Een platbuik bovenin de vijgenboom

We genieten enorm van onze tuin en vijver. Aan de rand van onze vijver staat een 3 meter hoge vijgenboom.

De vijgenboom heeft dit jaar vorstschade opgelopen door de pittige late nachtvorsten. Gelukkig had dit geen nadelige gevolgen voor de groei van de vijgen.

Op Hemelvaartsdag zat bovenin de vijgenboom een libel. Met de Nikon zoomde ik in op de libel.

Het was een platbuik, een vrouwtje. Heeft één van jullie een idee  waarom de uiteinden van de vleugels donker zijn? Ik heb op internet gezocht, maar kon het niet vinden.

Specht roffelt op het nestkastje

Mijn eega vertelde vorige week dat hij een paar keer de specht heel duidelijk had horen roffelen in onze achtertuin. Hij had gekeken waar de specht zat maar ontdekte hem niet. Op een namiddag liep ik met de Nikon-camera door de tuin. In een flits zag ik de specht landden op het nestkastje boven ons tuinhuisje. Snel richtte ik mijn camera op de specht. Ik stond op grote afstand en enigszins verdekt opgesteld.

Het geroffel van de specht op het holle nestkastje klonk vele malen harder dan het geroffel op een boomstam. Op het moment dat ik onderstaande foto nam was de specht net aan het roffelen en reken maar dat dat met geweld gaat. De foto is door die beweging wat onscherp geworden, maar dat vind ik juist treffend.

Een specht kan wel acht tot tien keer per seconde met zijn hoofd tegen een boom aan tikken. Een specht doet dit om drie redenen, of om voedsel te zoeken, of om een nestholte te maken of om met soortgenoten te communiceren.

De kop van de specht is goed aangepast om mee te kloppen.  De onderzoekers ontdekten vier belangrijke onderdelen die de spechtenkop zijn bijzondere eigenschappen geven. De snavel is zeer sterk maar elastisch. Tussen de snavel en de hersenen van de specht zit een laag poreus bot. Deze koraalachtige laag absorbeert lage-frequentie-trillingen, waardoor deze niet doordringen tot de hersenen. Onder aan de tong van de specht zit een elastische ondersteuning, die doorloopt over de hele schedel. Dit tongbeen verdeelt de klap gelijkmatig over de hele schedel. Tussen de schedel en de hersenen zit een zeer dunne laag hersenvocht, waardoor er minder trillingen worden doorgegeven van de schedel naar de hersenen. Bron is deze site

In eerdere publicaties lees je dat ze daar door hun speciale bouw geen hersenschade overhouden aan dit geroffel, maar dat klopt niet helemaal. Weliswaar is een specht gebouwd op het incasseren van klappen, maar gek genoeg was eventuele hersenschade bij spechten nooit onderzocht. Tot voor kort, toen een neurobioloog en een anatoom van de Universiteit van Boston dode spechten opensneden en in hun kopjes opgehoopte eiwitten aantroffen van een type dat bij mensen een teken van hersenbeschadiging is. Als een mens veel klappen op zijn kop krijgt, maakt hij ook zulke eiwitten aan. Andere vogels hadden die eiwitten niet onder hun schedel, alleen spechten. Het zou kunnen dat de eiwitten bij spechten niet op beschadiging van de hersenen wijzen, maar dat ze de hersenen juist beschermen. Bron is deze site.

Na een aantal minuten hield de specht het voor gezien en kroop langs de stam naar boven om vervolgens uit het zicht te verdwijnen.

Het is nu wel handig dat ik een aantal logjes in concept klaar heb staan. Vanwege gezondheidsklachten moest ik me vandaag ziek melden. Ik had het logje ingesteld op time-publish. Dat werkt mooi bij WordPress. 

Speelbos Sparjebird

Afgelopen woensdag was ik te gast bij mijn fotomaatje in Fryslân. Ik vroeg aan Jan of hij mij een gebied in Fryslân kon laten zien waar ik nog niet eerder was geweest… En zo gebeurde het dat hij mij meenam naar Speelbos Sparjebird. Het speelbos is eigendom van Staatsbosbeheer. In een speelbos kunnen kinderen kennis maken met de natuur en deze spelend laten beleven. Behalve dat dit stukje bos voor mij helemaal nieuw was vertelde Jan dat hij er ook al tientallen jaren niet meer was geweest.

Door het hele bos staan 10 uit hout gezaagde dieren. Als eerste kwamen we langs een omgevallen das. Behalve de omgevallen das lag ook er ook een aanwijsbordje op de grond. Was hier sprake van vandalisme?

Nadat we de onfortuinlijke das van alle kanten hadden vastgelegd volgden we het spoor in het lente-groene bos.

Rietland zonder vliegtuigstrepen

Nadat ik het kammen van riet had vastgelegd wandelde ik verder door het rietland.

Tussendoor genoot ik van de mooie blauwe lucht met hier en daar een wolkje. En waar ik nog het meest van genoot was het feit dat er geen vliegtuigstreep was te zien.

Op dat stukje waar ik me alleen op de wereld waande dacht ik terug aan vroeger. Aan de tijd dat ik met mijn vader meeging naar het riet. Aan de tijd dat ik in de ruigte (afval) ging liggen en naar boven keek en genoot van de mooie wolkenluchten. Nadat ik in alle rust had genoten van de stilte, de warme herinneringen, de geur en  het uitzicht wandelde ik weer terug naar Klaas Jan. Klaas Jan had net een dikke bos riet klaar.

Deze dikke bos riet bracht hij naar de slee. Een bos riet weegt al snel 30 kilo. Ook dit is dus een zware klus.

Terwijl Klaas Jan en Sander een korte pauze namen en iets gingen drinken wandelde ik in alle rust richting naar de auto.

Op onderstaande foto zie je goed het verschil tussen een perceel wat wel of niet wordt gemaaid. Als een perceel niet wordt gemaaid dan komen er steeds meer boompjes te staan en ontstaat er het zogenaamde broekbos. Het maaien van de rietlanden is niet alleen voor het oogsten van het riet, het is ook belangrijk voor het onderhoud van de natuur. Rietlanden herbergen speciale flora en fauna. De grote vuurvlinder is daar het mooiste voorbeeld van. De grote vuurvlinder heeft in de rietvelden zijn waardplant Het is de enige plek in Europa waar deze vlinder nog voorkomt. Rietsnijders zijn dus onontbeerlijk voor een goed natuurbeheer. Zie ook op deze site.

Hagedis in de citadel

Tijdens ons bezoek aan de opgraving van het Byzantijnse Efeze namen we ook een kijkje binnen de muren van de citadel. Deze citadel werd in het jaar 500 gebouwd en ligt op het hoogste punt van de heuvel Ayasoluk in Selçuk.

In de citadel hadden we een leuke ontmoeting. Ik werd er op gewezen door mijn eega, want ik had het zelf niet ontdekt. Tegen de muur zat een hagedis geplakt.

Op de computer heb ik getracht deze hagedis te determineren maar het is me niet gelukt. In Turkije leven meer dan zeventig verschillende reptielsoorten, waarvan de hagedissen in allerlei soorten en maten het grootste deel vertegenwoordigen.

De hagedis klom tegen de muur naar boven en ging er bovenop zitten. Met de camera in de aanslag kroop ik met een omweg ook op de muur. En zo maakte ik enkele foto’s van bovenaf.

Een paar seconden later kroop de hagedis weer naar beneden en ging ik ook weer naar beneden. Het leek wel een kat-en-muisspel. Het spelletje heeft mij wel een aantal acceptabele foto’s opgeleverd.

Het laatste kleine slangetje

Afgelopen zaterdag ging ik in alle vroegte naar de heide. Ik geniet dan enorm van het zachte licht en de serene rust.

Deze keer had ik mijn Canon macro-objectief meegenomen. Bij het fotograferen van bijvoorbeeld dauwdruppels wring ik mij in allerlei bochten. De houding die ik het vaakst aanneem is die op de knieën. Al snel was mijn fotografiebroek tot aan de knieën nat door de dauw. Dat deerde mij niet, want ik kreeg er zoveel voor terug.

Een kwartiertje nadat ik deze foto’s had gemaakt trof ik de schaapskudde met herderin. Ik kom daar in een volgend blog op terug. Het is echter wel leuk om te vertellen dat ze mij vanuit de verte had aangezien voor een verdwaald schaap. Daarom besloot ze met haar kudde dichterbij te komen en op zoek te gaan naar het ‘schaap’. Toen ze mij het verhaal vertelde hebben we er samen hartelijk om gelachen.

Toen ik bezig was met het vastleggen van de spin met prooi in het web zag ik ineens vanuit mijn ooghoeken een jong van de gladde slang tussen het gras. Het jong stond min of meer rechtop tussen de grasstengels. Door snel te reageren kon ik net één scherpe foto maken voordat het slangetje zich verstopte. Ik denk dat dit voor mij het laatste slangetje is van dit seizoen.

Oranje zandoogje

Ik blijf nog even in de vroege ochtend op de heide. Naarmate de tijd vorderde en het warmer werd kwamen ook de zandoogjes tot leven. De oranje zandoogjes springen gelijk in het oog door hun opvallende kleur. Maar zien vliegen is één, vastleggen is een tweede. Ze hebben nogal eens de neiging om tussen het gras en/of laag bij de grond te landen. Dat is geen handige plek om ze mooi vast te leggen.

Het oranje zandoogje staat op de rode lijst als ‘gevoelig’. Deze vlinder komt in het noorden en in het zuiden van ons land voor. Ik legde deze vlinder vast in Dwingelderveld in Drenthe. Klik op de foto voor een groter exemplaar.

Op onderstaande foto had de vlinder voor de fotograaf een beter plekje uitgekozen. Het is wel een enigszins afgevlogen exemplaar.