Vuurtoren in het licht

Voor en na de zonsondergang op het strand aan de noordkant van Texel zoomde ik op de vuurtoren. De vuurtoren is met zijn donkerrode kleur een mooie blikvanger in het landschap.

Vanwege Corona is de vuurtoren gesloten voor publiek. Zie ook deze site.

Nadat de zon achter de wolkenband vlak boven de horizon was gezakt spreidde ze nog enigszins een rode gloed over de zee en het land.

Na de zonsondergang kwam het blauwe uurtje. De vuurtoren ontstak de lampen…

This slideshow requires JavaScript.

Zonsondergang bij de vuurtoren

De eerste avond tijdens ons verblijf op Texel gingen we naar de zonsondergang bij de vuurtoren. Deze keer had ik twee modellen mee en daar heb ik dan ook dankbaar gebruik van gemaakt. Onze dochter en zoon zijn wijs met elkaar…

Zonder verdere tekst neem ik jullie mee naar de vloedlijn…

De zon zagen we uiteindelijk niet achter de horizon verdwijnen, ze zakte in een wolkenband vlak boven de zeespiegel. Desondanks hebben we volop genoten. Het was inmiddels fris geworden, tijd om weer terug te lopen richting de vuurtoren.

 

Aan de Waddendijk op Texel

Onlangs brachten we een midweek door op Texel. We zijn al tientallen keren op Texel geweest, maar het was voor het eerst dat we een huisje huurden aan de oostkant van het eiland. We troffen het geweldig met de plek, het huisje, het weer en het gezelschap. Het was een vakantie waar we allemaal met veel plezier op terugkijken. In de komende series neem ik jullie graag mee naar deze vakantie.

Mijn man en ik huurden een 6-persoonshuisje. We nodigden onze kinderen uit om ook een dag en eventueel een nacht te komen. Dat was niet tegen dovemansoren gezegd… ze reisden de eerste dag met ons mee en de laatste dag weer met ons terug. Helaas kon onze schoonzoon geen vrij krijgen en kon hij dus niet met ons mee.

Ons huisje lag op loopafstand van de Waddendijk. Onze dochter trok hier een sprintje de Waddendijk op.

Vanaf de nieuwe Waddendijk heb je een prachtig uitzicht.

Tussen de de oude en nieuwe waddendijk liggen natuurgebieden waar veel zout water onder de dijk doorsijpelt. Dit maakt de grond ongeschikt voor landbouw, maar interessant voor natuurliefhebbers. Door de aanwezigheid van ondiepe waterplassen is het een paradijs voor veel wad- en weidevogels. Wadvogels zoals de kluut en de bontbekplevieren gedijen hier goed. Het zijn rijke broedplaatsen voor sterns en kluten.

Op onderstaande foto’s lijkt het erop dat iemand heeft geprobeerd het slijk tussen de oude en nieuwe dijk te bewandelen. De kleding met het opgedroogde slijk zijn daar meerdere dagen blijven liggen.

De brede strook tussen de weg en het natuurgebied stond vol met diverse planten waaronder de brede orchis. Ik was aangenaam verrast door de vele dagvlinders die zich tegoed deden aan het lekkers wat deze bloemen bracht.

Groot was dan ook mijn verontwaardiging toen ik zag dat op een dag alles was weggemaaid. Met het gras lagen ook alle bloemen zielig te verdorren. Er was natuurlijk geen vlinder meer te bekennen…

 

Wordt vervolgd.

Varen door de Dorpsgracht in Giethoorn

En als je dan aan de oever van de Bovenwiede staat en de bootjes ziet varen en de geur van het water ruikt dan lokt het om ook zelf te gaan varen…

En die mogelijkheid was er. Bij  het vakantiehuis was er een boot met aanhangmotor en twee kano’s aanwezig. Mijn vriendin vindt varen ook geweldig, maar kan de boot met aanhangmotor niet zelfstandig bedienen. Ik ben aan het water opgegroeid en van jongs af aan met boten in de weer geweest, dus nam ik de rol van schipper op mij. We voeren eerst over het Bovenwiede.

Vanaf het Bovenwiede voeren we naar de Dorpsgracht. Normaal gesproken is de Dorpsgracht vol met huurboten met toeristen en dan met name toeristen uit Aziatische landen. Nu, tijdens de corona-crisis was het er heerlijk rustig.

Het is voor de middenstand niet goed, maar ik vond het genieten zo. Het voelde weer net als vroeger…

We werden verwend met een heerlijk maaltijd. Bij het afscheid blijft het onwennig dat je dit heerlijk samenzijn niet kunt afsluiten met een omhelzing…

Neefjes en andere beestjes

In het vorige logje schreef ik dat er bij het vakantiehuis wolken neefjes (mietsen) aanwezig waren, waarop Klaproos zich afvroeg of er een hele familie huisde. En ook Willy moest ‘neefjes’ opzoeken Met neefjes (mietsen) bedoel ik die vervelende steekmugjes. Op onderstaande foto zie je tegen een donkere achtergrond een wolk neefjes in de lucht.

Er zijn vele benamingen voor deze lastige beestjes. Behalve neefjes worden ze ook wel mietsen, knutten, knaasjes, knijten, mampieren, meurzen of zandvliegjes genoemd. Dat is het nadeel van wonen in drassig gebied. Op de site van de Brederwiedekrant staat o.a. beschreven wat helpt als je belaagd wordt door mietsen. De miets trekt zich na de langste dag terug. Daarna zijn we verlost van deze stekende insecten.

Behalve mietsen heb ik daar nog meer beestjes vastgelegd…

Morgen het vervolg met een vaartocht door de rustige Dorpsgracht.

 

Kleine karekiet

Onlangs waren we op bezoek bij vrienden in een vakantiehuis aan het Bovenwiede. Zie Google Maps. Het was prachtig weer en we zaten buiten. We konden zo de 1,5 meter afstand handhaven.

Ik had mijn camera meegenomen, want ik was door onze vrienden getipt dat de kleine karekiet zich liet horen in het riet bij het vakantiehuis. Vanaf het balkon aan de voorkant van het huis had ik mooi zicht op de voortuin en het Bovenwiede.

Toen we bij het huisje aankwamen hoorde ik al direct het riedeltje van de kleine karekiet. In tegenstelling tot de rietzanger zit de kleine karekiet meer verscholen in het riet en laat zich dan ook niet snel zien en vastleggen. Al snel bleek dat het balkon een geschikte plek was om de kleine karekiet te zien en vast te leggen. Toen de kleine karekiet iets hoger in het riet zat dan normaal kon ik vanaf mijn hoge plekje mooi inzoomen op de kleine karekiet.

Bij het vakantiehuis waren er wolken neefjes (mietzen) aanwezig. Doordat er een stevige bries stond hadden we gelukkig geen last van de neefjes. Op onderstaande foto wordt het vogeltje omringd door neefjes.

De kleine karekiet is in Nederland een algemene broedvogel in rietvelden die aan water grenzen. De kleine karekiet lijkt veel op de bosrietzanger. De bosrietzanger liet ik hier op 27 mei zien. De kleine karekiet zingt echter een vrij eenvoudig krassend liedje, terwijl de bosrietzanger urenlang kan doorzingen.

De Nederlandse naam van de karekiet is een zogenaamde onomatopee. Dat wil zeggen dat hij net als bijvoorbeeld de koekoek en de kievit, met enige variatie, zijn eigen naam zingt.

Ik denk dat veel mensen dit liedje kennen…
Karre karre kiet kiet kiét
Je hoort me wel maar je ziet me niet niet niét

Op deze site vond ik ook nog een ander liedje…
Kare-kare-kiet-kiet-kiet.
Mijn nestje zit in ‘t riet
Van je leven vind je het niet, niet, niet!

 

Bruine kiekendief, purperreiger, roerdomp en tafeleend

De afgelopen weken ben ik meerdere keren met de camera naar mijn geboorteplaats gereden. Tussen 2012 en 2015 realiseerde men daar een natuurgebied van circa 324 hectare. Tevens dient dit gebied als waterberging. In dat gebied hebben vele water- en moerasvogels een plekje gevonden. Het is dan ook een el dorado voor vogelaars. Vanuit hun mobiele kijkhutten verstopt achter enorme lenzen turen ze over het gebied op zoek naar vogels. Ik moet het doen met mijn bescheiden Nikon bridgecamera, maar dan wel één met sterke zoom. Hieronder heb ik een compilatie geplaatst van vogels die ik daar heb vastgelegd. De kwaliteit van de foto’s laat hier en daar wat afweten, maar het gaat om de bijzondere waarnemingen…

In dat gebied huizen meerdere bruine kiekendieven. Tijdens het foerageren zweven ze laag over het rietland. Zo nu en dan rustig flappend, schommelend, biddend en draaiend om vervolgens op hun prooi te duiken…

Een andere indrukwekkende verschijning in dat gebied is de purperreiger. Toen ik mijn auto liet uitrollen vloog er een purperreiger op uit het riet om vervolgens een eindje verderop weer neer te strijken. Een andere keer vloog er een purperreiger over. Om een goed beeld te krijgen van de purperreiger heb ik een foto uit het archief toegevoegd…

Een roerdomp hoor je wel, maar zie je niet zo snel. Het is een schuwe vogel die zich met zijn schutkleuren ook nog eens prima kan verstoppen tussen het riet. Soms heb je geluk dat ze opgeschrikt opvliegen…

Op dit moment zwemmen daar meerdere tafeleenden rond. Tafeleenden zijn duikeenden die vooral in de herfst, winter en het vroege voorjaar in Nederland te zien zijn. Opvallend is dat het mannetje van de tafeleend al in juni wegtrekt, als het vrouwtje nog aan het broeden is. De vrouwtjes en de jongen volgen later. Zie ook deze site.

Rietgors

Onlangs maakte ik een wandeling in de Weerribben. Ik hoorde o.a. de roerdomp, de koekoek en de snor, maar dat zijn vogels die zich niet snel laten zien. Tijdens die wandeling lukte het wel om een rietgors vast te leggen. Weer een primeurtje. De eerste keer zat de vogel wat verder weg. Vanwege de straffe wind viel het nog niet mee om de vogel op die zwiepende wilgentakken fatsoenlijk op de foto te krijgen.

Het was een mannetje rietgors in voorjaarskleed. Ze zijn te herkennen aan hun zwarte kop en witte ‘sjaal’.

Jan schreef het al in zijn reactie: ‘Je wordt echt steeds meer vogelaar, hè.’ Het werkt inderdaad verslavend. Als je voor het eerst een bepaalde vogel voor de lens krijgt en het lukt om een aardige foto te maken en om de naam te vinden, dan smaakt het naar meer. En zo gebeurde het dat ik opnieuw afreisde met de camera naar De Weerribben. Ik maakte nu een andere wandeling en ook daar liet de rietgors zich zien. Deze keer zat de rietgors in het riet en dat is gezien de naam wel zo leuk.

De wandeling werd ongewild veel langer dan dat de bedoeling was. Ik genoot volop. Een paar kilometer verderop kreeg ik de rietgors nogmaals voor de lens. Deze rietgors had een snavel vol met voedsel. Het was vast de bedoeling om dit aan zijn jongen te voeren, maar er zat een fotograaf in de weg…

En al dat moois is te zien en te beluisteren in de Prikkepolder. Het gebied waar mijn vader en later mijn zwager ooit het riet sneden. Het gebied waar ik als kind heel wat heb rondgestruind toen ik met mijn vader meeging naar het rietland.

12 mei, Dag van de Verpleging

Sinds 1964 viert Nederland op 12 mei de Dag van de Verpleging. 12 mei is de geboortedag van Florence Nightingale, een Britse verpleegster die bekend is geworden als grondlegger van de moderne  verpleegkunde. Het instellen van de Dag van de Verpleging had tot doel te zorgen voor een beter aanzien van de verpleging, zowel binnen de beroepsgroep als daarbuiten. Zie ook op deze site. Vanwege de Dag van de Verpleging neem ik jullie mee naar het verleden. Op zondag 10 mei was er een uitzending van Andere Tijden over de zorgsector. Klik hier voor de uitzending. Onderstaande foto is van de site van Andere Tijden.

Als kind wist ik al dat ik later als zuster in een ziekenhuis wilde werken. Na mijn eindexamen mavo in 1980 ging ik naar de havo. In die tijd moest men minimaal een havo-diploma hebben en de vakken Biologie en Scheikunde en goede cijfers om in aanmerking te komen voor een opleidingsplaats in een ziekenhuis.  In de jaren tachtig zaten we in een economische recessie. Een opleidingsplaats voor de inservice-opleiding waarbij men gelijk inkomen had was toen enorm in trek. Het lukte mij om een opleidingsplaats te krijgen in Zwolle. In september 1982 startte ik met de inservice-opleiding in het Sophia ziekenhuis. Op onderstaande foto heb ik voor het eerst een uniform aan.

De opleiding begon met 3 maanden vooropleiding waarbij we theorie- en praktijklessen kregen binnen het ziekenhuis. We hadden een leuke groep, een geweldige groepsdocent, het was een prachtige tijd. We wasten elkaar, zetten elkaar op de po, poetsten elkaar de tanden, wasten elkaar het haar, deden mondverzorging en leerden de ‘onderbeurtjes’ op een pop.

Gedurende mijn opleiding heb ik zoals gebruikelijk op bijna alle afdelingen gewerkt. Of het nu bij de oudere patiënten was of bij de kinderen of op de klasse-afdeling of bij de kraamvrouwen en pasgeborenen, ik heb het overal naar de zin gehad. Op 26 februari 1986 ontving ik mijn diploma. Het was in meerdere opzichten een bijzondere dag want er werd op die dag ook een Elfstedentocht gereden.

Ik heb gedurende 18 jaren met veel plezier in het Sophia Ziekenhuis gewerkt. In het jaar 2001 maakte ik de overstap naar ziekenhuis Tjongerschans. Het was wel even wennen aan de Friese taal en aan een andere cultuur dan dat ik gewend was in Zwolle, maar ook in dit ziekenhuis werk ik met veel plezier.

Ik vind het leuk dat onze dochter ook gekozen heeft voor de zorg.  Onderstaande foto is gemaakt toen ze haar mbo-stage liep in ons ziekenhuis. De foto is gemaakt met een mobiel en kwalitatief niet goed, maar ik vind deze te bijzonder om hier niet te delen. Binnenkort hoopt ze haar hbo-opleiding af te ronden.

Als ik opnieuw moest kiezen dan zou ik weer voor een baan in de zorg kiezen. Het is hard werken, maar het is ook heel dankbaar werk. Op deze Dag van de Verpleging wil ik in het bijzonder mijn waardering uitspreken aan al die collega’s en werkers in de zorg die zich inzetten tijdens deze bijzondere periode, tijdens de corona-crisis!

Halsbandparkiet in het Amsterdamse Bos

Met het bezoek aan onze zoon  in het Amsterdamse Bos had ik behalve het weerzien met onze zoon nog een doel voor ogen en wel het vastleggen van de halsbandparkiet. Na de wandeling om de Bosbaan liepen we naar de parkeerplaats. In de bomen op die parkeerplaats hoorden we de parkieten roepen. Met de Nikon in de aanslag liep ik richting de boom waar het geluid vandaan kwam. Toen ik bij die boom was gearriveerd gingen de parkieten er vandoor en streken neer in een volgende boom. En zo ging ‘het spel’ een tijdje door. Net toen ik de moed begon op te geven zag ik iets bewegen in een hoge boom. Het viel niet mee om kijkend door de zoeker de groene parkiet tussen de groene blaadjes te ontdekken. Kunnen jullie de groene vogel tussen de lente-groene blaadjes ontdekken?

Halsbandparkieten zijn afkomstig uit India en Centraal-Afrika. Nadat de eerste halsbandparkieten in de jaren ’60 van de vorige eeuw door de mens zijn losgelaten of ontsnapt uit kooien, bleek de soort zich in Nederland vrij goed te kunnen handhaven.

Het klimaat in Nederland wordt door de wereldwijde temperatuurstijging steeds gunstiger voor de tropische vogelsoort. Tijdens een langdurige koude periode zullen halsbandparkieten doodgaan, maar door het ontbreken daarvan kunnen ze zich steeds makkelijker handhaven.

Aanvankelijk waren ze alleen te zien in Amsterdam en Den Haag, maar de parkiet verspreidt zich de laatste jaren snel in Nederland.  Fruittelers zien hun oogsten opgegeten worden door de tropische vogels. In tegenstelling tot schade die door inheemse diersoorten wordt aangericht, kunnen fruittelers geen aanspraak maken op een vergoeding die door een exoot, zoals de halsbandparkiet is aangericht. Het hele verhaal is te lezen op deze site.