Vogeldrinkbak

Voor mijn verjaardag kreeg ik van Jan en Aafje een hele mooie vogeldrinkbak. Deze zette ik in de voortuin naast de voederplaats. Vervolgens heb ik ontelbare kwartiertjes met de camera in de aanslag zitten wachten op tuinvogels die een (natte) versnapering kwamen halen…

Uit mijn observaties blijkt dat de huismussen de grootste nathalzen zijn…

Ondanks dat de heggenmus niet tot de mussenfamilie behoort, lust die ook wel graag een slokje…

Het roodborstje drinkt alleen ‘s morgens vroeg, dat heb ik meerdere keren gezien vanuit het bovenraam. Dat waren de momenten waarop ik geen camera bij de hand had, want die lag beneden. De groenlingen en de vinken scharrelden regelmatig rond op de voederplaats, maar ik heb ze niet één keer kunnen betrappen op drinken. Uiteindelijk heb ik ook de spreeuw, de merel en de pimpelmees kunnen vastleggen bij de drinkbak…

Al met al moest ik wel veel geduld hebben om een verzameling tuinvogels te vergaren. Mijn conclusie is dat vogels meer zijn van het eten dan van het drinken.

Boomkruiper

Op zondagochtend in alle vroegte zag ik vanuit huis een boomkruiper landen op een van de appelbomen. Ik pakte snel mijn Canon met 100-400 mm zoom en sloop naar buiten. Ik was nog in ochtendjas, maar dat leek de boomkruiper niet te deren. Het vogeltje verruilde de appelboom voor de ton.

Al snel zag ik dat het twee boomkruipers waren die stelselmatig meerdere bomen in onze tuin bij langs gingen op zoek naar een lekker hapje.

Zowel de geknotte wilgen als ook de ongeknotte wilg waren erg in trek. In al die hoekjes en gaatjes zaten wellicht voldoende insecten verscholen.

Een van de boomkruipers koos voor een appelboom in het zonnetje. Dat was voor mij de eerste keer dat ik een boomkruiper fotografeerde die in het zonnetje zat. Naast deze boom staat een houtwal waar ik een aantal takken van de krulhazelaar heb ingestoken. De schaduw van die gekrulde takken is te zien op de stam. Ook in het zonnetje is de boomkruiper goed gecamoufleerd.

Boomkruipers klimmen spiraalsgewijs langs een boomstam omhoog. Ze gaan dus niet van boven naar beneden zoals boomklevers dat wel doen. Met hun spitse, omlaag gebogen snavel worden insecten uit spleten in boombast gepeuterd. Ze hebben korte poten met lange tenen en teennagels voor een goede grip op boomstammen. Met hun staart leunen ze tegen de boom.

Kennen jullie het ezelsbruggetje nog om de boomkruiper en boomklever uit elkaar te houden? Een boomkrUIper is brUIn en een boomKLEver heeft KLEur. Zo in het zonnetje is het verenkleed van de boomkruiper veel minder saai dan ik altijd had gedacht…

De eerste kikker

Afgelopen zondag zaten we heerlijk buiten aan de rand van de vijver. Plotseling zagen we een kikker de vijver over zwemmen. Het was dit voorjaar de eerste kikker die we zagen. De kikker zocht een plekje naast een steen begroeid met haarmos.

Ik haalde snel mijn camera met het 100 – 400 mm Canon zoomobjectief uit de woonkamer en maakte enkele foto’s. Ik fotografeerde de kikker eerst van achteren, daarna van opzij en het lukte zelfs om de kikker frontaal vast te leggen.

Naar mijn idee kan de kikker nog wel wat kleur gebruiken voordat het paringsritueel kan losbarsten.

Nog even geduld en dan hopen we over een paar weken weer te kunnen genieten van een kikkerorgie in onze vijver. Vorig jaar liet ik op mijn weblog op 2 april er deze serie van zien.

Het dak ging er weer op..

Op 22 februari liet ik hier een fotoserie zien van de stormschade aan het tuinhuis. Het dak werd door storm Eunice opgetild en belandde rechtop achter het tuinhuis. Afgelopen week werd het dak in z’n geheel weer teruggeplaatst op het onderstel.

Voor die operatie was een kraan nodig. Gelukkig gaf de eigenaar van het land achter ons huis toestemming om over zijn land te gaan. De akker was weer begaanbaar en nog niet klaargemaakt voor het volgende maisseizoen.

De mannen overlegden eerst hoe ze het gingen aanpakken. De perenboom achter het tuinhuis had er voor gezorgd dat het dak niet in de sloot is beland. De boom bemoeilijkte echter wel het proces, het dak stond min of meer klem tussen het tuinhuis en de boom.

Ze kwamen tot de conclusie dat het dak verticaal erachter vandaan getild moest worden en dan op het gras zou worden gelegd. Daarna zouden de kraanbanden opnieuw worden gepositioneerd zodat het dak horizontaal op het onderstel kon worden gezet. Eerst moesten de spanbanden en kraanbanden stevig worden bevestigd. Een van de mannen klom daarvoor in de boom.

Toen de banden naar ieders tevredenheid waren vastgemaakt tilde de kraan het dak voorzichtig op. De mannen zorgden ervoor dat het dak de goede koers volgde. Dit vond ik het spannendste deel van de operatie. Het dak ging rakelings langs het vlechtscherm en het kippenhok.

Tot zover ging het goed. Nu de laatste fase van het proces, het plaatsen van het dak en het goed laten aansluiten op het onderstel…

Een halve week later werden de dakgoten en de afvoer weer aangesloten op de nieuwe regenton. De oude regenton was bezweken onder het dak. Aan de binnenkant is de constructie nu zo gemaakt dat het dak er nooit weer kan afwaaien. De dakdekker is geweest om nog een paar gaatjes te dichten. Ik heb zelf het tuinhuis opnieuw gebeitst. Verder heb ik alle ‘rommel’ wat verdekt stond opgesteld achter het tuinhuis naar de stort gebracht. We zijn blij dat het dak er weer opzit en dat het zo is afgelopen. Maar ik ben nog het meest content dat het nieuwe vlechtscherm van wilgentenen het heeft overleefd…

Hoogstambrigade

Twee weken geleden kwam de hoogstambrigade bij ons om de hoogstamfruitbomen te snoeien. ‘s Nachts had het licht gevroren en overdag was het prachtig weer. Het was dus net zo’n dag als vandaag. De Hoogstambrigade Steenwijkerland bestaat uit een groep vrijwilligers die gespecialiseerd zijn in het snoeien van hoogstamfruitbomen. Het materiaal wordt beschikbaar gesteld door Landschap Overijssel.

In onze tuin staan 15 hoogstamfruitbomen. Doordat deze mensen al jaren bij ons komen snoeien staan deze bomen er in de basis keurig bij. Het snoeien van fruitbomen is een vak apart. Deze mensen weten precies wat ze doen en hebben hart voor de zaak. Na hun aankomst begonnen ze eerst met hun rondgang door de tuin. Ze beoordeelden welke bomen er dit jaar aan de beurt waren. Ze overlegden welke takken eraf konden en wat moest blijven staan. Dit alles ging in goed overleg met ons. Ik had mijn wens uitgesproken dat ik graag meer licht in de tuin wilde vanwege de nieuw aangeplante bloemenborders…

Na deze rondgang was er eerst koffie met wat lekkers. Mijn man, de kok in ons huis, had ervoor gezorgd dat precies op dat tijdstip de stroopwafelcake klaar was. Het huis geurde dan ook heerlijk naar deze cake.

Na de koffie gingen ze aan het werk. Met z’n vieren werkten ze keihard. De stapel met takken groeide gestaag. Bij dit werk houden ze in de eerste plaats rekening met hun eigen veiligheid. De ladders zekeren ze aan de boom en ze zagen en knippen met de hand.

En toen was het tijd voor de lunch. Ook hiervoor had mijn man zijn best gedaan. Een van de snoeiers sprak uit dat hij wist hoe de lunch op dit adres zou zijn en had zijn brood maar thuis gelaten…

Na de lunch beklommen ze weer de ladders en snoeiden dat het een lieve lust was. Het weer werkte fantastisch mee en de stemming was dan ook prima. Mijn taak was naast het maken van een fotoserie, om de gesnoeide stammen in stukken te zagen.

Rond een drie uur was het mooi geweest en braken ze de boel op. Nadat we ze hadden uitgezwaaid maakte ik nog enkele foto’s van de takkenbossen achter het huis. Binnen twee dagen had ik al alle takken afgevoerd.

Stormschade door Eunice

Terwijl ik aan het vlechten was met het wilgenscherm bedacht ik me dat het opnieuw beitsen van het tuinhuis geen overbodige luxe zou zijn. Als ik dat klaar zou hebben dan zou ik voorlopig klaar zijn met alle grote klussen. Wat mij betreft mocht het mooie weer wel komen, dan kon ik lekker gaan beitsen…

En toen werd ik ingehaald door de realiteit. Storm Eunice tilde het dak van het tuinhuis. Het dak kwam verticaal tussen het tuinhuis en een perenboom terecht. Op het moment dat het gebeurde stond ik boven uit het raam te kijken naar het natuurgeweld. Ik wist niet wat ik zag. We spoedden ons naar buiten. Uiteraard konden we niets doen en dan daarbij, het was ook niet veilig om buiten te zijn. Mijn man heeft nog wel snel het zeil boven de kippenren losgeknipt. De harde wind tilde het zeil op en dreigde zo de kippenren te vernielen.

De volgende dag lag ik met buikgriep op de bank. Slechter kon ik het niet treffen want er was werk aan de winkel. Alle spullen van waarde moesten uit het tuinhuis worden gehaald. En het onderstel moest worden afgedekt vanwege de verwachte regenval. Mijn man kreeg gelukkig hulp van een dorpsgenoot. Samen hebben ze een dekzeil om het onderstel gefabriceerd. Ze hadden er alleen geen punt in gemaakt en daarmee voorzag ik wel problemen. Toen op zondag veel neerslag viel hadden we het druk met het weghalen van de waterzakken. Gelukkig was ik weer zover opgeknapt dat ik daarbij kon helpen. De overvloedige regenval zorgde voor veel water op het land achter ons huis. Over deze vlakte had storm Eunice vrij spel met ons tuinhuis…

Op maandag had ik een vrije dag en was ik gelukkig hersteld van de buikgriep. Het leek me wijs om zo snel mogelijk een puntdak te creëren. Ik haalde de benodigde balken en latten in de bouwmarkt. Van een plank die ik nog had liggen maakte ik een rondje. Op die manier zou het dekzeil niet kunnen beschadigen. De verticale balk bevestigde ik aan de grond en aan alle wanden. Op die manier is tevens het onderstel stabieler geworden.

Ik denk dat de volgende fotoserie wel voor zich spreekt. Een geluk bij een ongeluk is dat het vlechtscherm vooralsnog behouden is gebleven.

Er komt een dezer dagen een professional kijken of het dak er in z’n geheel weer op te tillen is. Dat zou sowieso met groter materieel moeten gebeuren. Bij gebruik van groter materieel moeten we wachten totdat het land achter ons huis weer begaanbaar is. De verzekering dekt wel de schade, maar je hebt niets aan deze ellende. Het is er ook geen weer voor, maar ik hoef voorlopig ook niet te beitsen…

Een scherm van wilgentenen

In onze tuin staan drie knotwilgen. Deze knotwilgen hebben we een aantal jaren geleden zelf geplant als wilgentenen.

Om het jaar, rond deze tijd, knot ik deze wilgen. Dit jaar wilde ik proberen een scherm te maken van onze eigen wilgentenen. Met behulp van dit filmpje leerde hoe ik te werk moest. gaan. Ik plaatste 7 palen in de grond met een onderlinge afstand van 60 cm.

Op een mooie dag zaagde ik de wilgentenen. Ik begon heel stoer met de hand te zagen, maar dat heb ik al snel ingeruild voor mechanisch zagen.

Op de kleinste knotwilg heb ik de wilgentenen laten staan. Bloeiende wilgen zijn belangrijk voor insecten en dus voor de vogels. Om die reden wordt ook geadviseerd om niet alle knotwilgen tegelijk te snoeien, maar bijvoorbeeld om en om.

Met deze wilgentenen begon ik te vlechten. Uiteindelijk kwam ik met onze wilgentenen tot 1/3 deel van het scherm. Ik had het aantal wilgentenen geteld en zo wist ik hoeveel ik er nog bij moest halen.

De overige wilgentenen haalde ik bij camping De Wilgenhof. Gelukkig kreeg ik hulp van mijn zwager. Zo hoefde ik de zware accuzaag niet zelf te bedienen. Met 80 wilgentenen ging ik weer huiswaarts.

Thuis ging ik met veel plezier verder met het vlechtwerk.

En zie hier, het resultaat.

De bloemen in de nieuwe zonneborder staan zo beschut tegen de noordenwind.

Nestkastjes maken

In de achtertuin krijgen we een nieuwe schutting. Van de planken van de oude schutting maak ik nestkastjes. De planken zijn geïmpregneerd en kunnen nog jaren mee. Het voordeel van gebruikte planken is dat de geur van het impregneren is verdwenen. Onder de veranda heb ik een doe-het-zelf hoekje gemaakt waar ik heerlijk kan klussen.

Eerst heb ik alle plankjes voor de nestkastjes op maat gezaagd. Vervolgens heb ik met een krabber het meeste algengroen verwijderd. Nadien heb ik plankje voor plankje geschuurd.

Na bovenstaande handelingen kwam het leukste werk, het in elkaar schroeven van de nestkastjes. De dakjes werden vastgeniet met stukjes binnenband.

Als laatste heb ik er een vliegopening ingeboord die geschikt is voor koolmezen en pimpelmezen. Ook de randen van de vliegopening moest nestjes worden afgewerkt met een stukje schuurpapier. En toen lagen er elf nestkastjes klaar.

Drie van de nestkastjes waren bestemd voor mijn oogappeltjes, de kleinkinderen van mijn zus en zwager. Zij hebben een grote tuin, maar geen nestkastjes. Klaas was met zijn vader mee naar het riet en kon dus niet zelf het nestkastje halen. Zijn zusjes namen het nestkastje voor hem mee.

De volgende dag kreeg ik al een foto toegestuurd waarop bij Klaas trots zijn nestkastje vastgespijkerd aan een boom laat zien. Hij had er nog wat vogelvoer bijgehangen om de vogeltjes te verwennen zo vertelde hij aan zijn moeder.

Kleine voorjaarsspanner

Vandaag ben ik bezig om de laatste 3 van de 25 kozijnen opnieuw in de verf te zetten. Ik ben wel blij dat deze klus dan achter de rug is. Aan de buitenkant van een klapraam waar ik mee bezig was zat een nachtvlindertje. Volgens de app “Obsidentify” is het voor 100 procent de kleine voorjaarsspanner.

De mannetjes van de kleine voorjaarsspanner vliegen vanaf begin januari; de vrouwtjes kunnen niet vliegen. De kleine voorjaarsspanner komt zeer algemeen voor maar dan vooral op de zandgronden in het binnenland en in de duinen. Elders zijn ze schaars of ontbrekend zo staat er op de site van de vlinderstichting geschreven. Deze waarneming is dus in onze tuin (op leemgrond) vrij uitzonderlijk.

Doordat de meeste nachtvlinders nachtactief zijn ze bij de meeste mensen minder bekend dan de dagvlinders. Nachtvlinders zijn ook best mooi om te zien. Ik vond het in ieder geval leuk om op de site van de vlinderstichting te kijken naar de 300 voorkomende soorten spanners in Nederland.