Lepelaar

Het was al niet meer zo vroeg en het weer werkte niet echt mee, toch maakte ik nog een extra rondje in het Dwingelderveld voordat ik op ‘huis’ aan fietste. Bij een ven maakte ik een stop vanwege het mooie uitzicht.

Ik was nog maar net gestopt en toen zag ik dat er een lepelaar door het water scharrelde. Ik was er vanuit gegaan dat de lepelaar direct zou wegvliegen maar dat gebeurde niet, de lepelaar ging rustig door met foerageren.

Met mijn nieuwe aanwinst, het 100 – 400 mm objectief kon ik mooi inzoomen op de lepelaar.

Plotseling onderbrak de lepelaar het foerageren en keek aandachtig rond. En dat bracht mij onderstaande foto. De foto was wat overbelicht en dat heb ik geaccentueerd met behulp van Lightroom. Op die manier maak je de foto net wat anders dan standaard zo las ik in het magazine: ‘Natuurfotografie’.

Ik hoopte dat de lepelaar tijdens het foerageren op een plekje zou belanden waarbij ik een ‘perfecte’ weerspiegeling zou krijgen.

Maar dat viel met de begroeiing in het ondiepe water nog niet mee.

En dan de laatste foto inclusief boeggolf en een ‘gebroken spiegel’.

De visdief in de aanval

Terwijl ik op de de Waddendijk bij Lauwersoog te genieten van het uitzicht en met het fotograferen van de steenlopers vloog er regelmatig een visdief over. De visdief bracht dit lekkere maaltje vast naar de jongen, maar waar deze zaten heb ik niet kunnen ontdekken.

Terwijl ik daar stond werd ik op een gegeven moment belaagd door visdieven.

Met veel herrie kwam de visdief aanvliegen en scheerde dan vlak boven mijn hoofd. Dat was best een rare gewaarwording

Ik had verhalen gehoord van buizerds en eksters die mensen werkelijk aanvallen en wist dus niet wat deze visdieven van plan waren. Deze visdieven vlogen echter niet lager dan een meter boven mijn hoofd.

Ik ben dus blijven staan en heb getracht de aanvallen op beeld vast te leggen.

Terwijl het ene peloton bezig was met de aanval ging de andere gewoon door met het verzamelen van voedsel.

Sluitertijd 1/2000, f/9, ISO 400, Shutter priority, brandpuntsafstand 235 mm.

Ik heb daar ter plekke nog wel even aan de film ‘The Birds’ gedacht.

Steenlopers bij Lauwersoog

Terwijl ik richting de R.J. Cleveringsluizen keek zag ik onderaan de dijk scholeksters en kleine steltlopertjes lopen. Al snel zag ik dat het steenlopers waren.

Steenlopers en scholeksters stonden gebroederlijk bij elkaar.

Ook deze fotoserie is gemaakt met mijn nieuwste aanwinst. Met de Canon 100 – 400 mm objectief. Dit objectief heb ik tweedehands gekocht, nieuw is mij veel te duur. 😜

Steenlopers zijn vooral op dijken en strekdammen te vinden.

Er vloog een groepje op om vervolgens een eindje verderop weer neer te strijken.

Terwijl ik daar aan het fotograferen was gebeurde er nog iets bijzonders, maar daarover morgen meer.

Wintertaling met jongen

Mijn berichtjes plaats ik in principe in volgorde wanneer ik de fotoseries gemaakt heb. Maar als ik een bijzondere waarneming doe waarvan ik vind dat die geen twee a drie weken kan wachten dan maak ik een uitzondering.

Twee dagen geleden fietste ik door Dwingelderveld en toen zag ik in de plas naast het fietspad een lepelaar foerageren. Zie Google Maps. Ik zette mijn fiets aan de kant en pakte mijn Canon spiegelreflex met 100 – 400 mm Canon zoomlens. De lepelaar ging rustig door met foerageren en trok zich niet van mij aan. De fotoserie van de lepelaar volgt later.

Terwijl ik daar stond te fotograferen kwamen er tot mijn verbazing twee pulletjes aan zwemmen.

Even later kwamen er nog meer pulletjes en ook moeder eend kwam tevoorschijn.

Het viel mij als eerste op dat het een relatief kleine eend was. Verder vond ik de groene kleur bijzonder die ik tussen de andere veren door zag schemeren. Later op de computer kon ik de eend determineren als een wintertaling, een vrouwtje. De wintertaling staat op de rode lijst als kwetsbaar.

In deze tijd van het jaar leek mij een eend met jongen vrij uitzonderlijk. Op een site las ik dat het broedseizoen voor eenden tot ongeveer augustus loopt. Wintertalingen zoeken hun voedsel door het wateroppervlak te filteren en door te grondelen. De meeste tijd zaten ze met hun koppies onder water.

Moeder eend hield het geheel nauwlettend in de gaten.

Zwarte ruiter en andere steltlopers

Toen ik vanaf de zeehondenkijkwand via de kortste weg terugliep richting het bezoekerscentrum trof ik een paar mannen. Deze mannen wezen mij op de nieuwe vogelkijkhut en op de vogels die daar waren te vinden.

Ik had nog niet gehoord of gelezen dat daar een nieuwe vogelkijkhut is en was dan ook blij met deze tip.

Het is een degelijke en ruime vogelkijkhut. Het was druk in de plas voor de hut.

Een zwarte ruiter. Het was voor mij de eerste keer dat ik deze zag.

Dit is ook een zwarte ruiter.

Een kluut

Een kluut, een tureluur en een zwarte ruiter.

Mijn app zegt dat hieronder tureluurs staan, 100 procent zeker. Maar deze steltloper heeft gele poten en de snavel lijkt langer en is grijs gekleurd. Zou het een juveniel kunnen zijn?

Een kievit, volgens mijn nog een jong exemplaar.

En verder nog een verzameling van bovenstaande. De grauwe gans had ik nog niet genoemd. Op een gegeven moment ging bijna alles op de vleugels. Er zal wellicht een roofvogel overgekomen zijn die ik overigens niet heb kunnen ontdekken.

Roodborsttapuit

Drenthe is bij uitstek een fietsprovincie en daar maak ik deze weken dankbaar gebruik van. Tenminste, als het weer wat wil meewerken. Ik fiets meestal een route m.b.v. Fietsknooppunt. Het is een mooi systeem, maar verloopt niet altijd vlekkeloos. Ik dacht dat het aan mij lag, maar ik zie en hoor er ook andere fietsers mee worstelen.

Met de fietstassen vol fotoapparatuur en voldoende water trap ik op een geleende e-bike heel wat kilometers weg.

Ik pauzeer op mooie plekjes.

Al fietsend zie ik de mooiste dingen. Zoals deze roodborsttapuit, een mannetje.

Het mannetje had waarschijnlijk voedsel verzameld voor de jongen. Het mannetje wilde het nest niet verraden en bleef maar op hetzelfde punt rondvliegen. Ik heb hem maar snel weer met rust gelaten.

De grote keizerlibel en de mus

Een paar dagen geleden streek er een grote keizerlibel neer op het mos aan de rand van onze vijver. Het vrouwtje zette daar haar eitjes af. Ik had mijn camera met zoomlens 100 – 400 mm bij de hand.

Terwijl ik de libel fotografeerde scheerde er een mus langs die de libel wilde vangen. De libel was de mus net te snel af. De mus had het nakijken. Het geheel ging voor mij net te snel en het is niet gelukt om het vast te leggen. Ik vond het al knap dat de mus de libel zag, want ik vond haar op het mos goed gecamoufleerd. Mijn man vertelde dat hij al eerder had gezien dat dat de mus probeerde om de grote keizerlibel te vangen.

Zwarte sterns

Onlangs stond er een fotokuier gepland samen met mijn fotomaatje. We lieten allerlei opties de revue passeren en besloten na rijp beraad te kiezen voor de Kapellepôle. In het verleden hebben we daar toch leuke macro’s kunnen scoren. Nadat we de auto hadden geparkeerd en alle spullen bij elkaar hadden gezocht maakte ik eerst een foto van de herkauwende koeien. Achteraf bleek dit ook zo ongeveer mijn fotografisch hoogtepunt te zijn van ons bezoek aan de Kapellepôle.

Het pad naar het ven is heel smal en aan weerszijden begroeid. Met name voor Jan met zijn wankele evenwicht was dit een lastige tocht. Aangekomen bij het ven was het akelig stil. Er vloog een enkele libel en waterjuffer en op een bloem zat een insect. Het aantal was op twee handen te tellen. Jan heeft er nog een paar mooie macro’s uit kunnen slepen. Dat is mij nog niet eens gelukt.

We besloten dan ook maar weer snel terug te keren naar de auto. Bij de auto overlegden wat de volgende foto-locatie zou worden. We kozen voor de kijkhut bij De Leijen. Daar aangekomen wachtte ons een dreigende lucht. De buienapp beloofde ons echter nog een tijdje droog weer, dus besloten we het erop te wagen.

Er was een splinternieuw bankje geplaatst. Jan wilde voor de foto wel even op het nieuwe bankje zitten. Terwijl ik de foto maakte scande Jan de QR-code op het bankje. Dit bankje is een verwijzing naar kunstenaar Klaas Koopmans.

In 1982 legde de Friese schilder Klaas Koopmans het meer De Leijen vast. In grote gebaren, dynamisch en kleurrijk. Zo bracht hij zijn liefde voor het Friese landschap over naar het doek. Door het vast te leggen, wilde hij het als het ware behoeden. Hij had een groot hart voor de natuur. Zijn geloof speelde daarbij ongetwijfeld een grote rol; hij zag zijn werk als een eerbetoon aan de schepping… zo staat er geschreven op deze site. Tevens is op die site het schilderij te zien.

Na de fotosessie op het bankje volgden we het pad naar de kijkhut. Blaustirns is de Friese benaming voor zwarte sterns en dat was ook meteen het doel van deze kuier.

Vanuit de kijkhut hadden we zicht op een bewolkte lucht boven De Leijen.

Het duurde niet lang of de eerste zwarte stern liet zich zien. De stern speurde het wateroppervlakte af op zoek naar een visje voor de jongen.

Het donkere weer maakte het fotograferen van de snelle sterns wel wat lastiger. Een scherpe foto van een duikende stern zat er deze keer niet in. Ook hebben we deze keer nog geen bedelende jongen op een paaltje zien zitten. Er zit dus niets anders op dan nog een keer op herhaling te gaan.

Terwijl we in de kijkhut zaten begon het te onweren en te regenen. Wij zaten naar ons idee daar wel veilig, hoewel we ons op dat moment wel realiseerden dat deze hut geen bliksemafleider heeft. Op het water voer nog wel een bootje en enkele kano’s. Dat leek ons wel onverstandig. Als dochter van een brugwachter ben ik aan het water opgegroeid en was ik veel op het water te vinden. Maar met onweer op of in het water was voor ons vroeger uit den boze.

Nog een laatste foto van een zwarte stern in vlucht en toen vonden we het welletjes. We hadden naar ons idee de buit wel binnen.

Grauwe klauwier

Vanaf de lepelaars ben ik weer teruggefietst over het Commissaris Cramerpad in het Holtveen. Ik had het plan opgevat om te lunchen op mijn lievelingsbankje. Vanaf dat bankje had ik dit uitzicht. Ik kwam er niet alleen voor dit uitzicht, maar hoopte ook de grauwe klauwier te zien. Ik had geluk…

Ik had nog maar amper mijn fiets neergezet en toen zag ik een grauwe klauwier vliegen. De vogel koos een plekje in een boom binnen het zoombereik van mijn Nikon bridgecamera.

De grauwe klauwier bleef rustig zitten en speurde de omgeving af.

Na pakweg 5 minuten vloog hij weg. Ondanks lang wachten heb ik geen grauwe klauwier meer gezien.

Na ruim een uur posten en genieten op het bankje vond ik het welletjes. Ik fietste terug richting de parkeerplaats. Onderweg kwam ik een grote groep ruiters met hun paarden tegen.

Een eilandje met lepelaars

Vanaf de waterlelies ben ik verder het Commissaris Cramerpad afgefietst.

In de buurt van vogelkijkhut Holtveen zag ik in de verte een eilandje met witte vogels erop.

Inzoomend zag ik dat het lepelaars waren.

De lepelaar hadden gezelschap van een grauwe gans en een nijlgans.

Aanvankelijk stonden de lepelaars te rusten met hun snavel in de veren. Dat zag er saai uit. Gelukkig kwam daar na enige tijd verandering in. Een voor een begonnen ze hun veren te verzorgen en kreeg ik mooi zicht op de kenmerkende snavel.