Weerspiegelingen

In het jaar 2020 stond de wereld op op z’n kop. COVID-19 regeerde de wereld. Ik hoop toch van harte dat de vooruitzichten voor het jaar 2021 beter zijn. Ik wens jullie dan ook allen een gezegend, gezond en vooral een coronavrij jaar toe! ūüíĖ

Nadat ik een fotoserie had gemaakt van het karakteristieke gebouw in verval  in het centrum van Steenwijk wandelde ik naar de passantenhaven. Er lagen geen boten en het was bladstil. Dat gaf mij mooi de gelegenheid om weerspiegelingen te fotograferen.

Twee jonge mannen waren aan het vissen op snoek. Ik heb een tijdje met hen staan praten over de visstand, over de klimaatverandering en over hun hobby. Voor het vissen op snoek heb je regenachtig weer nodig en daarom vingen ze niets. Even leek het erop dat de visser wat aan de haak had geslagen, maar al snel bleek dat het vissnoer vastzat.

 

Karakteristiek gebouw in verval

In hartje Steenwijk staat tussen het Steenwijkerdiep en de Tukseweg een karakteristiek gebouw.

Als laatste bood het gebouw huisvesting aan de Welkoop. In 2003 verhuisde de Welkoop naar een nieuw pand aan de Roomweg. Het oude gebouw was toen al eigendom van Klaver Vastgoed. Het gebouw staat nu al een aantal jaren leeg en te verpauperen. Voor velen is het een doorn in het oog…

Gemeente Steenwijkerland en Wopke Klaver van Klaver Vastgoed liggen al jaren in de clinch over afspraken die zijn gemaakt over het Welkooppand.  Omdat ze er aan de onderhandelingstafel niet meer uitkomen is het een juridische strijd geworden.

De gemeente stelt als voorwaarde dat Klaver appartementen ontwikkelt en geen detailhandel. Iets dat Klaver niet ziet zitten, vanwege de volgens hem beperkte omvang van deze plek. Ze kunnen niet door √©√©n deur en het lijkt er ook niet van te komen…

Het hele verhaal gaat over de herinrichting en opwaardering van het Gedempte Steenwijkerdiep. Vanwege deze herinrichting werden ruim tien jaar geleden de panden van de Edah en Autobedrijf Rijkmans gesloopt. De gemeente heeft de voorkeur om de locatie van de voormalige Welkoop mee te nemen in de plannen. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Volgens Klaver zijn er in het verleden afspraken gemaakt en worden die niet nagekomen. Volgens de gemeente zijn die toezeggingen niet gedaan. Lees ook dit artikel en dit artikel.

Sinds eind november staan er hekken om het gebouw en is een doorgaande weg afgesloten. Deze hekken zijn geplaatst door de gemeente Steenwijkerland.  Uit onderzoek door de gemeente is namelijk gebleken dat een van de muren van het pand los is komen te staan, daardoor bestond er een risico dat de muur bezweek en delen van de muur op de weg zouden komen.

De eigenaar, Wopke Klaver was door de gemeente gesommeerd actie te ondernemen om de directe omgeving van het pand veilig te stellen. Klaver liet weten geen risico te zien en ondernam geen actie.

Vervolgens werd Klaver een bestuursdwang aangezegd. Op last van deze bestuursdwang kwam Klaver wel in actie. Een juridisch adviseur van Klaver Vastgoed observeerde het pand en er werd besloten om de gevaarlijke muur, die op instorten stond, te slopen. Daarmee heeft Klaver deels voldaan aan de last onder bestuursdwang.

Naast het getouwtrek tussen de gemeente Steenwijkerland en Klaver Vastgoed vindt ook de commissie Overijssel van Heemschut samen met de Historische Vereniging Steenwijk & Omstreken er wat van. In oktober 2019 vroegen ze aan de gemeente om bescherming van het karakteristieke pakhuis en werd verzocht om de monumentenstatus te verlenen.

Het gebouw aan de Tukseweg, te weten het kantoor ¬†inclusief het tussenstuk heeft ¬†in het geldende bestemmingsplan de aanduiding ‚Äúkarakteristiek‚ÄĚ. Daarmee is sloop, zonder omgevingsvergunning, niet mogelijk.

Echter het achterste gedeelte, te weten het pakhuis aan het Steenwijkerdiep heeft die aanduiding niet en dat baart Heemschut zorgen.

Het betreft een redelijk gaaf voorbeeld van een industrieel pakhuis uit het begin van de 20e eeuw. Vanaf de bouw is het pakhuis lang in gebruik geweest als graanpakhuis. Later werd het in gebruik genomen door de Coöperatieve Landbouwbank, voorganger van de Welkoop.

Het pakhuis is het laatst overgebleven bouwwerk met een industri√ęle functie aan het (gedempte) Steenwijkerdiep. Als zodanig is het pakhuis van cultuurhistorische en¬† sociaaleconomische betekenis.

Daarnaast is dit pand in zijn omgeving niet alleen beeldbepalend, maar zeker ook een bijzondere manifestatie van een episode uit de watergebonden geschiedenis van Steenwijk. Men pleit voor behoud van dit markante pakhuis en voor een onderzoek naar de mogelijkheden om het pakhuis een nieuwe bestemming te geven, bijvoorbeeld een woonbestemming. Bron: Site van Erfgoedvereniging Heemschut.

De sloop van de muur van het middenstuk heeft geen consequenties voor de voortgang van dit project. Sterker nog, Klaver heeft laten weten dat hij vooralsnog niet van plan is om het pand te slopen. Hij wil het liever laten staan als bewijs van de zeer teleurstellende handelswijze van wethouder Bram Harmsma. In een eerder stadium heeft Klaver al laten weten dat hij het geld niet nodig heeft. Bron: Steenwijker Courant. Het heeft er dus alle schijn van dat deze doorn in het oog nog wel een tijdje blijft zitten…

 

De uitkijktoren op de Woldberg

Vandaag vervolgen we onze weg naar de uitkijktoren op de Woldberg.

Ruim 2  jaar geleden bracht ik samen met Jan een bezoek aan de uitkijktoren.  We beklommen de toren waarbij Jan helemaal tot het hoogste punt kwam en ik niet verder durfde dan tot 2/3 deel. Die fotoserie en details over de toren heb ik geplaatst in deze post op mijn vorige weblog.

Mijn hoogtevrees is in die twee jaar niet gewijzigd. Met knikkende knie√ęn begon ik aan de klim. Ook deze keer kwam ik niet verder dan tot 2/3 deel van de toren. Het bosgebied, De Woldberg steekt 25 meter boven het omringende land uit. Vanaf het hoogste punt van de toren sta je nog een keer 24 meter hoger. Bij goed weer reikt het uitzicht tot ver in 4 provincies. Je ziet de toren van Emmeloord (Flevoland), de verbrandingsoven van Diever (Drenthe), het Abe Lenstrastadion in Heerenveen (Friesland) en de hoogbouw van Zwolle (Overijssel). Vanaf de uitkijktoren heb je ook goed zicht op de verbindingen in het landschap. De zonsondergang vond ik niet spectaculair.

Toen ik goed en wel op de toren stond kwamen er meerdere mensen aangewandeld. Ook zij wilden de zonsondergang zien vanaf de uitkijktoren. Veiligheidshalve zette ik mijn mondneusmaker op. Met bewondering zag ik de mensen met gemak en veelal met losse handen de toren beklimmen.

Na enige tijd ben ik weer afgedaald op dezelfde manier zoals ik naar boven ging, heel voorzichtig en mij vasthoudend aan beide leuningen. Ik was blij dat ik weer met beide voeten op de grond stond.

Wordt vervolgd. 

Stille tocht en monument ‘Levenslicht’

Het jaar 2020 staat in het teken van 75 jaar bevrijding. Behalve het vieren staat dit jaar ook in het teken van gedenken. ‘Opdat wij nooit vergeten!’ In het kader van het gedenken was er op woensdagavond 22 januari een stille tocht in Steenwijk. We verzamelden ons naast de toegang naar park Rams Woerthe.

Net buiten het park staat het Joods monument. De omtrek van de Davidster werd zichtbaar gemaakt door lichtjes. Op dit punt startte de stille tocht. Het ging die avond niet om het fotograferen, maar om het doel van de tocht. De kwaliteit van de foto’s is daarom in dit verhaal dan ook van ondergeschikt belang.

De stille tocht was voorafgaande aan de onthulling van een monument later op de avond. Daar kom ik verderop in het verhaal op terug.¬†We doorkruisten de binnenstad en kwamen zo langs diverse plaatsen waar Struikelstenen in de bestrating zijn gemetseld. Bij de Struikelstenen werden kiezelsteentjes achtergelaten. Het achterlaten van kiezelsteentjes is een Joods gebruik. Daarmee laat men zien dat men op bezoek is geweest en dat de gestorvene wordt ge√ęerd en niet is vergeten.

Speciaal voor dit jaar van gedenken ontwierp Daan Roosegaarde een kunstwerk, het Holocaust-monument. Het kunstwerk bestaat uit 104.000 stenen, die in het donker oplichten. Zowel in de Joodse herdenkingstraditie als in de Roma- en Sinticultuur zijn stenen belangrijk. Kunstenaar Daan Roosegaarde en zijn team hebben deze traditie als inspiratie gebruikt. Elke steen symboliseert één Nederlands slachtoffer van de nazi’s. Het Holocaust-monument werd op 16  januari in Rotterdam gepresenteerd. Na de presentatie zijn die 104.000 stenen verdeeld over de 171 gemeenten, waaruit in de oorlog mensen zijn gedeporteerd. Steenwijkerland is één van die gemeenten. Elke deelnemende ­gemeente bepaalt zelf waar de stenen komen te liggen, zolang het maar een respectvolle plek is. In Steenwijk ligt het kunstwerk in de Grote of Sint-Clemenskerk. Ook uit Steenwijkerland zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog Joodse inwoners weggerukt en vermoord: 52 inwoners uit Steenwijk, 8 inwoners uit Blokzijl en 1 inwoner uit Eesveen.

Burgemeester Bats liep mee met de stille tocht. Na afloop van de stille tocht en voorafgaande aan de presentatie van het monument hield hij een ontroerende toespraak.

Na de toespraak legde een meisje een steen bij het monument.
De 500 stenen lichten om de paar seconden op en doven daarna weer … als ademhaling in licht.

This slideshow requires JavaScript.

Het monument wordt tentoongesteld dagelijks (ook op zaterdag) van 16.00 uur tot 18.00 uur. Op zondag is het monument te zien tijdens de kerkdienst van 09.30 uur tot 11.00 uur en daarna op zondag van 11.00 tot 12.00 uur.

De Reune als provinciegrens

Naast ons huis loopt een sloot en die sloot noemen we de Reune. Deze sloot is een zogenaamde afwateringssloot en is gegraven tijdens de ruilverkaveling eind jaren zestig, begin jaren zeventig. De Reune begint aan de Steenwijkerweg en eindigt in het kanaal Steenwijk – Ossenzijl.

De Reune vormt over een traject van 2,5 km de grens tussen Overijssel en Friesland.  Het bepalen van deze grens is niet overal even handig geweest. Doordat de provinciegrens dwars door de landerijen gaat ligt een deel van de bewoning van ons dorp op Fries grondgebied. Sterker nog, bij onderstaande foto is te zien dat de Reune en dus de grens dwars door het boerenerf loopt. Op Google Maps kun je mooi zien dat het voorhuis van deze boerderijen in Overijssel liggen en de stallen in Friesland.

Ik vroeg mij af hoe dat in de praktijk zou zijn en ging op onderzoek uit. Daarvoor belde ik aan bij één van de boerderijen en vroeg ik aan de eigenaar hoe dat zit met die provinciegrens. Hij vertelde mij dat ze inderdaad aangewezen zijn op twee provincies. Ze betalen bijvoorbeeld onroerende zaakbelasting voor een deel aan gemeente Westellingwerf en een deel aan gemeente Steenwijkerland. Ook wat betreft het aanvragen van vergunningen zijn ze aangewezen op twee gemeentes. Nu kan het zo zijn dat het boerenbedrijf eerst alleen in Overijssel lag en dat ze voor uitbreiding land in Westellingwerf moesten kopen. Dat laatste ben ik vergeten te vragen.

Als je op Google Maps de grens tussen Friesland en Overijssel volgt dan kom je tot de conclusie dat de grens wel een grillige loop heeft. Tussen Schoterzijl en Et Wiede wordt over een lang traject de provinciegrens bepaald door het riviertje de Lende. Bij Et Wiede scheiden de Lende en de provinciegrens van elkaar. Naar mijn idee was het handiger geweest als ze de Lende consequent hadden aangehouden voor het bepalen van de grens.

Of wellicht was het nog beter geweest om het riviertje De Tsjonger (of Kuunder) te hanteren als provinciegrens. De Tsjonger vormt namelijk de taalgrens tussen het Fries sprekende gebied en het gebied waar met Stellingswerfs spreekt.  Het Stellingswerfs is het Saksisch dialect wat zowel in de Stellingwerven als ook in Noordwest Overijssel wordt gesproken. De Friezen die aan de noordkant van De Tsjonger wonen beschouwen de inwoners van de de Stellingwerven niet als Friezen. Terwijl ik met dit logje bezig was en daarvoor informatie zocht op internet kwam ik o.a. op  deze site terecht. Deze interessante site gaat over de geschiedenis van de Stellingwerven en Noordwest Overijssel.

Maar nu weer terug naar onze Reune. Op deze plaats is de Reune beduidend breder. Waarom dat zo is daar kom ik de volgende keer op terug. Op internet ontdekte ik namelijk nog veel meer interessant nieuws over de Reune.

En hier zijn we weer aangekomen bij de schapen op het licht berijpte weiland. De provinciegrens buigt bij de bomenrij aan de horizon af naar noord-noordwestelijke richting. Zie Google Maps. De Reune loopt verder in zuidwestelijke richting.

Wordt vervolgd.