Harde wind bij Ezumakeeg

Op het moment dat we op punt stonden om te vertrekken uit de accommodatie na ons familieweekend tipte de eigenaar over het nabijgelegen Ezumakeeg. Ezumkeeg is een uitkijkpunt op een heuvel waarbij je uitzicht hebt . Met name in het trekseizoen, maar ook de rest van het jaar zijn daar vele vogels te zien. Zie Google Maps. Jammer dat ik die tip niet eerder had gekregen. Ik hield deze locatie wel in gedachten voor een volgende keer als ik hier weer in de buurt zou zijn. Dat moment was sneller dan ik toen had kunnen bevroeden. Toen Jan en ik na onze rondgang door Dokkumer Nieuwe Zijlen weer terugkwamen bij de auto zag ik op Google Maps dat het maar 9 minuten rijden was naar Ezumakeeg. Ik stelde Jan daarom voor om daar een kijkje te gaan nemen.

Het voordeel van deze locatie was dat de parkeerplaats direct achter de kijkheuvel lag. En zo gebeurde het dat we even later uitkeken over een winderige plas. Er waren niet heel veel vogels te zien. De harde wind zal vast mee hebben gespeeld. Ver weg stond een groepje grutto´s in het water te foerageren. Door de golfslag en doordat ze steeds met de kop onder water zaten kon ik er niet zoveel van maken.

Het Nationaal Park Lauwersmeer is overigens een el dorado voor vogelaars. In die korte tijd dat wij daar waren hebben we heel wat mensen gezien met grote kijkers en indrukwekkende objectieven.

Onze volgende stop was bij een groepje bomen wat met de voeten in het water stond. Het had wel wat weg van een mangrovebos. Een groepje bergeenden scharrelden daar wat rond.

Een visdief was op jacht naar een lekker hapje.

Toen we goed en wel onze weg hadden vervolgd zagen we aan de kant van de weg veel auto´s staan. Daar waar auto´s staan en mensen met verrekijkers dan valt er iets te beleven, zo is mijn ervaring. Ik parkeerde de auto achter deze rij. Al snel werden we gewaar dat hun blik was gericht op een groep kemphanen. Deze kemphanen zaten buiten het zoombereik van onze camera´s.

Er vloog een tureluur langs die even verderop landde om daar te gaan foerageren.

Op grote afstand, maar wel bereikbaar voor mijn bridgecamera met sterke zoom, stond een groepje bontbekplevieren te foerageren.

IJsvogel braakt braakbal uit

Onlangs stond er een fotodag gepland samen met fotomaatje, Jan. We bespraken meerdere opties waar we naartoe zouden kunnen gaan. Voor de meeste opties werkte het weer echter niet mee, het was bewolkt en het waaide hard. Uiteindelijk besloten we om naar de ijsvogels te gaan. Vanwege de 3-deurs auto kon ik deze keer niet achter Jan zitten, maar fotografeerde ik vanaf de bestuurdersstoel.

Ik vind de kwaliteit van de foto’s niet om over naar huis te schrijven, maar het was wel weer genieten om mijn lievelingsvogeltje te zien. Op onderstaande foto is het mannetje te zien.

Hier kwam het vrouwtje met een visje in de snavel aangevlogen. Vrouwtje is te herkennen aan de oranje vlek aan de onderkant van de snavel. Het handige aan het spotten naar ijsvogels is dat je niet continu hoeft op te letten. Ze kondigen in de regel hun komst aan met een hoge pieptoon.

Een tijdje later kwam er weer een ijsvogel met een vis. Dat was een flinke buit, de vis paste amper in de snavel. Afgaande op de kleur van het verenkleed denk ik dat dit het mannetje was.

Nadat hij alle kanten had opgekeken of de kust veilig was vloog hij naar het nest. Jan liet recent een fotoserie zien van een paring van ijsvogels. Om die mooie fotoserie te bekijken kun je hier klikken.

Ik heb een filmpje gemaakt van een ijsvogel die een tijdje bleef zitten op de tak. Door de zoeker zag ik dat het vogeltje wat aan het kokhalzen was. Het volgende moment braakte de ijsvogel een braakbal uit.

Kikkers in Giethoorn

Op mijn weblog hadden we gisteren het vakantiehuis al verlaten terwijl ik nog een serie had over de kikkers bij het vakantiehuis waar onze vrienden onlangs verbleven. Voor het huis ligt een drassig rietveldje met een paar poelen.

In dat watertje bloeide de gele plomp. Op de gele plomp zat een ieniemienie insect.

Onze vriendin heeft een voorliefde voor kikkers. Ze kon daar haar hart wel ophalen, want er waren daar meerdere kikkers te horen en te zien.

Volgens de Obsidentify-app zou dit de meerkikker kunnen zijn.

Op een blad zat een jonkie, op het moment dat ik de camera daarop richtte sprong het kikkertje in het water.

Op het blad van de gele plomp zat een groene kikker.

En volgens Obsidentify en deze site zou dit de middelste groene kikker oftewel de bastaardkikker kunnen zijn.

Klederdracht en knieperties

Na ons vaartochtje over het Bovenwiede en door de slootjes in Giethoorn kwamen we weer aan bij het vakantiehuis.

Terwijl onze vrienden de nodige spullen bij elkaar zochten genoten wij nog even van het uitzicht rondom het vakantiehuis. Even later wandelden we met z’n vieren naar de parkeerplaats. De mannen waren al lang uit zicht verdwenen. Mijn vriendin en ik vormden de achterhoede.

Op het pad terug passeerden we een paartje eenden. Het mannetje was anders ‘gekleed’ dan de gebruikelijke wilde eend. Op internet zag ik dat dit een parkeend was. Zie deze site van Waarneming.

Het was inmiddels veel drukker geworden op de paden en op het water. Hier en daar was er al een beetje sprake van filevorming. Dat niet iedereen bedreven is in het (normaal) besturen van een huurbootje dat bewijst dit filmpje.

Bij Museum Giethoorn ´t Olde Maat Uus werd er knieperties gebakken. De vrijwilligers waren gekleed in Gieterse klederdracht. De knieperties vonden gretig aftrek.

Dezelfde bewoners?

Het nestkastje naast ons terras was bezet door koolmezen. De ouden waren druk met de aanvoer van voedsel voor de hongerige jongen en het afvoeren van de poepjes.

Helaas hebben we het uitvliegen gemist. Een van de ouden ging nog wel een aantal keren in het nestkastje om de achterblijver te voeren.

Toen we er zeker van waren dat alle jongen waren uitgevlogen wilde mijn eega het nestkastje schoonmaken voor de volgende bewoners. Toen hij in het nestkastje keek zat er alweer een koolmees te broeden. Dat werd dus geen schoonmaakbeurt. Menselijkerwijs zou je zeggen dat het dezelfde bewoners zijn, want anders trek je toch niet zomaar in een niet-schoongemaakt nest…

Klimhortensia en insecten

Aan onze zijgevel groeit een klimhortensia. In deze tijd van het jaar bloeit deze klimplant volop. Als je er langs loopt dan word je omringd door een zoete bijna bedwelmende geur. De bloemen trekken heel veel insecten aan. Tijdens een zonnig uurtje heb ik mij met het macro-objectief uitgeleefd bij de klimhortensia. De uitdaging was om ze al vliegend vast te leggen.

Dit is een blinde bij. Deze insect lijkt op een bij (vandaar de naam), maar het is een zweefvlieg. Blind staat hier gelijk aan doof, zoals bij een dovenetel, dus ongewapend. Blinde bijen hebben een zwart, glimmend achterlijf, met een oranje gele tekening. De tekening is erg variabel. Verwarring met de honingbij is begrijpelijk, maar kan worden uitgesloten vanwege het aantal vleugels. Vliegen, zo ook een blinde bij, hebben één paar vleugels. Bijen daarentegen behoren tot de orde der vliesvleugeligen (Hymenoptera) en hebben 2 paar vleugels. Ook aan de ogen is te zien dat de blinde bij tot de vliegen behoort. 

De hommels behoren weer tot de familie van de bijen. De gewone aardhommel is een van de meest voorkomende hommels in Nederland. Die waren dan ook het best vertegenwoordigd op de klimhortensia. Op de tweede foto staat een distelvlinder. Het was een enigszins verschoten exemplaar. Op foto 3 foerageert een honingbij. Op de vierde foto vliegt een aardhommel met klompjes stuifmeel. Op foto 5 verzamelt een citroenpendelvlieg stuifmeel en nectar. Op de laatste foto doet een blinde bij zich tegoed aan al dat lekkers.

Tijdens het maken van dit bericht vond ik een interessante site wat gaat over zweefvliegen. Daar leerde ik dat zweefvliegen alleen stuifmeel en nectar verzamelen voor eigen gebruik dat in tegenstelling tot de bijenfamilie. Zweefvliegen hebben dus geen klontjes stuifmeel aan hun poten.

Pimpelmeesjes met een bijzonder nestje

Op de camping ontdekte ik een bijzonder nestje. Een paartje pimpelmees had een nestje gemaakt achter een houten wand. Aan de binnenkant is deze ruimte betegeld en in de spouw was voldoende ruimte om een nestje te maken.

Als vliegopening gebruikten ze het gaatje waaruit de noest is verdwenen. Ik was overigens de enige die het nestje had ontdekt. Als er mensen in de buurt waren dan wachtte de pimpelmees namelijk met het naar binnenvliegen totdat de mensen weer waren verdwenen.

Tegenover het gebouwtje staat een appelboompje. In dat boompje zat een pimpelmees met een rupsje. Op dat moment wist ik dat er een nestje in de buurt moest zitten. Vanaf een afstand observeerde ik waar het pimpeltje met het voedsel naartoe ging. Dat was het moment waarop ik het nestje ontdekte.

Niet alleen de appelboom werd gebruikt als tussenstation, maar ook een opstapje diende als uitkijkpost om te zien of de kust veilig was.

Op een dag heb ik mijn stoeltje, de camera en het 400 mm teleobjectief gepakt en ben ik op afstand gaan zitten van het nestje. Doordat ik ver genoeg weg zat hadden de pimpelmeesjes geen hinder van mij.

In de buurt van het nestje lag ook een beetje zand. Dat was een fijn plekje voor ze om een zandbad te nemen. Daar heb ik ze al een keer op kunnen betrappen, maar op dat moment had ik geen camera bij de hand.

Het gaat dit jaar niet goed met de stand van de pimpelmezen. Het koude en natte voorjaar van 2021 had desastreuze gevolgen voor met name de broedende pimpelmezen. Op basis van 3800 legsels van pimpelmezen, blijkt dat bij maar 76 procent van de nesten in 2021 jongen uitvlogen. Dat is het allerlaagste percentage vanaf het begin van de metingen in 1982. Op de site van Nature Today kun je er alles over lezen. Nature Today refereert aan het jaarverslag NESTKAST, broedseizoen 2021 van Sovon.

Helaas heb ik het uitvliegen gemist. We hebben dit jaar een mooi voorjaar. Mogelijk dat de pimpelmezen een inhaalslag kunnen maken. Ik ben benieuwd of dit nestje binnenkort weer wordt gebruikt voor een volgende leg.

Het groentje en een goudkleurige platbuik

Vanaf het Commissaris Cramerpad sloeg ik rechtsaf en kwam toen uit bij het fietspad wat dwars over de heide loopt richting de telescoop. Halverwege het pad stapte ik van de fiets om enkele panoramafoto’s te maken.

Terwijl ik nog een tijdje genoot van het uitzicht zag ik plotseling twee kleine vlindertje dartelden rond een kleine eik.

Het bleken groentjes te zijn. Groentjes krijg ik niet vaak voor de lens. Een groentje is een klein vlindertje, net zo klein als een blauwtje.

Het waaide stevig en ze waren onrustig, dus was het wel een uitdaging om ze goed voor de camera te krijgen.

Terwijl ik mij richtte op de groentjes zag vanuit mijn ooghoek wat geels langsvliegen. De libel landde op een tak in de buurt. Het was een platbuik.

Deze platbuik was vast onlangs uitgeslopen. Zo mooi goudkleurig heb ik ze niet niet eerder gezien.

Meikever, veenpluis en kuifeend

Na mijn fotosessie bij de lepelaars zou ik mijn fietstocht vervolgen echter op dat moment vloog er een meikever langs. De meikever bleef hangen in in het stekelige struweel een eindje bij mij vandaan.

Nadat ik ook de meikever nog had meegepakt was het dan echt tijd om het Commissaris Cramerpad verder te volgen. Dit pad is in 2017 uitgeroepen tot mooiste fietspad van Drenthe. Ik kan me daar wel in vinden, het fietspad slingert zich door een prachtig landschap. Mijn volgende stop was bij veenpluis.

Even verderop staat een mooie kijkwand. De kijkwand heeft vele luikjes voor kinderen en voor volwassenen. Aan het nieuwe hout te zien zijn er recent nog nieuwe bijgemaakt. De nieuwe luikjes zijn groter, een teleobjectief met zonnekap past daar in en dat lukt bij de oudere luikjes niet.

Op de plas dobberden ganzen, wilde eenden en kuifeenden.

Een mannetje en vrouwtje kuifeend dook regelmatig onder om hun kostje bij elkaar te scharrelen. Als ze dan weer boven komen zie je zo mooi de waterdruppels van hun verenkleed afglijden.

Een lepelaar met bedelende jongen

Tijdens mijn fietstocht door Holtveen in Dwingelderveld maakte ik een stop bij een bankje om daar mijn broodje te nuttigen. Zie Google Maps. Toen ik uitkeek over het mooie landschap zag ik in de verte enkele lepelaars rondscharrelen op een eilandje. De lepelaars vertoonden bijzonder gedrag, ze bewogen voortdurend met hun kop op en neer. Aanvankelijk dacht ik dat het zoiets als een paringsdans was. Het volgende moment dacht ik dat het vanwege de ganzen was.

Toen ik door de zoeker keek en ze wat langer observeerde zag ik dat het een ouder was met twee jongen. De jongen liepen te bedelen bij de ouder. De andere ouder stond iets verderop in het water voedsel te zoeken. Die kwam er dus goed voor weg. Het is te hopen dat de ouden de taken wat eerlijk verdelen. Ik zou er gek van worden, die jongen achter mij aan te zeuren…

De ouder komt zelf helemaal niet aan foerageren toe.

Ik had dit gedrag nog nooit eerder gezien en besloot er enkele filmpjes van te maken. Van die filmpjes heb ik één geheel gemaakt. De bijvangst op de filmpjes is het grote aantal libellen wat over het water scheerde.