Texel, De Vriendschap en de Volharding

Tijdens ons verblijf op Texel maakten we een wandeling bij De Vriendschap en de Volharding. We parkeerden onze auto bij Strandpaviljoen Kaap Noord. Vanaf daar wandelden we naar de Waddenzee. We kwamen langs de Catamaran zeilschool. Op de Waddenzee zeilde een catamaran. Aan de horizon ligt Vlieland.

Men was volop bezig met het plaatsen van strandhuisjes.

We kwamen langs de aanlegsteiger van de Volharding. Zie Google Maps.

We wandelden over het strand naar het zuiden. Een steenloper deed zich tegoed aan een aangespoeld krabbetje.

Langs de vloedlijn foerageerden twee vrouwtjes en een mannetje rosse grutto. De rosse grutto is een fractie kleiner dan de grutto vooral omdat ze minder lange zwarte poten hebben en een wat minder lange nek. De snavel van de rosse grutto is niet tweekleurig zoals bij een  grutto, maar geheel zwart en licht omhoog gekruld. Op deze site wordt helder uitgelegd wat het verschil is tussen de grutto en rosse grutto.

Bij vogelverzamelplaats De Volharding zijn we omgekeerd, maar niet voordat ik nog enkele foto’s maakte van deze bonte verzameling wadvogels.

Koolmezen vliegen uit

Aan het einde van de middag maakte ik een rondje door de tuin. In de opening van het nestkast zat een jong van de koolmezen. Ik haalde snel mijn camera en statief van binnen en stelde mij verdekt op achter de appelboom.

De eerste foto van het jong had ik nog maar amper gemaakt toen er een ouder kwam aanvliegen met een vette rups.

Ik was zoekende naar het juiste standpunt in verband met de zon en koos voor een plekje op de akker aan de westkant van het nestkastje. De ouder kwam aangevlogen met een nachtvlindertje in de snavel.

Tijdens de overdracht wist de vlinder te ontsnappen en dwarrelde naar beneden. Even leek het erop dat de koolmees erachter aan zou gaan, maar hij hield het toch voor gezien.

Ik was nog niet tevreden over mijn gekozen plekje en koos een ander standpunt. Vandaar had ik beter zicht op de jongen in en achter de vliegopening. Op dat moment had ik nog niet helder hoe het er voor stond. Waren ze zover om uit te vliegen? Was dit het eerste jong wat op punt stond om uit te vliegen of was het misschien de laatste? Wat ik wel wist dat dit een jong was met drempelvrees…

Plotseling hoorde ik boven mijn hoofd het gepiep van een jonge koolmees. Dat gaf duidelijkheid. Ze waren aan het uitvliegen en het dralende jong in de opening was dus niet de eerste.

Door het gescharrel achter en in de vliegopening kreeg ik in de gaten dat er nog meerdere jongen moesten uitvliegen. Wat een geluk dat ik dat mocht meemaken. Fijn dat de zon op het nestkastje en de naastgelegen appelboom scheen. De appelboom waar de jongen in landden zit dit voorjaar niet goed in blad. Na de snoeibeurt in de winter heeft deze boom het moeilijker om te herstellen. Dat is vervelend voor de boom, maar een gelukje voor de fotograaf.

En toen was het dan toch eindelijk zo ver, het jong vloog uit en landde op een tak boven mijn hoofd.

Op het uitvliegen van het volgende jong hoefde ik minder lang te wachten.

De laatste twee lieten weer heel lang op zich wachten. De boer had in tussentijd de akker achter ons huis geploegd en gefreesd en was al bezig met het inzaaien van de mais. We hadden al een aantal keren glimlachend naar elkaar gezwaaid. Hij zal het vast zonde van de tijd hebben gevonden dat ik daar zolang stond te wachten. 😉

Het uitvliegen van de laatste jongen heb ik niet meer afgewacht. Ik vond het welletjes. De eerste foto maakte ik om 18.27 uur en de laatste om 20.22 uur.

Texel, in de haven van Oudeschild

Tijdens het verblijf op Texel brengen we steevast een bezoek aan de haven van Oudeschild.

De ramen van het Havenkantoor werden op dat moment schoongemaakt door een bedrijf. De mannen op het leugenbankje moesten even plaatsmaken. Ze dachten dat ik foto’s maakte voor het schoonmaakbedrijf. Ik heb ze maar in die waan gelaten.

Boten voeren de haven in en uit.

Ik wandelde verder door de haven. De blauwgekleurde TX 10 vind ik altijd een mooie blikvanger.

Voor de jeugd is het vissen naar krabbetjes een mooie bezigheid.

Op de achtergrond ligt een schip in een dok. Toen er een zilvermeeuw op een paal ging zitten heb ik deze gefotografeerd met de contouren van het dok op de achtergrond.

Nog even de camera richten op de Waddenzee met schitteringen voordat we onze weg vervolgden.

Bonte vliegenvanger schijnt te broeden in het nestkastje

In het vorige bericht was het mij nog niet duidelijk of de bonte vliegenvanger nu wel of niet broedde in het nestkast in onze tuin. Ik ben er nu bijna van overtuigd dat er binnenin het nestkastje een vrouwtje zit te broeden. De afgelopen dagen heb ik het mannetje goed in de gaten gehouden. Op tweede pinksterdag heb ik een aantal foto’s van het mannetje gemaakt. Nu de bomen volop in blad staan is het tussen de bladeren doormikken om het vogeltje op de foto te zetten. Daarbij koos ik voor scherpstellen met de hand.

De afgelopen dagen zag en hoorde ik alleen het mannetje van de bonte vliegenvanger. Het vrouwtje was in geen velden of wegen te bekennen. Het mannetje bleef voortdurend in de buurt van het nestkastje. Hij zingt van ‘s morgens vroeg tot ‘s avonds laat om zijn territorium af te bakenen.

Op internet zocht ik naar het gedrag van de bonte vliegenvanger. Daar las ik dat alleen het vrouwtje de eieren uitbroedt. Het broedende vrouwtje wordt door het mannetje gevoed. Daar zit geen regelmaat in en soms voedt hij helemaal niet. Dit is vooral als het mannetje een tweede territorium heeft waar een ander vrouwtje begonnen is met eieren leggen. Het mannetje voert wel de jongen in het eerste nest en pas als die uitgevlogen zijn, de overgebleven jongen van het tweede nest. Eind juni of begin juli, worden de nesten verlaten en leiden de ouders hun jongen weg van hun geboorteplaats.

Om de zoveel tijd meldt het mannetje zich bij het nestkastje. Het is net alsof hij haar vraagt of alles goed gaat daarbinnen. 😉 Ik heb niet gezien dat hij een lekker hapje kwam brengen, maar dat kan ik zeker gemist hebben.

Dit is overigens het enige nestkast in onze tuin met een zitstokje. Als alle nestkastjes leeg zijn dan ga ik die ook voorzien van een dergelijk stokje. De nestkastjes zijn overigens prima zelf te maken, het is mij ook gelukt. 😉

P.s. Om ze niet te verstoren heb ik niet in het nestkastje gekeken.

Texel, bonte strandloper en badderende steenloper

In de afgelopen jaren ging ik meerdere keren naar Wagejot om daar de grote sterns te fotograferen die daar broedden op diverse eilandjes. In Wagejot broedden er ieder jaar pakweg 1100 broedpaartjes. Ik kon daar dan uren zitten met als grootste uitdaging om ze in vlucht te fotograferen met een visje in de snavel. In juni 2021 maakte ik deze serie.

In juni 2022 sloeg het noodlot toe. In dat jaar is door vogelgriep het complete broedseizoen van de Grote Stern op Texel mislukt. Bron is deze site. In 2023 was er gelukkig weer enig herstel. Met zo’n 19.000 broedparen was dat de helft ten opzicht van de voorgaande jaren. Wat ook hoopvol was dat er in dat broedseizoen vrijwel geen sterfte was door vogelgriep. Er is wel een verschuiving geweest van kolonies. Op Texel broeden ze nu op de Prins Hendrik Zanddijk en niet meer bij Wagejot. Vanuit het uitkijkpunt bij de Prins Hendrik Zanddijk zitten de sterns te ver weg om ze te fotograferen.

Maar nu terug naar Wagejot. Ook al is het daar stil geworden door de afwezigheid van de kolonie grote sterns, er valt daar nog genoeg te beleven.

Zoals de aanwezigheid van deze bonte strandloper. Al foeragerend ging de strandloper van het ene naar het andere eilandje. Daar aangekomen was er een moment van rust afgewisseld door wat poetswerk.

Terwijl de bonte strandloper zich daar stond te poetsen stapte er een steenloper van het eilandje het water in. Deze steenloper ging daar uitgebreid een bad nemen.

De steenloper nam geen halve maatregelen, het werd een grote beurt. Na het badderen liep de steenloper met gespreide vleugels terug naar de oever.

Daar vleide de vogel zich tussen de andere steenloper. Toen zag ik pas de grote groep steenlopers tussen het groen die ik daarvoor niet had gezien toen ik de rechter foto maakte.

Noorderlicht in de nacht van 10 op 11 mei, uit het archief

Vanochtend was ik mijn fotoarchief aan het opruimen. Dit is de tweede fase van opruimen, het moment dat ik de foto’s verplaats naar mijn externe harde schijf. Het eerste moment is direct na het overzetten van de camera op de computer. Dan archiveer ik alle foto’s zorgvuldig en gooi meteen al heel veel foto’s weg.

Tijdens het opruimen zag ik de ‘niet ontwikkelde’ foto’s van het Noorderlicht die ik maakte in de nacht van 10 op 11 mei vanaf het balkon. Het bericht over het Noorderlicht kun je hier lezen. De foto’s (RAW-bestanden) van het Noorderlicht heb ik vanochtend in Lightroom ontwikkeld om te beoordelen welke foto’s er bewaard of welke er weggegooid kunnen worden. Het was een verrassing wat er na het ontwikkelen nog tevoorschijn kwam. Een aantal foto’s laat ik hier vandaag alsnog zien.

Agrariërs en de Vogelwacht

Vorige week koersten Jan en ik naar De Wadden. We wilden een ritje maken langs de Waddendijk van west naar oost en we zouden wel zien hoever we zouden komen. Onder de rook van Harlingen…

… werd er volop gewerkt op de akkers. Daar maakten we onze eerste stop om foto’s te maken van een boer die bezig was met het poten van aardappels.

Nadat hij een keer op en neer was gereden stapte hij uit om met een duimstok te meten of de voor goed van formaat was. Persoonlijk had ik het idee dat het nameten een excuus was om naar ons toe te komen om een praatje te maken. 😉 Hij was wel benieuwd waarom wij foto’s maakten. Nadat we wat wederwaardigheden hadden uitgewisseld vroeg de boer of hij de foto’s mocht ontvangen. Jan noteerde zijn gegevens en de boer heeft de foto’s inmiddels ontvangen.

Op de akkers liepen enkele mannen die een stalen kooitje bij zich hadden. Mijn belangstelling was gewekt. Toen de mannen weer bij de auto waren wandelde ik naar ze toe om een praatje te maken. Het bleken vrijwilligers van de Vogelwacht te zijn. De vrijwilligers zoeken de nesten op en markeren die met stokken met een gekleurd vlaggetje. De kooi gebruiken ze om de vogels te ringen. Het kooitje plaatsen ze over de broedende vogel en zo kunnen ze de ouder eenvoudig pakken en ringen. Als de eieren zijn uitgekomen doen ze dat ook met de jongen.

Uit het gesprek met de boer en later met de vrijwilligers concludeer ik dat er een goede samenwerking is tussen de agrariërs en de Vogelwacht. De boer benadrukte het belang van weidevogelbeheer. Hij stelde daarbij meteen dat de boer echt geen tijd heeft om alle akkers na te lopen om te kijken of er een nest aanwezig is. Op deze site van Vogelwacht Harlingen/Kimswerd kun je er alles over lezen.

Mede dankzij de inzet van onze weidevogeldrone vindt men veel meer nesten dan voorheen. De inzet van de drone was te zien in het programma Dwars door de Lange Landen. In deze uitzending op 32 minuten is het gedeelte te zien over nesten zoeken met behulp van een drone. Dat lijkt me best leuk vrijwilligerswerk voor later. Op de tractor rijden vind ik overigens ook leuk. Dat deed ik vroeger als jong meisje al, toen hadden we nog geen tractorrijbewijs nodig. Voordat we onze weg vervolgden maakte ik nog een fotoserie van deze jongedame die prima met de tractor overweg kon. Zij was de akker aan het voorfrezen waarna hij de aardappels ging poten.

Texel, diverse soorten eenden

Voor de volgers die denken dat ik alleen maar vogels heb gefotografeerd plaats ik de volgende foto. 😉

Vandaag laat ik jullie een verzameling eenden zien die ik fotografeerde tijdens ons verblijf op Texel. Hieronder zwemt een paartje slobeenden.

In Waalenburg zwom een mannetje en vrouwtje kuifeend. Het is voor mij de eerste keer dat ik de paarse kop van het mannetje fotografeerde. Het licht moet precies goed vallen om de iriserende kleur te zien.

Bergeenden zijn de Texel-eenden bij uitstek. Bij Wagejot zag ik een paartje foerageren. In tegenstelling tot de meeste eendensoorten is er nauwelijks onderscheid tussen de man en de vrouw. Toch zijn er wel kleine verschillen zichtbaar, zeker als ze naast elkaar staan. Zo is het kleed van de man iets contrastrijker en is de roodbruine borstband iets breder. Verder ontwikkelt zich tijdens de broedperiode bij de man een dikke vlezige bobbel op de snavelbasis die later in het jaar weer slinkt. Verder zijn de mannetjes doorgaans wat groter en zwaarder.

Bij Dorpszicht liet een krakeend zich meevoeren door de golven.

De meest bijzondere eend op Texel vind ik toch wel de eidereend. Bij Dorpszicht waren meerdere eidereenden te zien. Een van de eenden liep over het water, nam een korte vlucht om vervolgens twintig meter verder weer neer te strijken.

Texel, parende visdieven

Naast de vele soorten vogels zag ik binnendijks aan de IJsdijk ook een paartje visdieven. Een van de visdieven vloog weg om te gaan vissen, zo stelde ik me voor. Even later kwam deze terug zonder een lekker hapje.

De partner vond daar wel wat van, er leek een discussie te volgen.

Ondanks dat het mannetje niets lekkers had meegenomen, mocht hij toch het vrouwtje beklimmen.

Na wat heen en weer geschuif bleef het mannetje een tijdlang stil zitten op de rug van het vrouwtje. Samen keken ze naar links en vervolgens naar rechts. Dat was een bijzonder gezicht.

Na een tijdje was er weer actie. Hij moest wat verder naar achteren. Bij die manoeuvre viel hij er bijna af. Uiteindelijk kwam het toch goed en leek er een paring tot stand te komen. Nadien was er een naspel waarbij ze wat rekten en strekten en hun verenkleed weer in het gareel brachten.

Texel: rotganzen, scholeksters, kluten, steenlopers en kokmeeuwen

Tijdens ons verblijf op Texel heb ik een tijdlang staan fotograferen binnendijks aan de IJsdijk even buiten Oudeschild. Er was een grote verscheidenheid aan vogels.

Tussen de bekendere grauwe ganzen stonden rotganzen. Rotganzen broeden niet in Nederland, maar op de Siberische toendra’s. In de winter komen rotganzen massaal onze kant uit, om in het Waddengebied en de Zeeuwse Delta te overwinteren. Een ander deel van de rotganzen trekt door naar Zuid-Engeland. Nederland is voor de rotgans een zeer belangrijk land. Het merendeel van de wereldpopulatie overwintert hier of tankt bij, om vervolgens de oversteek naar Engeland te maken.Dat de ene rotgans de andere niet is dat leerde ik op deze site.

2023 was het Jaar van de Scholekster. De scholekster, een opvallende vogel van kust, weide en de stad, heeft het moeilijk. Onderzoekers, vogelbeschermers en vrijwilligers schieten hem te hulp. Waarom het zo slecht gaat met de scholekster kun je lezen op deze site. Op de computer zag ik dat de scholekster in vlucht net een poepje liet vallen.

Kluten komen veel voor op Texel. Ze broeden in Nederland en leggen hun eitjes in een kuiltje in de grond, vaak op slik, kaal weiland en op akkers. Vanaf eind februari/begin maart komen ze uit hun winterbestemming terug naar Nederland om hier te broeden en in het najaar vertrekken ze weer naar het zuiden richting Zuidwest- Europa en Noordwest-Afrika om daar te overwinteren. 

In De Marel scharrelden ook enkele steenlopers.

De kokmeeuwen waren goed vertegenwoordigd. Ze waren druk met het bouwen van nesten en met het paren.