Boompieper poetst zijn verenkleed

In Dwingelderveld staan en liggen hier en daar dode bomen. Dergelijke bomen bieden een mooie uitkijk- en zangpost voor de vogels. Ook voor een fotograaf is het prettig als een vogel daar zijn plekje kiest, op deze manier heb je geen last van hinderlijke takken of gebladerte.

En zo trof ik het tijdens mijn fietstocht dat een boompieper een plekje had gekozen in een dode boom.

De boompieper leek geen angst te hebben voor mij en bleef mooi poseren. Nadat hij even om zich heen had gekeken en zijn zang had laten horen ging hij uitgebreid zijn verenkleed poetsen.

Ik schrijf ‘hij’ maar het kan ook niet zo goed een vrouwtje zijn geweest, qua uiterlijk zit er geen verschil tussen een mannetje en een vrouwtje.

Een fitis met voedsel voor de jongen

Tijdens mijn fietstocht over een fietspad in Dwingelderveld hoorde ik de roep van een vogel. Ik noem mijzelf een amateur vogelaar en moet nog veel leren en zeker op het gebied van vogelgeluiden. Op dat moment wist ik dan ook niet om wat voor vogel het ging. Een vogel heeft in de regel een zang en een roep. Beide hebben een functie. Op deze interessante site kun je erover lezen. Ook kun je daar lezen hoe het geluid van een vogel wordt gevormd, een vogel heeft namelijk geen stembanden…

Maar nu terug naar de roep van de vogel op die bewuste middag. Ik speurde in de hoge boom boven mijn hoofd. Plotseling zag ik iets bewegen en ontdekte ik het vogeltje. Met de Nikon bridgecamera zoomde ik in.

Het vogeltje had een snavel vol met voedsel. Pas thuis op de computer leerde ik dat het een fitis was. De fitis vloog met de snavel vol met voedsel van de ene tak naar de andere tak. De fitis wilde de jongen voeren, maar vermoedelijk stond ik in de weg. Nadat ik de fitis in diverse poses had vastgelegd besloot ik het vogeltje niet langer te ‘plagen’ en fietste ik verder.

Wordt vervolgd. 

 

 

Neefjes en andere beestjes

In het vorige logje schreef ik dat er bij het vakantiehuis wolken neefjes (mietsen) aanwezig waren, waarop Klaproos zich afvroeg of er een hele familie huisde. En ook Willy moest ‘neefjes’ opzoeken Met neefjes (mietsen) bedoel ik die vervelende steekmugjes. Op onderstaande foto zie je tegen een donkere achtergrond een wolk neefjes in de lucht.

Er zijn vele benamingen voor deze lastige beestjes. Behalve neefjes worden ze ook wel mietsen, knutten, knaasjes, knijten, mampieren, meurzen of zandvliegjes genoemd. Dat is het nadeel van wonen in drassig gebied. Op de site van de Brederwiedekrant staat o.a. beschreven wat helpt als je belaagd wordt door mietsen. De miets trekt zich na de langste dag terug. Daarna zijn we verlost van deze stekende insecten.

Behalve mietsen heb ik daar nog meer beestjes vastgelegd…

Morgen het vervolg met een vaartocht door de rustige Dorpsgracht.

 

Boompieper met snavel vol voedsel

Nadat ik het hooibeestje en het groentje had vastgelegd fietste ik verder over het fietspad dwars over de heide. Het was rustig. Zo nu en dan maakte ik een stop om te genieten van het lichtspel van de zon met de wolken.

Op de Bendersche Berg stapte ik weer van de fiets af. Op hetzelfde moment daalde er een vogeltje op de grond. Het was een pieper. Het vogeltje was druk met het zoeken naar voedsel voor de jongen. Op onderstaande foto zou je denken aan een graspieper, maar een pieper in het gras is nog geen graspieper…

Ik denk dat het een boompieper is. De boompieper trok zich niets aan van de fotograaf en ging rustig door met het verzamelen van het voedsel.

Dit was alweer een mooie ontmoeting in het Dwingelderveld.

Jongen van de koolmezen vliegen uit

Naast het terras bij de vijver hangt een nestkastje. Ook dit jaar werd het nestkastje bewoond door koolmezen.

Drie weken hebben de ouders zich uit de naad gewerkt om de jongen te voeren.  Het eten werd hen zo in de opengesperde snaveltjes geworpen en de uitwerpselen werden vervolgens weer keurig afgevoerd.

Maandag waren de jongen groot genoeg om uit te vliegen. De ouder zat op een afstandje en ‘riep’ de jongen naar buiten.

Degene die met de snavel vooraan stond bij het voeren vloog vast als eerste uit.

 

Er is altijd één de laatste. De ouders moesten wel heel erg hun best doen om deze kleine naar buiten te krijgen. Ondertussen moesten ze ook hun reeds uitgevlogen kroost in de gaten houden.

En daar kwam dan ook eindelijk de laatste naar buiten.

Nu is het akelig stil in en bij het nestkastje. Het piepen is verstomd en de ouders vliegen niet meer af en aan. Iedere keer moet ik daar weer aan wennen. Het is te hopen dat er spoedig nieuwe bewoners intrekken.

Bruine kiekendief, purperreiger, roerdomp en tafeleend

De afgelopen weken ben ik meerdere keren met de camera naar mijn geboorteplaats gereden. Tussen 2012 en 2015 realiseerde men daar een natuurgebied van circa 324 hectare. Tevens dient dit gebied als waterberging. In dat gebied hebben vele water- en moerasvogels een plekje gevonden. Het is dan ook een el dorado voor vogelaars. Vanuit hun mobiele kijkhutten verstopt achter enorme lenzen turen ze over het gebied op zoek naar vogels. Ik moet het doen met mijn bescheiden Nikon bridgecamera, maar dan wel één met sterke zoom. Hieronder heb ik een compilatie geplaatst van vogels die ik daar heb vastgelegd. De kwaliteit van de foto’s laat hier en daar wat afweten, maar het gaat om de bijzondere waarnemingen…

In dat gebied huizen meerdere bruine kiekendieven. Tijdens het foerageren zweven ze laag over het rietland. Zo nu en dan rustig flappend, schommelend, biddend en draaiend om vervolgens op hun prooi te duiken…

Een andere indrukwekkende verschijning in dat gebied is de purperreiger. Toen ik mijn auto liet uitrollen vloog er een purperreiger op uit het riet om vervolgens een eindje verderop weer neer te strijken. Een andere keer vloog er een purperreiger over. Om een goed beeld te krijgen van de purperreiger heb ik een foto uit het archief toegevoegd…

Een roerdomp hoor je wel, maar zie je niet zo snel. Het is een schuwe vogel die zich met zijn schutkleuren ook nog eens prima kan verstoppen tussen het riet. Soms heb je geluk dat ze opgeschrikt opvliegen…

Op dit moment zwemmen daar meerdere tafeleenden rond. Tafeleenden zijn duikeenden die vooral in de herfst, winter en het vroege voorjaar in Nederland te zien zijn. Opvallend is dat het mannetje van de tafeleend al in juni wegtrekt, als het vrouwtje nog aan het broeden is. De vrouwtjes en de jongen volgen later. Zie ook deze site.

Boerenzwaluwen bij vogelkijkhut Blaustirns

Toen Jan en ik een tijdje aan het fotograferen waren in vogelkijkhut Blaustirns kregen we plotseling bezoek. Twee boerenzwaluwen waren neergestreken op de schutting buiten de vogelkijkhut.

Hun nest bevond zich binnenin de kijkhut. Ze leken enigszins terughoudend, want ze vlogen niet direct naar binnen. Misschien waren ze nog niet gewend aan fotografen in de kijkhut.

Ik vind het prachtige vogeltjes, zeker als de zon op het verenkleed schijnt.

Bosrietzanger

Nadat Jan en ik vanaf het pad meerdere foto’s  hadden genomen wandelden we verder naar de vogelkijkhut. Toen we daar aankwamen zagen we tot onze grote verrassing dat deze niet was afgesloten. Dat zou ook onzin zijn, want in deze vogelkijkhut kun je met twee personen prima 1,5 meter afstand houden.

Jan koos voor een bankje met weids uitzicht over het water. Ik stelde mij op bij een luikje met uitzicht op het riet. Ik hoorde in het riet een vogeltje het hoogste lied zingen. Het viel nog niet mee om het prachtig zingende vogeltje te ontdekken en vast te leggen. Meestal zag het vogeltje diep weggedoken in het riet.

Maar de aanhouder wint. Eindelijk zocht het vogeltje een plekje waarbij ik het vogeltje scherp in beeld kon krijgen.

Ik had daar ter plekke al gezien dat het geen ‘gewone’ rietzanger was. Bij het determineren op de computer kwam ik uit bij een bosrietzanger.

Een zangvogeltje moet je eigenlijk niet alleen maar zien, maar vooral ook horen. Om die reden heb ik een filmpje gemaakt van de bosrietzanger.

 

Koekoek bij de Leijen

Vanaf de fotosessie in het Weinterper Skar reden Jan en ik naar De Leijen. We waren benieuwd of we terecht konden in vogelkijkhut, Blaustirns. Aan de Doktersheide nabij De Leijen waren de  bermen prachtig gekleurd.

Terwijl we daar stonden te fotograferen vlogen er een aantal F-16’s over. Het is me gelukt om er eentje vast te leggen. Toen we naar het pad liepen wat naar de vogelkijkhut loopt zagen we al snel een kaart hangen met daarop de tekst: ‘Omdat het niet mogelijk is om 1,5 meter afstand te bewaren is de vogelkijkhut gesloten.’ Dat was een tegenvaller.

We besloten na overleg in ieder geval het pad naar de vogelkijkhut te bewandelen, want daar was vast wel iets te fotograferen…

Halverwege het pad was ik bezig met het fotograferen van zangertjes tussen het riet. Jan was al doorgelopen richting de vogelkijkhut. Plotseling vloog er een koekoek over mijn hoofd. De vogel landde bovenin een hoge boom. Hij hielde zijn staart omhoog net alsof hij nog zijn evenwicht moest zoeken…

De koekoek riep een paar keer zijn naam en keek daarna eens goed in de rondte. Jammer, want hij kreeg waarschijnlijk de fotograaf in het vizier. Ook heb ik Jan zachtjes geattendeerd op de koekoek, maar voordat Jan de camera kon richtten ging de koekoek er vandoor.

 

In mei 2016 is het me gelukt om een koekoek op film vast te leggen.

Wordt vervolgd. 

Op gelijke hoogte met een vink

Op een ochtend zat ik voor het huis koffie te drinken. Normaal gesproken zitten we achter ons huis, maar daar was het niet aangenaam vanwege de straffe westenwind. Plotseling daalde er een vink neer op de oprit. De vink bleef op de oprit zitten. Vanaf een afstandje maakte ik behoedzaam enkele foto’s.

Al snel bleek dat ik niet zo behoedzaam te werk hoefde te gaan, want de vink bleef zitten waar hij zat.

Nadat ik een aantal foto’s genomen had vanaf mijn tuinstoel sloop ik naar een ander plekje en stelde mij daar verdekt op. Ik zat op de oprit en zette de Nikon bridgecamera met kantelbaar scherm op de stenen en maakte zo enkele foto’s.

Al snel zag ik dat het standpunt van de camera ‘te laag’ was, want behalve de vink fotografeerde ik ook een stuk van de straatstenen. Daarom hield ik de camera iets hoger met het volgende resultaat.

Het was mij niet duidelijk waarom de vink daar bleef zitten. Misschien was hij wel tegen het voorraam van de woonkamer aangevlogen en was hij even niet in staat om te vliegen. Hij bleef echter wel alert om zich heen kijken. Dat is wel verstandig met de vele buurkatten die onze tuin dagelijks bezoeken.

Na een tijdje hield de vink het toch voor gezien, na wat rek- en strekoefeningen vloog hij op en verdween via de voortuin weg.

Op de foto’s is goed te zien dat er onkruid tussen de stenen mag groeien. Het hoge onkruid trek ik er met de hand uit. Onkruidverdelgers zijn in onze tuin uit den boze.