De Slufter, leeuweriken en eidereenden


Op onze tweede vakantiedag op Texel was het overwegend bewolkt, maar wel prima wandelweer. Samen met onze kinderen ging ik naar de Slufter.

De Slufter is een uniek gebied dat in open verbinding staat met de Noordzee. Na een aantal mislukte pogingen om er een landbouwpolder van te maken, werd aan het begin van de 20e eeuw besloten het zeegat open te laten. Het Sluftergebied bestaat uit een krekenstelsel dat soms na een storm onder water staat.

Het grootste deel van De Slufter wordt als vogelbroed en -rustgebied beheerd. Alleen het zuidelijke gedeelte is vrij toegankelijk. Je kunt vanaf de Sluftertrap het pad volgen tot aan het strand. In het noordelijke stuk broeden veel vogels, zoals eidereend, bergeend en kluut. In de Sluftergeul leven zeedieren als krabben, garnalen en platvis.

Het lag in de planning om naar de zee te lopen. Op dat punt zouden we de andere familieleden treffen. Zij waren bezig met het eerste traject van een driedaagse wandeling langs de Noordzeekust. Na een tijdje bleek dat we het verkeerde pad hadden gekozen, we liepen ‘vast’ bij een vogelbroedgebied met hoog water. Bordjes en een touw gaven aan dat we niet verder mochten. In heb ingezoomd op de eidereenden met jongen die daar ronddobberden.

Door het hoge water konden we nergens oversteken en moesten we weer helemaal terug richting de ingang van de Slufter. Door de verrekijker zagen we de andere familieleden wel staan, maar het lukte dus niet om bij elkaar te komen.

Het mooiste aan een wandeling door de Slufter vind ik de zang van de veldleeuwerik. De veldleeuwerik klimt tot grote hoogte van soms meer dan honderd meter, waarna ze luid zingend omlaag vliegen om in de buurt bij het vrouwtje te landen. Klik hier voor het gezang van de veldleeuwerik. De veldleeuwerik staat als gevoelig op de rode lijst.

Een veldleeuwerik laat zich niet snel zien. Ze foerageren op de grond en ze drukken zich bij onraad. Een dag later maakt ik opnieuw een wandeling door de Slufter. Deze keer was ik alleen en wandelde door een rustig gedeelte van de Slufter. Er landde een vogeltje op een paaltje niet ver bij mij vandaan. Ik heb een fotoserie van het vogeltje gemaakt. Sinds een aantal jaren weet ik dat de veldleeuwerik en de graspieper heel veel op elkaar lijken. Ik vind het lastig om ze van elkaar te onderscheiden. Na lang wikken en wegen denk ik dat ik hier toch een veldleeuwerik ‘te pakken’ heb. Maar wie het zeker weet mag het zeggen…

Een jonge scholekster

Vandaag neem ik jullie weer mee naar de Waddendijk op Texel.

Scholeksters zijn op Texel luid en duidelijk vertegenwoordigd. Het lijkt soms net alsof ze andere vogels waarschuwen als er gevaar dreigt. Daarnaast doen ze er alles aan om mensen af te leiden… Ze liepen regelmatig op straat alsof ze verkeersregelaars waren. Hoewel ik niet hard reed moest ik toch een aantal keren op de rem.

Op een dag fietste ik langs de dijk. Ik stapte af om enkele foto’s te maken van twee scholeksters. Ze waren daar niet echt van gediend en deden er alles aan om mij af te leiden.

Al snel werd me duidelijk waarom ze zo’n drukte hadden en niet blij waren met mijn verschijning. Aan de kant van de weg liep een jong. Gezien het lawaai van de ouden denk ik dat het jong dringend werd verzocht om weg te wezen. Het jong had de boodschap begrepen en verdween in het hoge gras.

Zo, missie geslaagd. De ouden kon weer opgelucht ademhalen en de rust keerde weer.

Bontbekplevier

Tijdens onze vakantie op Texel verbleven we in een vakantiewoning op pakweg 100 meter vanaf de Waddenzee. Meerdere keren per dag maakte ik dan ook met de camera een tochtje langs de Waddendijk. De ene keer was dat buitendijks, maar meestal was ik binnendijks te vinden. In en langs de ondiepe plassen was altijd wel wat te zien, zoals deze kievit die op zoek was naar voedsel.

De landbouwgrond aan de oostkant wordt regelmatig onderbroken door aangelegde natuurgebieden. Op zo’n aangelegd eilandje zag ik een ‘klein bolletje’ rondscharrelen. Met hulp van de verrekijker en de vogelgids ontdekte ik dat het een bontbekplevier was. Het pleviertje was lastig te fotograferen. Behalve dat ik maximaal moest inzoomen kwam de bovenkant van dit steltlopertje overeen met de vegetatie van de foerageerplaats.

De bontbekplevier staat op de rode lijst als kwetsbaar.

Terug van Texel

Gisteren zijn we teruggekomen van een week vakantie op Texel. Het weer was goed, het gezelschap was goed, kortom het was een heerlijke vakantie.

De komende tijd zal ik hier series laten zien die gemaakt zijn op Texel. Vandaag open ik met de kluut. De kluut broedt vrijwel overal in het Waddengebied, vooral in ondiepe brakke plasjes binnendijks. Deze gracieuze steltloper beweegt zijn snavel met een zijwaartse maaiende beweging door het slib. Zodra een kluut een ongewerveld diertje als een garnaaltje tussen zijn snavel voelt, klapt hij zijn snavel dicht. Vanwege het natte voorjaar zijn de plasjes wat dieper geworden dan normaal. Deze kluut moest daarom kopje onder.

Een kluut in vlucht omlijst door een aantal orchissen.

Groene specht poseert

De groene specht horen en zien we regelmatig in de buurt van onze tuin. Een paartje heeft een nest in een populier op een perceel grenzend aan onze tuin.

Als we de specht zien dan is deze meestal aan het foerageren op de grond. Op een dag ging de specht op een paaltje zitten en bleef daar ook een tijdje zitten. Onderwijl speurde de vogel de omgeving af.

Ik greep mijn kans en maakte vanuit de huiskamer deze fotoserie.

Lepelaar in de regen

Vanaf de Hogeweg in De Weerribben reed ik naar de Rietweg. De Rietweg ligt tussen de buurtschappen Wetering en Nederland. Daar heb ik een tijd met bewondering naar de dreigende lucht staan kijken. In de verte regende het en rommelde het een beetje.

Bij bovenstaande foto was de blik gericht naar het zuiden. Bij onderstaande foto keek ik naar het noorden.

Op het moment dat de bui losbarstte zat ik in de auto. Een fotograaf bleef staan. Ik ben wel benieuwd wat zijn doel was met deze opnames.

Vanaf de Rietweg reed ik naar vogelkijkhut, de Twitterhut. Vanaf de auto overbrugde ik in een drafje de tien meter naar de kijkhut. Vanuit die hut zag ik in de verte een lepelaar in de regen staan. Toen de ergste regen voorbij was ging de lepelaar verder met het foerageren.

Bruine korenbout

Tijdens de recente regenachtige periode was ik al lang blij dat het een paar uur droog was en dat ik even naar buiten kon. Dergelijke momenten was vaak aan het eind van de middag en aan het begin van de avond. Met de camera’s ging ik naar de Hogeweg in De Weerribben. Daar heb ik een tijdje staan te genieten.

Kijkend naar de lucht zou het niet lang duren of de volgende bui zou zich weer aandienen.

Tussen de donkere wolkenpartijen door scheen zowaar de zon. Het was zelfs even warm. Terwijl ik daar stond te fotograferen werd ik belaagd door de mietsen. Die mietsen zijn kenmerkend voor dat gebied.

Toen de zon scheen lieten de libellen zich ook weer zien. Dit is de bruine korenbout, een vrouwtje.

Specht snoept van de pindakaas

In onze tuin hangt een pot met vogelpindakaas. Vanuit de woonkamer hebben we daar mooi zicht op. We genieten dan ook enorm van alle vogeltjes die zich tegoed doen aan de pindakaas. Een paar keer per dag komt er een grote bonte specht langs.

De specht zien is een eerste, maar vastleggen is een tweede. De specht is nogal schuw aangelegd. Zodra hij ook maar iets van beweging ontwaart dan is de vogel gevlogen voordat ik een foto heb kunnen maken.

Op een dag had ik geluk. De specht kwam aanvliegen en maakte een tussenlanding op de perenboom in de voortuin. Voordat de specht arriveerde bij de pindakaas stond ik klaar met mijn camera. Daarnaast heb ik het idee dat de specht ons minder goed in de gaten heeft sinds we het nieuwe HR ++ glas hebben geplaatst. In dat glas zit een extra isolerende coating wat als neveneffect heeft dat je minder goed naar binnen kunt kijken. Ik was bang dat het fotograferen door het nieuwe glas minder goed zou lukken, maar dat lijkt toch goed te gaan.

Omdat er regelmatig grote ‘rovers’ zoals kraaien, eksters en Vlaamse gaaien zich tegoed deden aan de pindakaas heb ik een raster geplaatst om de pot. Als de grote graaiers langs waren geweest was de pot in een mum van tijd leeg. De mussen en mezen kunnen er prima bij en ook voor de spechten en spreeuwen is nog net genoeg ruimte.

Smaragdlangsprietmot

Terwijl ik nog bezig was met het fotograferen van de boterbloemen zag ik dat Jan een eindje verderop druk bezig was met het vastleggen van iets…

Ik liep naar hem toen en hij wees mij op een insect. Later op de computer bleek het te gaan om een dansvlieg. Door de wind danste de vlieg inderdaad flink heen en weer…

Mijn app voor het determineren van insecten gaf aan dat het de akkerdisteldansvlieg (Empis livida) is. Maar die vliegt pas in juni. Een akkerdisteldansvlieg zit o.a. op akkerdistels en die bloeit nu nog niet. Wie het weet mag het zeggen.

Vlakbij de dansvlieg zat een andere insect. Door de macrolens zag ik al direct dat het beestje enorme lange sprieten had. Mijn kennis over de natuur is door de jaren heen, dankzij de fotografie wel dusdanig verbeterd dat ik de familie, langsprietmot al snel kon plaatsen.

Volgens de app en internet zou het kunnen gaan om de smaragdlangsprietmot. Door de bewolking en de harde wind was het geen macro-weer. Dat zal vandaag en de de komende dagen ongetwijfeld anders zijn. Lekker genieten van de lang verwachte zon.