We komen aan bij ons doel wat Jan voor ogen had en wel in buurtschap Brongergea.
Ene Bronger moet hier een kapelanie gesticht hebben, welke in de veertiende eeuw een zelfstandige parochie werd: Brongergea. Gezien de grootte van het kerkhof is het eerst waarschijnlijk een kleine kapel geweest, een huiskapel van deze Bronger.
De voegen van de achtergevel van ons huis waren niet goed. Eigenlijk was dat al zo toen we hier ruim 30 jaar geleden kwamen wonen. Begin dit jaar besloten we de gevel te laten renoveren. De belangrijkste reden was dat we steeds meer te maken krijgen met westelijke slagregens waarbij het vocht soms door de muur heen slaat. In januari kwam er iemand van het voegbedrijf langs. We waren het eens over de prijs en de klus zou in april kunnen plaatsvinden.
Bij navraag hoorden we in april dat we nog niet aan de beurt waren vanwege zieke medewerkers. Op dat moment heb ik voorgesteld om het uit te stellen tot het najaar in verband met de broedende tuinvogels. Aan de achtergevel hangt namelijk een mussenhotel waar de mussen alweer druk aan het nestelen waren.
Vorige week maandag nam ik opnieuw contact op met het voegbedrijf om na te gaan of wij inmiddels aan de beurt waren. Het werd even stil aan de andere kant van de lijn, het bleek dat we even uit beeld waren verdwenen. Het was maar goed dat ik belde. De man zei dat ze de klus de volgende twee dagen zouden kunnen doen. Dat was goed nieuws, maar dat betekende wel dat ik snel bezig moest met de voorbereidingen. De druivenranken, die over het terras geleid worden, moesten aan de kant gelegd worden en ook de ondersteunende constructie moest verwijderd worden. En zo verliep mijn vrije dag anders dan dat gepland had. Mijn man haalde de buitenkraan eraf.
De volgende ochtend kwamen twee mannen voor de klus. Ze bouwden eerst de steiger op. De uren daarna hoorden we het gedreun van de klophamer waarmee de oude voeg werd verwijderd. Ik werkte die ochtend thuis en kon zo tijdens mijn pauzes enkele foto´s maken.
Nadat alle oude voeg was verwijderd werd de gevel met een hogedrukreiniger afgespoeld. De losse steentjes zie je op de foto rondvliegen. Het was prachtig weer en de gevel kon zo mooi drogen.
De volgende dag hebben ze de gevel opnieuw gevoegd. Op die dag was ik aan het werk en daarom heb ik daar geen foto’s van. De beide mannen hebben bij ons prima naar de zin gehad zo vertelden ze aan het einde van de klus. Op de eerste dag kregen ze bij de koffie vers gebakken, nog warme stroopwafelcake. Ook tijdens de andere koffiepauzes was er wat lekkers. Tijdens de lunchpauzes had mijn man gezorgd voor een warme hap. En wat kunnen die mannen eten. Ik heb wel respect voor deze mannen die dit zware beroep uitoefenen.
De passiflora die normaal gesproken samen met de druif over de draden klimt hadden we in het voorjaar al veilig gesteld en gekoppeld aan de vijgenboom. Daar kon de plant naar hartenlust omhoog klimmen. Dat betekende wel dat we de bloemen vaak te hoog hingen om ze goed te zien. Deze bloem hing mooi op ooghoogte en vroeg erom op om de foto te komen…
Ruime een week geleden gingen mijn fotomaatje, Jan en ik op stap in Fryslân. Jan had een doel in gedachten en deelde de plaatsnaam, een plek waar ik nog nooit van had gehoord. Met zijn woorden: ‘Laat je maar verrassen’ en met mijn antwoord op zijn vraag: ‘Ja graag binnendoor’, gingen we op weg.
Onderweg zagen we een kudde koeien in de wei, dat was voor mij de aanleiding om de auto in de berm te zetten. Koeien in de wei onder een prachtige wolkenlucht vraagt om een fotoserie. Jan bleef in de auto zitten en ik stond aan de rand van de sloot. Een voor een kwamen ze in een rustig tempo onze richting op lopen. Jan schreef er een mooi verhaal over in dit bericht.
We vervolgden onze weg en kwamen aan op landgoed Oranjewoud. De parkeerplaats reed ik voorbij en negeerde het bord: verboden voor auto’s, alleen voor bestemmingsverkeer. Jan kan vanwege MS nog maar kleine stukjes lopen en daarom probeer ik de auto zo dicht mogelijk bij het foto-onderwerp te parkeren. De fotoserie van landgoed Oranjewoud laat ik in één galerij zien. Over de historie van Oranjewoud kun je lezen op deze site.
Een volgende keer komen we aan op de plaats van bestemming.
Vanwege de vogeltrek ben ik op een mooie dag naar het Wad gereisd.
Het Waddengebied speelt een cruciale rol tijdens de vogeltrek. Als een van de belangrijkste getijdengebieden in Europa, fungeert het Wad als een soort “internationale luchthaven” voor miljoenen trekvogels die tussen hun broed- en overwinteringsgebieden reizen. Het Wad is onderdeel van de Oost-Atlantische trekroute, een van de belangrijkste routes voor vogels die migreren tussen het noordpoolgebied en Afrika. Het Wad biedt een voedselrijke omgeving en een rustplaats. Voor andere vogels is het een overwinteringsplek. Op deze site staat overigens een informatief en leuk werkboek over de vogeltrek.
Tijdens laag water zoeken vogels naar voedsel op de drooggevallen slikken. Wanneer het water stijgt moeten ze naar de hogere delen en komen zo steeds dichter bij de Waddendijk. Dat is het moment dat ze kwetsbaar zijn door verstoring door mensen en honden. Het gebied rondom Westhoek wordt daarom strikt beschermd, zodat vogels hier ongestoord kunnen foerageren en uitrusten. Om bezoekers bewust te maken van de verstoring heeft men een speciale zuil geplaatst op de kwelder. Wanneer het water laag staat en de vogels dus ver op de drooggevallen wadplaten naar eten zoeken, staat er een bord ‘Welkom’ op de zuil. Als in het nabijgelegen Harlingen hoogwater wordt, dan draait het bordje in de zuil naar ‘Hoogwater Niet betreden!’ In de praktijk blijkt helaas dat niet alle mensen zich er wat van aantrekken. Al enige tijd staat er op de zuil dat het buiten gebruik is…
Op deze kwelder staat veel zulte ook wel zeeaster genoemd. In deze tijd zijn de meeste planten uitgebloeid en zitten ze vol met pluizige zaden. Op de overgebleven bloemen foerageerde een kegelbijvlieg (100% zeker volgens Obsidentify).
Ook vlogen er meerdere vogeltjes rond de pluizige Zulte. Eentje kon ik te ‘pakken krijgen’ met de telelens. Volgens ObsIdentify was het een oeverpieper. Maar het zou ook zo maar een waterpieper kunnen zijn, zie deze site.
Op laarzen glibberde ik door het slik. Ik kreeg gezelschap van een gezinnetje. Het meisje op gele laarsjes stapte gezellig met mij mee. Intussen praatte ik met haar ouders over het prachtige Wad. Toen het meisje met haar laarsjes zat vastgezogen in het slik heb ik haar bevrijd. Haar dankbare ouders hadden namelijk geen laarzen aan.
De vogels stonden op grote afstand wat uiteraard ook de bedoeling was want anders had ik daar niet mogen staan. De 600 mm tele bracht weinig uitkomst. Een bergeend vloog op kortere afstand langs.
Achteromkijkend naar de Waddendijk zag ik een mooi lichtspel tussen zon en wolken. Toen ik daar een foto van maakte vloog er een buizerd door het beeld.
Inmiddels waren er meer bezoekers gekomen. De meesten bleven bij de Waddendijk. Eenmaal terug op de parkeerplaats maakte ik nog een foto van het monument wat bovenop de Waddendijk staat. Dit monument herinnert aan de Poerdersramp in 1935. Op deze site kun je er alles over lezen.
We blijven nog even in het hoge noorden van Fryslân. Na mijn rondgang rond de kerk in het centrum van Nes reed ik verder over de weidse Friese grond. Toen ik over de Koaterhústerwei reed zag ik in het weiland iets bijzonders staan. Toen ik de auto liet uitrollen zag ik al snel dat het een kijkhut op wielen was. Zie Google Maps
In de kijkhut zag ik het linkje naar het brein hierachter. De Waadrâne is een Agrarisch Collectief met ruim 165 leden in de noordelijke kuststrook tegen de Waddenzee dat meewerkt aan de bescherming van boerenlandvogels. Zij zetten zich in voor het behoud van natuur, landschap en biodiversiteit en werken daarbij samen met elkaar én met de natuur. Zo maken ze Noard-Fryslân nóg mooier. Waadrâne beschikt over twee mobiele vogelkijkhutten welke vrij toegankelijk zijn. De vogelkijkhutten staan tijdens het broedseizoen vaak op locaties waar op dat moment veel weidevogels actief zijn. Daarna worden ze verplaatst naar een vogelakker of kruidenrijke akkerrand. Op deze site staan de locaties vermeld waar deze vogelkijkhutten staan en bezocht kunnen worden.
Vanuit de kijkhut maakte ik een foto naar het oosten en naar het westen. Het was stil…
De mobiele kijkhut stond op een akker met een brede strook wilde bloemen. De meeste bloemen waren uitgebloeid toch kon ik nog wat kleur vastleggen.
Nadat ik mijn weg vervolgde had ik even later weer een moment waarvoor ik de auto even aan de kant zette. Een prachtig Fries paard trok een kleine koets over de Mariëngaarderweg.
Na de fotosessie op het Wad bij Paesens-Moddergat reed ik verder door het noorden van Fryslân. In het dorpje Nes reed ik langs een mooie kerk. Ik parkeerde de auto en maakte een rondgang om de kerk.
De gebruikelijke rust op het kerkhof werd ruw verstoord door een man met een grasmaaier. Het lag er daardoor wel keurig bij. Verdere onderhoud werd gepleegd door een toompje scharrelkippen met een haan.
In oktober is de vogeltrek in volle gang. Dit is een periode waarin miljoenen vogels, zowel trekvogels als doortrekkers, migreren naar hun overwinteringsgebieden in het zuiden. Ze trekken naar het zuiden omdat de warmere klimaten in deze gebieden hen voldoende voedsel, gunstigere temperaturen en betere overlevingskansen bieden gedurende de wintermaanden. Dit stelt hen in staat om energie te besparen, predatie te vermijden en het volgende jaar weer succesvol naar het noorden te trekken om te broeden. Nederland is op zijn beurt weer gastland voor miljoenen wintergasten die in het hoge noorden broeden.
Het Waddengebied is van uitzonderlijk belang voor de vogeltrek vanwege de enorme hoeveelheden voedsel die het biedt. Door het getij wisselen er dagelijks stukken land af tussen droog en nat, wat ideale omstandigheden creëert voor een rijke variëteit aan bodemorganismen zoals wormen, slakken en schaaldieren. Deze organismen vormen de voornaamste voedselbron voor vogels. Trekvogels kunnen in korte tijd hun energievoorraden aanvullen om hun lange reis te vervolgen.
Om de duizenden trekvogels te zien en te fotograferen ging ik naar het buitendijks gebied bij Paesens-Moddergat. Nadat ik eerst de westelijke strekdam had genomen wandelde ik even later over de oostelijke strekdam. Google Maps. Op die dag hadden we goed zicht en reikte mijn blik tot aan Schiermonnikoog met de rode en witte vuurtoren als bakens aan de horizon.
De weidsheid van het Wad gaf mij een gevoel van oneindigheid en een ervaring van immense ruimte en stilte. Met de telefoon maakte ik een kort filmpje.
Voorbij de bocht bevond zich de hoogwatervluchtplaats. Tijdens hoogwater, wanneer de zandbanken en slikken van de Waddenzee onder water staan, verzamelen duizenden trekvogels zich op dergelijke plaatsen. Deze hoger gelegen plekken blijven droog tijdens vloed en bieden de vogels een veilige plek om uit te rusten en te wachten tot het water weer zakt. Op de linker foto is aan de horizon de veerhaven van Schiermonnikoog te zien.
Aan de overkant van de strekdam ver bij mij en de telelens vandaan stonden 5 zilverreigers, het was de zeldzamere kleine zilverreiger.
Na een periode van optimaal genieten van het uitzicht over het onmetelijke Wad, koos ik ervoor om via een alternatieve route terug te keren. Ik stak de brug over en wandelde door een schilderachtig landschap wat gedomineerd werd door uitgebloeide zulte oftewel zeeaster. Tussen de planten buitelde een groepje rietgorzen. Het kunnen vogels zijn die hier hebben gebroed en nog wat blijven rondhangen. Het zou ook groepje doortrekkers kunnen zijn vanuit Scandinavië naar het zuiden. In het winterseizoen leeft de rietgors van zaden, ze zijn dan te vinden op zadenrijke velden zoals akkers, ruigten en braakliggende gronden. Op de foto zit een vrouwtje rietgors te midden van de pluisjes van de zulte.
Na een fikse rondwandeling kwam ik weer aan bij het punt waar ik eerder de zeekraal in herfstkleuren had gefotografeerd. Het rood, groen, geel en blauw creëren een mooie gelaagdheid waarmee de diversiteit en schoonheid van het landschap wordt benadrukt.
Via de oostelijke strekdam liep ik naar de Waddendijk. De Waddendijk omarmt hier de tweelingdorpen Paesens-Moddergat alsof het wil zeggen… ik bescherm je tegen het hoge water, door mij ben je veilig.
In dit bericht schreef ik over mijn missie aan het Wad vanwege de vogeltrek in oktober. Na een eindje wandelen op de oostelijke strekdam bij Paesens-Moddergat zag ik een donkerrode rand in het landschap. Bij nadere bestudering zag ik dat het zeekraal was.
Iets verderop stond in het water zeekraal in diverse kleuren. Ik had mij tot dat moment niet gerealiseerd dat ook zeekraal verkleurt in de herfst.