Kijkhut bij de Sint-Ludgeruskerk

Een tijdje geleden was ik getipt over een kijkhut bij de Sint-Ludgeruskerk. Omdat ik nu toch in ‘de buurt’ op vakantie was besloot ik daar heen te gaan. De Sint-Ludgeruskerk bleek niet meer te zijn dan een fundament. Ik maakte eerst een rondje om de verdwenen kerk. Op deze site kun je er alles over lezen.

Daarna liep ik door naar de kijkhut. Vanuit de verte zag ik al dat het geen grote kijkhut was en dat er al een aantal vensters waren bezet. Totaal heeft de kijkhut 6 vensters, 4 naar voren gericht en 2 opzij. Van de 4 naar voren gericht vensters zijn er 2 op manshoogte en 2 op kinderhoogte. De twee mooiste waren reeds bezet door fotografen, die daar bijna dagelijks zijn…

Ik vroeg aan een van de fotografen of ik door ‘zijn’ kijkgat een overzichtsfoto mocht maken. Hij ga mij toestemming met de restrictie dat ik direct aan de kant moest gaan als er een interessant onderwerp voorbij kwam. Tsja, zo kun je ook met gasten omgaan. Wat me verder tegen de borst stuitte was de manier waarop hij sprak over een objectief van 12.000 euro. Hij vond dat een normale uitgave voor een hobby.

In het Veluwemeer liepen foerageerden o.a. flamingo’s, zwanen en zilverreigers. Omdat ik geen objectief van 12.000 euro heb zaten ze voor mijn apparatuur te ver weg.

Gelukkig verliet de bewuste fotograaf de kijkhut. De man die achterbleef was heel vriendelijk. Hij was bereid om alles met andere bezoekers te delen. Er was in tussentijd een moeder met zoontje gearriveerd. Het zoontje had een camera te leen gekregen. Hij kon mooi door het onderste kijkgat fotograferen. De fotograaf wees ons op een groepje dodaars met jongen.

Even later scharrelde in het slik voor de kijkhut een juveniele blauwborst. Deze waarneming hadden we ook te danken aan die vriendelijke man. Door de kleur van de slik is het geen topfoto geworden, maar ik heb nog niet eerder een juveniele blauwborst gefotografeerd.

Er kwam nog een paar keer een ijsvogel langs flitsen, maar helaas ging de ijsvogel niet voor de kijkhut vissen zoals hij een dag eerder wel had gedaan. Na een tijdje hield ik het voor gezien. Ik keek nog een keertje achterom naar de koeien en de kijkhut. Met de auto reed ik binnendoor via Doornspijk, Nunspeet en Harderwijk weer naar de camping nabij Putten.

‘s Avonds aan het Nuldernauw

In de loop van een vakantiedag besloot ik om een zonsondergang te fotograferen bij strand Horst. Echter in de loop van de middag trok de lucht steeds verder dicht. Ik vroeg me ernstig af of het wel een mooie zonsondergang zou worden. Toch ben ik wel gegaan. Ik had er geen spijt van want het was er heerlijk toeven aan het Nuldernauw.

Tijdens de dagen met tropische temperaturen is het druk aan strand Horst en strand Nulde. Dat hadden we al een keer gezien toen we er overdag langs fietsten. Maar ook op de avond is er nog volop vertier aan, in en op het water.

Nadat ik een tijdje bij strand Horst op het strand had gezeten ben ik doorgefietst naar strand Nulde. Ook daar heb ik een tijdje aan het water gezeten. De zon zakte onzichtbaar verder. Ik had niet de illusie dat het spectaculairder zou worden dan dit. Ik besloot terug te fietsen naar de camping.

Ik was al bijna bij de camping toen ik achterom keek en toen zag ik dit. Toch te vroeg weggegaan bij het Nuldernauw. Tsja, weet dat maar eens van tevoren…

De Ermelosche heide

Een van de fietstochten tijdens de vakantie voerde ons naar de Ermelosche heide. Het was midden op een onbewolkte zeer warme dag. Het licht was keihard en foto’s nemen op dat moment was geen optie. Daarom besloot ik om ‘s avonds opnieuw naar de heide te gaan…

Vanaf de parkeerplaats wandelde ik de heide op. De zon stond nog hoog dus ik zou nog wel wat geduld moeten hebben. Het was er gezellig druk op de heide. Meerdere mensen maakten een wandeling over de heide. Ook joggers en mountainbikers waren volop bezig met het bedrijven van hun sport.

In deze tijd van het jaar is de heide op z’n mooist. Toch is goed te zien dat de heide te kampen heeft met de enorme droogte. Vooral de stukken die volop in de zon staan zijn al bruin geworden. Vanwege de aanhoudende droogte zullen veel jonge heideplanten afsterven, vrezen natuurbeheerders. Vanwege hun nog kleine wortels zijn de jonge plantjes, die eind vorig jaar of dit jaar zijn ontkiemd, extra kwetsbaar.

Omroep Gelderland schrijft over een ‘aangeslagen heide’. Op deze site kun je een filmpje zien van de, door droogte aangeslagen, heide. Het filmpje is gemaakt is met een drone.

Ik heb het hier vast al eens vaker geschreven, maar ik ben geen ‘bosmens’. Dat wil niet zeggen dat ik niet van bomen houd, dat is weer wat anders. Het punt is dat ik graag van mij af wil kijken. Ik voel mij comfortabeler en veiliger op een open vlakte dan in een bos. Het was overigens wel een weldaad om bij 30 graden een fietstocht te maken door het bos, dat dan weer wel…

Op die avond maakte ik een fikse wandeling over de heide. Ondertussen stond ik regelmatig stil om te genieten van het mooie uitzicht. Onder deze boom heb ik een tijdje zitten te genieten. Het was ook wel even fijn om de zware bepakking even af te doen.

Bij deze boom heb ik een tijdje staan te genieten. In het licht onder de boom dansten veel insecten. Vogels probeerden deze insecten te vangen. Het is me niet gelukt om dit prachtige schouwspel goed op de foto te krijgen.

De ondergaande zon kleurde de heide prachtig paars/rood.

Ook de boom kreeg een rode gloed door de ondergaande zon.

Op de camping

We zijn onlangs op vakantie geweest naar de Veluwe. We stonden op een kleine camping in de buurt van Putten. Het was daar heerlijk toeven. We hadden veel ruimte en ruim zicht. We konden voor of achter de caravan in de schaduw zitten.

Op een dag kregen we ‘bezoek’ van een witte kwikstaart. Het viel voor het vogeltje vast niet mee om een kostje bij elkaar te scharrelen op het harde en droge grasveld.

Achter onze caravan bevond zich een paddenpoel omzoomd met bomen. Als we daar in de schaduw zaten hadden we mooi zicht op vogels en een paardenbijter die daar rondvlogen. Uiteraard had ik regelmatig de camera bij de hand. Het is alleen gelukt om het pimpeltje acceptabel op de foto te krijgen.

De komende tijd neem ik jullie een aantal keren mee naar de Veluwe.

Slachtoffers van de wolf

Voordat ik jullie meeneem naar fotoseries die ik maakte tijdens de vakantie op de Veluwe ga ik eerst naar een actueel onderwerp. Ik waarschuw jullie wel van tevoren, want de beelden kunnen als schokkend worden ervaren. Ik toon ze hier wel, want dit is wat het is…

Vanochtend zat ik al op tijd op de fiets. Mijn doel was om zonnestralen met nevel te fotograferen in het bos. Daarvoor fietste ik naar het nabij gelegen De Eese. Missie geslaagd.

Na een mooie tocht over de Eese kwam ik uiteindelijk uit bij de Steenwijker Aa. Daar wezen mij twee vissers op twee dode schapen. Ze hadden de eigenaar al een berichtje gedaan…

Een van de schapen was vanaf de dijk, door de sloot naar het naastgelegen weiland getrokken. Dat schaap was tot op het bot en vacht opgevreten.

Het tweede schaap is alleen gebeten in de hals en in de buik. Ik was onder de indruk van deze trieste aanblik.

Toen ik verder fietste richting de schaapskudde werd ik ingehaald door twee auto’s. Dat bleken de eigenaren van de schapen te zijn en de veearts. Er bleek nog een schaap gewond te zijn. Het schaap was in de luchtpijp gebeten met een gaatje in de luchtpijp als gevolg. De eigenaren hoorden dat aan de ademhaling. De veearts ging dit schaap uit zijn lijden verlossen.

De kadavers moeten op dezelfde plaats blijven liggen totdat er een taxateur is geweest. De taxateur neemt dan DNA af en observeert de wonden om te kijken of het werkelijk een wolf is geweest die de schapen doodde en/of verwondde. Op deze site kun je er alles over lezen. Volgens de eigenaren kon het nog wel even duren voordat de taxateur tijd had om bij hen langs te komen, want hij heeft het namelijk druk met alle gevallen in de buurt. De eigenaren hadden al meerdere malen de schapen geteld en ze ontdekten al eerder op de ochtend dat ze nog een schaap missen. Ze hadden die ochtend al druk gezocht, maar niet gevonden. De kans is groot dat het schaap in paniek in de Steenwijker Aa is gesprongen. Doordat de vacht zich volzuigt met water verdwijnt het schaap onder water. Over een paar dagen zal het schaap weer naar boven komen drijven…

Deze eigenaren zijn in 2 weken tijd 15 schapen op deze manier kwijtgeraakt. Wolvenproof omheinde percelen heeft geen zin, de veearts vertelde dat de wolf over een hek van 2 meter kan komen. Ik heb nog een tijdje met de veearts staan praten over deze ontwikkeling en het geheel stemde hem niet vrolijk. In het naburige Wapserveen zijn ook koeien aangevallen door een wolf.

De discussie omtrent de wolf is nog lang niet ten einde. Voor- en tegenstanders voeren soms verhitte debatten, maar tot op heden was het niet bekend wat de Nederlander nu vindt van de terugkeer van de wolf. Volgens een opinieonderzoek van Stichting Annemieke wil een merendeel van Nederland dat de wolvenstand beperkt en beheerd wordt. De uitkomsten van het onderzoek werd aangeboden aan de vaste commissie Landbouw van de Tweede Kamer.

Het laarzenpad

Nadat ik de kapitein en passagiers van de Ecowaterliner had uitgezwaaid startte ik met de wandeling over het laarzenpad.

Het laarzenpad is alleen te bewandelen buiten het broedseizoen. Het traject wordt overbrugd met meerdere pontjes. Op het moment dat ik op het eerste pontje stapte kwam er om de hoek een ijsvogel met een visje in de snavel aangevlogen. Het pijlsnelle vogeltje kwam recht op mij af. In een split second zag de ijsvogel mij en wijzigde zijn koers. Ik was verrukt en had het nakijken. Halverwege de overtocht ben ik even gestopt om een foto te maken van de voormalige watertoren van Sint-Jansklooster. Deze toren is omgebouwd tot uitkijktoren. Die beklimming staat nog op mijn to do list.

Na een wandeling over het pad omzoomd met riet kwam ik op een open vlakte. Het riet beperkt enorm in het uitzicht, ik was dan ook blij dat ik halverwege het pad een aantal doorkijkjes had. Aan de boot en het materiaal te zien was de zomermaaier hier aan het werk.

Ik wandelde door naar de Beulakerwiede. Op de oever van deze plas heb ik langere tijd genoten van het mooie uitzicht en de geur van het water en de kragge. Ik zoomde in op een zeilboot en een kunstwerk. Het kunstwerk, de Beulaker Toren is van de hand van Alphons ter Avest. Onder deze weidse plas ligt het verdronken dorp, Beulake. De bewoners van dat gebied staken eind 18e eeuw rond het dorp zoveel turf voor de snel groeiende bevolking in Holland, dat de Zuiderzee het kwetsbare dorp tijdens een hevige storm volledig overspoelde. Volgens overlevering was alleen de kerktoren nog jarenlang boven het water zichtbaar. Op deze site van Bredewiederkrant kun je lezen over het kunstwerk.

Na het mooie moment op de oever van de Beulakerwiede wandelde ik verder naar het volgende pontje, nummer drie op de route. Dit pontje was op drift geraakt en moest ik dus eerst aan wal trekken. Het is overigens wel lastig om de pontjes te bedienen als je behangen bent met foto-apparatuur.

Bijna aan het eind van de route kwam ik wederom op een open stuk terecht. Op dit gedeelte zag ik tot twee keer toe een koninginnepage vliegen. Helaas bleven ze niet lang genoeg stil zitten om ze scherp in beeld te krijgen. Tussen het riet zat een vrouwtje rietgors verscholen en een kleine karekiet. Dat was een mooie toegift.

En toen was ik weer gearriveerd bij het bruggetje waar mijn wandeling begon. De route heeft het laarzenpad, maar met de droogte van de laatste tijd zijn laarzen echt niet nodig. Hoge stevige wandelschoenen zijn wel aan te raden, want het zijn geen gebaande paden…

Ecowaterliner in De Wieden

Na de fotoserie van de koninginnepage wandelde ik verder het terrein van het bezoekerscentrum op.

Achter op het terrein was men bezig met het instappen in de Ecowaterliner die om 10.15 uur zou vertrekken naar Blokzijl. Met deze waterbus met fluisterstille motor kun je een prachtige tocht maken door De Wieden. Er is een route naar Blokzijl en een route naar Giethoorn. De fiets kan mee op de boot en het buitendek is rolstoelvriendelijk.

Omdat de tocht over het grote Beulakerwiede voert wordt er niet gevaren bij harde wind. Ook bij tropische temperaturen wordt er niet gevaren omdat de metalen van de boot dan gevaarlijk heet worden.

De ecowaterliner naar Giethoorn lag nog aan de wal. Die afvaart zou om 12 uur zijn. Op deze site van natuurmonumenten kun je alles lezen over de ecowaterliner en over de afvaarttijden.

Vanaf een hoog bruggetje had ik mooi zicht op de Tjasker en op de vertrekkende boot.

Nadat ik ze had uitgezwaaid ging ik het bruggetje over om te beginnen aan het laarzenpad, maar daarover meer de volgende keer.

Koninginnepage

Bijna twee weken geleden ben ik wederom naar het bezoekerscentrum in De Wieden geweest in de hoop de koninginnepage daar weer te treffen.

Ik moest wat meer geduld hebben dan de vorige keer, maar ik had geluk. Het seizoen van de vlinderstruik was bijna ten einde. De meeste bloemen waren uitgebloeid. Als je de bloemen eruit knipt dan schijnt de vlinderstruik door te bloeien. Bij het bezoekerscentrum laten ze het voor wat het is…

Ook de naastgelegen bloementuin begon al een beetje in verval te raken. Met name een van de lievelingsplanten van de koninginnepage, de phloxes raakten uitgebloeid.

Ik vind persoonlijk de momenten waarop de koninginnepage op de phlox zit mooier dan wanner de vlinder van de vlinderstruik aan het snoepen is. Dat eerste is wel lastiger fotograferen want ze zijn dan veel beweeglijker.

De koninginnepage vliegt nog tot half september toch denk ik dat we het hoogtepunt van de tweede generatie hebben gehad. De vlinder op onderstaande foto redt dat sowieso niet meer tot september, deze was tot op de draad versleten…

Zwarte stern

Een tijdje geleden gingen Jan en ik weer eens samen op stap. Op mijn verzoek gingen we naar de kijkhut aan De Leijen om te kijken of we zwarte sterns zouden kunnen fotograferen.

We keken uit over een winderige plas. Er was geen zwarte stern te zien. Het wolkendek brak iets open om vervolgens even later weer dicht te trekken.

In de buurt van de kijkhut zwom een fuut met jongen.

Voor de hut staan meerdere palen in het water. Op een van de palen stond een meeuw. Toen ik een aantal dagen later met deze foto’s bezig was verdiepte ik mij in deze meeuw. Ik gebruikte daarbij de ANWB vogelgids van Europa. Ik vind dat een waardevolle aanvulling op de informatie wat op internet is te vinden. In dat boek las ik dat het een kokmeeuw was. Deze meeuw had echter geen chocoladebruine kop. Meeuwen kennen qua uiterlijk meerdere leeftijdsgroepen. Ieder jaar dat ze ouder worden zien ze er anders uit. Dat verklaart dus ook dat deze meeuw geen chocoladekleurige kopkap heeft, maar dat er nog veel wit in de kopkap zit. Onderstaande meeuw is een adult (volwassen) van de 1e zomer. Dat het een adult is en geen juveniel zie je aan de kleur van de poten en de snavel.

Enfin, we waren niet voor de meeuwen gekomen, maar voor de zwarte sterns. Na lang wachten kwam er dan toch van tijd tot tijd een zwarte stern voorlangs vliegen. Ik richtte mijn spiegelreflex en 100-400 objectief op de zwarte stern, maar helaas de autofocus kon de snelle vogels niet scherpstellen. Wellicht was het te donker en vielen de vogels weg tegen het donkere water. Vervolgens heb ik de camera met de hand scherpgesteld en toen lukte het beter.

Zwarte sterns zijn vogels van het ondiepe moeras. Ze broeden op drijvende watervegetatie (liefst krabbenscheer), nestvlotjes en modderbanken in ondiepe en matig voedselrijke moerassen en in agrarische gebieden met brede sloten en modderbanken. Ze foerageren niet ver van de kolonies op kleine visjes, amfibieën, insecten en regenwormen. Zwarte sterns overwinteren in West-Afrika.

Zwarte sterns broeden in mei-juni. Ze hebben één legsel per jaar van 2-3 eieren. Broedduur 20-22 dagen. Het nest wordt gemaakt in zoetwatermilieus op drijvende vegetatie, liefst krabbenscheer, of kunstmatige nestvlotjes. Ze broeden in kleine kolonies. De jongen zitten 25-28 dagen op het nest. Ze kunnen het nest al vanaf de tweede week voor langere tijd verlaten en worden nog enige tijd na uitvliegen gevoerd.

De zwarte stern staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels als ‘bedreigd’. Om verschillende redenen kwam de zwarte stern in het nauw. Erg belangrijk is de grootscheepse afname van krabbenscheer, de belangrijkste leverancier van nestgelegenheid in ondiepe moerassen. Die afname heeft alles te maken met het inbrengen van gebiedsvreemd hard water in veensloten en -plassen. Ook de sterk toegenomen bemesting en verdroging van veel veenweidegebieden speelt een grote rol. Daar zijn geen grote insecten meer. Waar zulke extensieve graslanden nog wel bestaan, bevinden zich zwartesternbolwerken en kon de soort toenemen door intensief beschermingswerk, waaronder het uitleggen van nestvlotjes. In hoeverre de situatie in de winterkwartieren mede verantwoordelijk is voor de aantalsafname is niet bekend. Bron is de site van Vogelbescherming.

Ik vond een interessant filmpje over de legvlotjes voor de zwarte stern.

Koereiger, purperreiger en lepelaar

Een paar weken geleden ben ik naar De Auken geweest. Dat is een natuurgebied nabij Giethoorn. Ik was er dit jaar nog niet geweest en vreesde dat ik te laat zou zijn voor het broedseizoen…

De wandeling naar de vogelkijkhut is een hele tippel, maar wel een mooie wandeling. In de vogelkijkhut was ik samen met een medewerker van Natuurmonumenten. Dat trof mooi want hij wist mij alles te vertellen over de broedsuccessen in dat gebied. De nesten liggen aan de overkant van de plas.

Zo broedt daar ook de koereiger. Op de site van Vogelbescherming staat het volgende geschreven… De van oorsprong uit Afrika afkomstige koereiger is één van de zeldzamere reigersoorten in ons land. De aantallen lijken de laatste jaren toe te nemen en in 1998 is voor het eerst met zekerheid gebroed in de Wieden (Overijssel), zonder succes overigens. In 2006 was er een evenmin succesvol broedgeval in de Braakman (Zeeland). Koereigers zijn minder dan andere reigers gebonden aan water, en aan te treffen in weilanden met koeien, paarden of schapen. Ook liften ze graag op de rug van een schaap of koe mee.

De overkant van de plas ligt buiten mijn zoombereik om daar mooie foto’s van te maken. Ik moest het dus hebben van overvliegende vogels. Terwijl ik de lucht goed in de gaten hield landde in een boom op korte afstand van de kijkhut een purperreiger. Volgend de medewerker was het een juveniel die voor de eerste keer van het nest was gevlogen. De purperreiger zocht al fladderend een plekje hoger in de boom. Het geheel ging inderdaad wat stuntelig.

Even later kwam een groep lepelaars in glijvlucht over. Een prachtig gezicht. Dat het in glijvlucht is op een foto te zien omdat ze de vleugels allemaal en dezelfde stand hebben. Deze glijvlucht was vanwege hun aanstaande landing op hun nesten.

En tot slot nog enkele purperreigers in vlucht.