4 en 5 mei

In de zomer van 2021 bracht ik twee keer kort achter elkaar een bezoek aan Kamp Westerbork. Die fotoserie heb ik bewaard voor 4 en 5 mei van dit jaar…

Het was de eerste keer dat ik een rondleiding deed onder begeleiding van een gids. Dat heeft echt een meerwaarde.

De gids vertelde o.a. dat op 4 mei de telescopen in Westerbork in de rouwstand gaan…

De woning van de kampcommandant.

De wagon met de gesproken namen.

Barak 56 en de briefkaarten.

Nationaal Monument Westerbork.

De 102.000 stenen.

Een pannenkoek in het rietland

Het was lunchtijd in het rietland. Nadat ik mijn broodje had verorberd was ik al snel weer in de benen om een foto te maken van een spiegelgladde Roomsloot.

Klaas had van zijn moeder een koude pannenkoek meegekregen en zo te zien ging dat er goed in.

Toen ik op de computer deze foto zag met Klaas in zijn blauwe overall en met het gele broodtrommeltje dacht ik gelijk aan de aan de Oekraïense vlag. Vanuit de hele wereld komen er steunbetuigingen voor Oekraïne door het tonen van deze twee kleuren. Er is niet echt een betekenis voor deze twee kleuren, maar volgens veel Oekraïners staat het geel voor de uitgestrekte graanvelden en het blauw voor de hemel. Omdat Oekraïne de graanschuur van Europa is, is het maar zeer de vraag hoe het straks is gesteld met onze graanvoorraad…

Wordt vervolgd.

Oorlog in Oekraïne

Wat we al langere tijd vreesden is vannacht bewaarheid geworden, Rusland is Oekraïne binnengevallen.

Door het oorlogsgeweld zijn veel mensen op de vlucht geslagen. Op de autowegen staan lange files. Ook op het vliegveld van Kiev melden zich mensen die het land willen verlaten. Het is de vraag of hun vlucht wel zal vertrekken, het luchtruim is namelijk afgesloten.

De VS zei deze week dat een oorlog zou kunnen leiden tot mogelijk vijf miljoen vluchtelingen. Bron: NOS Nieuws op 24 februari 2022.

Ik hoop van harte dat de vluchtelingen tijdig op een veilige plek arriveren.

Het Westerkerkje

Vandaag is het vervolg op de openingsserie van het Westerkerkje.

Het houten kappeletje aan de Westvierderparten is gebouwd in 1935 als nevenvestiging van de Nederlands Hervormde Kerk in Willemsoord. Vanaf 1935 tot 1962 is het in gebruik geweest als kerkgebouw. 

Tot 1950 was er elke zondag dienst, daarna eens in de twee weken. Ook was de zondagsschool in het gebouwtje gehuisvest en bood het ruimte aan de lokale vrouwenvereniging. Vanaf 1962 tot 1979 was het alleen nog in gebruik als zondagsschool. 

In de jaren ´70 gingen er steeds minder kinderen naar de zondagsschool en in 1980 heeft de Friese kunstenaar Rinny Siemonsma het gekocht. Tot zijn overlijden in 1985 heeft hij het gebruikt als atelier en woonplek. Hij heeft het kerkje aan de buitenkant verfraaid met ajour gezaagde boeidelen en een dakruiter (torentje op de nok van het dak).

Het gebouwtje heeft hierdoor, veel meer dan tijdens het gebruik als kerk, een markant uiterlijk gekregen. De gouden eikel op de dakruiter is het Germaanse teken van vruchtbaarheid. 

Na het overlijden van de kunstenaar stond het een aantal jaren leeg. In 1992 werd het gekocht door recreatieondernemer Henk Bosma. Sinds 2013 zijn Holke Looijenga en Ellinor Hellemans van v.o.f. Wadrust de eigenaren. Zij hebben de binnenkant stijlvol gerenoveerd. Het kerkje staat aan de Westvierderparten in de gemeente Westellingwerf en heeft daarom de naam Westerkerkje gekregen. 

Het is een sfeervol onderkomen geworden dat wordt gebruikt voor o.a. coach- en fotografiesessies. Ook wordt het verhuurd voor een korte vakantie of weekendje weg. Zie deze site.

Tegenover het Westerkerkje ligt Landgoed De Eese. Ruim 800 hectare bos, hei en grasland is verdeeld over de provincies Overijssel, Drenthe en Friesland. Kenmerkend zijn de rood geschilderde gebouwen van De Eese, waaronder het mooie Noorse Landhuis. Dit grootste houten huis van Nederland is in 2015 geheel gerenoveerd. Het landgoed maakt deel uit van een uitgestrekt bosgebied van de Woldberg bij Steenwijk richting het Nationaal Park Drents Friese Wold. 

Het Westerkerkje ligt aan de rand van de Maatschappij van Weldadigheid. Deze is in 1918 opgericht door generaal Johannes van den Bosch. Hij ontwierp een sociaal experiment met de oprichting van een ´proefkolonie´. Het doel was om mensen die onder de armoedegrens leefden, de zogenaamde ´paupers´ vaardigheden aan te leren en basisbehoeften te bieden. Daarna zouden ze meer kans hebben om zich te handhaven in de normale maatschappij. Er werd voorzien in werk, onderdak, onderwijs en zorg. Het was een vroege vorm van de verzorgingsstaat en de participatie samenleving. De Maatschappij van Weldadigheid beheert nog steeds de natuur- en cultuurgronden en een deel van de gebouwen in het gebied rond Frederiksoord, Wilhelminaoord en Boschoord. De Stichting Weldadig Oord zet zich in voor de ontwikkeling van het toerisme in dit gebied. 

Bovenstaande informatie heb ik overgenomen van het paneel wat bij het Westerkerkje staat.

Saai grijs en kleurrijk…

Om de virussen te verjagen gaan hier iedere dag gedurende een kwartier alle ramen en deuren tegen elkaar open. Helaas lukt het niet altijd om er een frisse wind door te jagen, de meeste dagen is het hier namelijk bewolkt, saai grijs en windstil…

Ik werd net verrast met een prachtige bos bloemen van mijn collega’s. Deze kleurrijke bos leek me een mooie tegenhanger op bovenstaande saaie foto.

❤️

Unesco Werelderfgoed

Op 26 juli j.l. is ‘De Koloniën van Weldadigheid’ in Frederiksoord, Wilhelminaoord, Veenhuizen en het Vlaamse Wortel bijgeschreven op de lijst van Unesco Werelderfgoed. Dat was voor mij een reden om weer eens een kijkje te nemen in Veenhuizen. Op het moment dat ik daar was, was er ook een professionele fotograaf.

In 1818 kwam Generaal Johannes van den Bosch met een ambitieus plan om de armoede in ons land te bestrijden en richtte de Maatschappij van Weldadigheid op. Hij stichtte landbouwkoloniën en de eerste kwam op de ‘woeste gronden’ zoals hij het gebied rondom Frederiksoord werden genoemd. Eind 1818 staan er 52 boerderijtjes klaar om de arme stedelingen te ontvangen. Hier kunnen ze op werk en onderdak rekenen. De kinderen gaan er verplicht naar school en er is een eigen ziekenfonds. Er komen kerken, winkels, scholen en zelfs rustoorden. Met deze sociale voorzieningen loopt de Maatschappij van Weldadigheid 80 jaar vooruit op de rest van Nederland en wordt daarmee beschouwd als de bakermat van onze verzorgingsstaat. Bron is deze site.

Het leven van de kolonisten in Drenthe was best een hard bestaan. Men moest hard werken op het land, de dagindeling werd voor je bepaald, je was verplicht om naar de kerk te gaan en je was ook nog eens mijlenver van je familie verwijderd. Bovendien werd je bij terugkeer in je oude woonplaats met minachting begroet.

Wie zich niet wilde conformeren aan de regels en de handhaving daarvan, werd ‘opgezonden’ naar de onvrije Koloniën in Veenhuizen (voor vondelingen en weeskinderen), Ommerschans (voor landlopers en bedelaars) en Merksplas (België). Veenhuizen was de grootste onvrije kolonie. Gezinnen, wezen, bedelaars en landlopers verbleven hier onder 24-uurs bewaking.

Waarschijnlijk gaat het in de periode 1818-1921 over circa 80.000 mensen in Drenthe met naar schatting één miljoen nakomelingen nu. Niet allemaal onbekende mensen. Zo vonden Daphne Bunskoek, Philip Freriks, Henny van der Most en Jeltje van Nieuwenhoven hun voorouders terug als kolonisten in de Koloniën van Weldadigheid. Op de website allekolonisten.nl kun je ontdekken of je een afstammeling bent en/of je voorvaderen in Frederiksoord (of in een van de andere koloniën) gewoond hebben.

Overal vind je de unieke historie van dit dorp terug. Er staan nog prachtige koloniehuizen met opschriften als ‘Orde en Tucht’ en ‘Werk en Bid’. Je kunt aan die namen zien voor wie het huis gebouwd is. In het huis ‘Kennis is macht’ woonde de schoolmeester en in ‘Flink en Vlug’ de gymleraar.

Nadat de moderne verzorgingsstaat kwam, met werkloosheidsuitkeringen en gezondheidszorg voor iedereen, was armoedebestrijding met het systeem van landbouwkoloniën niet langer nodig. Na 1953 werden er geen nieuwe kolonisten meer naar Veenhuizen gestuurd. En de gestichten werden geleidelijk in gebruik genomen als gevangenissen. Bron is deze site.

In Veenhuizen is nu nog een gevangenismuseum. Dit is een interessant uitje, zeker met kinderen. Je moet dit museum wel tijdig via internet bespreken.

Op deze site en deze site kun je meer informatie vinden over Veenhuizen.

Tussen de bloemen en de vlinders…

Tijdens een van mijn fietstochten door Drenthe kwam ik langs begraafplaats Zevenberg in Fluitenberg. Ik dwaalde een tijdje over de begraafplaats. Deze natuurlijke begraafplaats spreekt mij wel aan…

Het veld is ontworpen als een wuivend landschap, een landschap wat in beweging is. Dit is bereikt door het zaaien van grassen en andere wilde planten. Door het gebruik van verschillende grondsamenstelling in de bovenlaag, is het mogelijk om veel soorten planten te laten groeien. De glooiingen in het veld versterken die variatie. Zo zijn er plantensoorten van heischrale graslanden, maar ook kalkminnende soorten te vinden. Voor zweefvliegen, vlinders, bijen, sprinkhanen en loopkevers is het veld een ideaal leefgebied. Zij vormen op hun beurt weer voedsel voor de vogels die het veld graag bezoeken.

Pinksterbloem of pinkenbloem

De naam pinksterbloem is misleidend. De naam is niet afgeleid van Pinksteren. Eigenlijk zou de bloem pinkenbloem moeten heten. Pinken (jonge koeien) gaan al vroeg in het voorjaar naar buiten en dat is iets eerder dan de melkgevende koeien. Het tijdstip dat het jongvee naar buiten gaat is als de pinkenbloemen net bloeien.

Omdat het nu eenmaal deze naam heeft gekregen en het vandaag Pinksteren is, krijgt het bloemetje samen met de uitgebloeide paardenbloem een plekje op mijn weblog.

Voor mij is Pinksteren niet het verhaal van de pinksterbloemen of pinkenbloemen. Voor mij gaat het om de betekenis van deze christelijke feestdag. In het christendom heeft muziek en zang een belangrijke plaats, ook voor mij. Ik vind het daarom mooi om de betekenis van Pinksteren te laten horen via het volgende lied…

Fijn Pinksteren gewenst.