De baggelmachine in De Deelen

Terwijl ik bezig was met de serie over het turf en veen winnen in De Deelen las ik dat er ergens in dat gebied een machine is die daarvoor gebruikt werd. Een paar dagen later appte Jan mij dat hij er achter was gekomen waar die machine, de baggelmachine staat. Daarbij kwam de vraag of ik zin had om hem te vergezellen naar de baggelmachine. Daar was ik zeker voor in en zo gebeurde het dat we samen op stap gingen. Omdat Jan niet ver kan lopen had hij een route gezocht waarbij de wandeling zo kort mogelijk zou zijn. We moesten daarbij met een pontje oversteken.

Het pontje kwam net vanaf de overkant naar ons toe. Terwijl we stonden te wachten kwam er een echtpaar op de fiets en die lieten we mooi voor gaan. Zo konden wij de kunst afkijken en meteen enkele foto’s nemen.

De eerste helft van de oversteek stond Jan aan de lier en halverwege mocht ik het overnemen. Terwijl we overstaken kwam er om de bocht een skûtsje aangestoomd. Voor ons gevoel moesten we toch wel even flink doordraaien…

Vanaf het pontje was het nog maar een stukje lopen naar het paadje wat naar de baggelmachine leidde. We zeiden tegen elkaar dat we het vreemd vonden dat er naast het fietspad geen verwijzing staat naar die bewuste machine. Een onwetende fietser en wandelaar gaat daar zo aan voorbij en dat is toch jammer bij dit industrieel erfgoed.

Jan heeft op zijn weblog de geschiedenis van het winnen van turf en het gebruik van deze baggelmachine heel compleet en mooi omschreven. Daarvoor verwijs ik graag naar dit bericht en dit bericht op Afanja.

Hieronder zoom ik in op de baggelmachine.

Nog een laatste blik op de bijzondere machine voordat we de reis terug aanvaardden.

We wandelden langs de Ringvaart weer terug naar het pontje.

Met twee witjes op een distel sluit ik deze serie af.

De Deelen, rust roest

Over de weg in De Deelen staat een lopende band constructie. Deze constructie werd gebruikt om gewonnen veen uit De Deelen af te voeren. Jan vertelde dat er sinds kort geen veen meer uit het gebied wordt gewonnen. De constructie is dus buiten gebruik. Voordat het geheel wordt opgeruimd wilde Jan er een fotoserie van maken.

Jan en ik hebben ons daar met de camera’s dus heerlijk uitgeleefd…

Theun de Leeuw was de laatste commerciële veengraver. Het veen dat werd afgegraven werd gebruikt als grondstof voor potgrond. In mei van dit jaar vervoerde hij zijn laatste vracht met veen. In dit artikel met filmpje van Omrop Fryslân kun je er alles over lezen en horen.

Op deze kaart van Google Maps kun je goed zien dat hier in het verleden veel turf en veen is gewonnen.

Rust roest…

Op YouTube vond ik een filmpje waarin met animatiebeelden en historische beelden wordt uitgelegd hoe dat turfsteken vroeger in zijn werk ging. Als voorbeeld wordt de provincie Drenthe gebruikt, maar voor de andere provincies is het niet anders geweest.

De Deelen, krabbenscheer en meer

Na de fotosessie bij het eerste petgat stelde ik voor om naar het tweede petgat te lopen. In het verleden troffen we daar veel juffers. Bij dat petgat hadden we zicht op de werkschuur van Staatsbosbeheer.

In dit water ligt een kwekerij voor krabbenscheer. In het programma van Vroege Vogels had ik daar al over gehoord en gezien. Nu konden we de kwekerij met eigen ogen zien. Krabbenscheer wordt gebruikt voor het stimuleren van het verlandingsproces.

Via deze link is de informatie te lezen en is die uitzending te zien.

Er vlogen daar inderdaad vele lantaarntjes.

Het was nog wel een uitdaging om ze goed op de foto te krijgen.

Wordt vervolgd.

Terug naar De Deelen

Onlangs stond er een fotokuier op het programma met Jan. We waren het er heel snel over eens dat het een bezoek aan De Deelen zou worden. We waren daar namelijk al een lange tijd niet meer samen geweest. Op YouTube vond ik dit korte filmpje met beelden van De Deelen van bovenaf. 

Op weg naar het eerst petgat spotte ik een koolwitje. Meer dan één foto kon ik niet maken, want toen fladderde het vlindertje er alweer vandoor.

Jan had al een libel gescoord, zo vertelde hij mij toen ik mij bij hem voegde. Vanaf het vlonderpad hadden we mooi zicht over het petgat. Een petgat is ontstaan door het uitbaggeren van veen.

Aan een tak hing een grote libel. Ik zag direct dat het een vroege glazenmaker was. Eerder die week had ik die libel gefotografeerd in De Weerribben.

Een plant die je daar veelvuldig ziet is het bitterzoet. Tussen al het groen is dit een opvallend bloemetje. Bitterzoet behoort tot de nachtschadefamilie.

Aan een boompje hing een nest met rupsjes. Ik heb lang gezocht maar kon ze niet op naam brengen. Wie het weet mag het zeggen.

Jan wees me op een ‘gouden’ slakje. Het kleine ding had al goed z’n best gedaan.

We kwamen nog een libel tegen. Deze vond ik lastig te determineren. Na lang zoeken ontdekte ik dat het een jong mannetje was van de gewone oeverlibel.

Wordt vervolgd.