Veldleeuwerik en geelgors

Nadat ik de fotoserie van de vink had gemaakt hoorde ik de zang van de veldleeuwerik. Onder uitbundige klinkende zag klom het vogeltje hoger en hoger. Het lukt me niet om dat vast te leggen. Het zijn de mannetjes die spectaculaire zangvluchten maken. Ze kunnen wel tot meer dan honderd meterr klimmen om vervolgens luid omlaag te vliegen om in de buurt bij het vrouwtje te landen. Een uitzonderlijk record ligt op 56 minuten. Helaas gaat het zeer slecht met de veldleeuwerik. Sinds 1960 namen de aantallen met 95% af. Daarmee is deze soort een van de grootste slachtoffers van de intensieve landbouw en verruiging van de duinen. Bron is deze site van de vogelbescherming. De veldleeuwerik lijkt op de graspieper en ik heb ze dan ook al meerder keren verward. Op deze bewuste dag was het toch echt de veldleeuwerik die ik had vastgelegd. Helaas landde het vogeltje te ver weg om er een acceptabele foto van te maken. Toch laat ik de foto hier wel zien omdat het in dit geval gaat om de waarneming. Ik ga de komende weken vast nog een keer op herhaling…

Even later hoorde ik het kenmerkende geluid van de geelgors. Ik stapte van mijn fiets om te kijken of ik het vogeltje kon ontdekken. Het was even zoeken, maar toen zag ik het vogeltje zitten in een boompje.

Een korte tijd later landde er een geelgors in het gras. Geen fotogeniek plekje, maar dat mag de pret niet drukken. Ik had mijn eerste geelgors van dit seizoen te pakken.

Nadat de geelgors voldoende had geposeerd zocht het een veilig heenkomen tussen het frisse groen.

Paardenstaarten

Dwingelderveld is een geliefd gebied voor ruiters en voor paardenmenners.

Terwijl ik een fotoserie maakte van de schaapskudde kwam er een groepje paarden met amazones aan in draf.

Nadat ze mij waren gepasseerd gingen ze over in galop. Dat was voor ons wel even zand happen.

Het was wel een mooi gezicht met die 6 dansende paardenstaarten…

Terug in Drenthe

Het seizoen is weer geopend en ben ik dus weer regelmatig te vinden op het Drentse platteland. Mijn eerste fietstocht was over de Dwingelderheide en wat is er dan kenmerkender dan een ontmoeting met de schaapskudde. Zie Google Maps.

Door de telelens zag ik dat de kudde werd gehoed door schaapherder Johan. Ik volg Johan op Twitter waar hij altijd hele mooie foto’s plaatst onder de naam gewoon-johan. Toen ze bij het ven aankwamen nam de Hollandse Herder eerst een verfrissend bad. Hij had ongetwijfeld hard gewerkt en had dit wel verdiend.

De schaapskudde mocht nog een tijd grazen in de buurt van de thuisbasis. Op de laatste foto is de opnieuw rietgedekte schaapskooi te zien. De schaapskudde graasde in alle rust, zonder bijsturing op het veld naast het ven. Zo nu en dan maakten een paar schapen zich los van de kudde om wat te gaan drinken bij het ven.

Na een tijdje verliet ik de kudde en fietste verder naar het zuidwesten. Aan het einde van de middag bracht ik een bezoek aan schaapskooi ‘Achter ‘t Zaand’. De kudde van Johan was inmiddels bij de schaapskooi gearriveerd. Die kudde liep nog wel buiten. Binnen zaten de achterblijvers. Dat waren de ooien met hun lammetjes. Het was er gezellig druk rondom de schaapskooi.

Ik kon het niet laten om een kort filmpje te maken van het geblaat van de achterblijvers. Je zou kunnen invullen dat ze het er niet mee eens waren dat ze niet mee mochten naar buiten…

Tijdens deze fietstocht deed ik een aantal mooie waarnemingen, maar daarover later meer.

Wintertaling met jongen

Mijn berichtjes plaats ik in principe in volgorde wanneer ik de fotoseries gemaakt heb. Maar als ik een bijzondere waarneming doe waarvan ik vind dat die geen twee a drie weken kan wachten dan maak ik een uitzondering.

Twee dagen geleden fietste ik door Dwingelderveld en toen zag ik in de plas naast het fietspad een lepelaar foerageren. Zie Google Maps. Ik zette mijn fiets aan de kant en pakte mijn Canon spiegelreflex met 100 – 400 mm Canon zoomlens. De lepelaar ging rustig door met foerageren en trok zich niet van mij aan. De fotoserie van de lepelaar volgt later.

Terwijl ik daar stond te fotograferen kwamen er tot mijn verbazing twee pulletjes aan zwemmen.

Even later kwamen er nog meer pulletjes en ook moeder eend kwam tevoorschijn.

Het viel mij als eerste op dat het een relatief kleine eend was. Verder vond ik de groene kleur bijzonder die ik tussen de andere veren door zag schemeren. Later op de computer kon ik de eend determineren als een wintertaling, een vrouwtje. De wintertaling staat op de rode lijst als kwetsbaar.

In deze tijd van het jaar leek mij een eend met jongen vrij uitzonderlijk. Op een site las ik dat het broedseizoen voor eenden tot ongeveer augustus loopt. Wintertalingen zoeken hun voedsel door het wateroppervlak te filteren en door te grondelen. De meeste tijd zaten ze met hun koppies onder water.

Moeder eend hield het geheel nauwlettend in de gaten.

Een tuin vol met vlinders

Bij bezoekerscentrum Dwingelderveld is een bloementuin aangelegd die vlinders aantrekt.

Met name de kattenstaarten zijn een el dorado voor vlinders.

Er vliegt nu een tweede generatie citroenvlinders. De citroenvlinder was in deze tuin in de meerderheid. Aan deze kattenstaart hangen twee vrouwtjes.

De vrouwtjes zijn lichtgeel en de mannetjes zijn donkergeel. Verder heb ik nog een distelvlinder en een dagpauwoog gefotografeerd.

Op de zonnehoed scharrelde een hommel.

Een jonge kwikstaart

Onlangs was ik in alle vroegte op de fiets in Dwingelderveld. Nog voor zes uur maakte ik de eerste foto van het landschap in serene rust. Plotseling werd de stilte doorklieft door de roep van kraanvogels. Vol verwachting fietste ik verder…

Ik fietste naar de kijkhut bij de Davidsplassen. In de kijkhut kreeg ik al snel gezelschap van een paar jonge boerenzwaluwen. Ze bleven daar lange tijd zitten, net alsof ze wisten dat ze van mij niets te vrezen hadden. Tegen het dak van de hut werd een nest bewoond door piepjonge boerenzwaluwen. Wellicht was dit het tweede legsel.

Op een bepaald moment hoorde ik bij de ingang wat geluid. Ik keek om het hoekje van het schot en zag daar een jong vogeltje zitten.

De ouder zat op de trap bij de ingang met voedsel in de snavel. Het jong was dus een witte kwikstaart. Grappig om te zien dat het jong al net zo met het staartje op en neer wipt als de ouder.

Ik trok me weer terug in de kijkhut en liet ze verder met rust. Althans dat was mijn bedoeling maar het kleine ding dacht er anders over…

Dapper begon het jong de kijkhut te verkennen. Hij wandelde daarbij over mijn wandelschoen. Ik bleef rustig staan totdat het jong de ronde door de hut had afgemaakt en weer uitkwam bij de ingang.

Buiten de kijkhut zat de ouder te wachten totdat het jong weer zou verschijnen op de trap. Zolang ik in de buurt was durfde de ouder het kleine ding niet te voeren. Hoewel het mij daar nog niets verveelde ben ik toch weggegaan om ze niet langer te storen.

Ik vervolgde mijn weg langs o.a. de radiotelescoop. Daar heb ik nog een tijdje op een bankje gezeten en uitgekeken op de grote stille heide. Heerlijk zo vroeg op stap, er was nog bijna geen mens te bekennen. De kraanvogels heb ik nog wel een paar keer gehoord maar niet gezien.

Dreigende luchten boven Dwingelderveld

Ze voorspelden voor die ochtend dat het om 10 zou gaan regenen. Ik was toch van plan om vroeg te gaan, om 10 uur zou ik al hoog en droog weer terug zijn aan de koffie.

Ik fietste over het fietspad dwars over de heide richting de Benderse Berg. Vanuit het westen kwam er wel een donkere lucht aandrijven. Ik checkte nogmaals een paar weer-apps, maar die voorspelden geen regen op dat tijdstip. Ik fietste dus mooi door.

Toen ik bij de Benderse Berg was gearriveerd werd de lucht wel heel erg dreigend. En daar vielen ook al de eerste druppels. Ik borg mijn camera goed op in de waterdichte fietstassen en fietste als een speer weer terug richting de telescoop. De regen en de westenwind maakten me aan één kant helemaal nat.

Bij de telescoop regende het een stuk minder. Het was me gelukt om de meeste regen te ontwijken. De bui trok van west naar oost. Ik maakte nog een laatste foto en ging toen naar snel huis, naar de warme douche en de koffie.

 

Schaapskudde in Dwingelderveld

Tijdens mijn fietstocht over de heide in Dwingelderveld zag ik schaapskudde, ‘Achter ‘t Zaand’. De kudde werd vergezeld door schaapsherder Anja en haar trouwe viervoeter, Finn.

Zo uit de verte leek het erop dat Anja en Finn weinig moeite hoefden te doen om de kudde de goede kant op te leiden. Het zag er ontspannend uit.

Finn week niet van haar zijde. Hij keek Anja regelmatig aan in afwachting van een eventueel commando.

De gladde slang

Evenals vorig jaar hoopte ik de gladde slang vast te leggen. Ik wist waar ik ongeveer moest zoeken. Aanvankelijk zag ik de gladde slang niet, maar gelukkig werd ik geholpen door de expert die toevallig kwam aanfietsen.

Deze expert, vrijwilliger monitort al meerdere jaren de gladde slang in Dwingelderveld. De locaties waar de gladde slang zich ophoudt zijn geheim. Voordat je het weet zijn er mensen met verkeerde bedoelingen. Die verkeerde bedoelingen heb ik niet en ik vind het een eer dat ik mag delen in het geheim…

De man is dagelijks twee keer per dag te vinden in het veld. Hij houdt precies bij welke slang waar zit en hoeveel jongen er zijn. Net als bij koeien heeft iedere gladde slang een unieke tekening. Ondanks meerdere vervellingen blijft deze unieke tekening bestaan. Alle slangen hebben een identificatie wat bestaat uit een aantal letters en cijfers.

Dit jaar was ik getuige van het vinden van een overblijfsel na een vervelling. De expert neemt de ‘oude jasjes’ allemaal mee naar huis.

Vanuit een muizenholletje kwam het koppie tevoorschijn van een gladde slang.

Enige tijd later kwam de rest van de slang ook tevoorschijn.

Dit waren allemaal ouden. Ze hebben hun jongen geworpen. Ik hoop ook dit jaar nog een keer een jong slangetje vast te leggen.

 

Een beetje mist

Op een dag was ik weer vroeg aan het fietsen in Dwingelderveld. Het was een klein beetje mistig.

Een aantal roodborsttapuiten vlogen voor me uit om vervolgens te landen in een krentenbos.  Als ik te dichtbij kwam vlogen ze weer voor me uit.

Aan de horizon in de mist is de radiotelescoop te zien. Een echte blikvanger in het Dwingelderveld.

Andere vroege vogels die in het veld waren te vinden waren de hardlopers en de hardfietsers…

De heide bloeit.

Even later helderde het wat op. Een groep brandganzen vloog over.