Het liefdesspel van een muskusboktor

Tijdens een fotokuier in de Weerribben zag ik een hele grote insect op een schermbloem zitten. Het was de muskusboktor, zo leerde ik later op de computer.

In Nederland is de muskusboktor niet meer zo algemeen als vroeger. Door verdroging groeien er minder wilgen in ons land, waardoor er minder leefgebied voor de tor overblijft. De boktor leeft namelijk vooral op de wilg. Ook voedt hij zich uitsluitend met het stuifmeel en wondsappen van bomen als de wilg. De tor heeft zijn naam te danken aan het feit dat hij bij verstoring een sterke muskusachtige geur uitscheidt. De kever is alleen te zien in juni, juli en augustus.

Dit paartje was bezig met hun liefdesspel. Waar zij ging daar was hij ook…

Halverwege de fotosessie kwam de zon tevoorschijn. Door de zon komt de glanzende metaalkleur beter tot zijn recht.

Zilveren maan, einde vliegtijd

Het lukte mij niet om in de vroege ochtend een zilveren maan met dauwdruppels te fotograferen. Later op de ochtend vond ik nog wel een zilveren maan op een kattenstaart. De vliegtijd leek zo ongeveer ten einde. Op het moment van fotograferen zat er net een grote wolk voor de zon.

Omdat de vlinder keurig bleef zitten heb ik gespeeld met de scherpte/diepte. Bij onderstaande foto heb ik scherpgesteld op de rechter antenne.

Bij onderstaande foto was het scherpstelpunt op het oog en de linker antenne.

Toen de zon weer tussen de bewolking door piepte gaf dat gelijk een ander beeld.

 

Vroeg in de Weerribben

Ik heb al vele series hier laten zien die in de vroege ochtend zijn gemaakt. Ik kan er geen genoeg van krijgen. Ik heb tot vorig jaar niet geweten dat het dan zo mooi en stil is in de natuur. Heel toeristisch Nederland ligt dan nog op één oor…

 

 

 

 

Bedauwde heidelibel en een mug

Op een ochtend was ik rond 6 uur in de ochtend weer in De Weerribben te vinden. Mijn missie was deze keer om een zilveren maan met dauwdruppels te fotograferen…

Deze keer waren er veel muggen. Lastige beesten die ik voortdurend bij mij weg moest slaan. Terwijl ik een heidelibel aan het fotograferen was streek een mug neer op de vleugels.

Ik zoomde wat verder in op de mug.

Na een aantal minuten koos de mug weer het luchtruim. De libel moest eerst wachten totdat ze was opgedroogd.

Helaas heb ik geen zilveren maan met dauwdruppels gezien.

 

 

Kempense heidelibel met dauwdruppels

Op een dag ging ik vroeg in de ochtend naar de Weerribben. De libellensoorten die ik eerder overdag had vastgelegd wilde ik graag nog een keer fotograferen maar dan met dauwdruppels. Die missie is geslaagd. Vandaag is er aandacht voor de Kempense heidelibel.

Hierboven hangt een vrouwtje in alle rust te wachten totdat ze was opgedroogd. Hieronder hangt een ongedurig mannetje, hij wapperde voortdurend met zijn vleugels. Wellicht dat hij op die manier het droogproces wilde bespoedigen.

Kijk verder maar mee naar de diverse Kempense heidelibellen.

 

Toen het zonnetje op de libel ging schijnen kregen de vleugels een prachtige kleur.

 

Heidelibel met dauwdruppels

Op en ochtend was ik rond 6 uur in De Weerribben. Ik wilde graag libellen met dauwdruppels vastleggen. Hoe goed ik ook keek, ik zag geen libellen en juffers hangen. Ik ‘struikelde’ wel over de slakken, ongekend zoveel. Maar daar was ik niet voor gekomen, want dan had ik ook wel in onze tuin kunnen blijven…

Eindelijk ontdekte ik een libel. Het was alsof de libel bestrooid was met kristalsuiker.

Volgens mij was het een steenrode heidelibel, een vrouw.

Het ziet eruit alsof ze naar mij zwaaide. Ze was echter bezig met het droog poetsen van haar koppie.

Het zou niet lang meer duren totdat ze beschenen werd door de opkomende zon. Vanaf dat moment zou ze snel opdrogen en kon ze het luchtruim kiezen.

Even later zag ik een andere heidelibel hangen. Vanwege de volledige zwarte poten determineer ik deze als bloedrode heidelibel, een man.

Kempense heidelibel, man

De Kempense heidelibel is ongetwijfeld een van de mooiste heidelibellen. De mannetjes zijn prachtig diep rood gekleurd dat overloopt naar oranje. De vrouwtjes zijn oranje overlopend in geel. Vandaag komt de man in beeld. In de vorige post liet ik de vrouw zien. De vrouwtjes blijven langer zitten en zijn zo beter vast te leggen. De mannetjes zijn veel ongeduriger. Dat vergt dus meer geduld.

De Kempense heidelibel is beduidend kleiner dan de andere heidelibellen en daardoor in vlucht goed te onderscheiden van de andere heidelibellen. Je kunt de soort ook goed herkennen aan de druppelvormige vlekjes op de zijkant van het achterlijf.

Het is een zeer zeldzame soort die in Nederland tot 2012 alleen op enkele locaties in het zuiden van Noord-Brabant gevonden kan worden. Ze zijn jaren lang alleen gezien bij De Plateaux (onder Valkenswaard) en de Ringselvennen bij Budel-Dorpplein. Op deze plekken lijken de aantallen vrij drastisch achteruit te hollen waardoor het onzeker leek of de soort in Nederland te vinden bleef.

In 2012 werd er totaal onverwachts een Kempense heidelibel gezien bij Zwolle en in 2013 is er een spectaculaire nieuwe populatie in de Weerribben ontdekt. Een totaal onverwachts habitat omdat de soort bekend staat om zijn voorkeur voor fluctuerend waterpeil. Ze komen namelijk vooral in de alpen en in visvijvers voor waar er zomers water staat, maar het in de winter droog valt. De hoop is dat deze nieuwe locatie levensvatbaar blijkt.

Ze vliegen voornamelijk in augustus. Bron is deze site.