De gladde slang

Evenals vorig jaar hoopte ik de gladde slang vast te leggen. Ik wist waar ik ongeveer moest zoeken. Aanvankelijk zag ik de gladde slang niet, maar gelukkig werd ik geholpen door de expert die toevallig kwam aanfietsen.

Deze expert, vrijwilliger monitort al meerdere jaren de gladde slang in Dwingelderveld. De locaties waar de gladde slang zich ophoudt zijn geheim. Voordat je het weet zijn er mensen met verkeerde bedoelingen. Die verkeerde bedoelingen heb ik niet en ik vind het een eer dat ik mag delen in het geheim…

De man is dagelijks twee keer per dag te vinden in het veld. Hij houdt precies bij welke slang waar zit en hoeveel jongen er zijn. Net als bij koeien heeft iedere gladde slang een unieke tekening. Ondanks meerdere vervellingen blijft deze unieke tekening bestaan. Alle slangen hebben een identificatie wat bestaat uit een aantal letters en cijfers.

Dit jaar was ik getuige van het vinden van een overblijfsel na een vervelling. De expert neemt de ‘oude jasjes’ allemaal mee naar huis.

Vanuit een muizenholletje kwam het koppie tevoorschijn van een gladde slang.

Enige tijd later kwam de rest van de slang ook tevoorschijn.

Dit waren allemaal ouden. Ze hebben hun jongen geworpen. Ik hoop ook dit jaar nog een keer een jong slangetje vast te leggen.

 

De gladde slang en de jongen

Onlangs ben ik ‘s ochtends weer op stap gegaan om te kijken of ik de gladde slang weer kon spotten. Daarnaast wilde ik kijken of er al jongen waren. Het was goed weer om de gladde slang te zien te krijgen, ze zijn namelijk actief op bewolkte dagen met een iets lagere temperatuur. Ik had alleen mijn Nikon bridgecamera meegenomen.

Terwijl ik daar liep te speuren kwam toevallig net de gids aanfietsen. Geholpen door de gids lukte het mij om een gladde slang, een ouder te vinden en vast te leggen.

Vervolgens zijn we nog lang aan het speuren geweest naar jongen, maar we konden niets vinden. Volgens de gids was het nog net een paar graden te koud. De gids leerde mij wel hoe ik de jongen zou kunnen vinden.

‘s Middags klaarde het weer iets op en werd het een paar graden warmer. Ik besloot nogmaals op zoek te gaan naar de jongen. Met de leesbril op en bijna met de neus op de grond speurde ik naar jongen. Net toen ik dacht dat het niets meer zou worden stuitte ik op een opgerold jong.

De jongen zijn iets forser dan een dikke regenworm. Opgerold zijn ze net zo groot als een 2 euro muntstuk. Ze zitten goed verstopt tussen het gras. Een eindje verder stuitte ik op nog een jong.

Als je eenmaal weet hoe je moet zoeken dan werkt het verslavend. Ik had al twee jongen gespot en vastgelegd. Toch kreeg ik nog een mooie toegift op een plaats waar ik het niet had verwacht. Een jong met mooie blauwe ogen. Aanvankelijk was ik verbaasd dat dit jong zo lang was, althans zo leek het. Echter toen het jong in beweging kwam bleek het om twee jongen te gaan die bovenop elkaar lagen.

Ik heb meerdere filmpje gemaakt van de gladde slangen en samengevoegd tot één film. De eerste filmpjes zijn van de ouder en de latere filmpjes zijn van diverse jongen.

Een gladde slang

Onlangs trof ik in Drenthe een expert op het gebied van slangen. Nadat we een tijdje hadden staan praten over de voorkomende slangen in het gebied wees hij mij op een gladde slang. Met de Nikon kon ik van een afstandje enkele foto’s maken. Zoals beloofd houd ik de locatie geheim.

In ons land komen drie slangen voor en wel de adder, de ringslang en de gladde slang. De gladde slang is de zeldzaamste slang in Nederland. De gladde slang komt verspreid voor in een aantal gebieden in het oosten en zuiden van Nederland. In Europa is de gladde slang algemener en wijdverspreid. De gladde slang heeft een voorkeur voor relatief droge gebieden met lage spaarzame vegetatie en enigszins reliëf.

De gladde slang is een dunne middelgrote slang die een lengte kan bereiken van 80 cm. Ze hebben hun naam te danken aan hun gladde schubben. De gladde slang is bruinig van kleur met een onderbroken zigzag patroon op zijn rug. Ze hebben een ronde pupil (belangrijk kenmerk t.o.v. adder). Op de flanken hebben gladde slangen vaak bruine soms zelfs roodachtige vlekken. De gladde slang is niet giftig maar kan bij verstoring wel luid sissen en bijten. Gladde slangen eten voornamelijk andere reptielen, met name hagedissen. In Nederland is de belangrijkste prooi de levendbarende hagedis maar ook hazelwormen en zelfs jonge adders worden gegeten. De gladde slang kan in het wild ongeveer 18 jaar oud worden.

Gladde slangen leven een zeer verborgen bestaan. Ze zijn niet actief bij warmte maar juist op bewolkte dagen met een iets lagere temperatuur en soms zelfs bij lichte regen. Hierdoor komt het voor dat er in een gebied een populatie gladde slangen bestaat die jarenlang onopgemerkt blijft. De gladde slang is dan ook met afstand de moeilijkst waarneembare slang in Nederland. Gladde slangen paren in het voorjaar. Bij het vrouwtje worden de eieren in het lichaam bevrucht en uitgebroed. Na ongeveer 4 a 5 maanden schenkt het vrouwtje leven aan 3 tot 9 volledig ontwikkelde jongen. Deze vorm van voortplanting wordt eierlevendbarendheid oftewel ovoviviparie genoemd. De jongen zijn bij hun geboorte ongeveer 12 cm groot die na 3 jaar (mannetjes) of langer (vrouwtjes) geslachtsrijp worden. Gladde slangen overwinteren in verlaten holen van zoogdieren en in andere goed geïsoleerde schuilplaatsen. Als bron heb ik de site van Vroege Vogels gebruikt: https://vroegevogels.bnnvara.nl/nieuws/de-gladde-slang

Ik wilde nog wel meer foto’s maken van deze zeldzame slang, maar de slang d8 daar anders over en verdween in het struikgewas.