Hoogstambrigade

Dit jaar was het de vierde keer dat de hoogstambrigade bij ons aan het werk ging. In onze tuin staan 16 hoogstamfruitbomen. Het vakkundig snoeien van dergelijke bomen kan alleen uitgevoerd worden door deskundigen. Hoogstamfruitbomen zijn van landschappelijke waarde en het is dan ook belangrijk dat ze blijven behouden. Om die reden is in 1997 een groep vrijwilligers gestart om te gaan snoeien bij particulieren. De groep vrijwilligers werkt samen met Landschap Overijssel.

Er wordt gesnoeid in de maanden januari tot april. Een voorwaarde is dat het niet overdag vriest en dat het niet giet van de regen. Het was nog even spannend of het vorige week vrijdag zou doorgaan, want er werd vorst en sneeuw voorspeld. Gelukkig voor ons kwamen deze voorspellingen niet uit. Het kleine beetje sneeuw dat er lag was geen beletsel voor het snoeien.

Omdat wij veel fruitbomen hebben zijn er in de regel bij ons 5 vrijwilligers aan het werk. Vanwege de coronamaatregelen kwamen er dit jaar 2 mensen op bezoek. Een van de mannen ging in de achtertuin aan het werk en de ander startte in de voortuin. Een gedeelte van de tijd zit in het observeren vanaf de grond en in het goed positioneren van de ladder.

De perenboom in de voortuin geeft ieder jaar enorm veel peren. Deze boom is daardoor een el dorado voor de vogels. Buiten dat is ook de stam enorm in trek bij de vogels. Dagelijks komen boomkruipers, boomklevers en spechten foerageren op de stam. En dit alle kunnen we mooi zien vanuit onze luie stoel.

In februari 2019 hebben we voor het snoeien een hoogwerker gehuurd. Op die dag kregen met name de bomen aan de zijkant van het huis een goede snoeibeurt. De fotoserie van die sessie is te zien in deze post.

Vanwege mijn werk kon ik dit jaar zelf niet meehelpen om de takken weg te slepen. Ik was wel thuis aan het werk en zo kon ik tijdens mijn koffiepauze een paar foto’s maken. Mijn eega heeft verder alle honneurs waargenomen en zeker wat betreft de lunch is hem dat heel goed toevertrouwd.

We hebben geluk gehad, want de coronamaatregelen zijn nog verder aangescherpt. Omdat er nu nog maar één persoon op bezoek mag komen heeft de hoogstambrigade besloten om het snoeien voor een aantal weken stil te leggen.

 

 

 

Karakteristiek gebouw in verval

In hartje Steenwijk staat tussen het Steenwijkerdiep en de Tukseweg een karakteristiek gebouw.

Als laatste bood het gebouw huisvesting aan de Welkoop. In 2003 verhuisde de Welkoop naar een nieuw pand aan de Roomweg. Het oude gebouw was toen al eigendom van Klaver Vastgoed. Het gebouw staat nu al een aantal jaren leeg en te verpauperen. Voor velen is het een doorn in het oog…

Gemeente Steenwijkerland en Wopke Klaver van Klaver Vastgoed liggen al jaren in de clinch over afspraken die zijn gemaakt over het Welkooppand.  Omdat ze er aan de onderhandelingstafel niet meer uitkomen is het een juridische strijd geworden.

De gemeente stelt als voorwaarde dat Klaver appartementen ontwikkelt en geen detailhandel. Iets dat Klaver niet ziet zitten, vanwege de volgens hem beperkte omvang van deze plek. Ze kunnen niet door één deur en het lijkt er ook niet van te komen…

Het hele verhaal gaat over de herinrichting en opwaardering van het Gedempte Steenwijkerdiep. Vanwege deze herinrichting werden ruim tien jaar geleden de panden van de Edah en Autobedrijf Rijkmans gesloopt. De gemeente heeft de voorkeur om de locatie van de voormalige Welkoop mee te nemen in de plannen. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Volgens Klaver zijn er in het verleden afspraken gemaakt en worden die niet nagekomen. Volgens de gemeente zijn die toezeggingen niet gedaan. Lees ook dit artikel en dit artikel.

Sinds eind november staan er hekken om het gebouw en is een doorgaande weg afgesloten. Deze hekken zijn geplaatst door de gemeente Steenwijkerland.  Uit onderzoek door de gemeente is namelijk gebleken dat een van de muren van het pand los is komen te staan, daardoor bestond er een risico dat de muur bezweek en delen van de muur op de weg zouden komen.

De eigenaar, Wopke Klaver was door de gemeente gesommeerd actie te ondernemen om de directe omgeving van het pand veilig te stellen. Klaver liet weten geen risico te zien en ondernam geen actie.

Vervolgens werd Klaver een bestuursdwang aangezegd. Op last van deze bestuursdwang kwam Klaver wel in actie. Een juridisch adviseur van Klaver Vastgoed observeerde het pand en er werd besloten om de gevaarlijke muur, die op instorten stond, te slopen. Daarmee heeft Klaver deels voldaan aan de last onder bestuursdwang.

Naast het getouwtrek tussen de gemeente Steenwijkerland en Klaver Vastgoed vindt ook de commissie Overijssel van Heemschut samen met de Historische Vereniging Steenwijk & Omstreken er wat van. In oktober 2019 vroegen ze aan de gemeente om bescherming van het karakteristieke pakhuis en werd verzocht om de monumentenstatus te verlenen.

Het gebouw aan de Tukseweg, te weten het kantoor  inclusief het tussenstuk heeft  in het geldende bestemmingsplan de aanduiding “karakteristiek”. Daarmee is sloop, zonder omgevingsvergunning, niet mogelijk.

Echter het achterste gedeelte, te weten het pakhuis aan het Steenwijkerdiep heeft die aanduiding niet en dat baart Heemschut zorgen.

Het betreft een redelijk gaaf voorbeeld van een industrieel pakhuis uit het begin van de 20e eeuw. Vanaf de bouw is het pakhuis lang in gebruik geweest als graanpakhuis. Later werd het in gebruik genomen door de Coöperatieve Landbouwbank, voorganger van de Welkoop.

Het pakhuis is het laatst overgebleven bouwwerk met een industriële functie aan het (gedempte) Steenwijkerdiep. Als zodanig is het pakhuis van cultuurhistorische en  sociaaleconomische betekenis.

Daarnaast is dit pand in zijn omgeving niet alleen beeldbepalend, maar zeker ook een bijzondere manifestatie van een episode uit de watergebonden geschiedenis van Steenwijk. Men pleit voor behoud van dit markante pakhuis en voor een onderzoek naar de mogelijkheden om het pakhuis een nieuwe bestemming te geven, bijvoorbeeld een woonbestemming. Bron: Site van Erfgoedvereniging Heemschut.

De sloop van de muur van het middenstuk heeft geen consequenties voor de voortgang van dit project. Sterker nog, Klaver heeft laten weten dat hij vooralsnog niet van plan is om het pand te slopen. Hij wil het liever laten staan als bewijs van de zeer teleurstellende handelswijze van wethouder Bram Harmsma. In een eerder stadium heeft Klaver al laten weten dat hij het geld niet nodig heeft. Bron: Steenwijker Courant. Het heeft er dus alle schijn van dat deze doorn in het oog nog wel een tijdje blijft zitten…

 

Waterloopbos, geliefd bij jong en oud

Op een zaterdagmiddag brak de lucht open en kwam het zonnetje tevoorschijn. Ik besloot naar het Waterloopbos te gaan. In dit bos zijn de resten te zien van het voormalig Waterloopkundig laboratorium. In deze tijd van het jaar vind ik dit bos van een grote schoonheid.

Met mij hebben velen de schoonheid van dit bos ontdekt, de grote parkeerplaats stond tjokvol. Tijdens het passeren op smalle paden droeg ik mijn mondneusmasker. Je kunt niet voorzichtig genoeg zijn. Ik was overigens de enige die een dergelijk masker droeg. Ik heb van de nood een deugd gemaakt en heb bewust een serie gemaakt met mensen.

Bij een waterval heb ik een tijdje gespeeld met de sluitertijd, de waterval en de passanten. Ik had mijn camera op een bruggetje gezet. Door te kiezen voor een lange sluitertijd heb ik getracht bewegingen in beeld te brengen….

Tijdens de wandeling trof ik een medeblogger. Ik herkende hem van de header op zijn weblog. Wel heel toevallig en leuk om elkaar daar zo tegen te komen. Na een tijdje kletsen gingen we ieder ons weegs. Aan het einde van mijn wandeling trof ik hem opnieuw. We besloten om samen terug te wandelen naar de parkeerplaats.

Weerspiegeling

Onlangs stond ik op een zaterdagochtend op een loswal in Steenwijk. Ik stond daar te wachten op het kranen van een boot. Bij het kranen wordt met een hijskraan een boot in of uit het water getild. In afwachting van de boot, die onderweg was naar de loswal om uit het water getild te worden, maakte ik een fotoserie van een weerspiegeling. Het bladstille weer gaf een bijna perfecte weerspiegeling.

 

Aan de overkant van het water bevindt zich Concrelit. Concrelit is producent en leverancier van agrarische betonproducten. Door de week is het daar een drukte van belang. Op die vroege zaterdagochtend was het stil aan de waterkant. Het duurde echter niet lang of de strakke weerspiegeling werd doorbroken…

Er kwam een vissersbootje aangevaren…

 

Terwijl ze de boot in een rustig tempo rondjes lieten varen deden de vissers een poging om wat aan de haak te slaan…

Het was mooi en interessant om te zien hoe het kranen in zijn werk gaat. Ik heb van het gehele proces een fotoserie gemaakt. Die fotoserie heb ik gedeeld met Han (onze vriend) die de hijskraan bediende en met de eigenaren van de boot. Beide partijen hebben te kennen gegeven dat ze blij zijn met de serie. Hieronder volgt een hele kleine selectie…

This slideshow requires JavaScript.

 

Schaapskudde in Dwingelderveld

Tijdens mijn fietstocht over de heide in Dwingelderveld zag ik schaapskudde, ‘Achter ‘t Zaand’. De kudde werd vergezeld door schaapsherder Anja en haar trouwe viervoeter, Finn.

Zo uit de verte leek het erop dat Anja en Finn weinig moeite hoefden te doen om de kudde de goede kant op te leiden. Het zag er ontspannend uit.

Finn week niet van haar zijde. Hij keek Anja regelmatig aan in afwachting van een eventueel commando.

Een sluis in de Turfroute

Op een dag kwam ik langs een sluis en een brug wat hier de grens vormt tussen Drenthe en Friesland. Dit is een van de vele sluizen in de Turfroute. Ik besloot een kijkje te nemen bij de sluis. Vroeger als kind heb ik samen met mijn ouders en zusjes een deel van de Turfroute gevaren. Ik zat toen al jong achter het stuur en kan me het passeren van al die sluisjes nog goed herinneren.

De kleine Turfroute van 105 km loopt door zowat heel zuidoost Friesland. De grote vaarroute van 190 km gaat ook door de provincies Drenthe en Overijssel. Op deze site en deze site kun je er alles over lezen. De sluis waar ik stond te fotograferen ligt in de Opsterlandse Compagnonsvaart en is de eerste sluis gerekend vanaf de Drentsche Hoofdvaart. Zie Google Maps.

Het verval bij deze sluis is ongeveer 1.50 meter. De sluis en de brug worden met de hand bediend. Dat heet nostalgie. Kijk maar mee hoe dat in zijn werk gaat…

Bij de bovenstaande serie werd de sluis geschut richting Drenthe, bij onderstaande serie was dat richting Fryslân.

Gastersche Duinen en Drentsche Aa

Vorige week maakte ik een fietstocht en wandeling door de Gastersche Duinen en de Drentsche Aa.

De Gastersche Duinen behoren tot de mooiste stuifzandgebieden van Drenthe. Uniek is de ligging tussen verschillende armen van de Drentsche Aa, het Gastersche Diep, het Oudemolensche Diep en het Anloërdiepje. De forse stuifduinen zijn grotendeels bedekt met heide. Begrazing door Schoonebeker heideschapen en Schotse Hooglanders houdt het open heidelandschap in stand.

Over de hooggelegen Gastersche Duinen liep in de Middeleeuwen de route tussen de belangrijke handelssteden Groningen en Coevorden. De paardenkarren volgden het spoor van hun voorganger en als dat niet meer ging, maakten ze er een nieuw spoor naast. De brede bundel diep uitgesleten karrensporen is nog altijd duidelijk herkenbaar. De talloze wielen en paardenhoeven zullen bijgedragen hebben aan het ontstaan van de zandverstuivingen.

Het stroomgebied van de Drentsche Aa is een van de mooiste beekdallandschappen van West-Europa. Een waaier van stroompjes die uiteindelijk samenkomen in één beek. Bijna al deze stroompjes hebben nog hun natuurlijke, kronkelende loop. Met de beek is ook het kenmerkende esdorpenlandschap bewaard gebleven: de boerderijen rond de brink, de akkers op de essen en de graslanden in het beekdal.

In tegenstelling tot andere Nationale Parken in Nederland is het Nationaal beek- en esdorpenlandschap Drentsche Aa geen aaneengesloten natuurgebied. Landbouwgronden en dorpen maken er deel van uit. Daarom is gekozen voor een verbrede doelstelling. Naast natuur en cultuurhistorie zijn landbouw en leefbaarheid in de dorpen belangrijke thema’s in dit levende cultuurlandschap.

Natuurlijke omstandigheden en het eeuwenlange gebruik door de mens hebben geleid tot een gevarieerd cultuurlandschap met een rijke natuur. Langs de beek liggen bloemrijke hooilanden en houtwallen. Hogerop wisselen landbouwgrond, heide, vennen en bos elkaar af.

Duizenden jaren geleden woonden hier al mensen en hun sporen zijn nog altijd zichtbaar. Geen ander gebied is ons land is zo rijk aan prehistorische monumenten, zoals hunebedden en grafheuvel. Op onderstaande foto is Hunebed D10 te zien.

Terwijl ik daar stond te fotograferen kwam er een jongen en een meisje aanfietsen. Ze groetten me enthousiast. Ze waren met z’n tweeën op avontuur. Ik vond dit leuk, ik kan dit meer waarderen dan dat ze de hele dag achter de computer zitten te gamen. Dat ze op de grafheuvels klommen heb ik dan ook maar voor lief genomen. Ik hoef ook niet ‘de hele wereld’ op te voeden…

De Gastersche Duinen zijn waarschijnlijk genoemd naar het woord ‘geest’ dat ‘hoge zandrug’ betekent. De zandrug, waarover het wandelpad loopt,  is ontstaan in het Pleistoceen door de inwerking van landijs, smeltwaterstromen, sneeuwstormen en rivieren.

Tussen de zandruggen vindt men natte veenkommen en een dichtgestoven oude loop van de Drentsche Aa.

De molen bij Oudemolen.

Bij dit bruggetje wachtte mij een aangename verrassing, maar daarover de volgende keer.

 

 

Rietland zonder vliegtuigstrepen

Nadat ik het kammen van riet had vastgelegd wandelde ik verder door het rietland.

Tussendoor genoot ik van de mooie blauwe lucht met hier en daar een wolkje. En waar ik nog het meest van genoot was het feit dat er geen vliegtuigstreep was te zien.

Op dat stukje waar ik me alleen op de wereld waande dacht ik terug aan vroeger. Aan de tijd dat ik met mijn vader meeging naar het riet. Aan de tijd dat ik in de ruigte (afval) ging liggen en naar boven keek en genoot van de mooie wolkenluchten. Nadat ik in alle rust had genoten van de stilte, de warme herinneringen, de geur en  het uitzicht wandelde ik weer terug naar Klaas Jan. Klaas Jan had net een dikke bos riet klaar.

Deze dikke bos riet bracht hij naar de slee. Een bos riet weegt al snel 30 kilo. Ook dit is dus een zware klus.

Terwijl Klaas Jan en Sander een korte pauze namen en iets gingen drinken wandelde ik in alle rust richting naar de auto.

Op onderstaande foto zie je goed het verschil tussen een perceel wat wel of niet wordt gemaaid. Als een perceel niet wordt gemaaid dan komen er steeds meer boompjes te staan en ontstaat er het zogenaamde broekbos. Het maaien van de rietlanden is niet alleen voor het oogsten van het riet, het is ook belangrijk voor het onderhoud van de natuur. Rietlanden herbergen speciale flora en fauna. De grote vuurvlinder is daar het mooiste voorbeeld van. De grote vuurvlinder heeft in de rietvelden zijn waardplant Het is de enige plek in Europa waar deze vlinder nog voorkomt. Rietsnijders zijn dus onontbeerlijk voor een goed natuurbeheer. Zie ook op deze site.

Het kammen van het riet

Klaas Jan was bezig met het kammen van het riet. Hoe dat in zijn werk gaat dat beschrijf ik hieronder.

De rietmaaier annex bindmachine maait alles af. Dus behalve het riet maait de machine ook takjes, haagwinde, lisdodde etc.  Dat is ook bedoeling, want als de rietsnijder dat niet zou doen dan staat er over een aantal jaren geen riet meer. De rietmaaier/binder knoopt een touwtje om de bosjes en legt ze op de grond. Als er een perceel gemaaid is zet de rietsnijder de bosjes rechtop tegen elkaar. Op die manier kunnen de bosjes alvast een beetje drogen.

Vervolgens wordt het afval uit het riet gekamd. De rietsnijder pakt twee bossen tegelijk vast en snijdt de touwtjes met een snit door. Hij legt ze dan op de kammachine. De kammachine bestaat uit een ronddraaiende band met grote kammen. Dit ronddraaien gebeurt met grote kracht. Je moet de bosjes goed vasthouden want anders wordt alles uit de handen getrokken.

En dit alles gebeurt geconcentreerd en nauwgezet. Op dit filmpje is te zien hoe het rietkammen in zijn werk gaat.

Het uitgekamde riet wordt in een bak gelegd. Als de bak vol is komt er een touw omheen en is er weer een dikke bos riet klaar. In een volgend logje laat ik foto’s zien waarbij Klaas Jan een dikke bos riet wegbrengt.

Wordt vervolgd.

Rhena in het rietland

Na het praatje met Sander wandelde ik richting Klaas Jan. Halverwege werd ik verwelkomd door Rhena.

Aanvankelijk kwam ze mij blaffend tegemoet, maar toen ik haar naam riep was het goed.

Nadat we elkaar persoonlijk hadden begroet wees Rhena mij, al zwaaiend met de staart, de weg naar Klaas Jan.

Terwijl ik op grote afstand een paar woorden wisselde met Klaas Jan zag Rhena dat het goed was. Ze legde zich te ruste in een hoop ruigte. Ruigte is afval wat uit het riet is gekamd.

Klaas Jan vertelde dat Rhena dit jaar wat luier is dan de jaren ervoor. Tsja Rhena wordt natuurlijk ook een jaartje ouder.

Ik liet Rhena verder met rust en liep naar Klaas Jan. Klaas Jan was bezig met het kammen van de bosjes riet.

Wordt vervolgd.