Zilveren maan

Zaterdag ging ik aan het einde van de middag naar natuurgebied, de Weerribben. Ik maakte eerst een flinke rondwandeling om zo aan voldoende stappen te komen. Op de bekende plekjes speurde ik naar de grote vuurvlinder, maar ik zag er niet één. Ik denk dat het te hard waaide. Na een tijdje kwam ik bij een veldje waar de zilveren maan zich in de regel laat zien. Al snel zag ik de vlinder laag verscholen in de vegetatie. Het kwam vast door de wind dat de vlinder zo laag ging zitten.

De zilveren maan is een zeldzame standvlinder die vooral voorkomt in de kop van Overijssel, in Friesland en op Terschelling. Elders in Nederland zijn hier en daar nog kleine populaties.

Met een voorvleugellengte van 18-22 mm is het een kleine vlinder. Door de mooie tekening op de bovenkant en onderkant van de vleugels vind ik het een mooi verschijning.

De zilveren maan heeft een behaard koppie, het is net een oud mannetje met een hangsnor.

Na enige tijd ging het minder hard waaien. Dat was ook het moment dat de vlinders hogerop gingen zitten om voedsel te verzamelen.

Ik was blij dat ik dit moment had afgewacht.

En wat de zeldzame grote vuurvlinder betreft, laat je morgen verrassen…

Insecten in het Woldlakebos

Het Woldlakebos is geen traditioneel bos. Er staan wel veel bomen, maar het is met name een drassig stuk natuur met vele slootjes. Het Woldlakebos is een ideaal gebied voor libellen en vlinders. Er komen in het Woldlakebos meer dan 40 soorten libellen voor. In de vele sloten en plassen voelen de larven zich prima thuis en langs de brede paden zijn voldoende insecten te vinden voor de volwassen libellen.

Op een ochtend was ik al heel vroeg in het Woldlakebos. Als eerste kwam ik deze pantserjuffer tegen.

Even later zag ik een viervleklibel aan een rietstengel hangen.

Voor het fotograferen van de insecten had ik mijn spiegelreflex met de 100-400 mm zoomlens meegenomen. Voor het vastleggen van het landschap nam ik mijn handzame Nikon bridgecamera mee.

Ook een klein geaderd witje kruiste mijn pad.

Een groene glazenmaker vloog voor mij langs en streek neer op een rietstengels. Als ik deze niet eerst had zien vliegen dan had ik deze niet ontdekt. Door zijn kleur ging deze libel op in de omgeving.

Grote weerschijnvlinder

Vandaag onderbreek ik de series van Texel vanwege een bijzondere waarneming. Althans, ik vind het een bijzondere waarneming. Zaterdagochtend werd ik vroeg wakker en het was mooi weer. Ik besloot om een wandeling te gaan maken met de camera’s en zo was ik al vroeg in het Woldlakebos.

Op dit pad zag ik een donkere vlinder fladderen.

De vlinder streek neer op het zand. Dat was niet zo fotogeniek plekje. Op dat moment wist ik nog niet wat voor vlinder het was, ik dacht dat het misschien een landkaartje was.

De vlinder stak de tong in een hoopje wat bij nadere bestudering volgens mij een oude hondendrol was.

Het volgende moment spreidde de vlinder de vleugel en toen zag ik het….de grote weerschijnvlinder. Een aantal jaren geleden hebben Jan en ik deze gezien en gefotografeerd, ook in De Weerribben. Hemelsbreed niet ver van het Woldlakebos vandaan. Naast de grote vuurvlinder vind ik de meest bijzondere vlinder die ik ken.

Het is een vrij zeldzame vlinder die de laatste jaren steeds beter vaker wordt waargenomen in ons land. Het opwarmende klimaat draagt er wellicht aan bij dat deze forse dagvlinder steeds vaker wordt gesignaleerd.

De blauwe verkleuring op de vleugels van het mannetje komt door iriseren. Dit betekent dat de vleugels naargelang de invalshoek van het zonlicht, kunnen verkleuren van bruin naar een prachtige blauwe kleur.

Hun leven van de weerschijnvlinder speelt zich voornamelijk hoog in de bomen af. Daar voeden de vlinders zich met honingdauw en sap van bloedende bomen. Ook hun eieren leggen ze hoog in de bomen, in de toppen van een wilg. De omstandigheden waarin de weerschijnvlinder haar eitjes legt, komen nogal nauw. Ze legt ze alleen bij zonnig weer en wel op oude wilgenbladeren op 5 meter hoogte. Het moet niet alleen een warme plek zijn, ook de luchtvochtigheid moet hoog zijn. Het zijn dus bomen op beschutte vochtige plaatsen die in aanmerking komen, zoals luwe bosranden.

Soms zie je de mannetjes op de grond, waar ze drinken uit een plasje water of zich tegoed doen aan uitwerpselen. Vrouwtjes zie je zelden beneden. Behalve de blauwe verkleuring op de bovenvleugels van het mannetje vind ik de onderkant van de vleugels ook mooi getekend.

Ik ben in mijn leven nog nooit zo blij geweest met een hondendrol…

Dit mannetje was zo vol overgave aan het ‘snoepen’ van de uitwerpselen dat hij zich niets aantrok van de fotograaf. Ik kon de vlinder vanaf alle kanten fotograferen. De blauwe glans zie je alleen als de zon op de vleugels schijnt en je zelf vanuit een bepaalde hoek kijkt. Op de foto hierboven stond ik aan de andere kant van de vlinder en toen was de blauwe glans niet te zien, ondanks dat de zon erop scheen.

Ik heb een filmpje gemaakt van de foeragerende vlinder. Het mannetje zat voortdurende met gesloten vleugels. Soms werden de vleugels even gespreid. Dat duurde iedere keer wel een minuut of langer. Om die reden heb ik er stukjes tussenuit geknipt anders zou het zo saai worden.

Lesje in riet kammen

Het rietmaai-seizoen is voorbij. Voor 1 mei moet al het riet gemaaid en afgevoerd zijn uit het rietland. Op die laatste dag kwam zijn vrouw samen met de kinderen koffiedrinken in het rietland. Ik was erbij om er van te genieten en er een fotoserie van te maken. Het zijn tenslotte mijn oogappeltjes.

Klaas Jan kamt met een machine het onkruid uit het riet. De kinderen vinden het een leuk werkje om dat met de hand en een kam te doen. Ze werden daarbij begeleid door hun moeder. ‘Je moet onderaan beginnen met kammen net als bij je haar en daarna ga je steeds wat hoger’, zo schetste hun moeder. Moeders zijn heel praktisch en dat blijkt wel weer. 😃

Naar het rietland

Na het bezoek aan Gerjanne en de kinderen en de fotosessie bij de lammetjes vervolgden Jan en ik onze reis. We reden naar het rietland van Klaas Jan. Dit rietland ligt bij het buurtschap Muggenbeet onder de rook van Blokzijl.

Op de zaterdagen gaat Klaas de hele dag met zijn vader mee naar het rietland. Door omstandigheden ging Klaas deze keer wat later op de ochtend. Het trof mooi dat hij met ons kon meerijden en zo hoefde Gerjanne hem niet te brengen.

Klaas rende voor ons uit en koos voor de langste weg naar zijn vader. Ik dacht dat hij niet via het natte weiland wilde. Ik koos voor de kortste weg en stak het weiland schuin over. Ik had laarzen aan dus de plassen waren geen probleem.

Al snel bleek dat ik Klaas had moeten volgen, want hij wist de weg. Ik stuitte namelijk op een sloot en moest alsnog omlopen. Jan was mij gevolgd, zij het wel op enige afstand. Ook Jan moest helaas een stukje terug lopen. Voor Jan was dit extra vervelend omdat hij door de MS weinig kracht heeft in z’n benen. Halverwege de tocht was er een gelegenheid waar hij even kon zitten om bij te komen van deze zware wandeling.

Klaas was blij dat hij zijn vader én Rhena weer zag.

We arriveerden tegen lunchtijd. Dat kwam mooi uit. Klaas Jan zette de machine stil, zo konden we in alle rust bijpraten en onze lunch nuttigen.

Een tegenlichtopname van het ‘geschoren’ rietveld.

Wordt vervolgd.

Een mooie vangst

Op 10 januari maakte ik een fotoserie bij de vogelkijkwand. Bij het archiveren kwam ik erachter dat ik deze fotoserie nog niet had laten zien. De plas was voor een deel bedekt met een dun laagje ijs.

Op grote afstand van de kijkwand lag de plas open.

Na een tijdje streken daar wilde eenden en grote zaagbekken neer. De afstand was alleen te overbruggen met mijn Nikon bridgecamera. De eenden dobberden wat rond. Zo nu en dan doken ze onder om te foerageren.

Plotseling was er reuring op het water. Een mannetje zaagbek had een mooie buit gevangen. Gezien de rode vinnen zou het een rietvoorn kunnen zijn.

De andere zaagbekken waren van mening dat deze mooie vangst wel gedeeld kon worden en zetten de achtervolging in.

Maar de geluksvogel liet zich ‘de kaas niet van het brood eten’. Op de voorgrond drijft een nonnetje. Dit mannetje hield zich wijselijk verre van deze schermutseling.

De bridgecamera stond ingesteld op enkelvoudige opname, daardoor had de AF moeite om de snelle bewegingen helemaal scherp te krijgen.

Zwanenliefde

Vandaag neem ik jullie weer mee naar het zwanengevecht bij de kijkwand in De Weerribben. De ene zwaan achtervolgde de andere zwaan. De achtervolging duurde best lang. Het had er alle schijn van dat de achtervolger de andere zwaan voorgoed een lesje wilde leren…

Volgens een andere fotograaf bij de kijkwand waren het twee mannetjes die vochten om een vrouwtje…

Eindelijk was de achtervolging ten einde. Het ene mannetje blies de aftocht. Het andere mannetje richtte zich op het vrouwtje.

De liefdesbetuigingen konden beginnen.

Zwanenliefde.

❤️

❤️

❤️

Zwanengevecht

Het was windstil en zonnig weer toen ik bij de kijkwand in De Weerribben zat. Het beeld werd met name bepaald door een tiental zwanen die daar in alle rust dobberden en foerageerden. Toen begon het te regenen. Dat was een bijzonder gezicht, want de zon scheen en de lucht was nog overwegend blauw. Deze verrassende regenbui deerde ons niet, want de zitplaatsen bij de kijkwand zijn overdekt.

Het ene moment dobberden de zwanen in alle rust rond en het volgende moment was er onrust op het water. Twee zwanen waren in gevecht geraakt. Of eigenlijk werd de ene zwaan achterna gezeten door de andere zwaan.

De achtervolging was niet binnen een minuut bekeken, het ging maar door en door. Dat daarbij een derde partij bijna werd overvaren dat leek ze niet te deren.

En hoe het afloopt laat ik jullie in de volgende serie zien…