Schokland, terp de Zuidert

Onlangs zijn we met vier dames van de interessegroep, fotografie op stap geweest naar Schokland. Bij het bezoekerscentrum liggen grote rotsblokken. Deze gletsjerstenen zijn geschonken door de Noorse gemeente Ringerike aan de gemeente Noordoostpolder vanwege hun vriendschappelijke betrekkingen. Op deze site kun je er alles over lezen.

Eeuwenlang is Schokland een eiland in de Zuiderzee. Met de aanleg van de Noordoostpolder komt Schokland in 1942 midden in nieuw polderland te liggen. Als een vis op het droge. Schokland en omgeving blijkt een archeologische goudmijn. Het gebied heeft lange tijd onder water gelegen. De ondergrond is daardoor vrijwel onaangetast gebleven. Door het bestuderen van op elkaar liggende bodemlagen is de wordingsgeschiedenis in kaart gebracht. Over een periode van tienduizenden jaren zijn de (pre)historische landschappen gereconstrueerd. Prachtige archeologische vondsten tonen aan dat hier al duizenden jaren geleden mensen wonen.

Het boek ‘Eens ging de zee hier tekeer’ heb ik een half jaar geleden gelezen. In dit boek vertelt Eva Vriend over de geschiedenis van de Zuiderzee wat later het IJsselmeer werd. Ook over Schokland wordt in dat boek geschreven, over de vele overstromingen en de bittere armoede. Nadat we ons hebben laten informeren in het bezoekerscentrum en met hulp van een plattegrond gingen we op stap. Wat het weer en de wolkenluchten betreft hadden we het niet beter kunnen treffen.

Toen we al een flink stuk gewandeld hebben keken we terug naar de Middelbuurt. De buurt waar we gestart waren. De kerk in de Middelbuurt wordt regelmatig gebruikt als trouwlocatie.

Op de middag dat wij er waren was er ook een trouwerij.

Na een tijdje kwamen we aan bij terp, de Zuidert. Terp de Zuidert was de kleinste woonbuurt op Schokland. In de 19e eeuw woonden hier circa 70 mensen.

De terp werd bewoond vanaf 1400. In 1775 zijn de huizen door brand verwoest en daarna heropgebouwd. De Zuidert met destijds 14 gezinnen is in 1855 ontruimd, waarna vier jaar later geheel Schokland ontruimd werd. De terp is tegenwoordig een rijksmonument. Op de terp is een woning en een waterput gereconstrueerd. Bron is Wikipedia.

De lucht zag er dreigend uit, toch hebben we geen drup regen gehad. De voorspelde regen zou pas ‘s avonds vallen.

Op onderstaande foto staan het huis en de waterput op de foto.

Wordt vervolgd.

IJsvogel, in glas-in-lood

Vorige week wandelde ik door ons dorp en toen kwam ik langs een atelier. In de voortuin stond een ijsvogel. Deze ijsvogel kon ik niet laten staan, dus heb ik mezelf getrakteerd. Deze ijsvogel kreeg geen plekje aan de rand van de vijver, maar in de nieuwe bloemenborder…

De ijsvogel in het zonnetje.

Toen ik inzoomde zag ik door het glas wat bewegen.

Ik stapte voorzichtig om de ijsvogel heen en zag dat het een atalanta was.

De atalanta heeft vast geweten dat ijsvogels geen vlinders eten…

Wandelaars in de regen en bijzondere strandhuisjes

De weersvoorspelling voor tweede pinksterdag zag er niet best uit en helaas zaten ze er deze keer niet naast. Het regende de hele dag in het hele land en zo ook op Texel. Mijn oudste zus was in de loop van de middag op eerste pinksterdag gearriveerd. Voor haar vond ik het extra sneu. Maar hoe liep het verder af met de stoere wandelaars? Op tweede pinksterdag zouden ze namelijk de tweede helft van de Waddenzeetour lopen. Er werd druk gedebatteerd, maar uiteindelijk besloten ze wel te gaan wandelen. Ik dropte ze deze keer bij de vuurtoren want zo hadden ze de wind in de rug.

Nadat ik ze bij de vuurtoren had uitgezet reed ik naar Kaap Noord. Vanaf dat punt maakte ik enkele foto’s van de vuurtoren.

Vervolgens wandelde ik naar het strand. Misschien zou ik de stoere wandelaars nog treffen. En ja hoor, toen ik het strand op wandelde kwamen zij net aangelopen. Nadat we een paar woorden hadden gewisseld vervolgden zij hun weg. Stoer.

Ik richtte mijn camera op de waddenveer naar Vlieland. Zo te zien had de schipper een vrije dag. Misschien was het weer te slecht. Terwijl ik daar foto’s maakte kwam er nog een stoer iemand aangelopen. Zo te zien was deze man bezig met een fietsvakantie.

Ik ben al vaak bij Kaap Noord geweest, maar de strandhuisjes aldaar waren mij nog niet eerder opgevallen. Op de meeste stranden zijn de strandhuisjes identiek, maar op dit strand zijn ze allemaal verschillend.

Sommige strandhuisjes zijn heel mooi, anderen zijn rijp voor de sloop. Het meest opvallende strandhuisje is die van kunstenares Angelina van der Vliet. Ik heb me daar een tijdje, ondanks de regen, heerlijk uitgeleefd. Na deze fotosessie werd het tijd om de warmte en gezelligheid van het vakantiehuis weer op te zoeken.

Voor in de middag kreeg ik een berichtje van de wandelaars dat ik ze weer mocht oppikken bij de IJzeren Kaap. Als verzopen katten kwamen ze aangewandeld, maar de missie was wel volbracht. Ze hadden ruim 14 km gelopen en zo waren ze in twee dagen langs de hele Texelse waddenkust gewandeld. Chapeau!

Waalenburg

Op de ochtend van de tweede vakantiedag op Texel ging ik alleen met de fotocamera’s op pad. De jeugd ging winkelen in Den Burg en mijn man ging wandelen en wilde kilometers maken. Mijn eerste stop was bij Waalenburg, het eerste weidevogelreservaat van Nederland. Dit jaar zagen we veel ingezaaide bermen en akkerranden op Texel. Een lust voor het oog.

Onderstaand schrijven is van Jac P Thijsse. Hij richtte onder meer de Vereniging tot Behoud van Natuurmonumenten in Nederland op (1905) en schreef diverse vogelboeken. Thijsse had voor altijd zijn hart aan het eiland verpand. ‘Texelaar zal ik blijven tot het eind’, schreef hij later over Texel.

De veldleeuwerik is daar goed vertegenwoordigd. Het is een feest om daar te staan en het gezang van de veldleeuwerik te horen. Ik heb deze keer geen foto’s gemaakt van de veldleeuwerik in vlucht. Ze vlogen te hoog. Ik heb daar wel een tureluur, een bergeend en een aalscholver gefotografeerd.

Wederom naar Dokkumer Nieuwe Zijlen

Na onze fotosessie bij de ijsvogels stelde ik Jan voor om door te rijden naar Dokkumer Nieuwe Zijlen. Een paar weekenden geleden verbleven we daar tijdens een familieweekend in een mooie groepsaccommodatie. Toen we na dat weekend thuis de tassen uitpakten bleek er een spelletje in een tas te zitten wat thuishoorde in de accommodatie. Omdat we nu toch daar in de buurt waren konden we het spelletje weer terugbrengen naar de plek waar het hoorde. Jan kon zich wel vinden in het voorstel om een rondgang te maken door deze kleine buurtschap.

Terwijl ik met dit bericht bezig was zocht ik op internet wat meer en andere informatie over Dokkumer Nieuwe Zijlen dan de informatie die ik deelde in het vorige bericht, klik hier.

Ik kwam uit op een site met een film uit het Fries Film Archief. Deze film speelt zich af aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, vlak voor de bevrijding. De film is zonder geluid. Op de site staat beschreven wat er te zien is in de film…

Op 14, 15, 16 april 1945 wordt Noordoost Friesland bevrijd. Er wordt daarbij aan de Soensterdijk nabij Dokkumer Nieuwe Zijlen hevig gevochten. Daarbij vallen aan de zijde van de binnenlandse strijdkrachten vier doden.

Deze film van maker Karel Numan begint met beelden van Duitsers die bij Dokkumer Nieuwe Zijlen gevangen worden genomen. Onder deze gevangenen bevinden zich ook veel NSB’ers. De gevangenen worden verzameld in de melkfabriek van Dokkumer Nieuwe Zijlen. Op zondagmiddag 15 april worden ze onder begeleiding van de BS (Binnenlandse Strijdkrachten) naar Kollum gebracht, naar het gymnastieklokaal van de openbare lagere school te Kollum (Mr. Andreaestraat).

Vervolgens toont de film beelden van een aantal leden van de BS groep Noordoost Friesland met een aantal koeriersters. Enkele van de leden zijn Beekman Kapitein (ondergedoken) en Galinga; algemeen commandant NBS Noord Oost Friesland. Het militaire hoofdkwartier was gevestigd in Metslawier. Van hieruit kreeg de BS de instructie voor verder handelen.

Op 17 april, de derde dag van de bevrijding, worden de gevechtswagens van de Canadezen met veel gejuich Dokkumer Nieuwe Zijlen binnen gehaald, op de Willem Loréweg/ Soensterdyk. Als zowel mens als voertuig van het nodige is voorzien wordt vertrokken richting Oostmahorn.

Het bevrijden van Schiermonnikoog liet nog op zich wachten. Voedsel wordt uitgedeeld. Dokkumer Nieuwe Zijlen 45 militaire wagen beladen. Laatse NSBers opgebracht naar openbare Lagere school Kollum. Gemeentehuis Kollum.

Met de schepen, die voor de sluizen in Dokkumer Nieuwe Zijlen lagen, probeerden de Duitsers te ontsnappen. Deze schepen waren gevuld met goederen die door de Duitsers buitgemaakt waren en naar Duitsland getransporteerd moest worden. Dit werd door de sluiswachters verhinderd.

Saluutschoten voor de terugkeer van Bauke Kloosterman. Hij werd in 1945 weggevoerd naar Duitsland. Vader Kloosterman hangt de vlag uit. “nu kan hij eindelijk zelf de bevrijding vieren”. Echtpaar Leenstra (of Leystra) heeft Engelse piloten laten onderduiken in hun huis in Birdaard. Duitsers kwamen er achter en hebben het huis vernietigd. Omke Freerk bij zijn puinhopen. Joodse onderduikers zoeken naar bezittingen in het puin.

Op 11 juni rijden de Canadezen naar Oostmahorn om de Duitse militairen op te wachten die per boot van Schiermonnikoog komen om zich over te geven. Alle Duitse militairen worden streng gecontroleerd. Er waren SS’ers van het vasteland naar Schiermonnikoog gevlucht en de Canadezen wilden deze personen niet laten ontsnappen. De laatste beelden die worden getoond zijn van een feestelijke optocht van de bevolking met muziekkorps in Engwierum en als laatste een parade van Canadezen op de markt in Dokkum.

Bron is deze site. Op die site is ook de 24-minuten durende film te zien.

Bij de Leijen

Een paar weken geleden gingen mijn fotomaatje en ik naar de Leijen bij De Tike.

Het pad naar de vogelkijkhut was modderig. Gelukkig waren we qua schoeisel goed voorbereid.

Halverwege het pad genoten we van het uitzicht op het zilverkleurige riet.

Het laatste deel van de wandeling gaat via een vlonder. Dat loopt net wat comfortabeler.

We hadden de hoop uitgesproken dat we misschien daar baltsende futen zouden treffen, maar helaas. Naast het mooie uitzicht was er weinig leven te bekennen.

Door het zijluik hadden we onderstaand uitzicht.

Achter het riet zwom een groepje smienten. Ze hadden het druk met elkaar. Jan dacht dat ze voorjaar in hun kop hadden. Toen het er op leek dat de smienten niet van plan waren om voorlangs te zwemmen en er verder ook niets spannends gebeurde besloten we weer terug te wandelen.

Onderweg naar de parkeerplaats maakte Jan een aantal detailfoto’s van diverse soorten mos. Die fotoserie is te zien op zijn weblog.

Terwijl Jan bezig was met het maken van bovenstaande fotoserie richtte ik mijn blik op het kunstwerk naast de parkeerplaats.

Naast het kunstwerk is een nieuwe picknicktafel geplaatst. Op een warmere dag is het daar vast goed toeven.

Ik was van plan om een apart log te maken over het kunstwerk, maar daar zie ik toch vanaf. Voor een mooie beschrijving en fotoserie verwijs ik gewoon naar het weblog van mijn fotomaatje.

Een andere kijk…

Bij alle toegangswegen naar het koloniedorp Willemsoord staat hetzelfde stalen kunstwerk. Op vrijdagochtend reed ik na de fotosessie in De Blesse het dorp binnen. Door het laagje rijp op het achterliggende grasveld kreeg ik een andere kijk op het kunstwerk. Ik zette mijn auto aan de kant om er een fotoserie van te maken.

Het kunstwerk is een gezin uit de periode van de Maatschappij van Weldadigheid. Zie voor meer informatie deze site en trailer. Het meisje en de jongen kon ik vastleggen met het wit van de rijp als achtergrond. Vader en moeder waren te groot en die plaatste ik vanuit kikkerperspectief tegen de heldere lucht.

Europese bidsprinkhaan

Een van de fotoseries die ik ben kwijtgeraakt is de serie die ik maakte in Efeze (Ephesus). Als inleiding op dit onderwerp heb ik daarom een tweetal foto’s uit het Efeze-archief van 2019 gehaald…

Efeze heeft voor ons een bijzondere betekenis. Het is namelijk een bekende plaats uit de Bijbel. Apostel Paulus bracht meermalen een bezoek aan deze plaats tijdens zijn zendingsreizen. Zie ook deze site.  We zijn daar al meerdere keren geweest en ik heb daar dan ook al een meerdere fotoseries van. Toch is het ieder jaar weer anders. De opgravingen gaan door en we zien iedere keer toch weer andere dingen. Dit jaar zijn we bijvoorbeeld voor het eerst in het overdekte Terrassenhuis geweest. Dat was heel mooi en indrukwekkend. Het spijt me dan ook enorm dat die fotoserie is verdwenen…

De foto’s die horen bij het onderwerp, de Europese bidsprinkhaan zaten in een andere map. De inhoud van deze map is dus bewaard gebleven. We wandelden door Efeze toen ik iets zag liggen op het pad. Het leek op een takje totdat….

…het zich bewoog. Ik ging door de knieën hield mijn Nikon met macro-instelling dichtbij het ‘vreemde wezen’. Later op de computer kon ik het beestje determineren als een Europese bidsprinkhaan. Een zwanger vrouwtje. Bidsprinkhanen hebben de typische gewoonte om het voorste potenpaar in rust voor zich uit te houden, waarbij de dij en scheenbeen zijn samengeklapt. Hieraan is het eerste deel van de Nederlandstalige naam bidsprinkhanen te danken.  

De benaming, sprinkhaan is misleidend, want het zijn geen echte sprinkhanen. Ze zijn nauwer verwant aan kakkerlakken dan aan rechtvleugeligen  waartoe de sprinkhanen behoren. Bidsprinkhanen onderscheiden zich van de rechtvleugeligen doordat ze zonder uitzondering  carnivoor; ze staan bekend als vraatzuchtig en kannibalistisch. Het mannetje kan na de voortplanting opgegeten worden door het vrouwtje. Wanneer de eieren ontwikkelen, zwelt het achterlijf van het vrouwtje op en heeft zij extra voedingsstoffen nodig. Bidsprinkhanen hebben altijd een opgerichte lichaamshouding en nooit een kruipende, zoals bij sprinkhanen, kakkerlakken en krekels het geval is. Bron is deze site.

De Europese bidsprinkhaan komt algemeen voor in met name de zuidelijke delen van Europa, rond de Middellandse Zee. Door hun goede camouflage zijn ze echter niet zo eenvoudig te ontdekken. Het is wel bijzonder dat er uitgerekend in Efeze een bidsprinkhaan op ons pad kwam…

Het beeld van de Waadfisker

Na de stop bij de makke schapen reden Jan en ik verder over de Sedyk naar het noordoosten. De volgende stop was bij het beeld van De Waadfisker (Wadvisser) nabij buurtschap Koehool. Zie Google Maps. Dit bronzen beeld herinnert aan de tijd dat er hier naar haring werd gevist.

De visserij zoals die van Zurich tot Zwarte Haan plaatsvond, werd de regelvisserij genoemd. Men viste op haring met fuiken, die in een lange rij (regel) dwars op de zeedijk achter elkaar stonden. Met het woord regel werd ook de gemeenschap van vissers aangeduid, die op deze wijze gezamenlijk op haring visten. De enkele kilometers lange rij netten belette de langs zwemmende scholen haring in het voorjaar de doortocht naar hun paaiplekken in de Zuiderzee. Zo staat er vermeld op het informatiebord.

Vissen gebeurde toen en ook nu nog op twee verschillende manieren. De eerste manier is dat men de vis actief opzoekt, het gaand want. De tweede manier is waarbij men de vis afwacht, het staand want. De haringvisserij zoals dat in het noordwesten van de provincie Friesland werd gedaan was dus met een staand want, ook wel regelvisserij genoemd. Op deze site kun je er alles over lezen.

Op internet vond ik treffende foto’s uit die tijd. De foto’s zijn gemaakt door een fotograaf van het weekblad Fen Fryske Groun (Van Friese bodem). Bron is deze site.

Maar nu weer terug naar het bronzen beeld van de Waadfisker onderaan de Waddendijk.

Ik heb het beeld van dichtbij aan alle kanten bekeken. Daarbij had ik gezelschap van een spinnetje die zijn webdraden spande tussen de armen van de visser.

Krachtig, markant, doorleefd…