Disponibel, varend erfgoed

Op een prachtige winterdag besloot ik een wandeling te maken rond de Havenkolk in Blokzijl. Tijdens mijn wandeling viel mijn blik op de overkant van het water, waar een indrukwekkend groot schip lag. Het schip trok meteen mijn aandacht en ik besloot het van dichterbij te verkennen.

Toen ik het schip naderde, besloot ik vanaf de oostkant van de Havenkolk een foto te maken. De huizen aan het Waterkeringpad staken prachtig af tegen het rustige water, dat hun silhouetten perfect weerspiegelde.

Vervolgens kon ik mijn creatieve hart ophalen op het schip zelf, de Disponibel, dat in 1922 werd gebouwd. Het schip bood talloze fotomogelijkheden, en ik maakte volop gebruik van de unieke sfeer en historische details.

Wat dit schip extra bijzonder maakt, is dat het verhaal ervan op een spandoek is te lezen. Voor wie meer wil weten, is het volledige verhaal ook online te vinden op de website van Schepencarrousel.

Toen ik bij de achterkant van het schip aankwam, vloog er een ijsvogel op. Het leek erop dat de vogel net van het roer was weggevlucht, waarschijnlijk na daar te hebben gezeten om te vissen. Het was jammer dat ik de ijsvogel niet eerder had opgemerkt, want dan had ik hem misschien voorzichtiger kunnen benaderen om wat foto’s te maken.

Na mijn avontuur bij het schip wandelde ik terug langs de statige herenhuizen aan de Bierkade. De foto aan de rechterkant is gemaakt net buiten Blokzijl, waar ik uitkijk op de wal en een hoogwaterkanon.

Een foto voor de nieuwe praktijkruimte

Een tijd geleden opende mijn mondhygiëniste een nieuwe praktijk in De Wieden. De ruimte is strak en modern ingericht, maar dat had als nadeel dat de akoestiek niet fijn was. Om dat probleem te verzachten wilde ze boven de behandelstoel een akoestisch paneel laten plaatsen.

Ze had het idee om dat paneel te voorzien van een foto uit de omgeving. Omdat ze wist dat ik graag fotografeer en veel in de natuur te vinden ben, vroeg ze mij of ik een foto wilde aanleveren. Een eervolle vraag, maar ook een lastige. Eén foto kiezen voor iemand anders, uit een rijk gevuld archief, voelde als een onmogelijke opdracht.

Daarom besloot ik het anders aan te pakken. In plaats van één foto leverde ik er zeventien aan. Dan kon zij zelf kiezen. Misschien vond zij het net zo moeilijk als ik, want uiteindelijk schakelde ze de hulp in van familie en vrienden. Er werd gestemd en deze foto kwam als winnaar uit de bus.

De foto’s in de praktijkruimte maakte ik met mijn mobiel.

Zanglijster in de sneeuw

Tijdens de winterse dagen vol kou en sneeuw hadden we een zanglijster te gast in de tuin. Dat vond ik bijzonder. De zanglijster is geen zeldzame vogel, maar meestal hoor ik hem zingen zonder hem daadwerkelijk te zien.

De zanglijster eet vooral regenwormen, insecten en slakken, aangevuld met fruit zoals bessen en appels. We zagen de lijster dan ook niet op de voedertafel, maar vooral op de grond, onder de struiken. Tijdens de koude dagen was hij voortdurend op zoek naar huisjesslakken. Had hij er eenmaal één gevonden, dan kraakte hij het huisje door het tegen de bestrating te slaan. De zanglijster is daarmee een nuttige tuinbewoner, omdat hij veel huisjesslakken opruimt.

Zoals hierboven beschreven was de zanglijster dus vooral onder de struiken te vinden. Gelukkig kon ik ook nog een aantal foto’s maken van de zanglijster in de sneeuw.

Dit was voorlopig de laatste serie met sneeuw. Na vandaag laat ik series zien die ik nog klaar had staan voordat de sneeuw verscheen.

Roodborstje in de sneeuw

Vandaag laat ik jullie een fotoserie zien van een roodborstje in de sneeuw, gefotografeerd in onze voortuin. Veel roodborstjes die we ’s winters in Nederland zien, komen uit Scandinavië en Rusland. Onze eigen Nederlandse roodborsten trekken in die periode juist naar Zuid-Europa.

In de winter lijken roodborstjes opvallend tam. Door de kou verliezen ze snel energie en komen ze dichter bij mensen in de hoop voedsel te vinden. Bovendien hebben ze geleerd dat mensen voedsel kunnen opleveren, geen directe bedreiging vormen en zich meestal voorspelbaar gedragen. Dat maakt roodborstjes in de winter dapperder dan veel andere tuinvogels.

Schaatsers in De Weerribben

Hoewel het winterweer inmiddels voorbij is, wil ik toch graag nog een paar beelden delen die ik tijdens die koude dagen heb gemaakt. Op een zondagmiddag besloot ik naar De Weerribben te rijden om schaatsers vast te leggen. Helaas maakte ik een verkeerde keuze door via een minder geschikte weg te rijden. Het ging nog wel goed op dit stuk, maar verderop werd het een stuk slechter. Er lag daar veel meer sneeuw en ik kwam zelfs een auto tegen die met de neus in de droge sloot stond. Gelukkig was er niemand gewond, maar het was wel een teken dat de omstandigheden daar flink winterse uitdagingen met zich meebrachten.

Toen ik bij de Meentheweg aankwam, viel de drukte mee en kon ik mijn auto goed parkeren. Het ijs was betrouwbaar, maar door het aangevroren sneeuwlaagje was de ijsvloer niet spiegelglad. Desondanks was het prachtig om te zien hoe de schaatsers hun baantjes trokken.

Even daarvoor had mijn zus me enthousiast geappt dat ze daar over het ijs liep. Omdat het ijs niet spiegelglad was, was het prima te bewandelen. Ik besloot echter haar voorbeeld niet te volgen – ik wilde de kans op een valpartij niet riskeren. Ze vertelde enthousiast over de mooie wandeling die ze had gemaakt. Ook waarschuwde ze me om niet te dicht bij de oever te komen, omdat het ijs daar niet sterk genoeg was. Terwijl ze dit nog aan me vertelde, zette ze een stap vooruit en zakte ineens met één been door het ijs, gevolgd door het andere, tot aan haar knieën. Gelukkig liep het goed af en konden we er later samen om lachen. Ze was toch al van plan om naar huis te gaan, en gelukkig woont ze om de hoek.

Om te voorkomen dat mensen bij de oever door het ijs zakten, waren er planken neergelegd. Terwijl ik met een paar mensen op de oever stond te praten en de groep schaatsers fotografeerde die hun tocht beëindigden, zagen we ineens een eindje verder een schaatser bewegingloos op het ijs liggen. We riepen direct de schaatsers toe om er heen te gaan. De schaatser was buiten bewustzijn en hij had een bloedende hoofdwond. 112 werd onmiddellijk gebeld. Gelukkig was er ook iemand ter plaatse met een EHBO-diploma. Mijn bijdrage bestond uit het aanleveren van een dekbed en een laken, die ik altijd standaard in de auto heb liggen. Verder bleef ik op de oever beschikbaar, voor het geval de situatie ernstiger zou worden. Voor wat het waard was.

Gelukkig kwam de schaatser na een tijdje weer bij bewustzijn. Er waren genoeg behulpzame mensen ter plaatse die goed voor hem zorgden. In afwachting van de ambulance werd de patiënt op het dekbed voorzichtig naar de kant geschoven. Niet veel later arriveerde de eerste ambulance, al snel gevolgd door de brandweer en een tweede ambulance. Uiteindelijk kon de ongelukkige schaatser, met wat steun, naar de ambulance lopen. Daar werd hij behandeld en meegenomen naar het ziekenhuis.

Deze situatie brengt natuurlijk weer de discussie op gang over het al dan niet dragen van een helm. Als de schaatser een helm had gedragen, was de kans groot dat het incident minder ernstig was afgelopen.

Gelukkig zijn de bovengenoemde incidenten nog goed afgelopen. Helaas is dat niet het geval voor de 8-jarige jongen uit het nabijgelegen Steenwijk. Op zaterdagavond, vanaf 19 uur, werd hij vermist. De volgende middag werd zijn lichaam in het water gevonden. Dit tragische voorval is de keerzijde van het winterweer en natuurijs: er vallen altijd slachtoffers…

In een besneeuwd Fryslân

Vanwege het weer hadden Jan en ik onze afspraak voor vrijdag afgezegd. Ik stelde voor om nog een slag om de arm te houden voor zaterdag. Stel dat het dan mooi zonnig weer zou zijn en de snelwegen goed begaanbaar, dan durfde ik het wel aan om naar Jan en Aafje toe te rijden. En gelukkig was het prachtig weer. Na goed overleg kozen we ons doel en vertrokken Jan en ik na de koffie richting het noorden. Daar was de meeste sneeuw gevallen en daar kwam ik voor. Als zou blijken dat de wegen toch niet begaanbaar waren, konden we eenvoudig weer afzakken naar het zuiden.

Onze eerste stop was aan de Rydwei, tussen Drachten en Rottevalle. Sneeuw en wind hadden daar prachtige patronen gevormd in de sloten, waardoor het landschap een echt winters karakter had gekregen.

Daarna reden we door naar Rottevalle. We vonden een parkeerplekje naast een restaurant en wandelden van daar naar het haventje. In de haven stond een grote zilverreiger, diep weggedoken in zijn verenkleed. Door het winterse weer had hij het zichtbaar lastig om zijn kostje bij elkaar te scharrelen. Toen wij te dichtbij kwamen, vloog hij er vandoor.

We reden verder naar de ‘groene’ toren in It Heechsân. Deze toren is volledig begroeid met klimop en vormde een opvallend contrast met het winterse landschap. We maakten een rondgang over het besneeuwde kerkhof, waar de stilte bijna tastbaar was.

Een eindje verderop is de ‘nieuwe’ kerk gebouwd; daarover kun je meer lezen op deze website. Na het maken van foto’s van de kerk liep ik nog een stukje verder, richting een kudde Friese paarden. Alle paarden kwamen nieuwsgierig naar het hek toe, niet vanwege mij, maar omdat de eigenaar eraan kwam met hooi.

Daarna reden we door naar het dorpje Eastermar. Daar stuitten we op een aantal kunstobjecten, waaronder de ‘vergadertafel’. Wat de betekenis ervan is heb ik niet kunnen achterhalen; misschien weet Jan daar meer over.

Onze volgende stop was aan de Mienskerwei. Ook hier fotografeerden we een echt winters landschap. Even verderop, langs dezelfde weg, waren een paar mensen aan het kitesurfen op het besneeuwde weer land. Ze beheersten de techniek heel goed, het was een mooi gezicht.

Het was een zeer geslaagde dag, zo samen op stap. Hoewel ik zelf het meest geniet van de lente en de zomer, kan ik ook intens genieten van sneeuw en ijs, daarin heeft Jan helemaal gelijk.

Op zondagmiddag was ik te vinden bij de schaatsers in De Weerribben. Hoewel ik zelf niet meer schaats, kijk ik er nog altijd graag naar. Voor één schaatser kreeg het plezier helaas een nare afloop: hij belandde in de ambulance. Daarover morgen meer.

Mezen in de sneeuw en in vlucht

De meeste foto’s van foeragerende vogels maak ik vanuit de woonkamer. Op maandagochtend 5 januari besloot ik het eens anders aan te pakken. Goed ingepakt en zorgvuldig ‘vermomd’ posteerde ik mij tegen de buitenmuur van het huis. De camera stond op statief en ik bleef stokstijf staan. Tijdens het opstellen waren alle vogels uiteraard verdwenen, maar nadat ik lang genoeg bewegingloos was gebleven, keerden ze terug. Als eersten lieten de koolmezen zich weer zien.

Even later durfden ook de pimpelmezen het weer aan om naar de voederplaats te komen. Andere vogels, zoals mussen en vinken, hielden meer afstand en waagden zich niet dichterbij. Mogelijk speelde het geluid van de spiegelreflexcamera daarbij een rol: in de highspeed-stand klappen de spiegels behoorlijk luid.

Met deze manier van fotograferen zijn de foto’s net wat scherper dan wanneer ik door het HR++-glas fotografeer. Dit experiment krijgt dan ook zeker een vervolg. Voor een nóg betere vermomming heb ik inmiddels al een lichtgewicht camouflagedoek besteld. 😉

Een rondrit door de sneeuw

Afgelopen week kon ik een werkdag zo indelen dat ik tussendoor een paar uurtjes op pad kon met mijn camera’s. In de plaats waar ik werkte was het prachtig weer: de zon scheen volop en de lucht was strakblauw. Vol goede moed reed ik naar huis om mij om te kleden en mijn fotospullen te pakken. Helaas bleek het bij ons mistig te zijn. Toch liet ik me daar niet door weerhouden en ging ik op stap. Als eerste bestemming koos ik voor de hunebedden bij Havelte.

Vanaf de hunebedden reed ik noordwaarts, in de hoop het mooie weer tegemoet te rijden. Ik kwam terecht op de Alberdalaan, nabij de Dellebuursterheide. Deze weg was niet sneeuwvrij gemaakt. In alle rust en met een gangetje van zo’n 20 km per uur reed ik door de laan. Onderweg stopte ik een aantal keren om foto’s te maken.

Van jongs af aan ben ik gewend om bij slechte weersomstandigheden lange afstanden af te leggen voor woon-werkverkeer. Ik werk in de zorg, en dan heb je simpelweg geen keuze om bij slecht weer thuis te blijven.

Bij een akker met uitgebloeide zonnebloemen zag ik een vogeltje voorbij vliegen. Voor zover ik het op afstand kon beoordelen, leek het mij geen alledaagse verschijning. Met de telelens maakte ik enkele foto’s. Later, thuis achter de computer en met behulp van Obsidentify, ontdekte ik dat het om een rietgors ging, een vrouwtje.

Ik reed verder en wilde via de Tjongervallei richting Oldeberkoop gaan. Eenmaal op de kruising leek het me echter verstandiger om deze besneeuwde weg langs het water te vermijden. Ik koos daarom voor een weg die nagenoeg sneeuwvrij was.

Via een kleine omweg kwam ik uit bij een stukje bos in de Tjongervallei. Daar lag juist veel sneeuw, wat het landschap een bijna feeërieke uitstraling gaf. Ik besloot er een wandeling te maken. Opvallend was dat de roodborstjes helemaal niet schuw waren; ze kwamen zelfs nieuwsgierig naar me toe.

Tijdens de wandeling raakte ik in gesprek met andere wandelaars. We waren het roerend eens: dit was een betoverende wereld.