Perenbloesem langs de Dokter Larijweg

Tijdens de paasdagen maakte ik een rit over de Dokter Larijweg. In deze periode bloeien daar meer dan duizend perenbomen.

In het voorjaar van 1925 werden er maar liefst 1422 diverse soorten perenbomen geplant. Het verhaal ging dat de perenbomen daar geplant zijn op initiatief van de dorpsdokter naar wie de weg is vernoemd. Zo zouden de arme gezinnen van genoeg vitamines kunnen worden voorzien. Dit geromantiseerde verhaal doet al jaren de ronde, maar klopt dat verhaal?

Nee dus. Het werkelijke verhaal is als volgt. De weg is aangelegd op initiatief van de gemeenteraad van Ruinerwold, zonder bemoeienis van dokter Larij. De perenbomen zijn geplant op advies van tuinarchitect A. Schuilenberg uit Assen. Blijkbaar werd dat meer gedaan in die tijd, ook in bijvoorbeeld Gasselte werd een weg aangelegd met fruitbomen. Bron is deze site.

Hoe dan ook, het is een feest om daar langs te rijden en dat hebben op die bewuste paasdag velen met mij gedaan.

Wegdromen in het rietland

We blijven nog even in het rietland van Klaas Jan.

Tussen het fotograferen door was er regelmatig een moment van rust. Jan had daarvoor een mooi plekje gevonden. Ook Klaas Jan pauzeerde regelmatig. Schijnbaar vinden we het alle drie wel gezellig en zinvol om bij te praten.

Rhena, die van jongs af aan meegaat naar het rietland, heeft een leeftijd bereikt waarop ze het rustig aandoet.

Terwijl Jan nog wat langer bleef zitten wandelde ik alvast verder het rietland in .

Op de linker foto is aan de horizon de toren van de Grote kerk van Blokzijl te zien.

Klaas mag dan wel ‘aangesteld’ zijn als aspirant rietteler, hij mag het op z’n jonge leeftijd nog rustig aandoen. Hoe ouder hij wordt hoe meer hij zal kunnen helpen. Nu is het nog vooral spelen en wegdromen…

‘Kijk tante Jetske, het lijkt net een trap’ en hij wees naar de wolken. Voor mij was dat een déjà vu. Toen ik als klein meisje met mijn vader mee ging naar het rietland lag ik ook regelmatig weg te dromen terwijl ik naar de wolken keek. Waardevol dat ook Klaas daar van kan genieten…

Een andere kijk…

Bij alle toegangswegen naar het koloniedorp Willemsoord staat hetzelfde stalen kunstwerk. Op vrijdagochtend reed ik na de fotosessie in De Blesse het dorp binnen. Door het laagje rijp op het achterliggende grasveld kreeg ik een andere kijk op het kunstwerk. Ik zette mijn auto aan de kant om er een fotoserie van te maken.

Het kunstwerk is een gezin uit de periode van de Maatschappij van Weldadigheid. Zie voor meer informatie deze site en trailer. Het meisje en de jongen kon ik vastleggen met het wit van de rijp als achtergrond. Vader en moeder waren te groot en die plaatste ik vanuit kikkerperspectief tegen de heldere lucht.

Op weg naar de Woldberg

Afgelopen woensdag was ik al op tijd met de camera op stap. Bij de eerste stop maakte ik de foto’s die ik gisteren liet zien. De opkomende zon kleurde de lucht prachtig rood. Ik had als doel de Woldberg uitgekozen. Op weg daar naartoe reed ik over de Bergweg. Daar moest ik wachten op de trein naar Leeuwarden.

Ik maakte meteen van de gelegenheid gebruik om enkele foto’s te maken.

Iets verderop parkeerde ik nogmaals mijn auto en genoot van het prachtige landschap. Aan de horizon zie je de toren van de Grote of Sint-Clemenskerk van Steenwijk.

Terwijl ik daar stond kwam er een sprinter langs. Door rijp op de bovenleiding veroorzaakt de passerende een trein een vonkenregen. Op de foto zie je boven de trein het blauwachtige licht. Het is een bijzonder gezicht om te horen en te zien.

Het was heerlijk om op die mooie winterdag een wandeling te maken op de Woldberg.

Ik genoot volop van het wit berijpte landschap. Het ziet er dan gelijk een stuk mooier uit. Toch vind ik het lastig om de magische sfeer van dat moment vast te leggen op de foto.

Mooi om te zien zoals de randjes van de varens waren bedekt een dun laagje rijp.

Wordt vervolgd.

Ransuilen in Hasselt

Tante Marie tipte mij over uilen die in een boom in een woonwijk in Hasselt uilen zouden zitten. Tante Marie is geen echte tante, maar ik ken haar al mijn hele leven lang. Ze was samen met haar man goede vrienden van onze ouders en van mijn schoonouders. Tante Marie, reeds in de negentig, is een trouwe volgster van mijn weblog en om die reden tipte ze mij over de uilen. En zo reed ik op een zonnige middag naar het Overijsselse Hasselt.

Tante Marie had me goed geïnstrueerd want de bewuste boom had ik snel gevonden. Ik telde 8 ransuilen. Volgens een voorbijganger zijn er totaal 9 uilen die dagelijks een plekje zoeken in deze boom.

Ondanks dat er al aardig wat blad van de boom was gevallen zaten ze nog beschut genoeg. Het was dan ook met het 100 – 400 Canon objectief aardig mikken tussen de takken door om ze goed op de foto te krijgen.

Ik vond het wel een mooi decor met de uilen zo tussen de vergeelde bladeren.

Sommige ransuilen volgden mijn verrichtingen op de voet, andere vonden het niet de moeite waard om de ogen te openen. Nou ja, met uitzondering van een knipoogje dan.

Tante Marie, dank u wel voor deze gouden tip.

Uitzicht op de Waddenzee

Na de fotosessie in de vissershaven fietste ik naar de veerhaven van Lauwersoog. Vanaf hier vertrekt de veerboot naar Schiermonnikoog.

Ik zette mijn fiets onderaan de dijk en liep de dijk op.

Vanaf de dijk had ik uitzicht over De Waddenzee. De blik naar het oosten.

Naar het westen hebben we zicht op de R. J. Cleveringsluizen. Op dit moment wordt er groot onderhoud gepleegd aan de sluizen.

Maar het mooiste uitzicht vind ik het uitzicht over de Waddenzee. Aan de horizon ligt het Waddeneiland, Schiermonnikoog.

De veerboot van 15.30 uur voer de haven uit op weg naar Schiermonnikoog.

Onder aan de dijk ontdekte ik iets bijzonders, maar daarover morgen meer.

In de vissershaven van Lauwersoog

Tijdens mijn vakantie maakte ik een fietstocht in de omgeving van het Lauwersmeer en Lauwersoog. Ik was er op een vrijdag en dat is de dag dat de kotters binnenvaren met hun vangst.

Het binnenvaren trekt altijd veel bekijks.

Ik maakte een rondgang door de vissershaven.

Op de kade stond een chauffeur naast zijn vrachtwagen te wachten. Hij stond te wachten op een kotter met vertraging. We raakten aan de praat. In zijn werkzame leven is hij beurtelings visser en chauffeur geweest. Hij liet een foto zien van de kotter waarop hij als 11-jarige jongen begon. We praatten over de visserij, over het leven als visser en als chauffeur en over de gevolgen door het verbod op pulsvissen.

En daar was dan eindelijk de kotter gearriveerd. Op die kotter werken vier mannen. Ik dacht altijd dat ze beurtelings werken en slapen, maar dat had ik mis. De kotter vaart in de nacht van zondag op maandag na middernacht uit en komt vrijdag in de loop van de middag aan wal. In die periode werken de mannen dag en nacht door en slapen tussendoor een half uurtje!

Deze kotter vist op kreeft. Doordat de concurrentie van Engeland, door de Brexit, is weggevallen is dat een lucratievere bezigheid geworden.

Vanuit de vrachtauto worden lege kratten aangesleept die gaan aan boord voor de komende week. De kratten met de vangst worden uit het ruim getakeld en in de vrachtauto gezet.

En toen ging het mis. De bakken vielen uit de takel en kwamen op de kant op het dek terecht. Dat was nog een geluk, want het gebeurt ook wel eens dat de vangst tussen wal en schip belandt.

De kreeften werden weer in de bakken gedeponeerd en het geheel ging de vrachtauto in.

Deze vrachtwagen gaat met de lading van twee kotters naar Urk. Daar wordt de kreeft verwerkt en getransporteerd naar het buitenland. De chauffeur legde nog even twee kreeften klaar voor de fotograaf…

Unesco Werelderfgoed

Op 26 juli j.l. is ‘De Koloniën van Weldadigheid’ in Frederiksoord, Wilhelminaoord, Veenhuizen en het Vlaamse Wortel bijgeschreven op de lijst van Unesco Werelderfgoed. Dat was voor mij een reden om weer eens een kijkje te nemen in Veenhuizen. Op het moment dat ik daar was, was er ook een professionele fotograaf.

In 1818 kwam Generaal Johannes van den Bosch met een ambitieus plan om de armoede in ons land te bestrijden en richtte de Maatschappij van Weldadigheid op. Hij stichtte landbouwkoloniën en de eerste kwam op de ‘woeste gronden’ zoals hij het gebied rondom Frederiksoord werden genoemd. Eind 1818 staan er 52 boerderijtjes klaar om de arme stedelingen te ontvangen. Hier kunnen ze op werk en onderdak rekenen. De kinderen gaan er verplicht naar school en er is een eigen ziekenfonds. Er komen kerken, winkels, scholen en zelfs rustoorden. Met deze sociale voorzieningen loopt de Maatschappij van Weldadigheid 80 jaar vooruit op de rest van Nederland en wordt daarmee beschouwd als de bakermat van onze verzorgingsstaat. Bron is deze site.

Het leven van de kolonisten in Drenthe was best een hard bestaan. Men moest hard werken op het land, de dagindeling werd voor je bepaald, je was verplicht om naar de kerk te gaan en je was ook nog eens mijlenver van je familie verwijderd. Bovendien werd je bij terugkeer in je oude woonplaats met minachting begroet.

Wie zich niet wilde conformeren aan de regels en de handhaving daarvan, werd ‘opgezonden’ naar de onvrije Koloniën in Veenhuizen (voor vondelingen en weeskinderen), Ommerschans (voor landlopers en bedelaars) en Merksplas (België). Veenhuizen was de grootste onvrije kolonie. Gezinnen, wezen, bedelaars en landlopers verbleven hier onder 24-uurs bewaking.

Waarschijnlijk gaat het in de periode 1818-1921 over circa 80.000 mensen in Drenthe met naar schatting één miljoen nakomelingen nu. Niet allemaal onbekende mensen. Zo vonden Daphne Bunskoek, Philip Freriks, Henny van der Most en Jeltje van Nieuwenhoven hun voorouders terug als kolonisten in de Koloniën van Weldadigheid. Op de website allekolonisten.nl kun je ontdekken of je een afstammeling bent en/of je voorvaderen in Frederiksoord (of in een van de andere koloniën) gewoond hebben.

Overal vind je de unieke historie van dit dorp terug. Er staan nog prachtige koloniehuizen met opschriften als ‘Orde en Tucht’ en ‘Werk en Bid’. Je kunt aan die namen zien voor wie het huis gebouwd is. In het huis ‘Kennis is macht’ woonde de schoolmeester en in ‘Flink en Vlug’ de gymleraar.

Nadat de moderne verzorgingsstaat kwam, met werkloosheidsuitkeringen en gezondheidszorg voor iedereen, was armoedebestrijding met het systeem van landbouwkoloniën niet langer nodig. Na 1953 werden er geen nieuwe kolonisten meer naar Veenhuizen gestuurd. En de gestichten werden geleidelijk in gebruik genomen als gevangenissen. Bron is deze site.

In Veenhuizen is nu nog een gevangenismuseum. Dit is een interessant uitje, zeker met kinderen. Je moet dit museum wel tijdig via internet bespreken.

Op deze site en deze site kun je meer informatie vinden over Veenhuizen.

Door het Drents-Friese Wold

Op een mooie, lichtbewolkte dag had ik het plan opgevat om een fietstocht te gaan maken. Het punt was echter dat het nogal hard waaide en dat vond ik op mijn gewone fiets toch wat minder aantrekkelijk. Terwijl ik dat hardop uitsprak kreeg ik spontaan een e-bike aangeboden. Zij gingen die dag toch niet fietsen en ik mocht dus op die dag gerust de e-bike gebruiken. Dat liet ik me geen twee keer zeggen. En zo fietste ik op mijn gemakje door het Drents-Friese Wold. Op een gegeven moment stuitte ik op dit bordje….

…..en dit bordje. Ik liet me niet zomaar omleiden, ik wilde het eerst met eigen ogen zien.

Dit was toch wel een serieuze vijver die de doorgang belemmerde.

Het leek met toch verstandig om de raad op het bordje op te volgen. Het was nog niet eenvoudig om dit ATB-pad te overwinnen, zeker niet als je al wat op leeftijd bent zoals deze mensen.

Ik heb overigens nu al meerdere malen gehoord dat een campinggast te val is gekomen op een fietspad in Drenthe met ernstig letsel tot gevolg. Met 2.100 kilometer fietspaden is provincie Drenthe is dé fietsprovincie van Nederland, maar dat wil nog niet automatisch zeggen dat alle fietspaden goed zijn onderhouden.

Ik passeerde een omgevallen boom.

Men had daar heel creatief een bank van gemaakt met heuse voetenbankjes.

Na een mooie fietstocht arriveerde ik in Appelscha.

Op een bankje bij de sluis heb ik mijn broodje genuttigd.

Vanuit Appelscha fietste ik naar het Aekingerzand. In het Aekingerzand had ik eerder wel meerdere keren een wandeling gemaakt, maar ik was er nog nooit op de fiets geweest. Ik was aangenaam verrast, zo mooi was deze fietstocht door dit gebied.

Met een blik op het landschap met de zandverstuiving sluit ik deze fietstocht af.

De haas en de ganzen

Rondom onze vakantieverblijf op Texel hadden we volop ruimte.

Op een dag stond ik met de camera in de hand uit te kijken over het naastgelegen weiland. In dat weiland zag ik een haas. Omdat ik min of meer verdekt stond opgesteld achter de tuunwal (tuinwal) had de haas mij schijnbaar niet in de gaten. Met mijn Nikon bridgecamera kon ik in alle rust inzoomen op de haas. De haas zat lekker van het gras te smikkelen.

Terwijl de haas wat aan het poetsen was kwam er een grauwe gans in de buurt.

En toen kwam er nog een gans

En toen nog één en voordat de haas het wist werd het gras voor zijn voeten ‘weggemaaid’. Dat is toch wel even sneu.

De haas besloot om zijn heil elders te zoeken.

Hier lijkt het alsof de haas mij recht aankijkt. Toch ging de haas er niet vandoor.

Nog even mooi poseren.

Of er was een moment voor rust of de haas rook toch onheil, hij drukte zich in ieder geval in het gras.