Een verjaardagsuitje

Gisteren vierden we de verjaardag van mijn fotomaatje Jan, die er in de afgelopen week weer een kruisje bij mocht zetten. Na de koffie met wat lekkers stapten Aafje, Jan en ik in de auto en koersten we naar het noorden van Fryslân. Het was tenslotte Jans feestje, dus hij mocht bepalen waar we naartoe gingen. Onze eerste bestemming was de pier van Holwerd, waar de veerdienst naar het Waddeneiland Ameland vertrekt. Een mooie plek om onze dag te beginnen.

De volgende fotoserie is van het Tempeltje van Ids en de SeedyksterToer. Ook maakten we foto’s van het monument ter herinnering aan de Redding van de Dobbepaarden. Op dat moment vloog er een AWACS-vliegtuig over, ook die konden we mooi meepakken.

Op weg naar onze volgende bestemming sloeg ik te vroeg rechtsaf, waardoor we op een een landweggetje terecht kwamen met daarnaast een bloemenakker. Er stonden bloemen zover het oog reikte! Soms brengen verkeerde afslagen je op de mooiste plekken.

Onze laatste stop was op de Waddendijk ten oosten van Wierum. We troffen het deze dag geweldig met het weer. De afwisseling van zon en prachtige wolkenluchten maakte het feest compleet.

Jan en Aafje, bedankt voor deze mooie en gezellige dag. Het was weer een feestje om samen op pad te zijn!

Een huis uit 1668

Ruim een week geleden gingen Jan en ik weer samen op stap. Door mijn vakantie was het alweer een tijdje geleden dat we elkaar hadden gezien, dus bij Jan en Aafje thuis hadden we eerst genoeg bij te praten. Onder het genot van een kop koffie namen we de tijd om weer even helemaal bij te praten.

Daarna gingen we op pad. Jan op de Joiny en ik op de e-bike. We waren Drachten nog maar net uit toen Jan voorstelde om een doodlopende weg in te rijden. Daar staat namelijk een bijzonder huis dat hij me wilde laten zien. Het is het oudste huis van de gemeente Smallingerland, gebouwd in 1668. Het huis ligt verscholen tussen de bomen en vanaf de weg kun je eigenlijk geen betere foto maken dan de onderstaande.

We hadden geluk: de eigenaar zag ons fotograferen en kwam naar ons toe. Het bleek een bijzonder aardige man te zijn, die ons meteen uitnodigde om een kijkje in de tuin te nemen.

Tijdens onze rondgang door de tuin zagen we de linde die eveneens uit 1668 stamt. De boom heeft niet meer zijn oorspronkelijke hoogte, maar heeft wel min of meer zijn omvang behouden. De stam is inmiddels volledig uitgehold en wordt met een sjorband bij elkaar gehouden.

Aan het huis was niet één lijn recht, maar juist dat gaf het zijn charme.

Na onze rondgang door de tuin nodigde de eigenaar ons uit om ook binnen een kijkje te nemen. De eigenaar is het huis momenteel aan het renoveren, waarbij hij zoveel mogelijk van de originele elementen wil behouden. Juist die oude details geven het huis zijn bijzondere karakter en laten iets zien van de lange geschiedenis ervan.

Voor het uitgebreide en mooie verhaal over deze bijzondere ontmoeting en dit bijzondere huis verwijs ik graag naar het weblog van Jan. Hij vertelt er meer over in dit bericht en dit bericht. Op de website van de Histoaryske Feriening De Pein (Historische Vereninging Opeinde) vond ik nog een mooi stukje geschiedenis beschreven over dit huis.

Op pad met Jan, Joiny en e-bike; Huize Lyndenstein

De laatste fotoseries die ik nog in concept had staan, zijn gemaakt tijdens de prachtige tocht die mijn fotomaatje en ik bijna een maand geleden maakten. Jan reed op de Joiny en ik op de e-bike. Onze route voerde ons door de buitenwijken en de omgeving van Drachten. Hoewel het overwegend bewolkt was en een vest geen overbodige luxe bleek, waren de omstandigheden verder prima.

Later hoorde ik van Jan dat we die dag zo’n 30 kilometer hadden afgelegd. Onderweg stopten we om een foto te maken of we namen regelmatig even plaats op een van de vele bankjes om gezellig bij te praten. Heel veel foto’s heb ik tijdens deze tocht overigens niet gemaakt, maar dat was helemaal prima.

Onderweg naar een bijzondere plek kon ik het niet laten om even te stoppen voor deze foto van een imposante boom. Over die bijzondere bestemming vertel ik later meer.

Op een bepaald moment besloten we, na enig wikken en wegen, toch nog een omweg te maken. Onze bestemming was Beetsterzwaag, waar we een bezoek brachten aan Huize Lyndenstein. Die keuze pakte verrassend uit, want daar ontmoetten we beeldend kunstenaar Floor van der Leun en haar man, die druk bezig waren met de opbouw van hun kunstproject in de Overtuin tegenover Huize Lyndenstein. Over die bijzondere ontmoeting schreef ik eerder al in dit bericht.

Deze keer richten we onze aandacht op Huize Lyndenstein zelf. Dit 19e-eeuwse, neoclassicistische landhuis werd in 1821 gebouwd voor Frans Godaert baron van Lynden. Tegenwoordig is het in gebruik als kantoorpand van Revalidatie Friesland. Vanaf 1915 deed Huize Lyndenstein dienst als kinderziekenhuis. In 1958 werd besloten het ziekenhuis om te vormen tot een revalidatiecentrum voor kinderen. Sinds 1985 worden er ook volwassenen behandeld. Tussen 2002 en 2004 verrees op het terrein een nieuw complex. Meer informatie is te vinden op deze website van Revalidatie Friesland.

In de tuin staan enkele imposante beelden opgesteld: de dierenriembeelden. Na een flinke omzwerving hebben ze sinds mei 2026 weer een plek gekregen in de voortuin van Huize Lyndenstein. Achter deze beelden schuilt een bijzonder verhaal. Wie daar meer over wil weten, kan het uitgebreide verhaal lezen op de website van Oldenburgers Binnenstad en Buitenleven.

Kunstwerk in opbouw

Bij de laatste stop van een ruim dertig kilometer lange tocht, die Jan en ik gisteren maakten, kwamen we terecht in de Overtuin van Huize Lyndenstein in Beetsterzwaag. Daar vielen we midden in de opbouw van een bijzonder kunstwerk in de vijver van de parktuin. Beetsterzwaag staat dit weekend, op 4 en 5 juli, weer volledig in het teken van het jaarlijkse Kunstweekend.

We gingen richting de vijver en werden daar vriendelijk ontvangen. Op de oever lagen kunstdobbers in allerlei soorten en maten, gemaakt van papier-maché of van hout. Vol enthousiasme vertelde beeldhouwster Floor van der Leun hoe het idee voor dit kunstwerk was ontstaan en hoe het uiteindelijk vorm had gekregen. Op de tweede foto toonde ze haar favoriete dobber.

Ondertussen was haar man, Roelof, in de vijver druk bezig om het net op de juiste plek te krijgen. Dat bleek een grotere uitdaging dan ze hadden verwacht, omdat in de vijver vele takken lagen die het werk flink bemoeilijkten.

Toen Roelof tevreden was over de positie van het net, gaf Floor hem één voor één de dobbers aan, waarna hij ze zorgvuldig op hun plaats bracht. De dobbers zijn aan de onderkant verzwaard met lood, zodat ze rechtop in het water blijven staan. Het bepalen van het juiste gewicht was een nauwkeurig klusje, want bij te veel lood zakt een dobber te diep weg. Om te voorkomen dat de dobbers zouden wegdrijven, werden ze in het net gestoken.

Jan zei tegen Floor dat hij zou proberen om dit weekend samen met Aafje langs te komen om het kunstwerk in zijn voltooide vorm te bekijken. Ook zegde hij toe de fotoserie naar haar te mailen, iets waar Floor en Roelof erg blij mee waren.

Jan heeft op zijn weblog eveneens verslag gedaan van deze leuke ontmoeting. Daar zijn o.a. foto’s te zien waarop Floor en ik met elkaar in gesprek zijn. We spraken over haar levensverhaal en haar loopbaan van werken in de zorg naar beeldend kunstenaar.

Na deze bijzondere ontmoeting gingen we weer op pad: Jan op zijn Joiny en ik op de fiets. We reden terug naar de thuisbasis van Jan en Aafje, terugkijkend op een mooie en gezellige dag. Tijdens de tocht heb ik meerdere keren uitgesproken hoe aangenaam verrast ik ben door de vele prachtige fietspaden en het afwisselende landschap in en rond Drachten.

Bij de Leijen

Een paar weken geleden gingen mijn fotomaatje en ik naar de Leijen bij De Tike.

Het pad naar de vogelkijkhut was modderig. Gelukkig waren we qua schoeisel goed voorbereid.

Halverwege het pad genoten we van het uitzicht op het zilverkleurige riet.

Het laatste deel van de wandeling gaat via een vlonder. Dat loopt net wat comfortabeler.

We hadden de hoop uitgesproken dat we misschien daar baltsende futen zouden treffen, maar helaas. Naast het mooie uitzicht was er weinig leven te bekennen.

Door het zijluik hadden we onderstaand uitzicht.

Achter het riet zwom een groepje smienten. Ze hadden het druk met elkaar. Jan dacht dat ze voorjaar in hun kop hadden. Toen het er op leek dat de smienten niet van plan waren om voorlangs te zwemmen en er verder ook niets spannends gebeurde besloten we weer terug te wandelen.

Onderweg naar de parkeerplaats maakte Jan een aantal detailfoto’s van diverse soorten mos. Die fotoserie is te zien op zijn weblog.

Terwijl Jan bezig was met het maken van bovenstaande fotoserie richtte ik mijn blik op het kunstwerk naast de parkeerplaats.

Naast het kunstwerk is een nieuwe picknicktafel geplaatst. Op een warmere dag is het daar vast goed toeven.

Ik was van plan om een apart log te maken over het kunstwerk, maar daar zie ik toch vanaf. Voor een mooie beschrijving en fotoserie verwijs ik gewoon naar het weblog van mijn fotomaatje.

Op de Friese vlakte

Een paar weken geleden was ik te gast bij Jan en Aafje. Het weer werkte goed mee, dus gingen Jan en ik met onze camera’s op stap.

Ik geniet altijd van de weidse blik over de Friese vlakte.

Op advies van Henk heb ik een gedeelte van de voorgrond verwijderd. De foto ziet er dan zo uit. Wat vinden jullie mooier.

Behalve de grote hoeveelheid brandganzen zagen we ook een buizerd op een paal.

Jan en profiel. Het lukt niet altijd om Jan zo netjes op de foto te krijgen hoor, hij is namelijk een meester in het gekke bekken trekken. 🤪

Onze volgende stop was bij een weiland waar tegen de middag vaak reeën zijn te zien. Ondanks dat de lunchtijd al was verstreken waren ze toch nog aanwezig.

Ze stonden wel ver weg.

Gelukkig had ik mijn Nikon bridgecamera met sterkte zoom meegenomen.

Wordt vervolgd.

De baggelmachine in De Deelen

Terwijl ik bezig was met de serie over het turf en veen winnen in De Deelen las ik dat er ergens in dat gebied een machine is die daarvoor gebruikt werd. Een paar dagen later appte Jan mij dat hij er achter was gekomen waar die machine, de baggelmachine staat. Daarbij kwam de vraag of ik zin had om hem te vergezellen naar de baggelmachine. Daar was ik zeker voor in en zo gebeurde het dat we samen op stap gingen. Omdat Jan niet ver kan lopen had hij een route gezocht waarbij de wandeling zo kort mogelijk zou zijn. We moesten daarbij met een pontje oversteken.

Het pontje kwam net vanaf de overkant naar ons toe. Terwijl we stonden te wachten kwam er een echtpaar op de fiets en die lieten we mooi voor gaan. Zo konden wij de kunst afkijken en meteen enkele foto’s nemen.

De eerste helft van de oversteek stond Jan aan de lier en halverwege mocht ik het overnemen. Terwijl we overstaken kwam er om de bocht een skûtsje aangestoomd. Voor ons gevoel moesten we toch wel even flink doordraaien…

Vanaf het pontje was het nog maar een stukje lopen naar het paadje wat naar de baggelmachine leidde. We zeiden tegen elkaar dat we het vreemd vonden dat er naast het fietspad geen verwijzing staat naar die bewuste machine. Een onwetende fietser en wandelaar gaat daar zo aan voorbij en dat is toch jammer bij dit industrieel erfgoed.

Jan heeft op zijn weblog de geschiedenis van het winnen van turf en het gebruik van deze baggelmachine heel compleet en mooi omschreven. Daarvoor verwijs ik graag naar dit bericht en dit bericht op Afanja.

Hieronder zoom ik in op de baggelmachine.

Nog een laatste blik op de bijzondere machine voordat we de reis terug aanvaardden.

We wandelden langs de Ringvaart weer terug naar het pontje.

Met twee witjes op een distel sluit ik deze serie af.

Zwarte sterns

Onlangs stond er een fotokuier gepland samen met mijn fotomaatje. We lieten allerlei opties de revue passeren en besloten na rijp beraad te kiezen voor de Kapellepôle. In het verleden hebben we daar toch leuke macro’s kunnen scoren. Nadat we de auto hadden geparkeerd en alle spullen bij elkaar hadden gezocht maakte ik eerst een foto van de herkauwende koeien. Achteraf bleek dit ook zo ongeveer mijn fotografisch hoogtepunt te zijn van ons bezoek aan de Kapellepôle.

Het pad naar het ven is heel smal en aan weerszijden begroeid. Met name voor Jan met zijn wankele evenwicht was dit een lastige tocht. Aangekomen bij het ven was het akelig stil. Er vloog een enkele libel en waterjuffer en op een bloem zat een insect. Het aantal was op twee handen te tellen. Jan heeft er nog een paar mooie macro’s uit kunnen slepen. Dat is mij nog niet eens gelukt.

We besloten dan ook maar weer snel terug te keren naar de auto. Bij de auto overlegden wat de volgende foto-locatie zou worden. We kozen voor de kijkhut bij De Leijen. Daar aangekomen wachtte ons een dreigende lucht. De buienapp beloofde ons echter nog een tijdje droog weer, dus besloten we het erop te wagen.

Er was een splinternieuw bankje geplaatst. Jan wilde voor de foto wel even op het nieuwe bankje zitten. Terwijl ik de foto maakte scande Jan de QR-code op het bankje. Dit bankje is een verwijzing naar kunstenaar Klaas Koopmans.

In 1982 legde de Friese schilder Klaas Koopmans het meer De Leijen vast. In grote gebaren, dynamisch en kleurrijk. Zo bracht hij zijn liefde voor het Friese landschap over naar het doek. Door het vast te leggen, wilde hij het als het ware behoeden. Hij had een groot hart voor de natuur. Zijn geloof speelde daarbij ongetwijfeld een grote rol; hij zag zijn werk als een eerbetoon aan de schepping… zo staat er geschreven op deze site. Tevens is op die site het schilderij te zien.

Na de fotosessie op het bankje volgden we het pad naar de kijkhut. Blaustirns is de Friese benaming voor zwarte sterns en dat was ook meteen het doel van deze kuier.

Vanuit de kijkhut hadden we zicht op een bewolkte lucht boven De Leijen.

Het duurde niet lang of de eerste zwarte stern liet zich zien. De stern speurde het wateroppervlakte af op zoek naar een visje voor de jongen.

Het donkere weer maakte het fotograferen van de snelle sterns wel wat lastiger. Een scherpe foto van een duikende stern zat er deze keer niet in. Ook hebben we deze keer nog geen bedelende jongen op een paaltje zien zitten. Er zit dus niets anders op dan nog een keer op herhaling te gaan.

Terwijl we in de kijkhut zaten begon het te onweren en te regenen. Wij zaten naar ons idee daar wel veilig, hoewel we ons op dat moment wel realiseerden dat deze hut geen bliksemafleider heeft. Op het water voer nog wel een bootje en enkele kano’s. Dat leek ons wel onverstandig. Als dochter van een brugwachter ben ik aan het water opgegroeid en was ik veel op het water te vinden. Maar met onweer op of in het water was voor ons vroeger uit den boze.

Nog een laatste foto van een zwarte stern in vlucht en toen vonden we het welletjes. We hadden naar ons idee de buit wel binnen.

Een paartje grote zaagbek en een nonnetje

Vorige week was ik samen met mijn fotomaatje Jan op stap in de Kop van Overijssel. Ik nam Jan mee naar een plekje waar regelmatig een ijsvogel was te zien. Uiteraard was het spannend of de ijsvogel na die winterweek met natuurijs nog aanwezig zou zijn. Vanachter de observatiewand hadden we ruim zicht over het water. Jammer genoeg  stond er een straffe wind pal op ons gezicht. Aan de horizon was het mistig van de rook. Rook die veroorzaakt werd door het verbranden van rietafval.

We tuurden en tuurden, maar er was geen ijsvogel te zien. Wel zwom er een paartje grote zaagbek. Deze eend behoort, de naam zegt het al, tot de  zaagbekken. Terwijl ik deze foto nam dook het mannetje onder water.

De grote zaagbek eet puur dierlijk materiaal. Door hun gekartelde snavel hadden ze na het duiken regelmatig alg aan hun snavel hangen. Hieronder zwemt het mannetje.

En dit is het vrouwtje. Het is net alsof ze een corona-kapsel heeft.

We hadden net naar elkaar uitgesproken dat het ons een beetje ging vervelen. Er was geen ijsvogel te zien. Ook niet in de uren voordat wij er waren, zo werd ons verteld. Het heeft er alle schijn van dat de ijsvogel het op deze plaats niet heeft overleefd.

En toen verscheen er nog een interessant onderwerp voor onze camera. Het was een nonnetje. Ook het nonnetje behoort tot de groep zaagbekken. Het nonnetje zat ver weg en daarom moesten we met de bridgecamera flink inzoomen. Het scherpstellen werd daarnaast bemoeilijkt door de golfslag.

Het nonnetje had een lekker hapje verschalkt.

Jammer genoeg zwom het nonnetje steeds verder bij ons vandaan. Het was jammer dat de golfslag het zicht op de prachtige tekening van deze eend enigszins belemmerde.

En het volgende moment ging hij op de vleugels om zijn heil elders te zoeken.

Dat was ook voor Jan en mij het moment om verder te gaan. We reden naar de Linde. Dat is de plek waar ik vorig jaar de ijsvogel meerdere keren fotografeerde. Misschien dat we daar meer geluk hadden. Wordt vervolgd.

P.s. mijn eega komt net binnen en vertelde dat hij de wulp heeft gehoord. Gelukkig is de wulp weer gearriveerd in het weiland achter ons huis. Daar wordt ik zo blij van.

Schaatsen in Fryslân

Gisteren was ik te gast bij mijn fotomaatje, Jan in Fryslân. Na de koffie met wat lekkers (met dank aan Aafje) gingen we snel op stap. Het mooie weer en het natuurijs lokte ons naar buiten.

Ons eerste doel was de Hooidammen. Dat gebied is per uitstek geschikt om te schaatsen op natuurijs. Vele schaatsers gebruikten dit punt om te starten en bonden hier hun schaatsen onder.

Anderen waren elders gestart en waren op doorreis.

Om van het ene water op de andere te komen moest er soms worden gekluund.

Via de Aldheadamsleat (Oude Hooidamsloot) kon men o.a. naar Earnewâld (Eernewoude) schaatsen.

Het was mooi om te zien zoals iedereen op z’n eigen manier bezig was met het schaatsen. Dit jongetje ging heel bedachtzaam te werk.

Dit meisje ging juist voortvarend te werk. Het leek me een echt doorbijtertje.

Hier waren vele mensen aan toe. Sneeuw, natuurijs en heerlijk buiten bezig zijn. Even geen corona-perikelen. De stemming was hier in Fryslân dan ook opperbest. Dat zal mede komen omdat er in dit deel van het land voldoende ruimte is…

Sinds een dag werk ik met een ergonomische linker muis. Ondanks dat ik linkshandig ben werkt het niet zo snel als met de rechterhand. Ik kan in ieder geval nu de schouder aan de rechterkant ontzien.