Tussen de bloemen en de vlinders…

Tijdens een van mijn fietstochten door Drenthe kwam ik langs begraafplaats Zevenberg in Fluitenberg. Ik dwaalde een tijdje over de begraafplaats. Deze natuurlijke begraafplaats spreekt mij wel aan…

Het veld is ontworpen als een wuivend landschap, een landschap wat in beweging is. Dit is bereikt door het zaaien van grassen en andere wilde planten. Door het gebruik van verschillende grondsamenstelling in de bovenlaag, is het mogelijk om veel soorten planten te laten groeien. De glooiingen in het veld versterken die variatie. Zo zijn er plantensoorten van heischrale graslanden, maar ook kalkminnende soorten te vinden. Voor zweefvliegen, vlinders, bijen, sprinkhanen en loopkevers is het veld een ideaal leefgebied. Zij vormen op hun beurt weer voedsel voor de vogels die het veld graag bezoeken.

Zangers bij de Horsmeertjes

Op dag 6 maakte ik nogmaals een wandeling bij de Horstmeertjes. Deze keer was ik alleen.

Ik stond boven op de duin te kijken naar de windveren boven de veerhaven toen er een bruine kiekendief laag langs kwam zeilen.

Tijdens mijn wandeling trof ik een blauwtje, een grasmus, een rietzanger, een graspieper, een blauwborst, nog een grasmus, een fitis? en een kneu.

Ik keek vaak naar boven en genoot van de mooie wolkenluchten.

Gentiaanblauwtje zet eitjes af

Even vooraf de volgende opmerking. De onderstaande foto’s zijn genomen vanaf het wandelpad in Dwingelderveld. Door in te zoomen en te croppen heb ik het gentiaanblauwtje ‘dichterbij’ gehaald.

Het is per ongeluk dat ik een gentiaanblauwtje in vlucht heb vastgelegd. De foto’s zijn niet haarscherp, omdat mijn camera met sterke zoom dat niet zo snel kon scherpstellen.

Het vlindertje maakte een rondje om vervolgens te landden op een klokjesgentiaan nog in de knop…

Het volgende moment besefte ik wat het gentiaanblauwtje aan het doen was, ze was bezig met het afzetten van haar eitjes.

Dat ik dat nog een keer mag meemaken én vastleggen!

 

 

Klik hier voor een informatief filmpje van RTV Drenthe over de kloktjesgentiaan en het het gentiaanblauwtje.

Heideblauwtje met dauwdruppels

Het is even slikken als de wekker op mijn vrije dag om 6 uur afgaat, maar als ik dan in alle vroegte in de natuur sta dan heb ik daar geen spijt van…

Tussen de dauwdruppels zat een heideblauwtje.

Ook het heideblauwtje was nog ‘gevangen’ door de dauwdruppels.

Het is heerlijk om daar nagenoeg alleen te zijn in de vroege ochtend in het mooie Dwingelderveld.

Een onfortuinlijk heideblauwtje

Tijdens onze fotokuier in Weinterper Skar vlogen er ook meerdere heideblauwtjes rond. Het lukte om een vrouwtje en een mannetje vast te leggen.

Zoals ik het vorige logje al schreef was er op de oever van het ven veel zonnedauw aanwezig. Ik speurde de zonnedauw af of er ook zonnedauw was met een interessante prooi. Plotseling zag ik tussen de vele zonnedauw iets blauws.

Toen ik inzoomde zag ik dat een heideblauwtje gevangen zat in de tentakels van de zonnedauw.

Het onfortuinlijke blauwtje leefde nog wel. Het vlindertje was echter al zover heen dat het niet meer loonde om het te bevrijden.

Icarusblauwtje

Als ik ga fietsen in bijvoorbeeld Dwingelderveld neem ik twee camera’s mee. De lichtgewicht Nikon bridgecamera hang ik om mijn nek en rechterschouder. Die heb ik dan snel bij de hand als ik bijvoorbeeld een vogel zie. Tevens gebruik ik de Nikon voor het maken van landschapsfoto’s. De Canon spiegelreflex met macro-objectief heb ik in de fietstas. Die pak ik als ik bijvoorbeeld een vlindertje zie vliegen.

Ik maakte een fietstocht in Dwingelderveld. Ik had net een fotoserie gemaakt van de fitis met een snavel vol met voedsel en wandelde verder met de fiets aan de hand. Plotseling zag ik rond de bloeiende braamstruiken een blauwtje vliegen. Ik ‘parkeerde’ mijn fiets en pakte mijn body met macro-objectief en ging op jacht. Het vlindertje liet zich niet eenvoudig vangen. Iedere keer als ik in de buurt kwam ging het blauwtje een paar meter verderop zitten.

Maar de aanhouder wint, het lukte om dichterbij te komen. De vlinder spreidde tijdens het foerageren enkele malen de vleugels. Op de computer kon ik met zekerheid vaststellen dat het een icarusblauwtje was en wel een vrouwtje.

In de buurt van het blauwtje, op een andere bloem zat een grote mier. Toen de mier zijn eigen bloemetje had afgestruind ging hij naar het bloemetje van het blauwtje. Het icarusblauwtje liet zich gemakkelijk verjagen.

Met een blij en voldaan gevoel stapte ik weer op de fiets op weg naar de volgende uitdaging…