Een brandweerauto van dahlia’s

Op een stralende zondagmiddag maakten mijn man en ik een fietstocht. Vanuit onze kerkelijke gemeente mochten we namelijk bloemen brengen bij een mevrouw in Vledder. De bloemen had ik haar na kerktijd al overhandigd, want die waren lastig mee te nemen op de fiets.

De fietstocht ging over landgoed De Eese, door Eesveen en Frederiksoord. Een dag eerder was er in Frederiksoord een optocht geweest vanwege Corso Frederiksoord. Op zondag kon je per fiets langs de mozaïekroute. Het was er dan ook gezellig druk in Frederiksoord en in de omliggende dorpjes.

Ook stonden er her en der nog praalwagens opgesteld. Het was ondoenlijk om bij ieder mozaïek of praalwagen stil te blijven staan voor een foto, maar deze brandweerauto moest wel even op de foto.

Een eindje verder troffen we een enorme vis bij zeemuseum Miramar.

Na het gezellig bezoek in Vledder fietsten we via een andere route weer naar huis. Tussen de buurtschappen Wapse en Wapserveen liepen koeien in de wei met daartussen een tweetal ooievaars. Zo te zien zijn ze elkaars aanwezigheid gewend.

Schokland, de Misthoorn en de Lichtwachterswoning

Vandaag neem ik jullie voor de vierde en laatste keer naar het voormalige eiland Schokland. Al struinend langs de palenrijen naderden we het huisje ´De Misthoorn´.

In dit gebouw werd de misthoorn bediend. Eeuwenlang waarschuwde men bij mist de schepen vanaf de wal met een schelp. Later vuurde men kanonnen af om bij mist de schepen te waarschuwen voor de naderende kust. Ook werden er op vuurtorens explosieven tot ontbranding
gebracht. Later deed de mistbel zijn intrede. In dit gebouw stond een zware petroleummotor die een compressor aandreef, die de lucht naar twee ketels perste. Bij mist liet men de perslucht ontsnappen naar een hoorn op het dak. Volgens overlevering leek het geluid op een loeiende koe. Bron is deze site.

Nadat Schokland op gezag van de overheid in 1859 ontruimd moest worden, bleven er een paar mensen op het eiland achter om zorg te dragen voor de haven en voor de vuurtorens. De overheid was van plan ook deze zorg te laten vervallen, maar door een initiatief van de schipper en handelaar Willem Jan Schuttevaer (1798 – 1881) , oprichter van de Koninklijke Schippersvereniging Schuttevaer werd in 1901 in ‘Emmeloord’ op het noordelijk deel van het eiland een woning voor de lichtwachter gebouwd. De lichtwachterswoning werd een fraai en solide woning en het mocht wat kosten. De woning staat op maar liefst 67 heipalen van 8 meter lengte. In 1996 is het pand inwendig opnieuw gewijzigd en sindsdien functioneert het als vergaderruimte. Bron is deze site.

Naast De Lichtwachterswoning staat een kunstwerk. Dit kunstwerk van de Amsterdamse kunstenaressen Annet Bult en Marianne Meinema toont de contouren van de dodenakker. De markering staat in een schelpenpad. “Als de zon schijnt, zowel uit het oosten als het westen, reflecteren de namen in het zilver van het schelpenpad”‘, aldus de kunstenares Marianne Meinema. “Dan is het als het ware dat de mensen weer op de begraafplaats liggen”.
Bij het graafwerk kwamen de kunstenaressen af en toe nog stukjes been tegen. Zij werkten dan ook precies op de plaats waar in het verleden de begraafplaats lag. Lees er alles over op deze site.

Nog één keer achterom kijken om een laatste foto te nemen en met deze foto sluit ik de serie over Schokland af.

Wegdromen in het rietland

We blijven nog even in het rietland van Klaas Jan.

Tussen het fotograferen door was er regelmatig een moment van rust. Jan had daarvoor een mooi plekje gevonden. Ook Klaas Jan pauzeerde regelmatig. Schijnbaar vinden we het alle drie wel gezellig en zinvol om bij te praten.

Rhena, die van jongs af aan meegaat naar het rietland, heeft een leeftijd bereikt waarop ze het rustig aandoet.

Terwijl Jan nog wat langer bleef zitten wandelde ik alvast verder het rietland in .

Op de linker foto is aan de horizon de toren van de Grote kerk van Blokzijl te zien.

Klaas mag dan wel ‘aangesteld’ zijn als aspirant rietteler, hij mag het op z’n jonge leeftijd nog rustig aandoen. Hoe ouder hij wordt hoe meer hij zal kunnen helpen. Nu is het nog vooral spelen en wegdromen…

‘Kijk tante Jetske, het lijkt net een trap’ en hij wees naar de wolken. Voor mij was dat een déjà vu. Toen ik als klein meisje met mijn vader mee ging naar het rietland lag ik ook regelmatig weg te dromen terwijl ik naar de wolken keek. Waardevol dat ook Klaas daar van kan genieten…

Smienten in Jan Durkspolder

Jan en ik wandelden naar de vogelkijkhut in de Jan Durkspolder.

Vanuit de kijkhut hadden we zicht op mooie wolkenluchten.

In de verte dobberden wel honderden smienten op de plas. In Nederland broeden slechts enkele paartjes, maar in de winter is de smient talrijk aanwezig. Smienten komen vanuit Scandinavië en Siberië naar Nederland om te overwinteren. Een aanzienlijk deel van de Noordwest-Europese populatie overwintert hier: het zijn er honderdduizenden. Zo staat er op deze site vermeld.

Plotseling ging de hele groep op de vleugels om vervolgens een eindje verder weer neer te strijken. Dit proces herhaalde zich een aantal malen.

Nadat we daar best een tijd hadden gezeten werden we toch zo langzamerhand wat koud en besloten we op te breken.

We wandelden terug naar de auto en vervolgden onze weg richting Earnewâld.

Op de Friese vlakte

Een paar weken geleden was ik te gast bij Jan en Aafje. Het weer werkte goed mee, dus gingen Jan en ik met onze camera’s op stap.

Ik geniet altijd van de weidse blik over de Friese vlakte.

Op advies van Henk heb ik een gedeelte van de voorgrond verwijderd. De foto ziet er dan zo uit. Wat vinden jullie mooier.

Behalve de grote hoeveelheid brandganzen zagen we ook een buizerd op een paal.

Jan en profiel. Het lukt niet altijd om Jan zo netjes op de foto te krijgen hoor, hij is namelijk een meester in het gekke bekken trekken. 🤪

Onze volgende stop was bij een weiland waar tegen de middag vaak reeën zijn te zien. Ondanks dat de lunchtijd al was verstreken waren ze toch nog aanwezig.

Ze stonden wel ver weg.

Gelukkig had ik mijn Nikon bridgecamera met sterkte zoom meegenomen.

Wordt vervolgd.

Door het Drents-Friese Wold

Op een mooie, lichtbewolkte dag had ik het plan opgevat om een fietstocht te gaan maken. Het punt was echter dat het nogal hard waaide en dat vond ik op mijn gewone fiets toch wat minder aantrekkelijk. Terwijl ik dat hardop uitsprak kreeg ik spontaan een e-bike aangeboden. Zij gingen die dag toch niet fietsen en ik mocht dus op die dag gerust de e-bike gebruiken. Dat liet ik me geen twee keer zeggen. En zo fietste ik op mijn gemakje door het Drents-Friese Wold. Op een gegeven moment stuitte ik op dit bordje….

…..en dit bordje. Ik liet me niet zomaar omleiden, ik wilde het eerst met eigen ogen zien.

Dit was toch wel een serieuze vijver die de doorgang belemmerde.

Het leek met toch verstandig om de raad op het bordje op te volgen. Het was nog niet eenvoudig om dit ATB-pad te overwinnen, zeker niet als je al wat op leeftijd bent zoals deze mensen.

Ik heb overigens nu al meerdere malen gehoord dat een campinggast te val is gekomen op een fietspad in Drenthe met ernstig letsel tot gevolg. Met 2.100 kilometer fietspaden is provincie Drenthe is dé fietsprovincie van Nederland, maar dat wil nog niet automatisch zeggen dat alle fietspaden goed zijn onderhouden.

Ik passeerde een omgevallen boom.

Men had daar heel creatief een bank van gemaakt met heuse voetenbankjes.

Na een mooie fietstocht arriveerde ik in Appelscha.

Op een bankje bij de sluis heb ik mijn broodje genuttigd.

Vanuit Appelscha fietste ik naar het Aekingerzand. In het Aekingerzand had ik eerder wel meerdere keren een wandeling gemaakt, maar ik was er nog nooit op de fiets geweest. Ik was aangenaam verrast, zo mooi was deze fietstocht door dit gebied.

Met een blik op het landschap met de zandverstuiving sluit ik deze fietstocht af.

Zangers bij de Horsmeertjes

Op dag 6 maakte ik nogmaals een wandeling bij de Horstmeertjes. Deze keer was ik alleen.

Ik stond boven op de duin te kijken naar de windveren boven de veerhaven toen er een bruine kiekendief laag langs kwam zeilen.

Tijdens mijn wandeling trof ik een blauwtje, een grasmus, een rietzanger, een graspieper, een blauwborst, nog een grasmus, een fitis? en een kneu.

Ik keek vaak naar boven en genoot van de mooie wolkenluchten.

Een grutto en een bijzonder patroon in de lucht

Boven de Waddendijk op Texel hadden de wolken een mooi patroon gevormd. Texel is bekend om de Texelse schapen. Een schaap en een lammetje mogen dus niet ontbreken in deze fotoserie over onze vakantie op Texel.

Binnendijks stond een grutto te foerageren. Het foerageren werd zo nu en dan onderbroken voor een korte poetsbeurt.

Aan de overkant van het water werd een scholekster mij gewaar en begon alarm te slaan. Dat was voor de grutto het moment om op de wieken te gaan.

Toen ik weer in de auto wilde stappen viel mijn oog op wel een heel bijzonder patroon in de lucht. Ik denk dat dit een grapje van een piloot was.

Bergeenden met jongen

Vanaf de Waddendijk op Texel had ik een mooi uitzicht op de Waddenzee waar twee vissersboten uit Yerseke en Zierikzee aan het vissen waren.

Toen ik weer bij de auto binnendijks kwam zag ik in de verte bergeenden met jongen zwemmen. Vorig jaar trof ik meerdere bergeenden met jongen, maar toen waren we drie weken later in de tijd. Op dag 6 van deze vakantie had ik dan eindelijk geluk en kon ik ‘mijn’ eerste jongen bewonderen.

Ik ben voorzichtig hun kant opgelopen om ze niet te verstoren. De sterke zoomfunctie van de bridgecamera deed de rest.