Een brandweerauto van dahlia’s

Op een stralende zondagmiddag maakten mijn man en ik een fietstocht. Vanuit onze kerkelijke gemeente mochten we namelijk bloemen brengen bij een mevrouw in Vledder. De bloemen had ik haar na kerktijd al overhandigd, want die waren lastig mee te nemen op de fiets.

De fietstocht ging over landgoed De Eese, door Eesveen en Frederiksoord. Een dag eerder was er in Frederiksoord een optocht geweest vanwege Corso Frederiksoord. Op zondag kon je per fiets langs de mozaïekroute. Het was er dan ook gezellig druk in Frederiksoord en in de omliggende dorpjes.

Ook stonden er her en der nog praalwagens opgesteld. Het was ondoenlijk om bij ieder mozaïek of praalwagen stil te blijven staan voor een foto, maar deze brandweerauto moest wel even op de foto.

Een eindje verder troffen we een enorme vis bij zeemuseum Miramar.

Na het gezellig bezoek in Vledder fietsten we via een andere route weer naar huis. Tussen de buurtschappen Wapse en Wapserveen liepen koeien in de wei met daartussen een tweetal ooievaars. Zo te zien zijn ze elkaars aanwezigheid gewend.

Rook in de ribben

Vanaf Blankenham reden we via de buurtschappen Baarlo en Nederland naar de Rietweg. Aan de Rietweg hoopten we watervogels te zien en te fotograferen. Er wachtte ons daar een onaangename verrassing, de waterberging stond door de droge zomer zo goed als droog en er was geen watervogel te zien.

Na het bovenstaande bezoek heeft het een aantal malen serieus geregend. Een aantal dagen later ging ik weer een kijkje nemen bij de Rietweg. Er stond weer water en de watervogels konden weer pootje baden zoals de blauwe reiger en de groenpootruiters.

Terwijl ik de vogels fotografeerde hoorde ik in de verte een brandweerauto. De brandweerauto reed over de Blokzijlseweg en kwam vanaf Blokzijl. De brandweerauto verliet de Blokzijlseweg en reed vervolgens over Wetering west. Bij de kruising sloeg de brandweerauto af naar mijn richting. Ik was daar verbaasd over omdat de brandweerauto vanaf Blokzijl richting Nederland een omweg had genomen.

Ik ben geen ramptoerist, maar besloot toch maar even te kijken waar de brandweerauto naar toe ging. In de buurtschap Nederland reed de brandweerauto het zandpad op. In de verte zag ik drie grote rookpluimen. En waar rook is, is vuur… moeten voorbijgangers hebben gedacht die de brandweer hebben gewaarschuwd.

Even later kwam er versterking in de vorm van een tweede brandweerauto en een brandweerquad. Het zag er allemaal wel serieus uit. Tijdens het rietmaaiseizoen wordt er dagelijks afval verbrand in het rietland. In periodes van droogte is dat verboden. Op het moment dat het brandde zaten we in natuurbrandrisico, fase 2.

Zo vanuit de verte leek er niet veel activiteit bij de rookpluimen. Even later spraken we de ´brandstichter´, tevens eigenaar van het rietland. Hij dacht dat het geen kwaad kon om een drietal bulten met afval door zomermaaien in de brand te steken. In de regel weten die mannen ook wel wat ze doen, maar voorbijgangers dachten daar anders over en waarschuwden de brandweer. Het werd zoetjesaan donker, voor mij tijd om naar huis te gaan.

Koeien in de Steenwijker Aa

We gaan langzaam richting lagere temperaturen en glijden zo de herfst in. In onze tuin hebben de herfstgeuren al de overhand. De tuin ligt bezaaid met appels en peren. Iedereen is van harte welkom om appels en peren te halen. Tot aan vandaag aten we nog iedere dag buiten onder de veranda. We vinden dat allebei heerlijk. Met onderstaande fotoserie ga ik een paar weken terug in de tijd. Het was op een warme nazomerse dag dat ik een fietstocht maakte over een nieuw fietspad. Het fietspad loopt door de nieuwe wijk Eeserwold en langs de Steenwijker Aa. Zie Google Maps. Halverwege de tocht zag ik een aantal koeien met kalveren lopen bij de Steenwijker Aa. Ik besloot een kijkje te nemen.

De koeien keken mij even nieuwsgierig aan maar gingen vervolgens verder met het grazen. Een van de koeien stapte in het water om water te drinken. Het volgende moment plaste de koe in het drinkwater…

Een kalf op de tegenoverliggende oever ging ook naar het water om wat te drinken. Even later stapte dat kalf in het water en wandelde naar een koe, dat was vast de moeder.

In dit gebied hebben ze een zijtak van de Steenwijker Aa gerealiseerd. Het water in deze zijtak stroomt flink en is glashelder. Het lijkt mij bij uitstek een geschikt stroompje voor de weidebeekjuffer. Wie weet, in de toekomst…

Toen het er op leek dat een van de kalveren met mij wilde gaan knuffelen vond ik het verstandiger om mij terug te trekken en mijn fietstocht te vervolgen.

‘s Avonds aan het Nuldernauw

In de loop van een vakantiedag besloot ik om een zonsondergang te fotograferen bij strand Horst. Echter in de loop van de middag trok de lucht steeds verder dicht. Ik vroeg me ernstig af of het wel een mooie zonsondergang zou worden. Toch ben ik wel gegaan. Ik had er geen spijt van want het was er heerlijk toeven aan het Nuldernauw.

Tijdens de dagen met tropische temperaturen is het druk aan strand Horst en strand Nulde. Dat hadden we al een keer gezien toen we er overdag langs fietsten. Maar ook op de avond is er nog volop vertier aan, in en op het water.

Nadat ik een tijdje bij strand Horst op het strand had gezeten ben ik doorgefietst naar strand Nulde. Ook daar heb ik een tijdje aan het water gezeten. De zon zakte onzichtbaar verder. Ik had niet de illusie dat het spectaculairder zou worden dan dit. Ik besloot terug te fietsen naar de camping.

Ik was al bijna bij de camping toen ik achterom keek en toen zag ik dit. Toch te vroeg weggegaan bij het Nuldernauw. Tsja, weet dat maar eens van tevoren…

De Ermelosche heide

Een van de fietstochten tijdens de vakantie voerde ons naar de Ermelosche heide. Het was midden op een onbewolkte zeer warme dag. Het licht was keihard en foto’s nemen op dat moment was geen optie. Daarom besloot ik om ‘s avonds opnieuw naar de heide te gaan…

Vanaf de parkeerplaats wandelde ik de heide op. De zon stond nog hoog dus ik zou nog wel wat geduld moeten hebben. Het was er gezellig druk op de heide. Meerdere mensen maakten een wandeling over de heide. Ook joggers en mountainbikers waren volop bezig met het bedrijven van hun sport.

In deze tijd van het jaar is de heide op z’n mooist. Toch is goed te zien dat de heide te kampen heeft met de enorme droogte. Vooral de stukken die volop in de zon staan zijn al bruin geworden. Vanwege de aanhoudende droogte zullen veel jonge heideplanten afsterven, vrezen natuurbeheerders. Vanwege hun nog kleine wortels zijn de jonge plantjes, die eind vorig jaar of dit jaar zijn ontkiemd, extra kwetsbaar.

Omroep Gelderland schrijft over een ‘aangeslagen heide’. Op deze site kun je een filmpje zien van de, door droogte aangeslagen, heide. Het filmpje is gemaakt is met een drone.

Ik heb het hier vast al eens vaker geschreven, maar ik ben geen ‘bosmens’. Dat wil niet zeggen dat ik niet van bomen houd, dat is weer wat anders. Het punt is dat ik graag van mij af wil kijken. Ik voel mij comfortabeler en veiliger op een open vlakte dan in een bos. Het was overigens wel een weldaad om bij 30 graden een fietstocht te maken door het bos, dat dan weer wel…

Op die avond maakte ik een fikse wandeling over de heide. Ondertussen stond ik regelmatig stil om te genieten van het mooie uitzicht. Onder deze boom heb ik een tijdje zitten te genieten. Het was ook wel even fijn om de zware bepakking even af te doen.

Bij deze boom heb ik een tijdje staan te genieten. In het licht onder de boom dansten veel insecten. Vogels probeerden deze insecten te vangen. Het is me niet gelukt om dit prachtige schouwspel goed op de foto te krijgen.

De ondergaande zon kleurde de heide prachtig paars/rood.

Ook de boom kreeg een rode gloed door de ondergaande zon.

Op de camping

We zijn onlangs op vakantie geweest naar de Veluwe. We stonden op een kleine camping in de buurt van Putten. Het was daar heerlijk toeven. We hadden veel ruimte en ruim zicht. We konden voor of achter de caravan in de schaduw zitten.

Op een dag kregen we ‘bezoek’ van een witte kwikstaart. Het viel voor het vogeltje vast niet mee om een kostje bij elkaar te scharrelen op het harde en droge grasveld.

Achter onze caravan bevond zich een paddenpoel omzoomd met bomen. Als we daar in de schaduw zaten hadden we mooi zicht op vogels en een paardenbijter die daar rondvlogen. Uiteraard had ik regelmatig de camera bij de hand. Het is alleen gelukt om het pimpeltje acceptabel op de foto te krijgen.

De komende tijd neem ik jullie een aantal keren mee naar de Veluwe.

Slachtoffers van de wolf

Voordat ik jullie meeneem naar fotoseries die ik maakte tijdens de vakantie op de Veluwe ga ik eerst naar een actueel onderwerp. Ik waarschuw jullie wel van tevoren, want de beelden kunnen als schokkend worden ervaren. Ik toon ze hier wel, want dit is wat het is…

Vanochtend zat ik al op tijd op de fiets. Mijn doel was om zonnestralen met nevel te fotograferen in het bos. Daarvoor fietste ik naar het nabij gelegen De Eese. Missie geslaagd.

Na een mooie tocht over de Eese kwam ik uiteindelijk uit bij de Steenwijker Aa. Daar wezen mij twee vissers op twee dode schapen. Ze hadden de eigenaar al een berichtje gedaan…

Een van de schapen was vanaf de dijk, door de sloot naar het naastgelegen weiland getrokken. Dat schaap was tot op het bot en vacht opgevreten.

Het tweede schaap is alleen gebeten in de hals en in de buik. Ik was onder de indruk van deze trieste aanblik.

Toen ik verder fietste richting de schaapskudde werd ik ingehaald door twee auto’s. Dat bleken de eigenaren van de schapen te zijn en de veearts. Er bleek nog een schaap gewond te zijn. Het schaap was in de luchtpijp gebeten met een gaatje in de luchtpijp als gevolg. De eigenaren hoorden dat aan de ademhaling. De veearts ging dit schaap uit zijn lijden verlossen.

De kadavers moeten op dezelfde plaats blijven liggen totdat er een taxateur is geweest. De taxateur neemt dan DNA af en observeert de wonden om te kijken of het werkelijk een wolf is geweest die de schapen doodde en/of verwondde. Op deze site kun je er alles over lezen. Volgens de eigenaren kon het nog wel even duren voordat de taxateur tijd had om bij hen langs te komen, want hij heeft het namelijk druk met alle gevallen in de buurt. De eigenaren hadden al meerdere malen de schapen geteld en ze ontdekten al eerder op de ochtend dat ze nog een schaap missen. Ze hadden die ochtend al druk gezocht, maar niet gevonden. De kans is groot dat het schaap in paniek in de Steenwijker Aa is gesprongen. Doordat de vacht zich volzuigt met water verdwijnt het schaap onder water. Over een paar dagen zal het schaap weer naar boven komen drijven…

Deze eigenaren zijn in 2 weken tijd 15 schapen op deze manier kwijtgeraakt. Wolvenproof omheinde percelen heeft geen zin, de veearts vertelde dat de wolf over een hek van 2 meter kan komen. Ik heb nog een tijdje met de veearts staan praten over deze ontwikkeling en het geheel stemde hem niet vrolijk. In het naburige Wapserveen zijn ook koeien aangevallen door een wolf.

De discussie omtrent de wolf is nog lang niet ten einde. Voor- en tegenstanders voeren soms verhitte debatten, maar tot op heden was het niet bekend wat de Nederlander nu vindt van de terugkeer van de wolf. Volgens een opinieonderzoek van Stichting Annemieke wil een merendeel van Nederland dat de wolvenstand beperkt en beheerd wordt. De uitkomsten van het onderzoek werd aangeboden aan de vaste commissie Landbouw van de Tweede Kamer.

Zwarte stern

Een tijdje geleden gingen Jan en ik weer eens samen op stap. Op mijn verzoek gingen we naar de kijkhut aan De Leijen om te kijken of we zwarte sterns zouden kunnen fotograferen.

We keken uit over een winderige plas. Er was geen zwarte stern te zien. Het wolkendek brak iets open om vervolgens even later weer dicht te trekken.

In de buurt van de kijkhut zwom een fuut met jongen.

Voor de hut staan meerdere palen in het water. Op een van de palen stond een meeuw. Toen ik een aantal dagen later met deze foto’s bezig was verdiepte ik mij in deze meeuw. Ik gebruikte daarbij de ANWB vogelgids van Europa. Ik vind dat een waardevolle aanvulling op de informatie wat op internet is te vinden. In dat boek las ik dat het een kokmeeuw was. Deze meeuw had echter geen chocoladebruine kop. Meeuwen kennen qua uiterlijk meerdere leeftijdsgroepen. Ieder jaar dat ze ouder worden zien ze er anders uit. Dat verklaart dus ook dat deze meeuw geen chocoladekleurige kopkap heeft, maar dat er nog veel wit in de kopkap zit. Onderstaande meeuw is een adult (volwassen) van de 1e zomer. Dat het een adult is en geen juveniel zie je aan de kleur van de poten en de snavel.

Enfin, we waren niet voor de meeuwen gekomen, maar voor de zwarte sterns. Na lang wachten kwam er dan toch van tijd tot tijd een zwarte stern voorlangs vliegen. Ik richtte mijn spiegelreflex en 100-400 objectief op de zwarte stern, maar helaas de autofocus kon de snelle vogels niet scherpstellen. Wellicht was het te donker en vielen de vogels weg tegen het donkere water. Vervolgens heb ik de camera met de hand scherpgesteld en toen lukte het beter.

Zwarte sterns zijn vogels van het ondiepe moeras. Ze broeden op drijvende watervegetatie (liefst krabbenscheer), nestvlotjes en modderbanken in ondiepe en matig voedselrijke moerassen en in agrarische gebieden met brede sloten en modderbanken. Ze foerageren niet ver van de kolonies op kleine visjes, amfibieën, insecten en regenwormen. Zwarte sterns overwinteren in West-Afrika.

Zwarte sterns broeden in mei-juni. Ze hebben één legsel per jaar van 2-3 eieren. Broedduur 20-22 dagen. Het nest wordt gemaakt in zoetwatermilieus op drijvende vegetatie, liefst krabbenscheer, of kunstmatige nestvlotjes. Ze broeden in kleine kolonies. De jongen zitten 25-28 dagen op het nest. Ze kunnen het nest al vanaf de tweede week voor langere tijd verlaten en worden nog enige tijd na uitvliegen gevoerd.

De zwarte stern staat op de Rode Lijst van Nederlandse broedvogels als ‘bedreigd’. Om verschillende redenen kwam de zwarte stern in het nauw. Erg belangrijk is de grootscheepse afname van krabbenscheer, de belangrijkste leverancier van nestgelegenheid in ondiepe moerassen. Die afname heeft alles te maken met het inbrengen van gebiedsvreemd hard water in veensloten en -plassen. Ook de sterk toegenomen bemesting en verdroging van veel veenweidegebieden speelt een grote rol. Daar zijn geen grote insecten meer. Waar zulke extensieve graslanden nog wel bestaan, bevinden zich zwartesternbolwerken en kon de soort toenemen door intensief beschermingswerk, waaronder het uitleggen van nestvlotjes. In hoeverre de situatie in de winterkwartieren mede verantwoordelijk is voor de aantalsafname is niet bekend. Bron is de site van Vogelbescherming.

Ik vond een interessant filmpje over de legvlotjes voor de zwarte stern.

Zonsondergang bij de koeien

Toen ik na de wandeling bij het witte bruggetje op de Wetering weer arriveerde in ons dorp zag ik dat de lucht mooi kleurde. Ik stopte bij een weiland met koeien. De dames stopten direct met grazen en keken nieuwsgierig wat ik kwam doen.

Het volgende moment draaiden ze zich en masse om…

…en gingen er al rennend vandoor.

Vanaf grote afstand hielden ze mij opnieuw nauwlettend in de gaten.

Uiteraard had ik geen kwade bedoelingen, het ging mij om de mooi gekleurde lucht.

Schokland, de Misthoorn en de Lichtwachterswoning

Vandaag neem ik jullie voor de vierde en laatste keer naar het voormalige eiland Schokland. Al struinend langs de palenrijen naderden we het huisje ´De Misthoorn´.

In dit gebouw werd de misthoorn bediend. Eeuwenlang waarschuwde men bij mist de schepen vanaf de wal met een schelp. Later vuurde men kanonnen af om bij mist de schepen te waarschuwen voor de naderende kust. Ook werden er op vuurtorens explosieven tot ontbranding
gebracht. Later deed de mistbel zijn intrede. In dit gebouw stond een zware petroleummotor die een compressor aandreef, die de lucht naar twee ketels perste. Bij mist liet men de perslucht ontsnappen naar een hoorn op het dak. Volgens overlevering leek het geluid op een loeiende koe. Bron is deze site.

Nadat Schokland op gezag van de overheid in 1859 ontruimd moest worden, bleven er een paar mensen op het eiland achter om zorg te dragen voor de haven en voor de vuurtorens. De overheid was van plan ook deze zorg te laten vervallen, maar door een initiatief van de schipper en handelaar Willem Jan Schuttevaer (1798 – 1881) , oprichter van de Koninklijke Schippersvereniging Schuttevaer werd in 1901 in ‘Emmeloord’ op het noordelijk deel van het eiland een woning voor de lichtwachter gebouwd. De lichtwachterswoning werd een fraai en solide woning en het mocht wat kosten. De woning staat op maar liefst 67 heipalen van 8 meter lengte. In 1996 is het pand inwendig opnieuw gewijzigd en sindsdien functioneert het als vergaderruimte. Bron is deze site.

Naast De Lichtwachterswoning staat een kunstwerk. Dit kunstwerk van de Amsterdamse kunstenaressen Annet Bult en Marianne Meinema toont de contouren van de dodenakker. De markering staat in een schelpenpad. “Als de zon schijnt, zowel uit het oosten als het westen, reflecteren de namen in het zilver van het schelpenpad”‘, aldus de kunstenares Marianne Meinema. “Dan is het als het ware dat de mensen weer op de begraafplaats liggen”.
Bij het graafwerk kwamen de kunstenaressen af en toe nog stukjes been tegen. Zij werkten dan ook precies op de plaats waar in het verleden de begraafplaats lag. Lees er alles over op deze site.

Nog één keer achterom kijken om een laatste foto te nemen en met deze foto sluit ik de serie over Schokland af.