Magnolia en een datum-kouderecord

Op 27 maart maakte ik een fotoserie van de rijkbloeiende magnolia in onze tuin. Het was in de dagen dat we er heerlijk onder konden zitten om aan de rand van de vijver koffie te drinken.

Vlak voor zonsondergang maakte ik onderstaande foto.

Op 1 april viel er sneeuw en waren ook de bloemen van de magnolia bedekt met sneeuwhoedjes. De magnolia had daar niet van te lijden.

Echter, in de nacht van zaterdag op zondag heeft zich een klein drama voltrokken. Door de nachtvorst zijn de meeste magnoliabloemen bevroren.

Met -6,3 graden op meetpunt Deelen is het de koudste 3-aprilnacht ooit gemeten. Na de vele datum-warmterecords is er nu sprake van een datum-kouderecord. Daarmee is 113 jaar oud Winterswijks record verbroken. Bron is deze site.

Bij ons is het geen -6,3 graden geweest, maar wel koud genoeg om de magnoliabloemen in één nacht te veranderen van wit/roze naar bruin/wit. Terwijl ik onderstaande foto maakte zag ik een beestje op een bloem zitten.

Het bleek te gaan om een schorpioenvlieg, een mannetje. Hij had het vast ook koud…

De holwortel en de vliegende hommels

Terwijl Jan op zijn weblog nog meerdere mooie series van de ooievaars bij De Lokkerij laat zien ga ik alvast met grote stappen vooruit en zijn we aanbeland bij Landgoed Dickninge. Ik wilde Jan heel graag kennis laten maken met de zeldzame holwortel. Door de wandeling naar de ooievaars had Jan onvoldoende kracht in zijn benen om de afstand over dit zandpad te overbruggen.

In overleg bracht ik hem bij het hek dichtbij de holwortel. In principe is dit pad verboden voor auto’s, maar voor een fotomaatje met MS had ik er geen moeite mee om dit verbod te overtreden. Nadat ik Jan had afgezet bracht ik de auto netjes terug naar de parkeerplaats. Vanaf de parkeerplaats wandelde ik vervolgens in een vlot tempo naar Jan. Hij had ondertussen een prima plekje gevonden…

We hadden geen 2 weken moeten wachten, de holwortel heeft namelijk z’n mooiste tijd gehad.

Het visstoeltje is een mooi hulpmiddel voor Jan voor zijn macrofotografie.

Het lukt mij nog om de macro-opnames te maken terwijl ik op de knieën zit. Inmiddels gebruik ik daarvoor wel mijn kniebeschermers.

Toen ik met onze zoon bij de holwortel was heb ik niet veel tijd genomen voor de macrofotografie. Ook zal onze zoon daar wellicht anders over denken. Nu ik samen met mijn fotomaatje was kon ik daar voldoende tijd voor nemen. Ik heb mijn macro-objectief deze keer gericht op de vliegende hommels.

Nadat we waren uitgekeken en voldoende foto’s hadden genomen wandelden we samen weer terug naar de auto. Tijdens de wandeling richtten we onze camera’s op enkele gebouwen op het landgoed. Op de parkeerplaats troffen we een man en een vrouw. De vrouw was gekleed in klederdracht uit Staphorst-Rouveen.

Kleine voorjaarsspanner

Vandaag ben ik bezig om de laatste 3 van de 25 kozijnen opnieuw in de verf te zetten. Ik ben wel blij dat deze klus dan achter de rug is. Aan de buitenkant van een klapraam waar ik mee bezig was zat een nachtvlindertje. Volgens de app “Obsidentify” is het voor 100 procent de kleine voorjaarsspanner.

De mannetjes van de kleine voorjaarsspanner vliegen vanaf begin januari; de vrouwtjes kunnen niet vliegen. De kleine voorjaarsspanner komt zeer algemeen voor maar dan vooral op de zandgronden in het binnenland en in de duinen. Elders zijn ze schaars of ontbrekend zo staat er op de site van de vlinderstichting geschreven. Deze waarneming is dus in onze tuin (op leemgrond) vrij uitzonderlijk.

Doordat de meeste nachtvlinders nachtactief zijn ze bij de meeste mensen minder bekend dan de dagvlinders. Nachtvlinders zijn ook best mooi om te zien. Ik vond het in ieder geval leuk om op de site van de vlinderstichting te kijken naar de 300 voorkomende soorten spanners in Nederland.

Atalanta in close-up

Na meerdere pogingen, waarbij ik de atalanta’s alleen maar uit de verte kon fotograferen, lukt het om een atalanta van dichtbij vast te leggen. Wat daarbij opvalt is dat de appel al mooi aan het rotten was. En hoe ouder de appel hoe tammer de vlinders…

De theorie daarachter is dat de rotte appels gaan gisten waarbij alcohol wordt gevormd. Wellicht zijn ze gewoon een beetje dronken en daardoor wat suf. 

En als ze versuft zijn dan lijkt het erop dat ze alles goed vinden en dus de fotograaf tolereren.

De atalanta draaide mooi voor mijn macro-objectief z’n rondje en ik kon rustig op de knieën blijven zitten.

Sprinkhaan en groene rietcicaden

Het fotograferen van een sprinkhaan voelt altijd als een spelletje…

Het is een soort kat-en-muisspel. Wie wint er, de sprinkhaan of de fotograaf?

Even om het hoekje kijken of ze daar nog staat met haar camera…

Als ik me omdraai dan zie ik dat mens met die camera ook niet…

Op een vroege ochtend in De Weerribben zag ik deze ieniemienie… Ze waren niet groter dan 1 cm en behangen met dauwdruppels. Ik had aanvankelijk geschreven dat het sprinkhaantjes waren, maar ik werd gelukkig verbeterd door Jan. Volgens mijn app zijn het groene rietcicaden.

De meikever

Ik heb nog een aantal series te gaan met de fotografische hoogtepunten uit onze vakantie op Texel. Vandaag onderbreek ik echter die series door een actueel onderwerp en wel met een fotoserie van een meikever.

Vanwege het koude en natte voorjaar vliegen de meikevers dit jaar laat. Althans dat is mijn hypothese. In en rond onze tuin zijn de meikevers in de regel goed vertegenwoordigd. Het zijn niet meer zulke grote aantallen als jaren geleden, maar toch. Ze vliegen als het schemer wordt. Iedere avond als het bijna donker is sta ik op het balkon te genieten van de langsscherende meikevers en vleermuizen. Ik sta dan bewust in het donker. Meikevers gebruiken namelijk het maanlicht als een manier om recht te kunnen vliegen, van kunstlicht raken ze in de war. Ze vliegen dan rondjes om de lichtbron.

De volwassen meikever eet bladeren van allerlei loofbomen. Hij heeft een voorkeur voor zomereik, beuk en haagbeuk maar ook voor fruitbomen. Dat verklaart de wellicht de aanwezigheid van de vele meikevers in onze tuin. We hebben veel bomen in onze tuin waarvan de meerderheid hoogstamfruitbomen is.

Wat ons opvalt is dat de meikever een voorliefde heeft voor onze krulhazelaar. Deze hazelaar staat aan de rand van de vijver dichtbij onze veranda. Als we na een werkdag op een mooie zomeravond onder de veranda zitten dan zien we de meikever rond de krulhazelaar vliegen. Op een vooravond heb ik getracht een vliegende meikever vast te leggen. Dat viel nog niet mee. Ondanks de instelling (sportfotografie) heb ik er slechts twee redelijke foto’s uit kunnen slepen.

Bij meikevers zijn het vooral de vrouwtjes die heel erg veel eten. Mannetjes eten eerder weinig. Bij de zoektocht naar een vrouwtje, speelt dit gegeven ook een rol. De voelsprieten van mannetjes zijn erg gevoelig voor feromonen, geurstoffen die de vrouwtjes afscheiden. Maar hun voelsprieten zijn nog gevoeliger voor alcoholen, die vrijkomen uit beschadigde bladeren, bijvoorbeeld door etende vrouwtjes. Zo komt het dat de mannetjes in de eerste plaats afkomen op de geur van beschadigd blad en pas erna de feromonen van een vrouwtje in de buurt detecteren. In tegenstelling tot de meeste insecten, waar de mannetjes door de geurstoffen van de vrouwtjes gelokt worden. Bron is deze interessante site waar je alles leest over de meikever.

Dat verklaart dus het gedrag van het mannetje die voortdurend rond de krulhazelaar vliegt om vervolgens ergens tussen de bladeren te landen. Het mannetje vindt tussen de bladeren een vrouwtje. Ik heb ze een keer ‘betrapt’. Ik heb er een paar foto’s van gemaakt. Dat ging lastig vanwege de bladeren en ik wilde ze niet verstoren. De foto’s zijn gemaakt met het macro-objectief, vandaar de beperkte scherpte/diepte.

Het gebeurt ook wel dat een meikever uit een boom valt en op een lager gelegen gelegen plant of op de grond terecht komt.

Deze meikever belandde op een palmboompje.

In plaats van dat de meikever gewoon wegvloog bleef deze tussen de bladeren van de palm rondscharrelen. Toen ik even later weer ging kijken was de meikever toch gevlogen.

Smaragdlangsprietmot

Terwijl ik nog bezig was met het fotograferen van de boterbloemen zag ik dat Jan een eindje verderop druk bezig was met het vastleggen van iets…

Ik liep naar hem toen en hij wees mij op een insect. Later op de computer bleek het te gaan om een dansvlieg. Door de wind danste de vlieg inderdaad flink heen en weer…

Mijn app voor het determineren van insecten gaf aan dat het de akkerdisteldansvlieg (Empis livida) is. Maar die vliegt pas in juni. Een akkerdisteldansvlieg zit o.a. op akkerdistels en die bloeit nu nog niet. Wie het weet mag het zeggen.

Vlakbij de dansvlieg zat een andere insect. Door de macrolens zag ik al direct dat het beestje enorme lange sprieten had. Mijn kennis over de natuur is door de jaren heen, dankzij de fotografie wel dusdanig verbeterd dat ik de familie, langsprietmot al snel kon plaatsen.

Volgens de app en internet zou het kunnen gaan om de smaragdlangsprietmot. Door de bewolking en de harde wind was het geen macro-weer. Dat zal vandaag en de de komende dagen ongetwijfeld anders zijn. Lekker genieten van de lang verwachte zon.