Nederland en Wetering West

Na de fotosessie bij de klokkenstoel en op de begraafplaats in Baarlo reden we terug naar buurtschap Nederland. Onderweg stopten we even bij het bruggetje over de Roomsloot om een paar foto’s te maken. In deze omgeving, de Weerribben groeit het bijzondere Weerribbenriet. Dit riet staat bekend om zijn hoge kwaliteit en wordt gebruikt voor rieten daken.

Vanaf het bruggetje maakte ik een foto in noordelijke én in zuidelijke richting. Jan schreef in een bericht op zijn weblog over het buurtschap Nederland, zowel zoals het nu is als hoe het er in vervlogen tijden uitzag.

Tussen Nederland en Wetering maakte ik nog een stop om deze foto te maken.

Daarna reden we naar Wetering West, waar momenteel een grootschalig project in volle gang is: het kappen van bos en het herstellen van de oorspronkelijke trekgaten en legakkers. Terwijl we daar stonden te fotograferen, kwam een bewoner op ons af. Ik ken hem al langer, dus we maakten even een praatje. Natuurlijk vroeg ik wat hij vond van het resultaat tot nu toe. Hij vond het er op zich mooi uitzien, maar merkte op dat de kronkelige legakkers wel wat netter hadden gekund. Vroeger, tijdens het turfsteken, lagen die namelijk kaarsrecht.

Ik zocht op internet naar meer informatie over dit project, maar kon zo snel niets vinden. Wel stuitte ik op een ander interessant document: Perspectief Bestemming Weerribben-Wieden 2025, een visie op duurzaam en (be)leefbaar toerisme en recreatie in Steenwijkerland. Zie deze website.

En zo kwam er een einde aan een mooie fotokuier samen met Jan. Het werd tijd om terug te keren naar huis: naar mijn man, naar de warmte van de houtkachel en naar een lekker kopje koffie.

Kleurrijke zonsondergang aan de Waddenzee

Vandaag neem ik jullie opnieuw mee naar Texel. Ik wissel de recente fotoseries af met de beelden die ik maakte tijdens de herfstvakantie. Eerst genoten we van een verblijf in een prachtig vakantiehuis, midden op het eiland. Halverwege de week verhuisden we naar een sfeervolle B&B in Oudeschild. Op een namiddag besloot ik de Waddendijk over te steken en maakte ik een wandeling langs de Waddenzee.

Ik kon me geen beter moment wensen: de lucht schilderde zichzelf in de mooiste tinten.

Halverwege mijn wandeling stuitte ik op een gedeelte waar grote strobalen waren opgestapeld. Op dat moment kon ik niet bedenken wat de reden hiervoor kon zijn. Gelukkig heb ik hier en daar mijn hulplijnen. Zo legde ik mijn vraag voor aan boswachter Thomas van Texel. Hij schreef het volgende: ‘Specifiek op die plek heeft het Hoogheemraadschap wat last van opstuivend zand (van het recreatiestrand) wat de dijk opwaait. Dat is voor een dijk niet zo goed. Het recreatiestrand is fijn korreliger zand. Fijn strandzand, maar als nadeel dus wel snel verstuifbaar’.

Even later mocht ik genieten van een prachtige zonsondergang.

De klokkenstoel van Baarlo

Vandaag vervolgen we de fotoseries die ik maakte tijdens de fotografiedag samen met Jan. Na de fotoserie aan de Wetering reden we via Nederland en Baarlo naar ons volgende doel en dat was het A. F. Stroinkgemaal. Toen we door Baarlo reden zag Jan een kleine klokkenstoel staan en vroeg mij te stoppen.

Ik parkeerde de auto op de oprit naar de begraafplaats en al gelijk kwam er een man naar ons toe; hij was bezig met het bladruimen. Hij vertelde dat hij hovenier, doodgraver én gids was van deze begraafplaats. Wij vertelden hem dat onze aandacht was getrokken door de klokkenstoel. Dat kon hij wel waarderen en nam Jan meteen mee naar het informatiebord.

Terwijl Jan naar de gids luisterde maakte ik een aantal foto’s van de klokkenstoel. De klokkenstoel is pas in 2017 geplaatst. Het verhaal erachter kun je lezen op de website van RTV Oost en op de website van De Stentor.

De man, die duidelijk blij was dat hij toehoorders had, nam ons mee de begraafplaats op. Hoewel ik er al talloze keren langs ben gereden, was ik er nog nooit eerder geweest. Hij vertelde ons uitgebreid over de graven en de mensen die hier begraven liggen en wees zelfs het graf aan waarin hij later zelf zou komen te rusten. Opvallend was dat ik tijdens onze ronde zoveel bekende namen tegenkwam, waaronder meerdere familieleden.

Jan heeft het op zijn weblog prachtig verwoord. Daarnaast maakte hij een korte video-opname om jullie mee te nemen in enkele van de verhalen en om de sfeer op de kleine dodenakker van Baarlo te laten proeven. Dat bericht is hier te bekijken.

Drieteenstrandlopers op Texel

Nadat we door de Eierlandse Duinen hadden gewandeld, kwamen we aan op het strand. Ik maakte twee foto’s: één met uitzicht naar het zuiden en een andere naar het noorden, waar in de verte de vuurtoren zichtbaar was.

Plotseling ontdekte ik op het strand een drieteenstrandloper. Het is één van mijn favoriete vogeltjes.

De drieteenstrandloper, zoals zijn naam al verklapt, heeft drie tenen in plaats van vier. Dit bijzondere kenmerk maakt hem bijzonder snel, vooral wanneer hij over het strand rent. Het is een fascinerend gezicht om te zien hoe deze kleine vogel zich in een rap tempo langs de vloedlijn beweegt, constant op zoek naar voedsel dat de zee achterlaat.

Nadat ik me met de camera volledig had uitgeleefd op de koddige vogeltjes, zetten mijn man en ik onze tocht voort, in de richting van de vuurtoren.

Op mijn geboortegrond

Vandaag zetten we onze fotokuier voort die Jan en ik onlangs maakten. Na de fotosessie aan de Hoogeweg reden we door naar de Wetering. Bij de Vlodderbrug aten we onze meegebrachte broodjes. Daarna gingen we verder naar de brug waar mijn ouders vroeger brugwachter waren. Jan bleef op een bankje bij de parkeerplaats zitten, vanwaar hij met zijn drone een mooie rondvlucht maakte. Zelf wandelde ik richting de brug, de brugwachterswoning en langs het water.

Op de picknickplek staat sinds 2001 een bronzen beeld met de titel De Golf, aangeboden ter gelegenheid van de gemeentelijke herindeling. Rond november 2012 werd het kunstwerk echter gestolen. Het verdwijnen leidde tot de nodige verontwaardiging, omdat de gemeente geen aangifte had gedaan en de kunstenaar pas via een omwonende op de hoogte werd gebracht. (Zie deze website.)

Na wat speurwerk ontdekte ik op de oude website van Plaatselijk Nut Wetering e.o. wanneer het kunstwerk is herplaatst: dat gebeurde op 19 november 2013. Op deze website is ook een fotoserie van de herplaatsing te vinden.

Ik wandelde verder langs de Wetering, richting het zuiden. Vanaf dit punt had ik een prachtig uitzicht op de brug, die strak in het water werd weerspiegeld. Een soortgelijke foto heeft in groot formaat op de kamer van mijn moeder gehangen in het verpleeghuis. Vol trots vertelde ze de verzorgenden altijd over “haar brug”.

De oorspronkelijke brugwachterswoning is inmiddels in handen van een nieuwe eigenaar. Afgezien van een nieuw bijgebouw heeft hij aan de woning vrijwel niets veranderd. Dat is bijzonder voor de verkochte huizen langs de Wetering, want veel woningen worden gekocht door mensen van buitenaf, vervolgens afgebroken en vervangen door nieuwbouw. Juist daarom is het voor mij telkens een feest van herkenning wanneer ik de nieuwe eigenaar bezoek en al die vertrouwde plekjes terugzie. Zelfs een deel van de berkenbomen met de heksenbezems is blijven staan.

Ik wandelde over de oever richting de brug. Daar staat een bord dat zwemmen en vissen in de nabijheid van de brug verboden zijn. In onze tijd stond dat bord er niet. Wij doken, sprongen en zwommen juist graag vlak bij de brug. Aan het houten remmingswerk hadden we zelf een trap getimmerd, zodat we makkelijk uit het water konden klimmen om er meteen weer in te duiken. Onze ouders hielden wel goed in de gaten of het veilig was; als het te druk was met boten, mochten we er niet zwemmen.

Op deze archieffoto, staat mijn vader op de brug. Vroeger was er veel direct contact tussen de brugwachter en de mensen op de boten. Ook met het passerende verkeer hield hij contact. Het werd altijd gewaardeerd wanneer hij nog even wachtte op een naderende passant voordat hij de brug opende. Hij maakte ook graag een praatje met voorbijgangers die voor de brug moesten wachten, of met mensen die speciaal even langskwamen om een tijdje bij hem in het brughokje te zitten.

Op de onderstaande foto is te zien dat het oude brughokje verdwenen is. De brugwachter zit tegenwoordig in een hokje dat een eindje van de brug af staat. Op deze foto kun je ook goed zien welke afstand er vroeger overbrugd moest worden tussen onze woning en het brughokje. Als het rustiger werd op het water, hoefden we niet voortdurend in het brughokje te blijven. We moesten dan vanuit huis horen of er een boot aankwam. Schippers gaven een signaal met de scheepshoorn. Dat betekende wel dat de radio of televisie binnenshuis nooit luid mocht staan.

Op de plek waar mijn vader vroeger de rietopslag had (linkerfoto) ligt nu een parkeerplaats. Daar zat Jan op een bankje de drone te bedienen.

Vanaf de brug maakte ik een foto van het uitzicht naar het zuiden en naar naar en het noorden. Tegenover ons, aan de andere kant van het water, lag camping De Wilgenhof, die overigens nog steeds bestaat. In die jaren beleefden we daar veel gezellige momenten met de overbuurkinderen en de campinggasten.

Jan maakte met de drone deze prachtige overzichtsfoto’s. We hadden daar aan het water een fijn plekje en een heerlijke jeugd. We hadden een roeiboot, een punter, een zeilboot en een surfplank. Op de linkerfoto is aan de horizon een meer te zien: het Giethoornsche Meer. Daar ging ik altijd zeilen en surfen. Vaak voer ik er met de punter naartoe, terwijl ik de zeilboot of de surfplank achter de punter meesleepte. Met wat proviand aan boord kon ik er de hele dag op het water doorbrengen.

Jan heeft ook een filmpje met de drone gemaakt. Het opnemen was nog relatief eenvoudig, maar het bewerken achteraf kostte veel tijd. Ik ben Jan dan ook zeer dankbaar dat hij dat voor mij heeft gedaan!

Wandeling door de Eierlandse Duinen

Tijdens de herfstvakantie op Texel maakten mijn man en ik een prachtige wandeling door de Eierlandse Duinen. Hoewel ik hier eerder korte wandelingen heb gemaakt om tapuiten te fotograferen, was ik nog niet eerder zo ver het gebied ingetrokken. Ook voor mijn man was dit onbekend terrein. Leuk om dit dit stukje Texel samen te ontdekken.

Onderweg kwamen we tot onze verrassing nog bloeiende korenbloemen en koekoeksbloemen tegen. Op een duin stond deze forse parasolzwam.

Tijdens onze wandeling zagen we wel de ingangen van verschillende konijnenburchten, maar de bewoners zelf lieten zich niet zien. In de herfst en winter blijven konijnen vooral ondergronds, waar ze in hun burchten beschut zijn tegen kou en regen.

We wandelden langs duinmeren en mooie rietvelden.

Na een lange wandeling bereikten we uiteindelijk het strand. Via het strand liepen we terug in de richting van de vuurtoren. Maar daarover later meer.

Dreigende luchten op Texel

Tijdens ons verblijf op Texel hadden we over het algemeen prima weer. Vooral tussen de buien door braken regelmatig mooie opklaringen door. Voor een fotograaf zijn juist die momenten, wanneer de buien overtrekken en het licht voortdurend verandert, geweldig om vast te leggen.

Ik reed richting de Waddenzee en wandelde naar de IJzeren Kaap, waar de lucht zich van haar meest dreigende kant liet zien. Terwijl ik fotografeerde, zag ik de bui snel dichterbij komen. Dat was het moment om verstandig te zijn en terug te gaan naar de auto.

Langs de Waddendijk reed ik verder noordwaarts. Bij het Lancastermonument maakte ik mijn volgende stop. Ik nam de tijd om een serie foto’s van het monument te maken, totdat de bui uiteindelijk losbarstte.

Tijdens de bui reed ik verder naar het noorden. Ter hoogte van de molen maakte ik de onderstaande fotoserie, zowel binnendijks als buitendijks.

Vervenershuisjes aan de Hoogeweg

Vorige week was ik met Jan op pad. Vanaf de Baars reden we richting de Hoogeweg, waar we even stopten om een aantal vervenershuisjes te fotograferen. Deze huisjes vormden vroeger het onderkomen van turfstekers (veenarbeiders) en hun gezinnen. Turf was eeuwenlang een belangrijke brandstof in Nederland.

Een vervenershuisje was meestal in tweeën verdeeld. Voorin bevond zich het woongedeelte, met een kleine woonkamer, een fornuis of kachel, wat opbergruimte en bedsteden. Het achterste deel diende als stal voor enkele dieren en als opslagplek voor voer en gereedschap. Het was niet ongewoon dat er tot wel acht personen in zo’n huisje woonden.

Het had de nacht ervoor gevroren, waardoor er een dun laagje ijs op de sloten lag.

Het vervenershuis op de foto’s is een luxere variant, flink uitgebouwd ten opzichte van de eenvoudige huisjes van vroeger. Het staat daar prachtig, omringd door sloten en petgaten.

Kramsvogel en merel snoepen van de appels

Op dit moment is het een waar vogelparadijs in onze tuin! Er valt voor hen genoeg te halen.

In de tuin staat onder het raam van de woonkamer een struik met bessen. Het is mooi om te zien hoe de merels zich te goed doen aan de vruchten. Regelmatig zie je de struik bewegen, terwijl ze driftig op zoek zijn naar de rijpste bessen.

Dit weekend had ik het geluk een kramsvogel in onze appelboom te zien landen. Een mooie en bijzondere waarneming, aangezien kramsvogels geen alledaags verschijnsel zijn in onze tuin. Het maakte het moment extra leuk omdat ik het met onze zoon, de ecoloog kon delen die een weekend thuis was.

Veel kramsvogels uit Noord- en Oost-Europa migreren in de winter naar Nederland. Sommige blijven hier, terwijl anderen verder zuidwaarts trekken. Gedurende het voorjaar en de zomer voedt de kramsvogel zich voornamelijk met insecten, wormen, slakken en andere kleine ongewervelden die hij op de grond vindt. In de herfst en winter verandert zijn dieet: dan schakelt hij over op bessen en gevallen fruit, waarbij hij vaak hele struiken in korte tijd leegplukt, vooral als het fruit al een beetje begint te rotten.

Deze kramsvogel had duidelijk de laatste appeltjes die nog aan de boom hangen op het oog. Hij moest er wel wat capriolen voor uithalen om erbij te kunnen. De foto’s zijn gemaakt op een grijze dag, door het raam, wat de kwaliteit helaas niet ten goede kwam. Desondanks ben ik blij met deze waarneming.

De merel is een vaste gast in onze tuin en ook die weet de laatste appeltjes te waarderen.

Reuzen op de Baars

Vorige week vrijdag ging ik samen met mijn fotomaatje op stap. Deze keer was de uitvalsbasis in de Kop van Overijssel. We konden voor die dag niet een specifiek doel bedenken, maar ervaring leert dat we onderweg altijd wel plekjes tegenkomen die fotowaardig zijn.

Onze eerste stop was het buurtschap de Baars. Daar vroeg Jan of we even konden stoppen, want aan de bosrand stonden reusachtige dennenbomen die zijn aandacht trokken.

Het voorste deel van het bos was gekapt, en de grond lag bezaaid met stronken en takken met soms bijzondere vormen. De zwammen en insecten nemen deze restanten langzaam in beslag. Het zal niet lang duren voordat ook deze sporen verdwenen zijn. Hier en daar stond nog een boompje met herfstbladeren. En zo te zien was dit een goed voedingsbodem voor de varens.

Terwijl Jan dichter bij de auto bleef, baande ik me voorzichtig een weg tussen de stammen en takken door naar de reuzen, om ze van onderaf vast te leggen. Op zo’n moment voelde ik mij heel nietig tussen de enorme bomen.

Van de Baars reden we door naar De Weerribben, maar daarover later meer.