgende golf.  

Om te laten zien hoe ze in groepjes voedsel zoeken en snel wegrennen voor de aanrollende golven heb ik een filmpje gemaakt.

De avond viel, het werd voor mij tijd om terug te keren naar de vakantiewoning.

Op het strand bij Jan Ayeslag

Op de vierde dag in onze vakantie op Texel werd ik getipt door de familieleden dat ze leuke, snelle vogeltjes hadden gezien op strand bij Jan Ayeslag. De familieleden waren Jan Ayeslag gepasseerd tijdens hun wandelmissie, in 3 dagen wandelen van de vuurtoren tot en met de veerhaven. Nog dezelfde avond ging ik alleen naar het strand. Ik wilde ze wel met eigen ogen zien. Het was heerlijk rustig op het strand.

Ik maakte een aantal overzichtsfoto’s. Het was opkomend water. Ik stond op een zandbank te fotograferen en dreigde ongemerkt ingesloten te worden door het water. Gelukkig had ik laarzen aan en kon ik met droge voeten het strand bereiken.

Ingezoomd op een kleinood.

De leuke snelle vogeltjes waar ik voor kwam had ik nog niet gezien. Wel stond er een visdiefje op het strand.

Wordt vervolgd.

Horsmeertjes en de blauwborst

Nu nog snel even het bericht opnieuw maken en publiceren. De tekst zal minder uitgebreid zijn…

Het mooiste stukje natuur op Texel vind ik het gebied nabij de Horstmeertjes. Samen met onze zoon maakte ik daar een wandeling.

In de buurt van dit uitkijkpunt hoorden we de nachtegaal. Met bewondering hebben we daar een tijd staan luisteren. De nachtegaal houdt zich het liefst op in dicht struikgewas. Hoe we ook speurden we hebben de vogel niet gezien.

Vanaf het uitkijkpunt zicht op het kerkje van Den Hoorn.

Tijdens de wandeling verder naar het zuiden hadden we mooie doorkijkjes op een van de twee meren. Het was wat bewolkt, maar met een temperatuur rond de 20 graden hadden we perfect wandelweer.

Door vogelaar werden we getipt waar we geheid de blauwborst zouden vinden. Dat was in dit moerassig gebied.

We moesten nog wel even doorwandelen en geduld hebben, maar we hebben de blauwborst gezien en vastgelegd.

Na de mooie ontmoeting met de blauwborst besloten we om de route om het meer te nemen. Al snel stuitten we op een probleem, door het hoge water stond het pad onder water. We hadden de grootste lol om het ‘geschikte’ schoeisel van onze zoon. De rest van de tocht werd het dus ‘een natte voeten tocht’. Overigens gold dat ook voor mij, want ook voor mijn waterdichte wandelschoenen stond het water te hoog.

De wandeling om het meer was een goede keuze, het was een verrassend mooie wandeling.

Grote sterns bij Wagejot

Op ongeveer 200 meter van ons vakantieverblijf op Texel ligt het Wagejot. Op het Wagejot broeden een kolonie grote stern. Een belangrijk voordeel van Wagejot is dat deze binnendijks ligt. Op deze manier blijft de kolonie gevrijwaard van overstromingen door hoge vloeden tijdens zomerstormen.

Grote sterns zijn iconische vogels van de Waddenzee. Ze vliegen boven helder zeewater en jagen op vis door te duiken. Er zijn maar enkele broedkolonies in Nederland waarvan de kolonie Wagejot op Texel de belangrijkste is; ze behoort tot de grootste van Europa. De vogels komen vanaf eind maart uit hun overwinteringsgebieden in Afrika terug in Nederland om te broeden. Vanaf eind april vormen ze dicht opeengepakte broedkolonies op schaars begroeide zandplaten of schelpenbanken. Ze leggen één of twee eieren in een kuiltje. Na 22-26 dagen zijn de eieren uitgebroed. De kuikens kunnen de eerste 25-35 dagen niet vliegen. De ouders vliegen in die periode heen en weer naar zee om steeds één visje naar een kuiken te brengen. Hoe groter de kuikens worden, hoe groter de vissen zijn die de oudervogels aanbieden. Als de kuikens vliegvlug zijn, gaan ze mee met de ouders om zelf te leren vissen op zee. Op Texel verzamelen de sterns zich dan veelal in De Slufter. In augustus en september trekken de ouders met jongen weg naar zuidelijke bestemmingen, sommige helemaal tot Kaap de Goede Hoop in Zuid-Afrika. Bron is deze site.

Vorig jaar heb ik op die plek ook meerder fotoseries gemaakt. Het was toen drie weken later in het jaar. We hadden toen een extreem droog voorjaar achter de rug. Het water rond de eilanden was nagenoeg verdwenen. Klik hier voor die serie. Door het tekort aan water waren de nesten te makkelijk bereikbaar voor bijvoorbeeld katten. Vorig jaar heeft Natuurmonumenten met toestemming van het Hoogheemraadschap water in het gebied gepompt.

Texelaar is een el dorado voor vogelaars en natuurfotografen. Bij het Wagejot stonden altijd wel mensen door hun verrekijker of telelens te kijken naar de kolonie grote sterns.

Ik heb daar ook meerdere malen gezeten.

De ouden hadden het druk met het aanslepen van voedsel voor de jongen.

Onze zoon en ik delen de voorliefde voor de natuur en voor vogels. Het was dan ook heel leuk en gezellig om samen op stap te gaan. Op een middag hebben we samen een tijd zitten kijken naar de grote sterns. Onze zoon hanteerde de verrekijker en ik de spiegelreflex camera.

Deze keer had ik als missie om een grote stern in vlucht vast te leggen met een visje in de snavel. Ze eten bijna alleen haring, sprot en zandspiering. Ze vangen deze voornamelijk in de buitendelta’s van de Waddeneilanden. Maar ook de wateren binnendijks en de Noordzee behoort tot het foerageerterrein.

Fazant

Tijdens onze vakantie op Texel kwam ik meerdere malen per dag langs dit kleurrijke weiland.

De paarse kleur van de orchissen stak mooi af bij het geel van de boterbloemen.

Aan de rand van dat kleurrijke weiland liep een mannetjes fazant. Tijdens de wandelingen door de natuur hoorde en zag ik ze dagelijks. Iedere keer genoot ik weer van het prachtige kleurrijke verenkleed.

Van nature komt de fazant in West-Europa niet voor. Het oorspronkelijke leefgebied van de fazant bevindt zich onder andere in het gebied Georgië, Armenië, Azerbeidzjan en in het gebied van Vietnam tot in Noord-Korea. De Romeinen hebben ervoor gezorgd, dat de fazant zich over grote delen van Europa verspreidde. De fazanten op Texel zijn in de 60- en 70-er jaren van de vorige eeuw hier uitgezet voor de jacht.

Waalenburg

Een van mijn vele uitstapjes op Texel was naar natuurgebied ‘Waalenburg’. Nadat ik mijn auto had geparkeerd maakte ik eerst een overzichtsfoto van de polderweg en van het kunstwerk.

Op het kunstwerk stond de volgende tekst: ‘Zoo’n lange lijnrechte polderweg lijkt wel vervelend, maar inderdaad is er geen mooier en onderhoudender weg in heel Nederland en misschien ook daar buiten, dan de rechte hoofdweg door den polder Waal en Burg. Jac. P. Thijsse Texel 1927’.

Waalenburg is van oudsher een vogelrijk en ruig landschap. Vroeger was het een kweldergebied. Het gebied stond bekend om de kemphanen die er broedden. In 1909 kocht Natuurmonumenten de eerste 7 hectare aan in Waalenburg om de vogels te beschermen. Daarmee was het allereerste weidevogelreservaat van Nederland een feit.

Polder Waalenburg is onlangs ingrijpend vergroot en versterkt om de bijzondere natuur een impuls te geven voor de toekomst. In 2019 werd het project opgeleverd. Bron: Natuurmonumenten.

Een tureluur scharrelde door het water op zoek naar voedsel.

Op de oever stonden een bergeend en een grutto.

Zo te zien was de grutto toe aan een rust- en poetsmoment.

Rosse grutto op het Wad

Op onze tweede vakantiedag op Texel ging ik tijdens eb naar het Wad.

In de verte liepen langs de vloedlijn een groepje steltlopers te foerageren.

Toen ik inzoomde zag ik dat het een groepje rosse grutto was. De rosse grutto is compacter en zwaarder gebouwd dan de gewone grutto. Tevens heeft de rosse grutto kortere poten.

Het vrouwtje is in zomerkleed veel bleker gekleurd en heeft ook een langere snavel dan het mannetje. De soort is alleen doortrekker en wintergast in Nederland. Een echte wadvogel; je vindt daarom de grootste aantallen rosse grutto’s in de Waddenzee. Het zijn sterke vliegers die in één keer lange afstanden kunnen afleggen.

Hebbes, een lekkere dikke pier.

Ik heb er ook een filmpje van gemaakt.

De Slufter, leeuweriken en eidereenden


Op onze tweede vakantiedag op Texel was het overwegend bewolkt, maar wel prima wandelweer. Samen met onze kinderen ging ik naar de Slufter.

De Slufter is een uniek gebied dat in open verbinding staat met de Noordzee. Na een aantal mislukte pogingen om er een landbouwpolder van te maken, werd aan het begin van de 20e eeuw besloten het zeegat open te laten. Het Sluftergebied bestaat uit een krekenstelsel dat soms na een storm onder water staat.

Het grootste deel van De Slufter wordt als vogelbroed en -rustgebied beheerd. Alleen het zuidelijke gedeelte is vrij toegankelijk. Je kunt vanaf de Sluftertrap het pad volgen tot aan het strand. In het noordelijke stuk broeden veel vogels, zoals eidereend, bergeend en kluut. In de Sluftergeul leven zeedieren als krabben, garnalen en platvis.

Het lag in de planning om naar de zee te lopen. Op dat punt zouden we de andere familieleden treffen. Zij waren bezig met het eerste traject van een driedaagse wandeling langs de Noordzeekust. Na een tijdje bleek dat we het verkeerde pad hadden gekozen, we liepen ‘vast’ bij een vogelbroedgebied met hoog water. Bordjes en een touw gaven aan dat we niet verder mochten. In heb ingezoomd op de eidereenden met jongen die daar ronddobberden.

Door het hoge water konden we nergens oversteken en moesten we weer helemaal terug richting de ingang van de Slufter. Door de verrekijker zagen we de andere familieleden wel staan, maar het lukte dus niet om bij elkaar te komen.

Het mooiste aan een wandeling door de Slufter vind ik de zang van de veldleeuwerik. De veldleeuwerik klimt tot grote hoogte van soms meer dan honderd meter, waarna ze luid zingend omlaag vliegen om in de buurt bij het vrouwtje te landen. Klik hier voor het gezang van de veldleeuwerik. De veldleeuwerik staat als gevoelig op de rode lijst.

Een veldleeuwerik laat zich niet snel zien. Ze foerageren op de grond en ze drukken zich bij onraad. Een dag later maakt ik opnieuw een wandeling door de Slufter. Deze keer was ik alleen en wandelde door een rustig gedeelte van de Slufter. Er landde een vogeltje op een paaltje niet ver bij mij vandaan. Ik heb een fotoserie van het vogeltje gemaakt. Sinds een aantal jaren weet ik dat de veldleeuwerik en de graspieper heel veel op elkaar lijken. Ik vind het lastig om ze van elkaar te onderscheiden. Na lang wikken en wegen denk ik dat ik hier toch een veldleeuwerik ‘te pakken’ heb. Maar wie het zeker weet mag het zeggen…