Karakteristiek gebouw in verval

In hartje Steenwijk staat tussen het Steenwijkerdiep en de Tukseweg een karakteristiek gebouw.

Als laatste bood het gebouw huisvesting aan de Welkoop. In 2003 verhuisde de Welkoop naar een nieuw pand aan de Roomweg. Het oude gebouw was toen al eigendom van Klaver Vastgoed. Het gebouw staat nu al een aantal jaren leeg en te verpauperen. Voor velen is het een doorn in het oog…

Gemeente Steenwijkerland en Wopke Klaver van Klaver Vastgoed liggen al jaren in de clinch over afspraken die zijn gemaakt over het Welkooppand.  Omdat ze er aan de onderhandelingstafel niet meer uitkomen is het een juridische strijd geworden.

De gemeente stelt als voorwaarde dat Klaver appartementen ontwikkelt en geen detailhandel. Iets dat Klaver niet ziet zitten, vanwege de volgens hem beperkte omvang van deze plek. Ze kunnen niet door één deur en het lijkt er ook niet van te komen…

Het hele verhaal gaat over de herinrichting en opwaardering van het Gedempte Steenwijkerdiep. Vanwege deze herinrichting werden ruim tien jaar geleden de panden van de Edah en Autobedrijf Rijkmans gesloopt. De gemeente heeft de voorkeur om de locatie van de voormalige Welkoop mee te nemen in de plannen. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot. Volgens Klaver zijn er in het verleden afspraken gemaakt en worden die niet nagekomen. Volgens de gemeente zijn die toezeggingen niet gedaan. Lees ook dit artikel en dit artikel.

Sinds eind november staan er hekken om het gebouw en is een doorgaande weg afgesloten. Deze hekken zijn geplaatst door de gemeente Steenwijkerland.  Uit onderzoek door de gemeente is namelijk gebleken dat een van de muren van het pand los is komen te staan, daardoor bestond er een risico dat de muur bezweek en delen van de muur op de weg zouden komen.

De eigenaar, Wopke Klaver was door de gemeente gesommeerd actie te ondernemen om de directe omgeving van het pand veilig te stellen. Klaver liet weten geen risico te zien en ondernam geen actie.

Vervolgens werd Klaver een bestuursdwang aangezegd. Op last van deze bestuursdwang kwam Klaver wel in actie. Een juridisch adviseur van Klaver Vastgoed observeerde het pand en er werd besloten om de gevaarlijke muur, die op instorten stond, te slopen. Daarmee heeft Klaver deels voldaan aan de last onder bestuursdwang.

Naast het getouwtrek tussen de gemeente Steenwijkerland en Klaver Vastgoed vindt ook de commissie Overijssel van Heemschut samen met de Historische Vereniging Steenwijk & Omstreken er wat van. In oktober 2019 vroegen ze aan de gemeente om bescherming van het karakteristieke pakhuis en werd verzocht om de monumentenstatus te verlenen.

Het gebouw aan de Tukseweg, te weten het kantoor  inclusief het tussenstuk heeft  in het geldende bestemmingsplan de aanduiding “karakteristiek”. Daarmee is sloop, zonder omgevingsvergunning, niet mogelijk.

Echter het achterste gedeelte, te weten het pakhuis aan het Steenwijkerdiep heeft die aanduiding niet en dat baart Heemschut zorgen.

Het betreft een redelijk gaaf voorbeeld van een industrieel pakhuis uit het begin van de 20e eeuw. Vanaf de bouw is het pakhuis lang in gebruik geweest als graanpakhuis. Later werd het in gebruik genomen door de Coöperatieve Landbouwbank, voorganger van de Welkoop.

Het pakhuis is het laatst overgebleven bouwwerk met een industriële functie aan het (gedempte) Steenwijkerdiep. Als zodanig is het pakhuis van cultuurhistorische en  sociaaleconomische betekenis.

Daarnaast is dit pand in zijn omgeving niet alleen beeldbepalend, maar zeker ook een bijzondere manifestatie van een episode uit de watergebonden geschiedenis van Steenwijk. Men pleit voor behoud van dit markante pakhuis en voor een onderzoek naar de mogelijkheden om het pakhuis een nieuwe bestemming te geven, bijvoorbeeld een woonbestemming. Bron: Site van Erfgoedvereniging Heemschut.

De sloop van de muur van het middenstuk heeft geen consequenties voor de voortgang van dit project. Sterker nog, Klaver heeft laten weten dat hij vooralsnog niet van plan is om het pand te slopen. Hij wil het liever laten staan als bewijs van de zeer teleurstellende handelswijze van wethouder Bram Harmsma. In een eerder stadium heeft Klaver al laten weten dat hij het geld niet nodig heeft. Bron: Steenwijker Courant. Het heeft er dus alle schijn van dat deze doorn in het oog nog wel een tijdje blijft zitten…

 

Een glijbaan van sneeuw

Gisteravond zat ik samen met onze zoon in de woonkamer toen dit kerstnummer van Wham voorbij kwam. Onze zoon refereerde toen aan een filmpje wat ik in 2009 heb opgenomen en wat hij heeft gemonteerd en op YouTube heeft geplaatst. Hij was toen 11 jaar. Na de aha-erlebnis van gisteravond doken we vandaag in mijn rijk gevulde fotoarchief. Met plezier, maar ook met enige weemoed haalden we ‘oude’ herinneringen op.

Op 22 december 2009 was er veel sneeuw gevallen. Zoveel sneeuw dat onze zoon ‘s avonds nog bedacht om een glijbaan te gaan maken. Toen was het al een avondmens. Behalve een filmopname maakte ik uiteraard ook een fotoserie.

Hieronder staat het filmpje wat onze zoon in die tijd zelf monteerde.

Onze kinderen vinden het leuk om van tijd tot tijd de foto’s te bekijken en de verhalen terug te lezen op mijn oude weblog. Jammer dat de foto’s zijn geconfisqueerd door Photobucket. Zie: deze post. Maar gelukkig kunnen ze dan terugvallen op mijn archief.

Ochtenstond in het Waterloopbos

Een tijdje geleden was ik op een zaterdagmiddag in het Waterloopbos. Ik vond het toen heel erg druk. Ondanks de drukte heb ik toen met een mondkapje op toch een wandeling gemaakt. Die fotoserie is hier te zien. Om de drukte te vermijden ging ik een week later in alle vroegte naar het Waterloopbos. Er was voor die dag wat ochtendmist voorspeld en dat hoopte ik dan meteen mee te pakken.

En zo stond ik rond zonsopkomst bij een waterloop uit vervlogen tijden…

Vanaf de parkeerplaats wandelde ik eerst naar de Deltagoot. Ondanks het vroege tijdstip waren daar toch al mensen aanwezig. Toen ik inzoomde zag ik dat het fotografen waren. Nadat we naar elkaar hadden gezwaaid vervolgde ik mijn weg.

Ik vond het nog lastig om in het bos de sfeer van het vroege tijdstip vast te leggen. Ook de ochtendnevel zie je in het bos minder terug dan op de vlakte.

Na een ronde door het Waterloopbos kwam ik weer aan bij de parkeerplaats. Net toen ik besloot om in de auto te stappen en naar huis te rijden verscheen tussen de bomen de zon.

Toen ik zag hoe de zon aan de bomen een gouden gloed gaf besloot ik om nog een ronde te maken door het bos.

Ten slotte heb ik nog een tijdje gespeeld bij een waterval. In de waterloop lag een grote vierkante steen. Die steen gebruikte ik als statief. Op die manier kon ik een lange sluitertijd gebruiken…

Ik hoop nog een keer een fotoserie in het Waterloopbos te maken nadat er een beetje sneeuw is gevallen. Dat lijkt me zo mooi.

Waterloopbos, geliefd bij jong en oud

Op een zaterdagmiddag brak de lucht open en kwam het zonnetje tevoorschijn. Ik besloot naar het Waterloopbos te gaan. In dit bos zijn de resten te zien van het voormalig Waterloopkundig laboratorium. In deze tijd van het jaar vind ik dit bos van een grote schoonheid.

Met mij hebben velen de schoonheid van dit bos ontdekt, de grote parkeerplaats stond tjokvol. Tijdens het passeren op smalle paden droeg ik mijn mondneusmasker. Je kunt niet voorzichtig genoeg zijn. Ik was overigens de enige die een dergelijk masker droeg. Ik heb van de nood een deugd gemaakt en heb bewust een serie gemaakt met mensen.

Bij een waterval heb ik een tijdje gespeeld met de sluitertijd, de waterval en de passanten. Ik had mijn camera op een bruggetje gezet. Door te kiezen voor een lange sluitertijd heb ik getracht bewegingen in beeld te brengen….

Tijdens de wandeling trof ik een medeblogger. Ik herkende hem van de header op zijn weblog. Wel heel toevallig en leuk om elkaar daar zo tegen te komen. Na een tijdje kletsen gingen we ieder ons weegs. Aan het einde van mijn wandeling trof ik hem opnieuw. We besloten om samen terug te wandelen naar de parkeerplaats.

Bad Bentheim, kasteel en kunst

Eind september brachten we een week door op een vakantiepark in Bad Bentheim. Uiteraard brachten we ook een bezoek aan kasteel Bad Bentheim. We gingen te voet vanaf het vakantiepark naar het kasteel. We wandelden o.a. door het stadspark waar de rozen nog prachtig in bloei stonden.

We maakten een rondgang door de tuin en namen een kijkje binnen. Ook wandelden we over de galerij van het kasteel waarbij we een mooi uitzicht hadden over de tuin en over de stad Bad Bentheim.

Een gedeelte van het kasteel is ingericht als expositieruimte. De veelal kleurrijke kunstwerken spraken mij aan. Door de entourage waarbinnen de kunstwerken hingen kwamen de kunstwerken mooi tot hun recht. In een zwaar bewaakte vitrine hing een werk van de Nederlandse schilder, Jacob van Ruisdael.

Watermolen bij Diepenheim

Tijdens onze vakantie in september maakten we meerdere uitstapjes naar Twente. Een van de uitstapjes was naar de watermolen, Den Haller ten oosten van Diepenheim. We parkeerden de auto aan de Watermolenweg en wandelden richting het restaurant en de watermolen. We dachten langs een stromend riviertje te komen, maar in plaats daarvan zagen we een droge rivierbedding. Dat beloofde niet veel goeds…

De molen wordt normaliter aangedreven door het water van de Diepenheimse Molenbeek die zijn water weer uit de Schipbeek ontvangt. De watermolen is een zogenaamde onderslagmolen. De onderkant van het molenrad wordt door het stromende water in beweging gebracht. In de molen staan drie koppels maalstenen, die geschikt waren om graan te malen, maar ook om eek te malen en olie te slaan.

Men vermoedt dat Den Haller de oudste watermolen van Nederland is. Hij wordt al in 1169 vermeld. Tot 1970 was de molen nog dagelijks in bedrijf. De watermolen is nog grotendeels in zijn oorspronkelijke vorm bewaard gebleven. Hij staat op houten palen in de molenkolk. De geteerde houten gevels en uitgesleten traptreden tonen de sporen van het verleden. Na een recente restauratie verkeert de molen weer in goede staat.

 

Een tweespan op Aekingerzand

Op een buiige dag besloot ik om weer naar het Aekingerzand te gaan. Aekingerzand is met name mooi met spannende wolkenluchten zo werd mij verteld.

Op het pad vanaf de parkeerplaats werd ik verrast door een tweespan paarden met passagiers. De ISO van mijn camera stond nog te laag. Daardoor is de beweging nog een beetje terug te zien in de foto.

De tweespan hield halt op de kruising, op het pad was er tegemoetkomend ‘verkeer’.

Twee ruiters én een tweespan op één pad dat gaat niet lukken.

Nadat de beide ruiters waren gepasseerd rende ik in een drafje het pad op zodat ik de tweespan nog een keer van voren kon vastleggen.

Wellicht is het toch handig om op sommige paden eenrichtingsverkeer in te stellen. Een tweespan gaat nu eenmaal niet zo eenvoudig in de achteruit…

Ik wandelde verder naar de open vlakte van het Aekingerzand en werd al gelijk getrakteerd op een mooie dreigende lucht.

Wordt vervolgd. 

Een Gazelle gaat heel lang mee…

…mits je er zuinig op bent.

Toen ik bezig was met het fotograferen van de wilde peen in Dwingelderveld stopte er een fietser. Op veilige afstand van elkaar hebben we lange tijd geanimeerd staan te praten. Via corona, politiek, chronische ziekten en boeren kwamen we uit bij zijn Gazelle fiets. De man was midden zeventig en fietste al 45 jaar op dezelfde fiets. ‘Nee, geen e-bike. Een e-bike is niet goed voor het peil houden van mijn conditie’, zo stelde de man. Ik vroeg hem of ik hem en zijn fiets op de foto mocht zetten…

Hij was een boerenzoon en vertelde dat hij zijn hele leven op klompen had gelopen. Hij was geen boer geworden maar schilder. Ik  vind het sowieso al niets om op een ladder te staan, laat staan op klompen….

Hij was zuinig op zijn spullen en dus ook zuinig op zijn fiets. Zo was hij opgevoed. De fietsenmaker heeft hem ‘beloofd’ dat de Gazelle hem gaat overleven.

Alles aan de fiets was nog origineel, inclusief de fietstassen. In mijn beleving had mijn vader vroeger ook zo’n fiets.

Daar gaat hij, op weg naar het volgende praatje…

Een sluis in de Turfroute

Op een dag kwam ik langs een sluis en een brug wat hier de grens vormt tussen Drenthe en Friesland. Dit is een van de vele sluizen in de Turfroute. Ik besloot een kijkje te nemen bij de sluis. Vroeger als kind heb ik samen met mijn ouders en zusjes een deel van de Turfroute gevaren. Ik zat toen al jong achter het stuur en kan me het passeren van al die sluisjes nog goed herinneren.

De kleine Turfroute van 105 km loopt door zowat heel zuidoost Friesland. De grote vaarroute van 190 km gaat ook door de provincies Drenthe en Overijssel. Op deze site en deze site kun je er alles over lezen. De sluis waar ik stond te fotograferen ligt in de Opsterlandse Compagnonsvaart en is de eerste sluis gerekend vanaf de Drentsche Hoofdvaart. Zie Google Maps.

Het verval bij deze sluis is ongeveer 1.50 meter. De sluis en de brug worden met de hand bediend. Dat heet nostalgie. Kijk maar mee hoe dat in zijn werk gaat…

Bij de bovenstaande serie werd de sluis geschut richting Drenthe, bij onderstaande serie was dat richting Fryslân.