Rietgors

Onlangs maakte ik een wandeling in de Weerribben. Ik hoorde o.a. de roerdomp, de koekoek en de snor, maar dat zijn vogels die zich niet snel laten zien. Tijdens die wandeling lukte het wel om een rietgors vast te leggen. Weer een primeurtje. De eerste keer zat de vogel wat verder weg. Vanwege de straffe wind viel het nog niet mee om de vogel op die zwiepende wilgentakken fatsoenlijk op de foto te krijgen.

Het was een mannetje rietgors in voorjaarskleed. Ze zijn te herkennen aan hun zwarte kop en witte ‘sjaal’.

Jan schreef het al in zijn reactie: ‘Je wordt echt steeds meer vogelaar, hè.’ Het werkt inderdaad verslavend. Als je voor het eerst een bepaalde vogel voor de lens krijgt en het lukt om een aardige foto te maken en om de naam te vinden, dan smaakt het naar meer. En zo gebeurde het dat ik opnieuw afreisde met de camera naar De Weerribben. Ik maakte nu een andere wandeling en ook daar liet de rietgors zich zien. Deze keer zat de rietgors in het riet en dat is gezien de naam wel zo leuk.

De wandeling werd ongewild veel langer dan dat de bedoeling was. Ik genoot volop. Een paar kilometer verderop kreeg ik de rietgors nogmaals voor de lens. Deze rietgors had een snavel vol met voedsel. Het was vast de bedoeling om dit aan zijn jongen te voeren, maar er zat een fotograaf in de weg…

En al dat moois is te zien en te beluisteren in de Prikkepolder. Het gebied waar mijn vader en later mijn zwager ooit het riet sneden. Het gebied waar ik als kind heel wat heb rondgestruind toen ik met mijn vader meeging naar het rietland.

Rietland zonder vliegtuigstrepen

Nadat ik het kammen van riet had vastgelegd wandelde ik verder door het rietland.

Tussendoor genoot ik van de mooie blauwe lucht met hier en daar een wolkje. En waar ik nog het meest van genoot was het feit dat er geen vliegtuigstreep was te zien.

Op dat stukje waar ik me alleen op de wereld waande dacht ik terug aan vroeger. Aan de tijd dat ik met mijn vader meeging naar het riet. Aan de tijd dat ik in de ruigte (afval) ging liggen en naar boven keek en genoot van de mooie wolkenluchten. Nadat ik in alle rust had genoten van de stilte, de warme herinneringen, de geur en  het uitzicht wandelde ik weer terug naar Klaas Jan. Klaas Jan had net een dikke bos riet klaar.

Deze dikke bos riet bracht hij naar de slee. Een bos riet weegt al snel 30 kilo. Ook dit is dus een zware klus.

Terwijl Klaas Jan en Sander een korte pauze namen en iets gingen drinken wandelde ik in alle rust richting naar de auto.

Op onderstaande foto zie je goed het verschil tussen een perceel wat wel of niet wordt gemaaid. Als een perceel niet wordt gemaaid dan komen er steeds meer boompjes te staan en ontstaat er het zogenaamde broekbos. Het maaien van de rietlanden is niet alleen voor het oogsten van het riet, het is ook belangrijk voor het onderhoud van de natuur. Rietlanden herbergen speciale flora en fauna. De grote vuurvlinder is daar het mooiste voorbeeld van. De grote vuurvlinder heeft in de rietvelden zijn waardplant Het is de enige plek in Europa waar deze vlinder nog voorkomt. Rietsnijders zijn dus onontbeerlijk voor een goed natuurbeheer. Zie ook op deze site.

Het kammen van het riet

Klaas Jan was bezig met het kammen van het riet. Hoe dat in zijn werk gaat dat beschrijf ik hieronder.

De rietmaaier annex bindmachine maait alles af. Dus behalve het riet maait de machine ook takjes, haagwinde, lisdodde etc.  Dat is ook bedoeling, want als de rietsnijder dat niet zou doen dan staat er over een aantal jaren geen riet meer. De rietmaaier/binder knoopt een touwtje om de bosjes en legt ze op de grond. Als er een perceel gemaaid is zet de rietsnijder de bosjes rechtop tegen elkaar. Op die manier kunnen de bosjes alvast een beetje drogen.

Vervolgens wordt het afval uit het riet gekamd. De rietsnijder pakt twee bossen tegelijk vast en snijdt de touwtjes met een snit door. Hij legt ze dan op de kammachine. De kammachine bestaat uit een ronddraaiende band met grote kammen. Dit ronddraaien gebeurt met grote kracht. Je moet de bosjes goed vasthouden want anders wordt alles uit de handen getrokken.

En dit alles gebeurt geconcentreerd en nauwgezet. Op dit filmpje is te zien hoe het rietkammen in zijn werk gaat.

Het uitgekamde riet wordt in een bak gelegd. Als de bak vol is komt er een touw omheen en is er weer een dikke bos riet klaar. In een volgend logje laat ik foto’s zien waarbij Klaas Jan een dikke bos riet wegbrengt.

Wordt vervolgd.

Rhena in het rietland

Na het praatje met Sander wandelde ik richting Klaas Jan. Halverwege werd ik verwelkomd door Rhena.

Aanvankelijk kwam ze mij blaffend tegemoet, maar toen ik haar naam riep was het goed.

Nadat we elkaar persoonlijk hadden begroet wees Rhena mij, al zwaaiend met de staart, de weg naar Klaas Jan.

Terwijl ik op grote afstand een paar woorden wisselde met Klaas Jan zag Rhena dat het goed was. Ze legde zich te ruste in een hoop ruigte. Ruigte is afval wat uit het riet is gekamd.

Klaas Jan vertelde dat Rhena dit jaar wat luier is dan de jaren ervoor. Tsja Rhena wordt natuurlijk ook een jaartje ouder.

Ik liet Rhena verder met rust en liep naar Klaas Jan. Klaas Jan was bezig met het kammen van de bosjes riet.

Wordt vervolgd. 

In het rietland

Op de prachtige lentedag waarop ik de bijen en de blauwe druifjes had vastgelegd reed ik ‘s middags naar het rietland van Klaas Jan. Dit rietland is gelegen tussen de buurtschappen Nederland en Kalenberg in natuurreservaat De Weerribben. Toen ik daar aankwam was Klaas Jan in geen velden of wegen te bekennen. Zijn auto stond er wel dus hij moest er wel zijn.

Na een mooie wandeling in het zonnetje, onderwijl genietend van de prachtige natuur, zag ik in de verte de keet van Klaas Jan.

In de buurt van de keet was Sander bezig met het snijden van het riet met behulp van een snit.

Vroeger sneed men alle riet met het snit. Nu worden alleen nog de hoekjes met het snit gesneden waar de rietmachine niet kan komen, zoals hier langs het slootje. Het snijden met snit gaat op de volgende manier. De rietsnijder harkt met het snit de rietstengels naar zich toe. Vervolgens pakt hij die stengels in zijn linkerhand om ze daarna door te snijden met het vlijmscherpe snit. Als zijn hand vol is legt hij het riet op een hoopje vlak achter hem. Ik vertelde aan Sander dat ik vroeger vaak met mijn vader mee ging naar het rietland en dat ik dit werk dan ook deed.

Op mijn vraag hoe Sander in het rietland verzeild was geraakt, vertelde Sander zijn verhaal. Hij zag een rietdekker aan het werk en vroeg zich toen af waar het riet vandaan kwam. Zijn interesse was gewekt. Op een dag fietste hij van school naar huis en toen zag hij ter hoogte van Muggenbeet een rietsnijder bezig met het snijden van het riet. Hij stapte naar die rietsnijder toe en vroeg of hij wel een keer mocht helpen. Dat vond die rietsnijder goed. Die rietsnijder was mijn zwager, Klaas. Toen mijn zwager besloot te stoppen met het snijden van het riet vroeg Sander aan Klaas Jan of hij hem dan mocht helpen. En zo is  Sander regelmatig aan de zijde van Klaas Jan te vinden.

Ook in de rietteelt deed de mechanisatie zijn intrede. Na het snit kwam de rietmaaier (links) en vervolgens de zelfbinder (rechts).  Het meeste riet wordt gemaaid met de zelfbinder. De lichtere rietmaaiers worden ingezet op  stukken die te zwaar zijn voor de zelfbinder. Het woord ‘zelfbinder’ suggereert dat het allemaal vanzelf gaat. Niets is minder waar, riet snijden is arbeidsintensief en zwaar werk. Jan heeft het gehele proces ooit mooi vastgelegd in een film, waarvan hier de trailer is te zien.

Vanaf de plaats waar Sander aan het werk was vervolgde ik mijn weg richting Klaas Jan. Tussendoor genoot ik van het uitzicht. Deze rietstengel stond te ver uit de oever en was ontsnapt aan de rietsnijders.

Wordt vervolgd. 

Trillend Riet

Op 19 september was ik aanwezig bij theatervoorstelling ‘Trillend Riet’. Deze spannende theatertocht vond plaats in Kalenberg, tegen het prachtige decor van de Weerribben. Wij hadden kaartjes voor de eerste voorstelling op 19 september. Uiteindelijk zijn alle zes voorstellingen geweest en daarom plaats ik vandaag de fotoserie. In de vooravond verzamelden we ons bij het Kalenberger Gemeenschapshuis , kort gezegd KGH .

De voorstelling was dit jaar is geïnspireerd op de spannende misdaadroman: ‘Wetland’ van Jacob Vis. Het speelde zich af in de jaren 60 van de vorige eeuw. Het decor in het KGH was dan ook in de stijl van de jaren 60.

De aanleg van de weg in 1959 maakte Kalenberg toegankelijk en mensen wisten Kalenberg te vinden, zoals dichter JC Bloem en schrijfster / cabaretière Marjan Berk. Een weg, de opkomst van tv en de “stadsen” veroorzaakten reuring in het stille dorp. Marjan Berk heeft sinds 1968 een vakantiehuis in Kalenberg. Marjan opende de theatervoorstelling met mooie verhalen en anekdotes uit vervlogen tijden. Ook al is het haar nooit gelukt om Nedersaksisch te spreken, ze voelt zich toch wel een beetje een Kalenberger.

Na het welkom met koffie en het verhaal van Marjan Berk verlieten we het KGH door de achterdeur en stonden we gelijk tussen de rietvelden. Bij de achterdeur ontvingen we allemaal een cape in de jaren 60-stijl. Daarnaast kregen we allemaal een vleugje anti-muggenspray op de hand gespoten. Dat laatste was meer voor de show dan dat het de muggen bij ons vandaan hield.

We stapten in de eerste scène. De vrouw van een visser had een verhouding met de man van Staatsbosbeheer. Daar heb je het al: ‘Rook in de ribben!’

Een stadsmeisje wordt door twee vrouwen uit Kalenberg uitgelachen om haar gekke kleding en om haar vreemde gedrag.

In de volgende scène hebben drie rietsnijders het aan de stok met de man van Staatsbosbeheer. Het verschil in belangen en de bijbehorende onenigheid is dus van alle tijden. De rietsnijders sommeerden met krachtige termen dat de man hun rietland moest verlaten.

Een jonge vrouw legde dit alles nauwgezet vast met haar Polaroid.

Nog onder de indruk van de schermutselingen tussen de rietsnijders en de man van Staatsbosbeheer liepen we verder naar het volgende tafereel. Het was een ontspannend tafereeltje. We stapten in de wereld van ‘peace en vree’ met de klanken van ‘Blowin’ in the Wind

Alle gasten kregen een glaasje drinken. En terwijl we daar zo genoeglijk zaten en/of dansten kwam er iemand gillend aanrennen. Er was een lichaam gevonden. Het lichaam van de man van Staatsbosbeheer. Geschokt verlieten we de kring van ‘peace en vree’.

In afwachting van de politie werden we als mogelijke getuigen naar de boot geleid. Eenmaal in de boot beseften dat het gewone leven doorging. De venters probeerden hun waar aan ons te slijten. Ik had mijn Canon 5D en een statief meegenomen. Door de beperkte ruimte kon ik in de boot de drie poten niet uitklappen en heb ik het statief als een 1-poot statief gehanteerd.

Het was stil op het water en indrukwekkend mooi. Ook het publiek was stil. Plots werd de stilte doorbroken door twee ruziënde buurvrouwen. De ene buurvrouw afval haar kleding in de vaart terwijl de andere buurvrouw haar po leegde in de vaart vlakbij de schrobbende vrouw. Tsja, en dan kan een burenruzie natuurlijk niet uitblijven.

We lieten de kibbelende vrouwen achter ons en voeren verder. We kwamen langs het huis van dichter JC Bloem. Bloem zat buiten te schrijven. Speciaal voor ons las hij een prachtig gedicht voor. Deze scènes speelden zich aan de rechterkant van de boot terwijl ik aan de betrokken zat. Het zat er dus niet in om dit tafereel vast te leggen.

We kwamen aan bij een bruggetje. De brugwachter stond al op ons te wachten. We verlieten de Kalenbergergracht en sloegen linksaf het Meentegat op. De zon ging onder. Het werd donker, heel donker. Lichtvervuiling kent men daar niet. Het was een kraakheldere avond en ik keek verrukt naar de sterrenhemel. Het gebeurt niet vaak dat men in Nederland zoveel sterren ziet.

Het was spannend om daar in het pikkedonker te varen, er was immers een moord gepleegd en de moordenaar was nog op vrije voeten. Op de oever speelde zich weer een scène af.

Inmiddels waren er drie verdachten opgepakt voor de moord op de man van Staatsbosbeheer. Het waren de rietsnijders die de man eerder op de avond hadden bedreigd. We hadden het wel gedacht… Ze werden voorgeleid aan de rechter.

In de rechtszaal ontstond een schermutseling. De rechter ging te water en de daders wisten te ontsnappen. Met een snelle boot gingen ze er vandoor.

Even verderop gingen ze aan land en betrapten daar een verliefd stelletje. De jongen en het meisje werden door de drie mannen bedreigd. Na deze scène volgden er nog een aantal. Die scènes waren nauwelijks verlicht zodat het niet lukte om er foto’s van te maken.

Na de rondgang met de boot legden we aan bij de brug. Op de brug stond een grote menigte. De menigte was op zoek naar de drie daders. Nadat we waren uitgestapt werden ook wij opgehitst om de drie daders te vinden en te pakken. Na een zoektocht door het dorp werden de drie verdachten gevonden en aangehouden.

Kort daarna kwam er een getuige op de proppen. De drie verdachten hadden de moord niet gepleegd. De man van Staatsbosbeheer werd vermoord door de visser. De visser was er achtergekomen dat zijn vrouw een affaire had met deze man. De visser legde een bekentenis af, het bleek geen moord met voorbedachte rade maar het was doodslag. En dat allemaal in dat kleine Kalenberg.

Na de theatertocht was er nog een gezellig samenzijn in het KGH. Het was een prachtige avond. Alle lof aan de organisatie en aan de toneelspelers. Bron is deze site van: ‘Trillend Riet’